Joyce de Thouars 25 juli 2018, 12:07

‘Alleen inzetten op elektrische voertuigen en hernieuwbare brandstoffen niet genoeg’

Als de logistieke sector in Nederland aan de doelstellingen van het Klimaatakkoord van Parijs wil voldoen is het alleen inzetten op zuinige of elektrische voertuigen en hernieuwbare brandstoffen niet genoeg. Volgens de eerste jaarlijkse Outlook van TNO, CE Delft en Connekt moet er vandaag nog worden begonnen met een systeemaanpak om een scala van maatregelen toe te passen.

Duurzame logistiek

Jaarlijks wordt bijna 1.800 miljoen ton goederen van, naar en door Nederland vervoerd. Maar liefst 62 procent hiervan wordt binnen de Nederlandse grenzen vervoerd zoals het achterlandvervoer van en naar de zee- en luchthavens. Het aandeel van deze internationale goederenstromen in de transport- en logistiek- gerelateerde CO2-uitstoot is dan ook enorm.

Mogelijkheden om CO2-uitstoot te verminderen

Zes keer efficiënter vervoer, opslag en overslag is nodig om de CO2-uitstoot in 2040 tot nul terug te brengen.  Hoe dat bereikt kan worden is door TNO, CE Delft en Connekt in opdracht van de Topsector Logistiek onderzocht. De mogelijkheden zijn gepresenteerd in een jaarlijkse Outlook, die bedoeld is als informatie voor alle stakeholders. 

In het onderzoek is gekeken naar vijf verschillende segmenten: droge bulk, vloeibare bulk, vers, consumentenproducten en halffabricaten. Per segment zijn de besparingsmogelijkheden in kaart gebracht waardoor mogelijke transitiepaden zichtbaar worden. Hieruit blijkt dat er meer nodig is dan het inzetten op zuinige of elektrische voertuigen en hernieuwbare brandstoffen alleen. 

Andere maatregelen zijn nodig om bijvoorbeeld het transportvolume en de -afstand te verminderen. Bij het verminderen van transportvolume liggen er mogelijkheden in het optimaliseren en verduurzamen van verpakkingen. Daarnaast spelen de keuze van het vervoersmiddel en de benutting een rol in het realiseren van decarbonisatie. De opslag en overslag van goederen kan verduurzamen door locaties te verduurzamen door middel van isolatie, LED-verlichting en zonnepanelen en hijskranen en vorkheftrucks te elektrificeren.

Lees het interview met Annemieke Nijhof, voorzitter klimaattafel mobiliteit

Decarbonisatieopgave wordt alleen maar groter

De onderzoekspartijen onderstrepen dat er direct met een systeemaanpak begonnen moet worden, waarbij alle geïdentificeerde decorbanisatiemaatregelen worden toegepast. Een vertraging betekent dat de decarbonisatieopgave de komende jaren alleen maar groter wordt.

De scope en de invulling van de Outlook wordt in de komende maanden verder geconcretiseerd. Een consultatieronde met overheden, bedrijven en organisaties uit de logistiek en energiesector maakt daar onderdeel vanuit.

Download rapport

Bron: TNO | Foto: Adobe Stock

Circulaire én betaalbare studio’s opgeleverd in Amsterdam

In een circulaire economie staat hergebruik centraal. In project Stek Oost is deze circulaire gedachte geïntegreerd door toepassing van studio’s die eerder deel uitmaakten van De Orangerie, een gebouw uit Eindhoven dat in 2006 oorspronkelijk werd gerealiseerd als zorginstelling maar de afgelopen jaren is ingezet als asielzoekerscentrum.Demontage en hergebruik De Orangerie werd begin dit jaar volledig gedemonteerd door DAT Afbouw en De Meeuw, waarbij zoveel mogelijk onderdelen opnieuw zijn gebruikt. Voordat de 250 studio’s een nieuwe functie kregen in Stek Oost zijn ze gereinigd, opgeknapt en voorzien van een nieuwe badkamer en keuken. Ook de vloeren, buitenpanelen en daken van De Orangerie zijn in Stek Oost verwerkt.Toch hebben niet alle materialen uit De Orangerie een nieuwe functie gekregen in het Amsterdamse project. Bas de Haan, directeur van Nezzt legt uit hoe dat komt: “Wij bouwen modulair. Dat betekent dat we een module hebben die we altijd kunnen hergebruiken. Het meest circulair is als ik die module in exact dezelfde vorm kan hergebruiken zoals ik het al gebouwd had, maar eigenlijk kan dat in 99,9 procent van de gevallen niet, omdat ik de module altijd in meer of mindere mate moet aanpassen aan de locatie en aan de wensen van de klant.”Voor materialen die Nezzt niet zelf kan hergebruiken, wordt in overleg met de leverancier een andere oplossing gezocht. Zo wordt bijvoorbeeld 54.000 kilo aan plafondpanelen door OWA Benelux gerecycled tot nieuwe, hoogwaardige plafondpanelen. Materialen die leveranciers niet terug willen of kunnen nemen, zoals 800 wastafels van De Orangerie, worden op gebruiktebouwmaterialen.com gezet, een soort Marktplaats voor de bouw.Lees ook: 5 ontwikkelingen die circulaire bouw versnellenDoorontwikkeling van het bouwsysteemDe Haan verwacht dat er in de toekomst steeds betere oplossingen komen waardoor circulair bouwen breder inzetbaar wordt. 'De kansen voor modulaire bouw zijn groot'Zo wil De Haan afspraken met leveranciers uitbreiden zodat het nog makkelijk wordt om materialen terug in de keten te brengen en is De Meeuw bezig met de doorontwikkeling van het bouwsysteem zodat het bouwsysteem nog makkelijk uit elkaar te halen is en de uitwisselbaarheid en flexibiliteit van projecten wordt vergroot. “In de toekomst wordt het bij wijze van spreken mogelijk om van een operatiekamer een woning te maken en andersom.”De businesscase van circulair bouwenVolgens De Haan is de businesscase van circulair bouwen allang bewezen. “Het grappige is dat wij al decennialang op deze manier bouwen, maar tot voor kort had het niet het label circulair bouwen.” Hij vervolgt: “Wij bieden een kwaliteit die nagenoeg gelijk is aan nieuw alleen tegen een lagere prijs, afhankelijk van welk gebouw we kunnen hergebruiken.”De grootste uitdagingen zitten volgens De Haan in de mate waarin hergebruik mogelijk is en hinderende regelgeving. “Daarom lobbyen wij om de regelgeving te laten aanpassen.”Ondanks die uitdagingen verwacht De Haan dat modulaire bouw de komende jaren zal toenemen. “De kansen voor modulaire bouw zijn groot, omdat de bouw moet veranderen naar een circulaire omgeving en daar is ons systeem uitermate geschikt voor.” Daarnaast stijgt de vraag naar flexibele, snelle en betaalbare bouw waarmee ingespeeld kan worden op demografische veranderingen, zoals vergrijzing.Het creëren van een gemeenschapNaast circulariteit wordt bij Stek Oost geïnvesteerd in de ontwikkeling van een gemeenschap. Enerzijds via de aanwezigheid van gemeenschappelijke ruimtes als een huiskamer, studieruimte, binnentuin en plein. Anderzijds doordat elke bewoner zich eraan committeert om zich 1 uur per week in te zetten voor de gemeenschap. Op die manier dragen studenten actief bij aan de ontwikkeling van de stad.De helft van de studio’s in het gebouw Stek Oost in de Amsterdamse Watergraafsmeer is bedoeld voor jonge statushouders, de andere 125 studio’s voor andere jongeren in de leeftijdscategorie 18 tot 27 jaar. De complete oplevering staat gepland voor eind oktober.Lees verder: Adviezen voor een snelle transitie naar circulaire woningbouwAfbeeldingen: De Meeuw