Marc Seijlhouwer 16 september 2021, 10:50

Er zijn nog maar weinig elektrische bestelbusjes, maar dit bedrijf wil dat helemaal veranderen

Het Britse bedrijf Arrival toonde voor het eerst hun elektrische busje aan pers en publiek in Amsterdam. Het is het begin van een wereldtournee, waarna eind volgend jaar de eerste bussen rond moeten rijden.

Arrival van banbury yard 3 FINAL Het elektrische bestelbusje moet de wereld van logistiek veranderen | Credits: Arrival

Loop of fiets op een willekeurige dag door de stad en het valt op: een groot deel van de rondrijdende wagens zijn bestelbusjes. Die zorgen niet alleen voor verstopping van de binnenstad, ze veroorzaken ook vervuiling. Het zijn veelal dieselvoertuigen, die constant draaien en zo CO2, Nox en fijnstof de lucht in spuien.

Voor de oprichter van Arrival is dat beeld de reden om zo snel mogelijk de vloten van diensten zoals DHL of de Amerikaanse UPS elektrisch te maken. Om dat te doen, heeft het bedrijf een nieuwe manier bedacht om een auto te produceren. En dan niet aan de bekende lopende band, die sinds Henry Ford de standaard is. In plaats daarvan wil het bedrijf ‘microfabrieken’ bouwen, waar robots het werk gaan doen.

Kleine fabrieken, nieuw materiaal

Die fabrieken moeten lokaal gebouwd worden in de buurt van steden, en auto’s produceren voor dezelfde regio. Dan hoeven er niet duizenden auto’s over de hele wereld te worden verzonden. En de investering is lager. Dat, in combinatie met nieuwe, goedkopere en lichtere materialen, moet de elektrische busjes even duur maken als de dieselvarianten.

Het bestelbusje, gepresenteerd in Amsterdam-West, ziet er van buiten precies uit als het saaiste busje dat je je kunt voorstellen. Maar als je op de zijkant klopt, hoor je dat er iets anders is. Geen staal en aluminium, maar een composiet materiaal dat brandbestendig en veerkrachtig is. Daardoor zal een aanrijding minder schade veroorzaken, volgens het bedrijf.

Of dat zo is, moet blijken. De ‘betaversie’ die in Amsterdam stond, is goedgekeurd om de weg op te gaan. Maar het uiteindelijke model moet nog door de keuring, en voldoen aan de hoge eisen. Wat het bedrijf wel helpt: de eisen zijn niet overal zo streng als in Europa. “En overal ter wereld heb je andere eisen aan een voertuig. In India of Japan moeten de voertuigen kleiner zijn, bijvoorbeeld. Dankzij de microfabrieken kan je het ontwerp aanpassen aan de eisen van de regio.” vertelt Davide Ghione, Vice-president van sales voor Europa.

Betaalbare elektrische busjes

Ghione denkt dat de bestelbusjes rijp zijn voor een bedrijf dat het helemaal anders doet. “Er zijn nu nog maar weinig elektrische bestelbusjes, en dat komt vooral door de hogere prijs. Wij kunnen betaalbare busjes leveren en zo een sector verduurzamen die het hard nodig heeft.”

Arrival omringt zich met mooie woorden, zoals elke startup dat doet. ‘Lokaal’, ‘duurzaam’, ‘impact’, ‘disruptie’. En sommige van deze punten zijn overdreven. Zo roemt een Amerikaanse medewerker in een video het lokale karakter, omdat hiermee banen worden gecreëerd. Maar in de microfabrieken zullen voornamelijk robots leveren. “Wij hopen op indirecte werkgelegenheid, omdat er toeleveranciers nodig zijn voor de fabrieken. Die kunnen in de buurt van onze vestigingen komen, en zo banen opleveren”, verklaart Ghione.

De Tesla van de bestelwagens?

Maar voor de duurzaamheid kan het bedrijf wel degelijk iets betekenen. Natuurlijk zijn er wel elektrische busjes (bezorgdienst Picnic gebruikt ze bijvoorbeeld), maar voor de vele ZZP’ers die een bestelbus nodig hebben voor hun werk is zo’n voertuig te duur. Als Arrival het waarmaakt om de prijs van dieselwagens te evenaren, dan kan het bedrijf zomaar de Tesla van de bestelwagens worden: een bedrijf dat alles anders doet en daarmee de achterlopende autobouwers voorbijstreeft.

Eerste 'laadlantaarn' van Nederland ziet het licht in Renkum

Een laadlantaarn is een slimme lantaarnpaal die niet alleen licht geeft, maar ook als laadpaal voor elektrische auto's kan fungeren. Daarnaast kan de lichtmast in de toekomst worden uitgerust met andere 'Smart City' toepassingen zoals sensoren voor het meten van luchtkwaliteit of het reguleren van verkeersstromen, mobiel internet en camerabeveiliging voor de openbare orde en veiligheid. Het project is mogelijk gemaakt door de samenwerking tussen laadpalenleverancier Dutch Charge, lichtmastenproducent Nedal, systeemintegrator CityTec en investeerder Primevest. Het voordeel van de multifunctionele straatverlichting is dat het ruimte scheelt in de straten. Door een lantaarnpaal multifunctioneel te maken is het plaatsen van laadpalen niet meer nodig. Dat is een groot voordeel voor gemeentes. Want sinds de vraag naar elektrische auto’s hard stijgt, groeit ook de behoefte aan oplaadpunten in de wijken. 600 palen per dag “In Nederland is er sprake van een exponentiële groei in laadbehoefte”, zegt Marc Speijer, directeur van CityTec. Zijn bedrijf, ontwerpt, bouwt, beheert en financiert installaties in de openbare ruimte zoals lichtmasten, verkeersinstallaties, parkeersystemen en laadpalen. “In 2030 moeten ruim 1,7 miljoen laadpunten gerealiseerd zijn. Dat betekent zo’n 600 laadpalen per dag terwijl er nu maar 45 laadpunten per dag bijkomen.” Al die laadpalen moeten in de straten worden geplaatst. “Door een lantaarnpaal die al naadloos opgaat in het bestaande straatbeeld multifunctioneel te maken, bieden wij een oplossing tegen de ‘verrommeling’ van de openbare ruimte”, zegt Speijer. Daarnaast betekent het een volgende stap in de verduurzaming van de openbare ruimte, waar de gemeente Renkum in voorop wil lopen. Smart City Renkum Het dorp aan de Rijn timmert hard aan de weg om ‘Smart City ready’ worden. Daarom heeft de gemeente de afgelopen jaren circa drieduizend lichtmasten en zesduizend armaturen vervangen en voorzien van duurzame ledverlichting. De lichtmasten kunnen op afstand gedimd en uitgelezen worden. In combinatie met de LED-armaturen levert dit een verwachte energiebesparing op van 60 procent. En nu kunnen de lichtmasten dus ook als oplaadpunt voor elektrische auto’s dienst doen. Dankzij deze innovaties voldoet Renkum al in 2022 aan de klimaatdoelstellingen, en niet pas in 2030. De wethouder Klimaat en Duurzaamheid Joa Maouche van Renkum is trots op de primeur van zijn dorp. “We zijn blij dat wij als gemeente hebben kunnen bijdragen aan deze ontwikkeling die meer plekken kan helpen met het behalen van hun duurzaamheidsdoelstellingen en de verrommeling van de openbare ruimte tegen gaat”.Gelijkstroom Voor CityTec zijn de laadlantaarns in Renkum een voorbeeldproject van hoe de energietransitie in de openbare ruimte vorm krijgt. Hoewel de innovatieve straatverlichting nog op wisselstroom functioneert, is volgens Speijer de inzet van netwerken op gelijkspanning essentieel voor de energietransitie. “Stroom uit zonne-energie wordt opgewekt in gelijkstroom, ledverlichting gebruikt gelijkstroom, elektrische auto’s laden op gelijkstroom”, somt Speijer op. “Ook om energie op te slaan heb je gelijkspanning nodig.” Bovendien is voor gelijkstroom een minder zwaar elektriciteitsnet nodig, wat 60 procent besparing kan op leveren alleen al aan de kosten van koper. Ook kan het bestaande net met behulp van gelijkstroom drie keer zoveel elektriciteit vervoeren.