Bas Joosse 05 juli 2019, 16:12

Elektrisch vliegen: 5 ontwikkelingen

Vandaag begint de zomervakantie voor Zuid-Nederland. Dat betekent dat veel mensen in het vliegtuig stappen richting hun vakantiebestemming. De milieu-impact van de luchtvaart staat steeds meer ter discussie; elektrisch vliegen wordt als één van de oplossingen genoemd. DuurzaamBedrijfsleven geeft een overzichtje van de stand van zaken.

Adobestock vliegtuig

Vliegtuigen

Elektrische vliegtuigen zijn er al wel, maar dat zijn kleine vliegtuigen geschikt voor een paar personen. Het Israëlische bedrijf Eviation presenteerde afgelopen maand op de luchtvaartbeurs in Parijs een vliegtuig voor negen personen; de Alice. Het toestel bestaat voor het grootste deel uit composiet onderdelen, wat het gewicht ten goede komt. Ook het Amerikaanse Wright Electric werkt aan een elektrisch vliegtuig; in 2017 liet het bedrijf al een eerste proof-of-concept zien. Dat toestel moet de basis vormen voor een groter vliegtuig, wat ook voor luchtvaartmaatschappijen interessant is.

Airlines

Bij diverse luchtvaartmaatschappijen is de interesse in elektrisch vliegen er in ieder geval. Voor Nederland zijn de Britse luchtvaartmaatschappij easyJet nu het meest interessant; de maatschappij wil vanaf 2027 elektrische vliegtuigen inzetten tussen Schiphol en Londen. Op dit moment voert easyJet 22 vluchten per dag uit tussen deze steden. Het elektrische toestel wordt ontwikkeld door Wright Electric en moet ongeveer 270 passagiers kunnen vervoeren.

Gevestigde namen

Naast start-ups als Eviation, Wright Electric en Zunum Aero zijn ook de gevestigde namen uit de luchtvaartwereld bezig met elektrisch vliegen. De Amerikaanse vliegtuigbouwer Boeing investeert met dochterbedrijf HorizonX in Zunum Aero. Airbus ontwikkelde lange tijd samen met Siemens een elektrisch vliegtuig, maar die joint-venture kwam in mei tot een vervroegd einde. Volgens Siemens en Airbus zijn de doelen van de samenwerking behaald. In juni werd bekend dat Rolls-Royce, één van de grootste motorenbouwers in de luchtvaart, de elektrische activiteiten van Siemens overneemt.

Lees ook:  Zunum Aero gaat elektrisch vliegen met helikoptermotor

Luchthavens

Niet onbelangrijk zijn de luchthavens; zij moeten zich flink aanpassen aan de komst van elektrische vliegtuigen. Op de meeste vliegvelden kunnen vliegtuigen bij de gate stroom krijgen, maar die aansluitingen zijn op dit moment niet geschikt voor het opladen van accu’s of batterijen. Een aantal luchthavens maakt zich ondertussen sterk voor de komst van elektrische vliegtuigen. Zo hoeft het eerste elektrische verkeersvliegtuig op Londen Heathrow een jaar lang geen landingsgelden te betalen. Ook op de luchthaven van Stuttgart wordt dit systeem ingevoerd.

Elektrisch vliegen op kleine schaal

De grote uitdaging van elektrisch vliegen is op dit moment de elektrische aandrijving. De elektromotoren van nu zijn nog niet krachtig genoeg om een straalmotor te vervangen. Bij propellervliegtuigen is dat al wel mogelijk. Het Canadese Harbour Air vliegt met watervliegtuigen in Canada en wil de motoren vervangen door elektromotoren. De motoren, die gemaakt worden door het Amerikaanse bedrijf magniX, moeten 560 kilowatt aan vermogen kunnen leveren. In combinatie met batterijen moet een vliegtuig met de elektromotor 1.100 kilometer af kunnen leggen.

In Schotland wil luchtvaartmaatschappij Loganair een vlucht van welgeteld 2,5 kilometer elektrisch gaan afleggen. De eilanden Westray en Papa Westray zijn door de lucht in bijna anderhalve minuut te bereiken. Op de route worden kleine vliegtuigjes ingezet, met plaats voor acht personen.

Bronnen: Siemens, Rolls Royce, Eviation | Afbeelding: Adobe Stock

Duurzame materialen in de lift bij kledingbedrijven

De  kledingbedrijven zijn aangesloten bij het Convenant Duurzame Kleding en Textiel, dat in 2016 gelanceerd werd. In het convenant nemen 89 organisaties deel; van kledingmerken en brancheorganisaties tot vakbonden en overheden.Risico's in kaart brengenBedrijven die al sinds 2016 deelnemen, zijn dit jaar verplicht om openbaar te maken welke risico’s er zijn in hun bevoorradingsketen op het gebied van arbeidsomstandigheden, milieu en dieren. Ook moeten de bedrijven duidelijk maken wat ze aan deze risico’s doen. Bij de start van het convenant zetten circa 55 bedrijven en organisaties hun handtekening. Daaronder waren grote bedrijven als De Bijenkorf, Hema, O’Neill, Prénatal en C&A.Lees ook: Dierenwelzijn vaak ondergeschoven kindje in kleding- en textielsector‘Dit is een belangrijke vooruitgang op weg naar meer transparantie in de wereldwijde textielketen en een grote stap voor een aantal van de deelnemende merken”, zegt Pierre Hupperts, voorzitter van het convenant. “Het eerste jaar zal het rapporteren over risico’s nog niet overal perfect zijn, we zitten samen in een leerproces om bedrijven hierin verder te helpen. We nodigen maatschappelijke organisaties uit om hun bevindingen met ons en de merken te delen.”Productielocaties zichtbaarOp de nieuwe lijst is de stand van zaken bij bijna 6.000 productielocaties te vinden. Vorig jaar werden nog 4.268 locaties vermeld. Volgens de SER komt de stijging van het aantal locaties doordat bedrijven hun bevoorradingsketen verder in kaart gebracht hebben. De locaties van de fabrieken waar kleding geproduceerd wordt, zijn dit jaar via een website inzichtelijk gemaakt.Toename duurzame materialenBedrijven die ook in 2018 hun prestaties rapporteerden, zijn meer duurzame materialen gaan gebruiken. Vorig jaar lag dat percentage op 29 procent, nu is dat gestegen naar 37 procent. Onder andere via het Better Cotton programma zetten bedrijven in op verduurzaming. Het gebruik van duurzaam katoen steeg van 44 procent naar 57 procent. Gerecycled katoen wordt volgens de SER nog beperkt gebruikt in de kleding- en textielbranche. Dat komt vooral door de kwaliteit van de gerecyclede vezels; die is voor sommige bedrijven nog onvoldoende.Meer marktaandeel nodigVolgens de SER doet nu ongeveer 50 procent van alle bedrijven op de Nederlandse markt mee met het convenant. Eind volgend jaar moet 80 procent van de markt zich aangesloten hebben. Om ook grote internationale bedrijven aan boord te krijgen, moet internationale samenwerking gezocht worden.Lees ook: Circulaire lessen uit de brillenindustrieBron: Sociaal Economische Raad | Afbeelding: Adobe Stock