Teun Schröder
11 april 2024, 10:35

Europees Parlement besluit: CO2-uitstoot vrachtwagens moet drastisch omlaag

Het Europees Parlement heeft ingestemd met een wet die de CO2-emissies van vrachtwagens flink moet beperken. Vanaf 2040 moet de uitstoot door de uitlaatgassen van trucks gereduceerd worden met 90 procent. Voor vrachtwagenbouwers betekent dit dat ze de verkoop van emissievrije modellen flink moeten opschalen.

Getty Images 1353883760 Vrachtwagens en stadsbussen dragen voor 6 procent bij aan de totale CO2-uitstoot van Europa. | Credits: Getty Images

De wet stelt niet alleen doelen voor 2040, maar ook voor de komende jaren. Zo moeten vrachtwagens in 2030 45 procent minder CO2 uitstoten en in 2035 65 procent. Voor stadsbussen gelden nog strengere eisen. Daarvoor geldt een reductiedoelstelling van 90 procent in 2030. In 2035 moeten stadsbussen volledig uitstootvrij zijn.

De wet heeft als gevolg dat vrachtwagenbouwers zich meer moeten focussen op de ontwikkeling en verkoop van emissievrije modellen, zoals elektrische trucks of vrachtwagens die rijden op waterstof of synthetische brandstoffen.

Enorme klimaatimpact

Kartrekker van de wet is Europarlementariër Bas Eickhout. Volgens hem is de klimaatimpact van deze wet enorm. Vrachtwagens en stadsbussen dragen namelijk voor 6 procent bij aan de totale CO2-uitstoot van Europa.

De acceptatie van de wet ging niet zonder slag of stoot, schrijft Eickhout op zijn LinkedIn. De rechtervleugel in het Parlement heeft tot het laatste moment geprobeerd de wet te blokkeren. Ook Duitsland lag lang dwars. Het land had liever gezien dat ook na 2040 nog meer fossiele vrachtwagens verkocht konden worden.

Duidelijkheid voor fabrikanten

Eickhout schrijft: “Deze poging is niet alleen de zoveelste in de anti-milieu- en klimaatcampagne die deze partijen voeren, maar ook een achterhaalde en kortzichtige blik op industriepolitiek, die er vanuit gaat dat iedere regel er een te veel is. De industrie zelf vraagt juist om deze wet; de fabrikanten van vrachtwagens en autobussen willen duidelijkheid, en krijgen met deze wet ook de zekerheid om in duurzame technologie te investeren.”

Natuurherstelwet

De wet heeft nog wel de definitieve goedkeuring nodig van de EU-landen – een stap die meestal een formaliteit is en waarbij een wet zonder wijzigingen wordt goedgekeurd. Dat deze stap niet per definitie vanzelfsprekend is, zagen we echter recent nog bij de Natuurherstelwet. De stemming voor deze wet werd een aantal weken geleden uitgesteld omdat nog niet genoeg landen de wet steunden.

Lees ook:

Waar is het verstandig om te bouwen? Spoiler: niet in de Krimpenerwaard

Tot 2030 moeten ten minste 900.000 nieuwe woningen een plek krijgen. Ook worden er nieuwe kantoren en bedrijventerreinen ontwikkeld. Waar en hoe dat op een klimaatbestendige manier kan, laten de zogenoemde ruimtelijke kaders zien. Deze kaders houden rekening met waterveiligheid, wateroverlast, bodemdaling en de beschikbaarheid van drinkwater. Inzicht De kaarten zijn gemaakt door de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat en Binnenlandse Zaken. Ze zijn gebaseerd op wetenschappelijke data en klimaatscenario’s tot het jaar 2100. De kaarten moeten gemeenten, waterschappen en provincies inzicht geven waar bouwen niet mogelijk is, waar beperkingen gelden en waar de risico’s klein zijn. Zo kleuren de gebieden ten noorden van Amsterdam rood. Deze worden gezien als risicovol, net als de Krimpenerwaard in Zuid-Holland. Het noordoosten van Nederland kleurt veelal groen en wordt dus aangeduid als een veilige plek om te bouwen.Waar is bouwen wegens klimaatverandering wel of geen goed idee?Nieuwbouw Daarbij gaat het om nieuwbouw. Het idee is dat de kaart wordt toegepast bij alle projecten die op 1 januari 2025 nog geen bestemmingsplan hebben. De ministeries onderzoeken nog hoe ze de richtlijnen juridisch kunnen vastleggen. Voldoende plekken Volgens de kaart zijn er in Nederland nog voldoende plekken om te bouwen, ook als rekening wordt gehouden met waterveiligheid, wateroverlast, bodemdaling en drinkwaterbeschikbaarheid. Al is het goed om de risico’s inzichtelijk te hebben, aldus demissionair minister Infrastructuur en Waterstaat Mark Harbers. “Steeds vaker zien we dat ons water en onze bodem tegen grenzen aan lopen. Denk aan de drinkwaterbedrijven die de noodklok luiden, omdat genoeg drinkwater in 2030 niet vanzelfsprekend is. En denk aan bodemdaling, wat leidt tot schade aan wegen of woningen en tot extra beheerkosten bij gemeenten. Klimaatverandering verergert deze problemen. Daarom heeft het kabinet besloten om bij de inrichting van ons land meer rekening te houden met water en bodem. Het nieuwe kaartmateriaal helpt daarbij. Hierdoor kunnen overheden de risico’s van elk gebied in Nederland zien, en meenemen bij de locatiekeuze en uitwerking van hun bouwplannen.” Unie van Waterschappen De koepelorganisatie van de waterschappen wees eerder al op het belang van toekomstbestendig bouwen. De waterschappen zien op verschillende plekken al problemen omdat er onvoldoende rekening is gehouden met het water- en bodemsysteem, ook bij woonwijken uit de jaren 90. Zaken zoals losbrekende riolering, wateroverlast en aantasting door schimmel hebben een hoop nadelige gevolgen voor woningeigenaren zoals gezondheidsproblemen en waardevermindering van hun huis. Dit is geen abstract doemscenario, waarschuwt de koepelorganisatie. Lees ook: Balanceren tussen wateroverlast en watertekort: de bodem als bufferWater besparen én doneren aan goed doel als businesscase: Made Blue laat zien hoe dat kanDoorbraak in waterzuivering dankzij chemisch hoogstandje uit Meppel