André Oerlemans
27 mei 2024, 16:00

Albert Heijn gaat alle boodschappen elektrisch vervoeren en bezorgen

Albert Heijn wil in 2030 al zijn Nederlandse supermarkten bevoorraden met elektrische vrachtwagens. Alle bezorgbusjes die boodschappen thuis bezorgen moeten al in 2027 volledig elektrisch zijn. Om dat doel te halen komen er grote laadpleinen bij distributiecentra, waarvan de grootste maandag 27 mei werd geopend in Pijnacker.

20240527114018 thearrows ahenergietransitie mh 30270 cr3 pure Maandag 27 mei werd het elektrische laadplein voor e-trucks in Pijnacker geopend. | Credits: Albert Heijn

Volgens Albert Heijn is dat het grootste laadplein voor e-trucks van Nederland. Daardoor gaat een derde van alle bevoorrading vanuit het distributiecentrum nu elektrisch. Bovendien kunnen niet alleen de elektrische vrachtwagens en bezorgbussen van Albert Heijn er laden, maar ook die van zijn transporteurs Euser, Simon Loos en Cornelissen en van leverancier van groente en fruit Bakker Barendrecht.

Focus op elektrisch

In totaal heeft Albert Heijn nu tien laadpleinen voor vrachtwagens en bezorgbussen verspreid over Nederland. Dat is nodig om het eigen wagenpark snel te elektrificeren. “We hebben daarin een hele duidelijke keuze gemaakt. Hoewel er ook op duurzame diesel als HVO en waterstof gereden kan worden, focussen wij op elektrisch”, zegt directeur transport Annemieke Sirre van Albert Heijn.

Verdubbeling

In 2017 ging de eerste elektrische truck de weg op om supermarkten te bevoorraden. De keten heeft nu 74 elektrische vrachtwagens. In 2023 reden die bij elkaar 2,5 miljoen elektrische kilometers. In 2024 moet dat verdubbelen. Eind dit jaar heeft het concern al honderd elektrische trucks en in 2025 al 180. Ook heeft het meer dan 250 elektrische bezorgbussen. Nu al is de bevoorrading van winkels in de binnensteden van Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht volledig elektrisch. Daar komen begin dit jaar de winkels buiten de binnenstad van Rotterdam bij en de winkels in de steden Gouda, Leiden en Delft. Die worden vanuit Pijnacker bevoorraad. Later dit jaar komen er nog eens acht steden bij, waaronder de winkels buiten het centrum van Amsterdam. “Eind dit jaar worden zeventien steden volledig elektrisch bevoorraad. Van onze 200 winkels is bij 62 de levering elektrisch. Dit jaar zal een kwart van alle winkels elke dag een of meerdere malen elektrisch worden bevoorraad”, zegt Sirre.

Albert Heijn bezorgt de boodschappen in steeds meer steden elektrisch thuis. | Credit: Albert Heijn

Voorlopen op emissiezones

Ook de thuisbezorging is in de vier grote steden al elektrisch. In de tweede helft van 2024 komen hier nog eens tien steden bij: Amersfoort, Assen, Nijmegen, Maastricht, Zwolle, Deventer, Tilburg, Dordrecht, Apeldoorn en Eindhoven. Daarmee loopt de supermarkt voor op de invoering van zero-emissiezones in Nederlandse steden, die vervoer met fossiele brandstoffen in binnensteden verbieden. Sirre: “In 2030 worden alle onze winkels en klanten elektrisch beleverd. In 2027 is onze volledige e-commerce vloot elektrisch.”

Scope 3

Albert Heijn stoot jaarlijks 9.608 kiloton CO2 uit. De eigen koelcellen, winkels, kantoren, distributiecentra en andere activiteiten zijn goed voor 0,4 procent daarvan. Dat is scope 1 en 2. Van alle supermarkten is inmiddels 95 procent van het gas af. De laatste 25 winkels stappen ook over naar groene stroom of restwarmte. Bovendien hebben de grote distributiecentra in Zaanstad en Pijnacker tienduizenden zonnepanelen op het dak liggen.

Het merendeel van de uitstoot – 99,6 procent – vindt plaats bij leveranciers en consumenten, de zogeheten scope 3. Denk bijvoorbeeld aan het houden van vee, het telen van groente en fruit, het verwerken en verpakken en het transporteren van producten naar de distributiecentra. Met de elektrische bevoorrading van supermarkten en thuisbezorging van boodschappen zet Albert Heijn een flinke stap in de doelstelling om zijn uitstoot in scope 3 in 2030 met 45 procent te verminderen ten opzichte van 2018. Zo heeft Bakker Barendrecht, al 65 jaar leverancier van groente en fruit, zijn eerste 100 procent elektrisch truck aangeschaft en gaat het bedrijf ook de rest van zijn vloot verduurzamen.

Ook de elektrische truck van Bakker Barendrecht laadt op het plein in Pijnacker. | Credit: André Oerlemans

Uitstoot verminderen

Om de uitstoot verder te verlagen, wil de keten dat in 2025 de helft van alle verkochte eiwitten van plantaardige oorsprong is en in 2030 al 60 procent. In 2025 wil de grootgrutter 20 miljoen kilogram verpakkingsmateriaal hebben bespaard ten opzichte van 2018. Verder wil het in 2030 zijn voedselverspilling met 50 procent hebben verminderd ten opzichte van 2016.

Energiemanagement

De laadpleinen worden gevoed met groene stroom. Enerzijds met stroom van de 50.000 zonnepanelen op de daken van distributiecentra in Pijnacker en Zaandam en supermarkten, anderzijds met de groene windstroom die Albert Heijn inkoopt bij Eneco. De zonnestroom wordt opgeslagen in batterijen om ook genoeg elektriciteit te hebben als de zon overdag niet schijnt of ’s avonds. Daarvoor hebben de laadpleinen bij distributiecentra een ingenieus energiemanagementsysteem, dat regelt wanneer welke vrachtwagen hoelang kan laden. Dat voorkomt netcongestie. In de 45 minuten dat een chauffeur pauze heeft, kan zijn truck al met een snellader met een vermogen van 350 kilowatt geladen worden. Daarna kan de truck 400 kilometer rijden. “We moeten echt sturen wanneer we onze vrachtwagens kunnen beladen. Het huidige rittenschema kan de prullenbak in. Rijden met elektrische vrachtwagens is echt anders dan met fossiele trucks. Het is een hele puzzel en vandaag valt die puzzel in elkaar”, zegt business developer Rob Heesen van Albert Heijn.

Stroom uit wind

De vraag is hoe Albert Heijn in de toekomst aan al die stroom komt. Het antwoord is: windparken op zee. Eentje in het bijzonder. De supermarktketen heeft met Eneco een contract gesloten om groene stroom af te nemen van het nieuwe windpark Ecowende, dat 53 kilometer voor de kust bij IJmuiden wordt gebouwd en begin 2027 klaar moet zijn. Dat levert niet alleen groene stroom, maar houdt ook rekening met de natuur. Zo neemt Eneco maatregelen om botsingen met vogels te voorkomen. “We hebben een geavanceerd radarsysteem. Als er een vogelzwerm aankomt kunnen we het windpark uitzetten”, zegt directeur Dick Velings van Eneco zakelijk. Ook worden rotorbladen zo hoog gebouwd om vogels er onder door te laten vliegen, komen er riffen van fruitbomen aan de voet van de turbines en wordt er tijdens de bouw extra stil geheid om het zeeleven niet te veel te verstoren.

Lees ook:

Chocolade zonder cacaoboon: deze start-up heeft het recept

De prijs van cacao is al een tijd aan een opmars bezig. Waar het tarief de afgelopen decennia niet hoger lag dan 4.000 dollar voor een ton, bedroeg de prijs vorige maand 12.000 dollar per ton. Aan het recordbedrag kwam echter een abrupt einde toen er regen viel in de West-Afrikaanse cacaoproducerende landen. Op het moment van schrijven ligt de cacaoprijs op 8.134 dollar per ton. Dit is aanzienlijk minder dan het record, maar nog steeds veel meer dan de afgelopen jaren het geval was. Bovendien neemt met de klimaatverandering ook de kans op misoogsten toe, waardoor de prijs zo weer hoger kan uitvallen. Europese ontbossingswet Ook de aangenomen ontbossingswet raakt cacao. Op veel plekken wordt bos gekapt voor het hout of om andere gewassen te kunnen verbouwen die meer opbrengen. Met de ontbossingswet zijn producten die bijdragen aan ontbossing niet langer welkom in EU-landen. Ook cacao staat op de lijst van producten die lidstaten van de Europese Unie voortaan niet zomaar meer mogen importeren. En dan wordt de cacaoproductie ook nog in verband gebracht met dwangarbeid en slechte arbeidsomstandigheden. Niet gek dus dat de roep om alternatieven alsmaar luider wordt. Fermentatie Het Amerikaanse Circe Bioscience werkt aan zo’n alternatief. De start-up is onderdeel van Wyss Instituut, dat verbonden is de Universiteit van Harvard. Circe zet bacteriën in die groeien dankzij broeikasgassen zoals CO2 en waterstof. Door middel van fermentatie worden de gewenste ingrediënten gekweekt in een laboratorium. De ingrediënten zijn moleculair hetzelfde als producten uit de natuur, maar vragen om veel minder hulpbronnen. “We gebruiken synthetische biologie om DNA van planten en dieren in microben te brengen”, zegt Shannon Nangle van Circe. Vervolgens screent Circe de microben op eigenschappen die belangrijk zijn voor het produceren van de juiste ingrediënten. Vervolgens laat het de mircoben groeien en fermenteren met een proces dat lijkt op brouwen. De oliën die worden aangemaakt in de cellen van de microben, worden de bruikbare bestanddelen van de chocola. Nangle: “Het enige dat overblijft, is de olie die chemisch identiek is aan de oliën de in de natuur voorkomen. We kunnen een verscheidenheid aan oliën en boters maken, van macademia-olie tot pamolie en zelfs dierlijke vetten en brandstoffen.” Chocoladereep Met de technologie is het gelukt om cacaoboter te produceren, waarmee de start-up een chocoladereep heeft gemaakt. Omdat de cacaoboter niet van het land, maar uit het lab komt, kan dit kunstje overal ter wereld worden toegepast. Bovendien is deze manier van cacao produceren een stuk stabieler, dan natuurlijke teelt. Als gevolg van klimaatverandering neemt de kans op misoogsten in cacaoproducerende landen als Ghana en Ivoorkust toe. Ook is er voor dit fermentatieproces geen landbouwgrond nodig. Het ingrediënt is dus met zekerheid ontbossingsvrij en er hoeft geen zwaar werk te worden verricht op plantages. De markt op De technologie van Circ wordt klaargemaakt om commercieel toe te passen. De oliën en vetten die op deze manier worden geproduceerd, kunnen onder andere worden verwerkt in voeding. Lees ook: CSDDD definitief: bedrijven kunnen ogen niet meer sluiten voor mensenrechten- en milieuschendingen“Maar weinig mensen weten hoe slecht chocolade is voor het klimaat”Changemaker Wim de Laat (The Protein Brewery) brouwt plantaardige eiwitten: ‘Dit is de toekomst’