Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 24 juni 2015, 10:12

Waarom biobased isolatie toekomst heeft

De nieuwe generatie biobased isolatiematerialen heeft een lagere CO2-voetafdruk en een hoge isolatiewaarde. Toch blijven de hoge aanloopkosten een obstakel. Extra onderzoek moet daar verandering in brengen.

Akzo28229

Biobased alternatieven als stro en hennep vergen tot 50 procent minder energie voor productie en transport dan traditionele materialen op oliebasis, zegt Alan Taylor van het onafhankelijke onderzoeksbureau TWI in Cambridge. Het gebruik van organisch materiaal heeft bovendien als voordeel dat plantenresten de CO2 vasthouden die ze eerder hebben opgeslagen. Daarmee wordt de CO2-voetafdruk van gebouwen lager.

Kostenverlaging

Het zijn nog vooral de koplopers in de bouw en constructie die biobased isolatie als cellulose-isolatie, stro of Biofoam toepassen. De hoge aanloopkosten en onzekerheden over de prestaties zijn het grootste struikelblok. Toch neemt de belangstelling in de sector toe.

Het Europese onderzoeksproject Isobio is erop gericht de biobased alternatieven verder te ontwikkelen. Isobio moet innovatieve materialen en composieten opleveren die tot 20 procent beter presteren dan isolatiemateriaal op oliebasis. Ook moeten de productiekosten tenminste 15 procent omlaag.

Marktintroductie

Volgens de partners in het project kan biobased isolatie uitgroeien een volwaardig alternatief. De verwachting is dat de kosten binnen vijf tot tien jaar gaan dalen. De hoge investeringskosten zijn dan relatief snel terugverdiend als gevolg van de hogere isolatiewaardes.

In Nederland werkt de Wageningen Universiteit in het Open-Bio project aan nieuwe normen voor plantaardige isolatiematerialen. De studie in opdracht van de Europese Unie moet de marktintroductie vergemakkelijken.

Vochthuishouding

Het gebruik van plantenmateriaal als isolatie heeft ook een belangrijk gezondheidsvoordeel. Biobased isolatie is beter in staat de vochthuishouding in woningen en kantoren te reguleren.

Ze fungeren als vochtbuffer en verminderen zo schommelingen in de luchtvochtigheid binnenshuis. Dat leidt tot een reductie in ziekteverwekkers en allergische reacties.

Bron: Phys.org | Foto: Susanne Nilson, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)

In tien jaar bijna 23 procent CO2-reductie voor Nissan

Nissan had zichzelf ten doel gesteld in de afgelopen tien jaar de broeikasgasemissies van de fabrieken en kantoren met 20 procent te verlagen. Die ambitie heeft de autofabrikant met 22,6 procent waargemaakt, terwijl Nissan in diezelfde periode meer auto’s produceerde.In 2011, 2012 en 2013 bleef de Japanse autofabrikant nog steken op een reductie van iets meer dan 15 procent. In het voorbije jaar heeft Nissan een stap gemaakt van ruim 7 procentpunt.NescoEen belangrijke maatregel die Nissan helpt te verduurzamen, is het eigen platform Nissan Energy Saving Collaboration (Nesco). Nesco voert op de locaties van Nissan sinds 2003 jaarlijkse inspecties uit naar mogelijkheden voor reductie van het energieverbuik. Sinds 2013 is de dienst actief bij Nissan-fabrieken in Europa, China en Mexico. In 2014 droeg Nesco oplossingen aan die in totaal voor 50.000 ton aan CO2-besparingen kunnen zorgen.Naast de inspectiedienst presenteert de Japanse autofabrikant een fabriek in Mexico als voorbeeld voor de duurzaamheidsprestaties. Biogas uit lokale vuilstortplaatsen en windenergie leveren samen 68 procent van de energiebehoefte van de faciliteit.In 2016 wil Nissan minimaal 9 procent van het wereldwijde energieverbruik dekken met hernieuwbare bronnen.Bron: Zawya, AutoEvolution | Foto: MIKI Yoshihito, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)