Teun Schröder
14 december 2023, 11:12

Koemest, hennep en gras: dit bedrijf maakt er panelen van en wil flink opschalen

In Venlo rollen de panelen gemaakt van onder andere hennep en gras inmiddels al zo’n twee jaar van de band. SAM Panels ontwikkelde een speciaal proces waarmee het van allerlei vezels sterke, recyclebare en biobased elementen kan maken. En daar voegde het bedrijf recent nog een innovatie aan toe: de wand van koeienmest.

IMG 8083 01 Koemest platen verwerkt in een akoestisch paneel. | Credits: SAM Panels

In eerste instantie richtte SAM Panels zich op interieur. “Maar om echt impact te maken, moet je volume maken. Daarom zetten we nu de stap naar de bouw”, zegt John Smits, directeur van SAM Panels. Het bedrijf heeft zich aangesloten bij een coalitie die als doel heeft om biobased bouwen in Nederland te stimuleren. “Waarbij ook gekeken moet worden naar het verdienmodel van de boeren die onze grondstoffen verbouwen. Iedereen in de keten moet meewerken. Van land tot pand.”

Muren van vezels

Volgens Smits kunnen SAM (Sustainable Advanced Materials) panelen gemaakt worden van allerlei soorten cellulose vezels, zoals gras, hennep, oud papier, golfkarton, miscanthus, maïsvezels, stro, jute en groente- en fruitresten. “Zelfs de laagwaardigste vezel kunnen we gebruiken. Van deze vezels maken we pulp, waarna we ze formeren en onder hoge druk en temperatuur persen. Aan dit proces komt verder alleen water te pas, dat we voor 99,5 procent recyclen.” De panelen kunnen vervolgens gebruikt worden in meubilair en displays, maar ook als wanden, dakschotten en binnenmuren.

Oneindig recyclebaar

Doordat SAM geen lijmen gebruikt, kunnen de panelen ook weer gerecycled worden. “Daarvoor hebben we een innamegarantie”, Smits. “Ingezamelde panelen vervezelen we weer en verwerken we tot nieuwe grondstof. Dat proces kunnen we oneindig herhalen.”

SAM Panels ziet hun panelen onder andere als een duurzaam alternatief voor hardboard plaatmateriaal van HDF, MDF, en gips. “Het is sterker, lichter en biedt door de verwerkingsmogelijkheden meer vormgevingsvrijheid dan traditioneel plaatmateriaal”, zegt Smits. “Ook zijn onze platen vrij van gifstoffen als formaldehyde.”

Paneel van koemest

Sinds kort kan SAM ook panelen maken uit een reststroom waarvan in Nederland genoeg is: koemest. “De koemestpanelen leveren een bijdrage aan drie van de grootste uitdagingen van ons land”, zegt Smits. “Omdat koemest dagvers wordt opgehaald, wordt er minder stikstof uitgestoten. Daarna belandt de koemest eerst in een biovergister die er biogas van maakt. Dit verkleint de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen. En van het residu produceren wij plaatmateriaal van iets wat eigenlijk een laagwaardige toepassing had. Op die manier dragen wij bij aan de hoogwaardige verwerking van reststromen.”

Een sample van een paneel volledig gemaakt van koemest. | Credit: SAM Panels

Wennen aan nieuw materiaal

Inmiddels produceert SAM Panels jaarlijks zo’n 300.000 vierkante meter aan biobased panelen. Maar er is capaciteit voor 1,5 miljoen vierkante meter. Langzaamaan ziet Smits dat biobased bouwen aan terrein begint te winnen. “Maar nieuw materialen vinden mensen lastig. Onze panelen hebben andere diktes dan mensen gewend zijn. En je kunt er allerlei nieuwe dingen mee. Dat is soms ingewikkeld. Bij de overgang naar een nieuw IT-systeem op kantoor is dat niet anders.”

Biobased bouwen in Nederland

De omslag naar biobased bouwen vraagt om een volledige systeemverandering. Nederland heeft in de Nationale Aanpak Biobased Bouwen (NABB) de ambitie opgenomen om 30 procent van de nieuwbouwwoningen vanaf 2030 te voorzien van 30 procent biobased materialen. Voor deze opgave is jaarlijks 400.000 ton grondstof nodig die door boeren geteeld moet gaan worden.

Verdienmodel boeren

Onderdeel van het NABB is het uitvoeringsorgaan Building Balance. Dit orgaan heeft de keuze gemaakt om een landelijke keten voor interieurpanelen op te zetten rondom SAM Panels. In het programma worden boeren gestimuleerd om biobased materialen te telen, mogelijk zelfs ter vervanging van activiteiten met een grotere milieu-impact zoals veeteelt. “Het verdienmodel voor boeren moet kloppen. Dan kunnen ze zo’n overstap maken. Tegelijkertijd moeten wij de garantie van voldoende afzet hebben. Alle partijen in de keten moeten op elkaar aansluiten.”

CO2-belasting

Aanvullend moeten biobased materialen aantrekkelijker worden dan het fossiele alternatief. “Aan de ene kant lukt dat als wij kunnen opschalen”, zegt Smits. “Nu zijn we nog duurder dan de bekende alternatieven. Maar als we meer kunnen produceren, worden wij competitiever. Maar wat echt nodig is, is een CO2-belasting op materialen met een grotere milieu-impact. Als je de CO2-prijs gaat meerekenen, wordt het biobased materiaal aantrekkelijker.”

Lees ook:

Worden boeren dankzij ijzerpoeder de nieuwe energieleveranciers?

Die boodschap kregen de bezoekers van het congres Metalot@Work 4 in Den Bosch, op woensdag 13 december. Daar kondigden kenniscentrum Metalot en de ZLTO, de vereniging die de belangen van 12.000 boeren en tuinders in het zuiden van Nederland behartigt, aan om in 2024 samen te onderzoeken hoe de eerste lokale samenwerkingsprojecten met ijzerpoeder vormgegeven kunnen worden. Net zo belangrijk als waterstof? Kan ijzerpoeder in de toekomst net zo’n belangrijke groene energiebron worden als waterstof? Als je het vraagt aan Philip de Goey, oprichter van Metalot en tevens hoogleraar energietechniek aan de TU Eindhoven, is het antwoord 'ja'. Het kan net zo goed en net zo lang groene energie uit zon en wind opslaan als waterstof, alleen is het een factor vijf tot tien compacter. Je kunt dus veel meer energie opslaan in een kleiner volume. Ook is het minder gevaarlijk en veiliger te vervoeren dan waterstof. Het verbranden van ijzerpoeder is veilig en schoon en stoot geen CO2 uit. En – voor boeren en gebruikers belangrijk – het proces stoot nauwelijks stikstof uit. Steeds te hergebruiken Het poeder is heel makkelijk op te slaan en steeds opnieuw te hergebruiken. Dat werkt als volgt: als je ijzerpoeder verbrandt, oftewel oxideert, komt er warmte vrij. Die kun je gebruiken om woningen, gebouwen en industriële processen te verwarmen of elektriciteit op te wekken. Na het verbranden blijft ijzeroxide over: roest. Dat kun je met behulp van waterstof uit groene stroom weer omzetten in schoon ijzerpoeder. Daarna kan het hele proces opnieuw beginnen, waardoor het circulair is. “Daardoor is het een schoon alternatief voor gas, olie, kolen en andere fossiele brandstoffen en biedt het hetzelfde comfort”, zegt Metalot-directeur Raoul Voeten. “Je kunt het proces aan- en afzetten wanneer je wilt. Bovendien is ijzererts met 32,1 procent het meest voorkomende element in de samenstelling van de aardkorst en vind je het verspreid over de hele wereld.” Idee uit de ruimtevaart De Goey kreeg het idee van metaalpoeders als groene energiedrager tijdens zijn samenwerking met ruimtevaartorganisatie ESA in 2015. Ook Voeten kent de technologie van zijn eerdere baan op de Space Campus in Noordwijk. “Metalen vind je op alle planeten, dus werd in de ruimtevaart gekeken naar metaalpoeder als energiedrager voor raketten en missies naar andere planeten", vertelt hij. "Maar waarom zouden we die techniek niet hier op aarde toepassen?” Daarom startte De Goey op de TU Eindhoven een omvangrijk onderzoeksprogramma dat mede leidde tot Metalot en inmiddels verschillende studententeams en start-ups voortbracht die met de techniek aan de gang zijn gegaan, zoals RIFT – waar Bill Gates in investeert - en Iron+, een joint venture van bestaande bedrijven die samen alle technologie in huis hebben. Kijk hier hoe je met het verbranden van ijzerpoeder groene energie opwekt: Congestie door elektrificatie Om in 2050 geen CO2 meer uit te stoten, moeten steeds meer bedrijven en woningen overstappen van fossiele brandstoffen op groene stroom. Dat leidt nu al tot congestie op het elektriciteitsnet, waardoor zon- en windparken niet aangesloten kunnen worden of op zomerse dagen stilgelegd worden. Sommige bedrijven en grootverbruikers krijgen geen aansluiting meer van de netbeheerders. Ook boeren kunnen de zonne-energie van hun eigen dak vaak niet kwijt aan het net. Energieboeren Maar wat nou als boeren met hun zonne- en windenergie in hun schuren van roest weer schoon ijzerpoeder gaan maken? Dat biedt kansen om groene energie langdurig op te slaan, want die is daarmee opgeslagen in het ijzerpoeder. Dat is ook goedkoper dan een batterij aanschaffen. Het ijzerpoeder kan dan vervoerd worden naar naastgelegen industrieterreinen, waar bedrijven in een gezamenlijke energiehub schone energie opwekken met het verbranden van dat poeder. “Zo is de keten rond. We hoeven boeren met veel stikstofemissies dan niet uit te kopen, maar we koppelen ze aan lokale ondernemers en helpen ze aan een nieuw verdienmodel”, zegt Voeten. “Dan worden ze energieboeren en leveren ze niet alleen voedsel maar ook lokaal energie aan de samenleving.” Onze iPhone 1 Wat daar – behalve de medewerking van de boeren – voor nodig is: apparatenbouwers die de benodigde apparaten en silo’s bouwen om van roest weer ijzerpoeder te maken en deze op te kunnen slaan. En installatiebedrijven en ketelbouwers voor de centrales waarmee bedrijven gemiddeld 1 megawatt aan energie op kunnen wekken door het verbranden van ijzerpoeder. Voeten heeft al contact met diverse partijen die zulke apparaten op deze schaal kunnen leveren. Bedrijven als Family Brewers Swinckels (Lieshout) en Ennatuurlijk (Helmond) hebben met ketels in deze omvang de eerste praktijkproeven gedaan. “Apple wachtte ook niet tot de iPhone 14 voordat ze haar eerste apparaat op de markt bracht, maar kwam met de iPhone 1, die perfect aan de wensen van de markt voldeed en zorgde voor een enorme market-pull. Wij denken dat het opzetten van deze kleine keten onze iPhone 1 wordt en voor een reële bijdrage aan de energietransitie gaat zorgen”, zegt Voeten. Aanvraag bij Groeifonds Metalot heeft eigen testfaciliteiten in Budel: het Future Energy Lab (FEL). De rol van dit lab is dat het de technologie aanjaagt, valoriseert en klaarstoomt voor de markt. Onder meer door start-ups, overheden, kennisinstituten, producenten en gebruikers aan elkaar te koppelen. Om de techniek op grote schaal te kunnen ontwikkelen en toepassen en tot geaccepteerd onderdeel van de energiemix te maken, is Metalot onderdeel van een consortium onder leiding van de TU Eindhoven dat in juni 2024 een aanvraag gaat indienen bij het Nationaal Groeifonds. “Deze technologie biedt de mogelijkheid om groene stroom ook over grote afstanden te kunnen transporteren en een seizoen lang vast te houden en op te slaan”, zegt Voeten. Lees ook: Bill Gates investeert in Nederlandse warmtebatterij en ijzerpoederHelmond krijgt CO2-vrije warmte dankzij verbranding ijzerpoederBavaria brouwt bier met ijzerpoeder als energiebronBrabant investeert in ijzerpoeder als energiedrager