Fitria Jelyta 14 oktober 2016, 14:45

Egyptisch bedrijf verduurzaamt woestijndorp met zonnestroom

Het Egyptische bedrijf KarmBuild heeft een woestijndorp voorzien van zonnepanelen, die niet afdoen aan de uiterlijke kenmerken van de gebouwen in het dorp. Hiermee wil het bedrijf de milieuvoetafdruk van het dorp verkleinen.

Duurzaam dorp karmbuild

Dat schrijft de website Inhabitat. Het woestijndorp Tayebat bevindt zich in de Egyptische plaats Bahariya Oasis en biedt ruimte aan 350 boeren, die seizoensgebonden in de omgeving werken. Naast de plaatsing van zonnepanelen, maakt KarmBuild gebruik van milieuvriendelijke bouwmethodes en lokale bouwmaterialen om het dorp te verduurzamen.

Off-grid dorp

“Het idee is om een architectonisch karakter te creëren, die soepel opgaat in het natuurlijke landschap”, zegt architect Karim Kafrawi van KarmBuild tegen Inhabitat. “De zonnepanelen zijn zo geïntegreerd dat je ze van een afstand niet kunt zien en dat het bijdraagt aan de uiterlijke kenmerken van de gebouwen.”

De zonnepanelen, die naadloos aansluiten op de gebouwen in het dorp, kunnen tot 78,6 kilowattuur aan zonnestroom opwekken. Daarnaast fungeren de zonnepanelen op het dak als thermische bescherming van de daken, waarmee het binnenklimaat in de huizen prettig wordt gehouden.

Duurzaam bouwen

De huizen van KarmBuild in Bahariya Oasis zijn voor 90 procent gebouwd uit lokale materialen, zoals zandsteen. Dit materiaal wordt vaak weggegooid in de bouwindustrie, maar het bedrijf zag zijn kansen om zandsteen te gebruiken bij de bouw van het dorp om zowel op bouwkosten te besparen en minder schadelijk te zijn voor het milieu. Met deze duurzame bouwpraktijken wil KarmBuild de dorpen zelfvoorzienend maken in energie.

Naast het woestijndorp, heeft KarmBuild ook de Karmsolar Campus ontwikkeld in Bahariya Oasis. In dit gebouw doet het bedrijf onderzoek naar off-grid woningen en duurzame energietechnieken. 

Bron: Inhabitat, KarmSolar, KarmBuild | Foto: KarmBuild via KarmSolar (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Award voor aanpak voedselverspilling in dierentuin

Q-Point heeft een aanpak ontwikkeld om voedselverspilling in de horeca- en gastvrijheidsbranche terug te dringen. In 2012 startte het bureau met een project om de hoeveelheid vermijdbare voedselverspilling in de restaurants van dierentuin Burgers’ Zoo in Arnhem te verminderen met 50 procent. Het bureau onderzocht eerst het consumptiegedrag van bezoekers.Daarna werden de processen in de restaurants geoptimaliseerd, waardoor voedselverspilling ‘flink’ werd teruggebracht, aldus Q-Point in een persbericht. Ook ontwikkelde het adviesbureau een voorspelprogramma voor het aantal bezoekers.Minder voedselverspillingDit resulteerde volgens Q-Point in een nieuwe manier van werken en denken in de restaurants, zo schrijft het bureau in een persbericht. Dat leverde 75 procent minder voedselverspilling op. Bovendien behalen de restaurants met bijna 30 procent minder inkopen dezelfde omzet.Bekijk hier hoe de verspillingsaanpak in Burgers' Zoo is ontwikkeld:Voor de aanpak is Q-Point beloond met de Food Valley Award 2016, bedoeld voor innovatie in de Nederlandse agri-, food-, feed- en hortisector. De jury beoordeelde de inzendingen op mate van innovatie, economische haalbaarheid en samenwerking.Efficiëntie en gedragsverandering“De jury is onder de indruk van de innovatieve aanpak van Q-Point, waarbij niet alleen door slimme koppeling van systemen en gegevens grote efficiëntie in werken wordt behaald, maar waarmee ook een omslag in denken binnen de horeca in gang lijkt te zijn gezet”, meldt het persbericht.“De ontwikkelde innovatieve aanpak is al positief ontvangen binnen de sector en lijkt uitstekend geschikt voor bredere toepassing. Een uniek initiatief met groot potentieel. Met recht een innovatie die bekroning met de Food Valley Award 2016 waard is.”Volgens Q-Point heeft inmiddels ook de Apenheul zich bij het initiatief aangesloten. Andere bedrijven uit de gastvrijheidsbranche zouden daarnaast interesse hebben getoond.Bron: Q-Point | Foto: public domain