Hidde Middelweerd 14 juli 2023, 12:15

BAM reduceert CO2-uitstoot van asfalt met 30 procent dankzij lagere temperaturen

BAM Infra Nederland gebruikt vanaf nu alleen nog asfalt dat op lagere temperatuur geproduceerd wordt: 110 in plaats van 165 graden Celsius. Hierdoor daalt de CO2-uitstoot van het asfalt met 30 procent.

Lage temperatuurasfalt leab | Credits: BAM Infra

Het duurzamere asfalt heet LEAB (Laag Energie Asfaltbeton) en werd door BAM zelf ontwikkeld. Het bouw- en infrabedrijf werkt inmiddels al een tijdje aan het innovatieve product. In 1999 begonnen de experimenten al en in 2005 werd LEAB voor het eerst geproduceerd, in de asfaltcentrale ZNAC in Breda. In 2019 werd het voor het eerst toegepast op een snelweg in Gelderland.

BAM heeft inmiddels al een miljoen ton LEAB gebruikt in verschillende projecten. Nu is het infrabedrijf klaar voor de volgende stap, door het asfalt voortaan aan te bieden bij álle aanbesteders waar het projecten voor uitvoert. Het innovatieve asfalt kan gebruikt worden voor alle wegen en fietspaden, voor zowel de dek-, tussen- als onderlagen.

CO2-uitstoot van asfalt

Nederlandse asfaltcentrales produceren ongeveer 8.000 tot 9.000 kiloton asfalt per jaar en dat productieproces gaat gepaard met veel aardgasverbruik en dus CO2-uitstoot. De jaarlijkse CO2-uitstoot van de asfaltketen ligt volgens Topsector Energie tussen 530 en 600 kiloton. De productie van asfalt neemt 42 procent van die uitstoot voor zijn rekening.

Met LEAB kan BAM de CO2-uitstoot van het productieproces fors terugdringen, tot 30 procent. Daarnaast heeft het asfaltmengsel inmiddels zoveel verbeterslagen doorgemaakt dat de kwaliteit ervan gelijkwaardig is aan hoge-temperatuurmengsels. Sterker nog: LEAB heeft enkele voordelen die conventioneel asfalt niet heeft. Zo veroudert LEAB minder snel en koelt het eerder af, waardoor het sneller gebruiksklaar is.

Voortaan altijd LEAB?

Of BAM voortaan alleen nog maar LEAB toepast, kan het niet met honderd procent zekerheid zeggen. “Dat hangt af van onze opdrachtgevers”, licht een woordvoerder van BAM Infra, toe. “Maar we zullen het primair aanbieden en actief aan de man brengen. Als opdrachtgevers toch voor conventioneel asfalt kiezen, zullen we actief het gesprek daarover met ze voeren.”

BAM verwacht echter dat er nog maar weinig situaties zullen zijn, waarbij het nog moet terugvallen op het gebruik van hete-temperatuurasfalt. De Rijksoverheid en branchevereniging Bouwend Nederland zijn bijvoorbeeld al voornemens om in 2025 alle asfaltmengsels op lage temperatuur uit te vragen en te produceren.

Lees ook:

Na de val: waarom wordt 2027 nog belangrijker dan 2030?

Op Borgen V verheugde ik me sowieso meer dan op Rutte V. Het verhaal van de oude Saab, het appeltje, de fiets, de joviale lach voor buiten en de explosieve driftbuien binnenskamers is geschreven. Het verhaal van de sublieme Deense politieke dramaserie Borgen gaat gelukkig door. De kans dat de Deense Staatsomroep samen met Netflix een nieuwe reeks uitbrengt, is behoorlijk groot. De thema’s liggen voor het oprapen, waarbij ik de focus zou leggen op 2027, het jaar waarop Frankrijk weer naar de stembus gaat, ik zal zo vertellen waarom. Vooruitkijken en doorpakken is hoe dan ook het devies, te beginnen in Nederland. Ik heb alle begrip voor het ongeduld, zoals verwoord door VNO-NCW en het MKB. Ze schrijven: ‘Zowel burgers als ondernemers moeten erop kunnen blijven rekenen dat de problemen die er spelen – van koopkracht en arbeidsmarkt tot woningbouw en stikstof – niet tot het aantreden van een nieuw kabinet kunnen blijven liggen.’ En: ‘Nederland staat voor grote en urgente opgaven en ons land loopt op diverse terreinen vast. Dat vraagt om slagvaardigheid en vooral om snelle uitvoering van al het beleid dat bijvoorbeeld ten aanzien van klimaat en energie al is gemaakt. We mogen daar onder geen beding vertraging oplopen.’ Met name Rob Jetten van Klimaat en Energie leek de val van het kabinet aan te zien komen. Hij zette druk. Op 4 juli, tijdens het debat over ‘een tijdelijke wet klimaatfonds’, bleek een ruime meerderheid in de Kamer voor de komst van een klimaatfonds van 34 miljard euro. Het is een begrotingsfonds waarmee maatregelen betaald kunnen worden om broeikasgassen als CO2 te verminderen, in lijn met de Europese klimaatwet. Volgens die wet moet Nederland in 2030 ten minste 55 procent minder broeikasgassen uitstoten in vergelijking met 1990. Nederland ligt niet op koers, er zijn forse maatregelen en investeringen nodig, waar het fonds (onder beheer van de minister) flink aan gaat bijdragen. Eerder schreef ik over de kink in de kabel van de energietransitie. De modellen en het beleid op papier ogen goed, maar hoe zit het met de uitvoering? Waar haal je al die mensen vandaan die warmtepompen plaatsen en kabels aanleggen? Daar komt de vraag bovenop hoe een demissionair kabinet vaart weet te houden. Hoogleraar en schrijver van het, ook internationaal gezaghebbende boek ‘Principles of Sustainable Business’, Rob van Tulder, bedrukte vorige maand bij ons niet voor niets dat ‘de 7 jaar tot 2030 cruciaal worden, beslissend voor zowel bedrijven als de samenleving.’ Maar zelfs 2030 is rijkelijk laat, omdat eerst 2027 nog op de stoep staat. Dan kan een ontwikkeling worden voltooid die alle klimaatplannen laat ontploffen. Zweden en Finland regeren al met steun van uiterst rechts, in Duitsland heeft de AfD voor het eerst een burgemeester geleverd, Meloni (Fratelli D’Italia) heeft de macht in Italië en voor de verkiezingen over anderhalve week in Spanje is de Partido Popular favoriet. Als in 2027 Marine le Pen, zonder tegenstrever Macron, haar slag slaat, is de cirkel bijna rond. Hoogste tijd dat de andere partijen niet meer wegkijken, hun arrogantie overboord gooien en met heldere plannen duidelijk maken dat ze er willen zijn voor de hele samenleving. Het beste nieuws is dat er echt iets op het spel staat. Dan willen er nog wel eens onvermoede krachten komen bovendrijven, die de redelijkheid laten zegevieren.