Fitria Jelyta 07 maart 2016, 14:42

Amsterdams bedrijf verlicht straten met slimme lantaarnpaal

De Amsterdamse verlichtingsfabrikant Lightwell is gestart met de productie van een intelligente lantaarnpaal met wifi, een oplaadpunt voor elektrische auto’s en cameratoezicht voor extra veiligheid.

Gauze1

De LightMotion van Lightwell beschikt over LED-lampen en sensoren die het lichtniveau aanpassen aan de behoefte van de omgeving. Dit maakt het mogelijk om de lichten automatisch te dimmen bij minder activiteit of verkeer op straat. Ook kunnen de lichten juist feller branden om weggebruikers van voldoende lichtniveau te voorzien bij bijvoorbeeld onweer.

Voor het oplaadpunt voor elektrische voertuigen werkt Lightwell samen met het Nederlandse bedrijf The New Motion

Volgens de verlichtingsfabrikant draagt de slimme LightMotion bij aan duurzaamheid, omdat het systeem geen energie verspilt aan onnodige verlichting. Verder beschikt de LightMotion over de mogelijkheid om een geïntegreerde camera te installeren. Hiermee biedt het systeem volgens Lightwell extra veiligheid in de straten.

[image]

Pilotprojecten

Op dit moment zegt Lightwell pilotprojecten uit te voeren met de LightMotion in Kopenhagen, Rotterdam, Los Angeles en Beijing. Hierin werkt de verlichtingsfabrikant met lokale partijen als telecom- en netwerkbedrijven, om het software systeem van LightMotion te ontsluiten. Daarnaast heeft Lightwells de ambitie om de slimme verlichting in Groot-Brittannië te installeren.

“De Britse regering heeft onlangs aangekondigd dat het de ontwikkeling van een lantaarnpaal met EV-oplossingen met € 60 mln zou steunen”, zegt Henk Janssen, CEO van Lightwell, in een persbericht. “En de LightMotion is een prachtig design dat opgaat in de stad.”

Slim parkeren

Naast de slimme lantaarnpaal, heeft Lightwell een smartphone-app ontwikkeld die automobilisten helpt bij het vinden van een parkeerplaats. Verder biedt de app de mogelijkheid om parkeerkaartjes te betalen. 

Bron: Lightwell | Foto: Lightwell (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

'Opplakken van negatief keurmerk is effectiever'

Nederlanders vinden duurzaamheid weliswaar een belangrijk onderwerp, maar dit vertaalt zich niet automatisch in het kopen van biologische producten in de supermarkt. Keurmerken spelen daarbij een belangrijke rol. Dat concludeert onderzoeker Ynte van Dam in zijn proefschrift, schrijft De Volkskrant. Hij promoveert maandag aan de universiteit van Wageningen.Tijdens zijn onderzoek liet hij proefpersonen kiezen tussen relatief dure biologische tomaten, yoghurt of koffie met het EKO-keurmerk en reguliere versies zonder een keurmerk én een lagere prijs. De meerderheid koos voor de niet-duurzame producten. Deze houding veranderde radicaal toen Van Dam de niet-biologische producten voorzag van een EKO-keurmerk met een groot kruis erdoorheen: ondanks de hogere prijs koos de meerderheid voor producten met het EKO-label.Grotere proef met negatieve keurmerken lastigVolgens Van Dam is het lastig om een grotere proef te houden met negatieve keurmerken, omdat winkeliers en cateraars niet mee willen werken. Wel denkt hij dat dergelijke labels vooral aan de onderkant van de markt effectief kunnen zijn, met een aanzienlijke milieuwinst tot gevolg.De onderzoeker wijst ook naar de oorspronkelijke labeling van witgoed, met labels van A (energiezuinig) tot G (energieverslindend). Deze energielabels zorgden aanvankelijk voor het snel verdwijnen van apparaten met G-labels. Uiteindelijk ontstond wel onduidelijkheid, doordat er apparaten met aanduidingen als A+++ op de markt kwamen. Overigens wil de EU het labelsysteem aanpassen.In 2014 concludeerde de Europese Raad voor Voedselinformatie al dat consumenten zich over het algemeen bewust zijn van de noodzaak van een duurzame economie, maar dit leidt vaak niet tot duurzame aankopen. Toch is de Nederlandse markt voor producten met duurzaamheidslabel in de supermarkt inmiddels goed voor een omzet van ruim € 2 mrd. Bron: De Volkskrant | Foto: public domain