De groei
past in een trend, zegt Anja Beverwijk van Greenwheels. “Vorig jaar groeide het
aantal bestuurders ook met ruim 50 procent. Wat we zien, is dat mensen anders naar autobezit zijn
gaan kijken. Dat is grotendeels te verklaren door de coronapandemie. Er wordt
veel hybride gewerkt. Deels thuis, deels op kantoor. Het woon-werkverkeer
verandert daardoor aanzienlijk, wat maakt dat er minder noodzaak is om een
eigen auto te hebben. Dat leidt ertoe dat mensen hun eerste of tweede auto wegdoen
of besluiten om er geen aan te schaffen. Ze kiezen voor alternatieven.”
In de zakelijke markt is ook
een omslag gaande. “Waar een leaseauto eerder de standaard was, kiezen
bedrijven nu vaker voor een mobiliteitsbudget dat werknemers flexibel kunnen
inzetten. En dan zie je dat er na corona andere keuzes worden gemaakt.”
Van bezit naar gebruik
Ondanks de flinke groei voor
Greenwheels is een privéauto nog altijd de norm, benadrukt Beverwijk. “Een
privéauto is voor veel Nederlanders nog leidend. Gaandeweg komen we erachter
dat een auto niet alleen lusten, maar ook lasten heeft. In reclames worden
beelden getoond van auto’s die door een leeg landschap scheuren. Dat plaatje is
niet te rijmen met de realiteit. In de praktijk is het niet zo ideaal. Het is
vaak zoeken naar een parkeerplek, het is druk op de wegen en vanuit
milieuoogpunt zijn al die auto’s ook geen goed idee.”
Autodelen is niet alleen voor grote steden
Dus hoe krijg je mensen hun privéauto uit en de deelauto in? “Door echt een slim alternatief te bieden. Dat betekent dat er genoeg auto’s moeten staan verspreid over heel Nederland. Autodelen wordt vaak geassocieerd met de Randstad en grootstedelijke gebieden. Dat is onterecht. In de regio’s zijn we ook actief. De top 3 van plaatsen waar onze auto’s het meest populair zijn, bestaat uit Heerlen, Spijkenisse en Ede. Deze auto’s zijn meer dan 60 procent van de tijd bezet per 24 uur. Dat is praktisch de hele dag. Ter vergelijking: een privéauto wordt maar 5 procent van de tijd gebruikt.”
Ook de overheid stimuleert autodelen met diverse campagnes. En er komt steeds meer interesse vanuit kleinere gemeentes. “Er zijn genoeg toegangswegen naar de snelweg die tijdens de spits dichtslibben. Om die reden wordt er actiever ingezet op betere fiets- en ov-verbindingen. Deelauto’s worden ook steeds vaker meegenomen in de mix. Wanneer er nieuwe wijken worden gebouwd, vormen deelauto’s een onderdeel van de plannen.”
Fossielvrij rijden in 2025
Greenwheels breidde afgelopen
jaar ook zijn vloot uit van 2.510 auto’s naar 2.760.
De nieuwe auto’s rijden deels op elektriciteit en deels op benzine. Beverwijk:
“We zien een groeiende interesse in elektrisch rijden. Nog niet elke gemeente
is er echter klaar voor. Op plekken waar de laadinfrastructuur nog niet op orde
is, plaatsen we benzineauto’s. Deze rijden heel zuinig, dus daar kunnen we dan
ook verschil maken. Toch hebben we een duidelijke missie: fossielvrij rijden in
2025. Dat is al bijna. Binnen afzienbare tijd moeten alle benzineauto’s worden
verruild voor elektrische voertuigen.”
Positieve gevolgen van
autodelen
“Hoe meer autodelers, hoe
beter”, zegt Beverwijk. Volgens haar zijn de positieve gevolgen die autodelen
met zich meebrengt groot. “Auto’s worden op die manier écht gebruikt en staan
niet langer stil. Dat scheelt ruimte op straat, denk aan alle parkeerplekken.
Maar ook op de weg zal het de druk verlichten. Eerder onderzoek wees uit dat
één Greenwheels-deelauto zo’n veertien privéauto’s van de straat haalt. Dat
leidt tot minder files, uitstoot en luchtvervuiling. Ga je daarop door, dan
hoeven er ook minder auto’s geproduceerd te worden. Dat bespaart schaarse
grondstoffen en CO2-uitstoot. En ook: het scheelt in het gros van de gevallen
geld. Een eigen auto is vaak duurder dan zo nu en dan een auto huren.”
Verandering
Verandering is lastig, weet Beverwijk. “Tegelijkertijd is het onvermijdelijk. We kunnen zo niet doorgaan. We hebben de schaarse ruimte hard nodig om nieuwe wijken te bouwen en om bestaande wijken leefbaar te houden. Vanuit milieuoogpunt is de huidige situatie niet langer houdbaar. De omwenteling moet er dus komen. Gelukkig gebeurt dat steeds meer. We zien dat de jongere generatie de deelauto omarmt. Onze grootste groep nieuwe klanten bestaat uit mensen onder de 30 jaar. Dat is een groep die geen privéauto meer aanschaft en dus niet gewend is aan een eigen auto. We hopen dat deze groep de komende jaren nog veel verder groeit. Daar gaan we ons best voor doen met goede, nette en steeds duurzamere auto’s. Natuurlijk moeten er ook genoeg voertuigen zijn, zodat mensen er altijd één kunnen reserveren wanneer ze het nodig hebben.”




