Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 24 oktober 2012, 12:28

Volop kansen voor duurzaam bouwen in China

De kansen in de Chinese duurzame bouwsector liggen voor het oprapen. Ook Nederlandse bedrijven kunnen hiervan meeprofiteren.

China e1351074083147

Dat stelt een rapport dat Agentschap NL samenstelde in samenwerking met Nederlandse ambassade en consulaten in China. In 2015 zal bijna de helft van alle gebouwen die wereldwijd gebouwd worden op Chinese bodem staan. Slechts 4 procent hiervan wordt duurzaam gebouwd.

Duurzaamheid is noodzaak

Voor China is duurzaamheid daarom niet zomaar een interessant idee. Het is noodzakelijk om het energieverbruik in zijn drukbevolkte en constant groeiende steden in de hand te houden.  China’s bouwsector zal in 2020 goed zijn voor 40 procent van de energieconsumptie van het land. Ook consumeert het land, mede door zijn enorme bouwsector,  30 procent van ’s werelds staalvoorraad en de helft van al het beton.

De Chinese overheid erkent de noodzaak om duurzaam te gaan bouwen. In het twaalfde vijfjarenplan (2011-2015) van de Communistische Partij van China spelen energiebesparing, emissievermindering en milieubescherming een belangrijke rol.

Jan Rotmans, hoogleraar duurzaamheid en transitie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, signaleert deze duurzame trend ook: “Je ziet dat China voor de volgende generatie energie voluit inzet op duurzaam. Ze bouwen weliswaar ook nog kolencentrales, maar dat is nog voor de huidige generatie.”

Je ziet dat China voor de volgende generatie energie voluit inzet op duurzaam. Jan Rotmans, hoogleraar duurzaamheid en transitie

Kansen voor Nederland

Toch staat duurzaam bouwen in China nog in de kinderschoenen. Er zijn richtlijnen en standaarden voor duurzaam bouwen, maar deze worden niet altijd goed geïmplementeerd. Ook is er nog een gebrek aan bewustzijn en transparantie in de particuliere en publieke sector en is er gebrek aan expertise van duurzaam design en bouwen onder ingenieurs, aannemers en uitvoerders.

Nederlandse expertise  kan uitkomst bieden. Ondanks grote concurrentie in de bouwsector, is er genoeg ruimte om Nederlandse ondernemers mee te laten delen in een stuk van de taart. Voor Nederlandse bedrijven zullen er volgens het rapport vooral kansen liggen in bijvoorbeeld de toepassing van nieuwe energie en oplossingen voor energiebesparing in de architectuur en het geven van bouwkundig advies over energiebesparende methoden en –oplossingen.

Dit wil niet zeggen dat zaken doen in China van een leien dakje gaat. De ervaring leert dat het niet altijd even makkelijk is om vergunningen en toestemming te krijgen van lokale autoriteiten. Ook zijn bepaalde sectoren, zoals het bouwen van bijvoorbeeld golfbanen, niet toegankelijk voor buitenlandse investeerders. Volgens het rapport is het voor buitenlandse aannemers die de Chinese markt willen bewandelen het meest efficiënt om een joint venture aan te gaan met een Chinese aannemer.

Nederlandse bedrijven in China

Op dit moment zijn er al een aantal Nederlandse bedrijven actief in de Chinese bouwsector, en niet zonder succes. Zo heeft OMA het CCTV-gebouw in Beijing ontworpen en bouwde Grontmij het Wuhan New Energy Centre, het meest duurzame kantoorgebouw in de wereld.

Om het Nederlandse bedrijfsleven te ondersteunen en het belang van duurzaam bouwen te onderstrepen nam het Nederlandse Consulaat-Generaal in Shanghai al in 2009 het initiatief tot een Dutch Sustainable Building Platform. Bedrijven zoals  Tebodin, KEMA, Desso en Philips zijn al deelnemer van dit platform dat erop gericht is om gezamenlijk duurzame projecten ten uitvoer te brengen.

Ook Chinese bedrijven zitten echter niet stil. Vanke, een van China’s grootste vastgoedontwikkelaars, is een onderzoek- en ontwikkelingsbureau gestart dat zich richt op het verminderen van uitstoot voor woningen.

Bron: Agentschap NL

Foto: HeroicLife

EU kijkt naar milieudoelstellingen na 2020

De 20-20-20-doelstellingen moeten alweer over een kleine acht jaar zijn gehaald. De Europese Commissie vindt het tijd om verder te kijken. De Europese Commissie zal uiterlijk in 2014 met een nieuw plan komen voor CO2-reductie tot 2030. De nieuwe doelstellingen “zullen een langetermijnperspectief bieden op hoe de EU zich na 2020 zal blijven ontwikkelen langs een pad dat leidt tot een CO2-arme industrie,” liet de Europese Commissie weten in een beleidsdocument. Doelstellingen De 27 landen die onder de Europese Unie vallen hebben afgesproken om in 2020 20 procent minder CO2 uit te stoten dan in 1990. Daarnaast moet de energie-efficiëntie met 20 procent zijn toegenomen en moet het aandeel duurzame energie 20 procent bedragen. Het belangrijkste instrument voor de CO2-reductie is het Emission Trading System (ETS), waaraan ook drie landen meedoen die niet zijn aangesloten bij de EU: Noorwegen IJsland en Liechtenstein. Voor dit haperende systeem wordt al lange tijd een nieuw plan verwacht. Het voornemen van de Commissie past in de lijn met recente richtlijnen die de commissie opstelde over energiereductie en de verduurzaming van overheden. In een richtlijn die midden september is aangenomen staat de wens dat energiebedrijven elk jaar 1,5 procent minder gaan produceren en overheden elk jaar 3 procent van hun gebouwen verduurzamen. Ambitieuze maatregelen Verwacht wordt dat de nieuwe maatregelen ambitieus zullen zijn, aangezien de CO2-uitstoot in 2050 met maar liefst 85 tot 95 procent moet zijn afgenomen. Een CO2-reductie van 40 procent in 2030 en van 60 procent in 2040 lijkt de meest kosteneffectieve oplossing is. Het plan dat binnenkort moet klaarliggen zal vertellen hoe deze doelstellingen kunnen worden gehaald. Hiervoor zal in ieder geval een herziening van het ETS nodig zijn. Met het huidige systeem zakt de maximale hoeveelheid CO2 die in de EU mag worden uitgestoten ieder jaar met 1,74 procent, waardoor in 2050 een reductie van ‘slechts’ 70 procent zal worden behaald. Bron: Bloomberg Foto: Nitsirk