Tijdens het opleverfeestje voor pers en genodigden vertelt initiatiefnemer Gerard Comello van Lingotto trots over het project. Hoe het idee in 2016 ontstond om een iconisch gebouw neer te zetten dat ook nog eens zo duurzaam mogelijk moest worden. Van het aanvankelijke plan een 21 verdiepingen tellende toren te bouwen en hout met staal te combineren werd de realiteit toch anders. In de hout-staalcombinatie zou zoveel staal moeten dat de CO2-uitstoot hoger uitkwam dan wanneer er deels beton werd gebruikt.
Het gebouw kreeg hierdoor alsnog een kern van beton, zoals elke conventionele woontoren. Maar daaromheen zit een heleboel hout: het zogeheten Cross Laminated Timber (CLT), een vorm van kruislings verlijmd hout dat veel steviger is dan gewone planken. In het trappenhuis (de treden zijn om brandveiligheids- en kostenredenen ook van beton) zie je de scheidingswanden gemaakt van CLT. Naar schatting is er bovengronds zo’n 70 procent hout en 30 procent beton. De kelder is wel helemaal beton, vanwege de drassige Amsterdamse bodem.
Brandveiligheid en hout
Het lastigste aan houtbouw is de brandveiligheid. Hout brandt immers beter dan
beton. En dan zit er ook nog lijm in CLT, die kan
loslaten waardoor er brokken brandend hout naar beneden kunnen storten.
Voor Babette Verheggen, adviseur bouwfysica en brandveiligheid was Haut
een project waar ze veel van leerde. “De regels in Nederland zijn
gebaseerd op gebouwen zonder hout. Dus moeten we alles opnieuw bekijken:
zijn er extra risico’s en zo ja, hoe beheers je die.” Dat betekent dat
alles zorgvuldiger ging dan bij traditionele gebouwen. “Maar nu hebben
we iets waar de brandweer op vertrouwt, en wat verzekeraars willen
verzekeren. Dat laat voor mij zien dat het goed is gegaan. We hebben er
zelfs voor gezorgd dat de wet- en regelgeving rondom brandveiligheid
voor gebouwen tussen de 30 en 70 meter hoog wordt aangepast.”
Interessant punt is dat de hoge duurzaamheidseisen soms conflicteren
met brandveiligheidseisen. “Voor Breeam (een duurzaamheidskeurmerk voor de bouw, red.) moet je zo min mogelijk
materiaal gebruiken. Maar wel genoeg materiaal om de brand te vertragen.
Dat zijn interessante spanningen.”
Bouwen met hout is nu nog een niche, maar in 2016 was het helemaal
onbekend. Daar komt bij dat de bouwsector aartsconservatief is; die doen
het hoe het al jaren gaat. Er zijn pioniers nodig om anders te kijken
en durven doen. Voor de architecten en ingenieurs was HAUT een feest.
Nieuwe uitdagingen voor ontwerp, een iconisch project op een prominente
plek. Maar was het niet frustrerend dat de plannen helemaal anders
moesten? En dat je door houtgebruik allerlei kunstgrepen moest toepassen
in ontwerp en bouw? Ja, het was zeker complex, maar voor architect Bo
Janne Vermeulen gelukkig niet té complex. “Ik vond het fantastisch. Het is zo mooi om met
iets echt nieuws bezig te zijn.”
Bouwen met hout is populair
Houtbouw is sinds 2016 erg veranderd. Inmiddels begint het normaal te
worden. Triodos kreeg in de tussentijd een hoofdkantoor van hout.
Inclusief een houten kern, iets dat de hoogte van Haut niet toelaat.
Kleine bedrijven zoals Sustainer Homes claimen al betaalbaar met hout te
kunnen bouwen, door de houtblokken in een fabriek om maat te maken. Dat
was voor de woontoren niet mogelijk; daar is alles speciaal gemaakt
voor dát gebouw.
Lees hier ons verhaal over Sustainer Homes
Volgens de ingenieur die eraan werkte, Mathew Vola van Arup, is het
project als een vuurtoren voor de hele bouwsector. De woontoren moet een
baken zijn dat andere bouwers kunnen volgen om te leren hoe je een
duurzaam pand bouwt. En duurzaam is het. Hout is ten eerste al veel
milieuvriendelijker dan beton of staal. Beton is een van de
vervuilendste producten om te maken. Door in hout te bouwen sla je een
dubbelslag: bij de productie van hout als bouwmateriaal komt geen CO2
vrij, maar wordt juist CO2 opgeslagen en leg je de CO2 decennia lang
vast. Dat is pas een duurzaam gebruik van ‘biomassa’.
HAUT vanaf het water bezien | Credit: HAUT/Team VZo duurzaam mogelijk
Maar er is meer. Haut wilde per se een prestigieus
duurzaamheidscertificaat: de zogenoemde BREAAM Outstanding. Dat vraagt
tijdens ontwerp, bouw én eindresultaat de hoogste duurzaamheid op elk
gebied. Dus zitten er kleine gaatjes in de gevel, her en der, zodat
vogels en andere vliegende dieren kunnen nestelen. En stonden er een
heleboel verschillende containers op de kleine bouwplaats om het afval
netjes te scheiden.
Uiteindelijk zijn er 52 koopwoningen opgeleverd, 2 a 3 per
verdieping. En: “Voor Amsterdamse prijzen verkocht”, zoals architect
Vermeulen het zegt. Naar verluid gaat om 1 tot 1,6 miljoen, inclusief
garage. Het is een hoge prijs. “Dit soort projecten zou je niet kunnen
maken als er ook sociale huur in moet komen. Maar het is wel een
inspiratie voor de toekomst; als houtbouw normaler wordt, zullen er ook
sociale huurwoningen van hout komen.” En dat dat gaat gebeuren, ziet
Vermeulen wel. “Ik denk dat hout een nieuw basismateriaal wordt, naast
staal en beton. We moeten wel, als we duurzamer willen worden.”
Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws
Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.



