Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 12 december 2018, 10:38

Column Ronald Slaats: 'Modulair en flexibel bouwen helpt de woningnood te verlichten'

De vraag naar woningen neemt in Nederland rap toe. De woningmarkt is al jaren krap, voorlopig lijkt daar geen einde aan te komen. Ronald Slaats, CEO van bouwbedrijf De Meeuw, ziet flexibel en modulair bouwen als mogelijke oplossing. Dat vraagt wel om een andere mindset in veel sectoren.

Stek oost plaatsing

In 2020 is er een tekort van 235.000 woningen in Nederland. De problemen voor bijvoorbeeld jonge starters in de binnensteden nemen snel toe. Gemeenten en woningcorporaties willen nu braakliggende terreinen in steden beschikbaar maken voor ‘tijdelijke’ en fabrieksmatig geproduceerde woonoplossingen. Voor periodes van circa tien jaar.  Modulair bouwen is nu naast de traditionele — brick & mortar – bouwsector uitgegroeid tot een serieuze optie om de woningnood en andere uitdagingen met huisvesting in Nederland te helpen oplossen. Flexibel, snel en duurzaam/circulair.

Het lijkt de uitkomst van een overpeinzing langs de lijnen van de circulaire economie: waarom schaarse, dure bouwgrond jarenlang onbenut laten liggen  in afwachting van bestuurlijke besluiten, financieringsvoorstellen en vergunningen? Een vorm van verspilling dus, die we niet langer accepteren in de samenleving. Modulaire bouwbedrijven bieden nu uitkomst. In de eigen fabrieken worden gestandaardiseerde woonmodules geassembleerd. Deze units gaan vervolgens op vrachtauto’s naar de bouwplaats om daar met kranen tot soms een vijf verdiepingen hoog wooncomplex te worden geschakeld. Vergelijk het met Legoblokken. Plaatsing en afmonteren tot een volledig functioneel gebouw met appartementen  vergen zo’n vijf maanden. Modulair en prefab bouwen, levert in de eerste plaats belangrijke tijdwinst op. Omdat deze wijze van bouwen ook aan hoge eisen voldoet voor veiligheid, kwaliteit en wooncomfort kan een modulair gebouw tien tot twintig jaar worden gebruikt.  De ‘tijdelijke’ huisvesting wordt zo semi-permanent. Wat in de volksmond decennia lang de tijdelijke ‘bouwkeet’ of ‘container’ heette, is anno 2018 uitgegroeid tot een hoogwaardig onderdeel van een snel inzetbare en flexibele huisvestingsoplossing voor lange duur.  

Modulair bouwen als verlichting

In november 2018 maakte Rotterdam bekend dat het circa 3000 prefab woningen gaat bouwen om de druk op de woningmarkt te verlichten. En recentelijk gaf ook de Eindhovense wethouder Yasin Torunoglu op een congres aan dat hij tijdelijke woon-units wil inzetten om snel iets te doen aan de woningnood. Slimme keuzes om meer dan één reden. Bijkomend voordeel bij deze bouwmethode is dat het duurzaamheidswinst oplevert en hergebruik mogelijk maakt. Immers, na tien jaar gebruik van het modulaire  wooncomplex op tijdelijk braakliggend terrein, wordt het gebouw volledig gedemonteerd. Alle woonmodules worden in de fabriek gerenoveerd, waarbij alle bouwmaterialen zoveel mogelijk worden hergebruikt. Vervolgens krijgen de units weer een nieuwe bestemming in een zorginstelling, school, kinderdagverblijf of kantoor op een andere locatie.

In december levert De Meeuw in Amsterdam – met haar woonlabel NEZZT – in opdracht van woningcorporatie Stadgenoot het wooncomplex ‘Stek Oost’ op. Stek Oost huisvest een woongemeenschap van 250 jonge statushouders en andere jonge starters op de woningmarkt. De bevordering van de integratie van statushouders staat hierbij voorop. De studio’s met een huurprijs inclusief servicekosten van EUR 500 per maand kunnen voor tien jaar worden gehuurd. Het circulaire gebouw – dat woon-klaar wordt opgeleverd, all-electric is en voorzien van zonnepanelen – is volledig van het aardgas af.

De 350 modules die samen het hoge gebouw  ‘Stek Oost’ vormen, stonden in juni van dit jaar nog in Eindhoven als onderdeel van een zorginstelling voor ouderen ‘De Orangerie’. Sinds 2006.  Afgelopen zomer is ‘de Orangerie’ volledig gedemonteerd in totaal 800 modules die aansluitend in de fabriek in Oirschot zijn gerenoveerd. Gevels, vloeren, kolommen, binnenwanden, kozijnen hout en isolatiematerialen zijn daarbij hergebruikt. Met toeleveranciers zijn daarnaast afspraken gemaakt voor terugname van bijvoorbeeld systeemplafonds,  steenwol, kozijnen en gipswanden uit de te renoveren units. Deze materialen worden door de fabrikant gerecycled en als nieuw bouwmateriaal  aangeleverd aan de modulaire bouwonderneming.

Gesloten kringloop

Met recht een circulaire manier van bouwen in een steeds meer gesloten kringloop met een overzichtelijk materialenpaspoort. Het resultaat: veel minder bouwafval en minder CO2 emissie ten opzichte van de traditionele bouw. Waarbij de klant op maandelijkse basis kan betalen voor gebruik van de woonservice over jaren aan de modulaire bouwonderneming  in plaats van voor het bezit van een gebouw. Ook een belangrijk basisprincipe van de circulaire economie: betaal voor een dienst, niet voor bezit.

Andere mindset

Als Nederland meer vruchten wil plukken van modulair bouwen, is het van belang dat de hele bouwketen – van architecten en projectontwikkelaars tot bouwondernemingen, toeleveranciers, maar ook woningcorporaties, andere opdrachtgevers tot en met de verstrekker van de bouwvergunning – goed doordrongen is van alle mogelijkheden, kansen maar ook voorwaarden van ‘modulair’. Het vraagt een andere mindset en een nieuwe manier van kijken om integrale en flexibele oplossingen te vinden voor optimale en duurzame huisvesting. Niet alleen voor jonge starters, maar ook voor bijvoorbeeld arbeidsmigranten, ouderen of studenten.

Ronald Slaats, CEO De Meeuw

Door: Ronald Slaats, CEO De Meeuw | Afbeeldingen: DE MEEUW

Succesvolle samenwerking start-up en corporate: oplossing voor een nieuwe markt

Dat corporates en startups samen veel kunnen bereiken, was ook de conclusie op de Climate Innovation Summit in Dublin, georganiseerd door EIT ClimateKIC. Daar gingen een aantal ervaringsdeskundigen in gesprek over de kansen en uitdagingen van dit soort samenwerkingen. De Oostenrijkse startup Refurbed was een van hen.Een online marktplaats voor refurbished elektronicaRefurbed is een online marktplaats waarop refurbished elektronica wordt verkocht. Het gaat om gebruikte apparaten die vernieuwd zijn, waardoor ze functioneren als nieuw en er nieuwer uitzien. In de online omgeving worden zowel producten van de Duitse startup zelf als producten van grote refurbishers aangeboden. Op alle aankopen zit garantie.  “Bij tweedehands producten is dit gebrek aan zekerheid vaak een reden waarom klanten de producten niet kopen. Klanten weten niet wat ze krijgen en willen niet dat het product binnen een korte tijd stuk gaat. Daarom geven wij minstens een jaar garantie.” Aan het woord is Kilian Kaminski, oprichter en directeur van Refurbed.Milieuwinst van refurbishmentKaminski stelt dat bij de productie van een hernieuwd product gemiddeld 70 procent minder CO2 vrijkomt dan bij de productie van een nieuw product.Door refurbishment heeft de startup al meer dan 8 ton aan elektronisch afval en 1,5 miljoen ton aan CO-uitstoot voorkomen. De CO2 die toch vrijkomt compenseert Refurbed door het planten van bomen. “Dat heeft tot nu toe geleid tot een klein refurbed bos bestaande uit 20.000 bomen.”Volgens Kaminski is het grootste probleem van veel bedrijfsmodellen dat duurzaamheid en geld verdienen in strijd zijn met elkaar. Hoe meer een bedrijf verdient, hoe slechter dat is voor het milieu. “Bijzonder aan ons businessmodel is dat wij die twee combineren. Hoe meer refurbished producten wij verkopen, hoe beter dat is voor het milieu.”Lees ook: Circulariteit in de ICT: het belang van refurbishmentEen verzekering voor een nieuwe marktMet een garantie op de refurbished producten was Refurbed er echter nog niet. Om volledig te kunnen concurreren met nieuwe producten, had de startup een nieuw type verzekering nodig.'Iedereen wil een goede indruk maken op de CEO.'ClimateKIC bracht Refurbed in contact met Munich Re, een van de grootste verzekeraars in het Duitse taalgebied. De uitkomsten van het project werden gerapporteerd aan de CEO. Volgens Kaminski leverde dit een bijdrage aan de positieve uitkomst: “Iedereen wil een goede indruk maken op de CEO.”Samen ontwikkelden Refurbed en Munich Re een volledig nieuwe verzekering voor refurbished producten. Een klant kan nu bij de aankoop van een hernieuwd product op de website gemakkelijk een verzekering afsluiten.Lees ook: Als start-up win je een duurzame prijs. En dan?De meerwaarde voor Munich ReVoor Munich Re leverde de samenwerking een verzekering op voor producten in een groeiende markt.Daarnaast vroeg de verzekeraar aan Kaminski of hij intern workshops kon organiseren over het thema. Zo sprak Kaminski onder andere over de mogelijkheden voor de verzekeraar om refurbished producten als vervanging aan te bieden bij schade. “Op die manier leverden wij ook iets nieuws aan de verzekeraar. Zo was het geen eenrichtingsverkeer, maar tweerichtingsverkeer.”Lees ook: Munich Re maakt geothermieproject in Kenya mogelijkEen tip voor samenwerking“Neem start-ups serieus.” Dat is het advies van Kaminski aan grote bedrijven. De innovaties van start-ups kunnen namelijk een meerwaarde vormen voor corporates. “Werk met hen samen, want daar zit grote potentie. Ik denk dat corporates die kans moeten pakken om de positie te behouden die zij nu hebben.”Dit artikel maakt onderdeel uit van een serie over samenwerking tussen startups en corporates. Lees volgende week over de meerwaarde van samenwerking voor startup Stuffstr en corporate John Lewis. Of lees het artikel van vorige week terug over de samenwerking tussen SirPlus en Metro.Afbeeldingen: Refurbed