Romy de Weert 25 november 2022, 10:43

Groningen krijgt eerste groene waterstoftreinen van Nederland

Groningen krijgt de eerste groene waterstoftreinen van Nederland. Na een succesvolle proef besloten de provincie en treinvervoerder Arriva om vier treinen aan te schaffen die rijden op waterstof. Vanaf 2027 moeten reizigers de waterstoftreinen kunnen gebruiken.

Waterstoftrein groningen

Op dit moment rijden er vooral vervuilende dieseltreinen in de noordelijke provincie. Rijden op duurzame stroom is in deze buitengebieden vaak niet mogelijk, omdat de bovenleidingen ontbreken.

CO2-vrije treinen op waterstof

Om toch de CO2-uitstoot van het treinvervoer naar beneden te brengen, wil de provincie Groningen waterstoftreinen inzetten. Wanneer de waterstof gemaakt is uit groene energiebronnen, zoals wind en zon, dan stoot de trein geen CO2 uit.

In 2020 voerde Arriva testritten uit. Daaruit bleek dat het aantal kilometers waarmee je op waterstof kunt rijden nauwelijks verschilt van diesel. Het tanken van waterstof lijkt iets sneller te zijn en bovendien is een waterstoftrein stiller dan een dieseltrein.

Lees ook: Een kijkje in de groene waterstoftrein van Groningen

51 waterstoftreinen

De aanbesteding van vier waterstoftreinen is het begin van het verwezenlijken van de ambitie om 51 waterstoftreinen te laten rijden in Groningen. De eerste vier treinen worden ingezet op de bestaande trajecten naar Delfzijl en Veendam.

Wie de vier waterstoftreinen gaat maken, is nog niet bekend. De treinen worden internationaal aanbesteed. Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat stelde vorige week 15 miljoen euro beschikbaar. De rest van de financiering komt uit Brussel en het Nationaal Programma Groningen (NPG).

Groene in plaats van grijze waterstof

Treinen die rijden op waterstof zijn niet nieuw. In Duitsland rijden waterstoftreinen al een tijdje rond, maar die gebruiken voor de winning van waterstof aardgas. Geen groene, maar grijze waterstof dus. Een trein die rijdt op groene waterstof in plaats van diesel bespaart volgens ingenieursbureau Arcadis miljoenen kilo’s CO2 per jaar.

Lees ook: Waterstoftrein van Siemens moet Duitse spoor vergroenen

Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.

Koop-verkoop is ouderwets en schaadt het klimaat: hoe ziet het verdienmodel van de toekomst eruit?

“De laatste jaren experimenteren steeds meer grote bedrijven met nieuwe verdienmodellen”, ziet Nancy Bocken, professor sustainable business aan de Universiteit van Maastricht. “Grote namen als Ikea en H&M richten zich op inkomstenstromen uit huur en tweedehands. Weer andere bedrijven bieden producten aan met levenslange garantie of kiezen voor een concept waarbij ze verantwoordelijk blijven voor het onderhoud.” Het zijn modellen die in ieder geval gedeeltelijk tegen het zakelijk instinct ingaan. De basisregel is immers dat je zoveel mogelijk van iets wilt verkopen. Reparatie of levenslange garantie staat dat principe in de weg. Toch merkt Bocken dat de markt verschuift naar meer service-gerichte verkoopmodellen. “Tien jaar geleden introduceerde Philips al light-as-a-service. Dat begon zeker ook vanuit een commerciële gedachte. Een ledlamp die tientallen jaren meegaat is natuurlijk een slecht verdienmodel. Maar door bij de verkoop onderhoud aan te bieden, werd het levensvatbaar.” Minder afval In de ideale situatie stimuleert een servicemodel ook een zuinigere omgang met grondstoffen. Blijf je onderhouden, dan heb je minder grondstoffen nodig om nieuwe producten te maken. Bovendien gooi je als het goed is ook minder weg. “Maar met een duurzame ambitie alleen red je het niet”, vindt Bocken. “Het moet samenkomen met een model dat ook rendabel is.” Lees ook: Ode aan de Hollandse wol: "We ontdekken nog steeds nieuwe toepassingen” Keuken-as-a-service Voor Cees van Nispen begon het ontstaan van een nieuw businessidee in ieder geval wel bij een duurzame gedachte. Decennialang verkocht de inmiddels 75-jarige Van Nispen keukens aan samenwonende stellen. Tegelijkertijd zag hij hoeveel afval de sector genereerde. Van Nispen: “Daarom besloot ik me te richten op een nieuwe missie: hoe kun je een keuken nu zo ontwerpen dat ie nooit meer afval wordt?” Al snel kwam Van Nispen erachter dat hij “jonge honden” nodig had om zijn idee verder uit te werken. Tijdens een presentatie bij ABN Amro kwam hij in contact met Simon Rombouts, die op dat moment bij de bank afstudeert op het thema service-modellen. “Tijdens mijn presentatie stelde Simon de kritische vragen”, zegt Van Nispen. “Die moest ik dus hebben. Een jaar later heb ik samen met Simon en de zoon van een leverancier van natuurstenen keukenbladen Chainable opgericht: keukens-as-a-service.”V.l.n.r. Cees van Nispen, Jordy van Osch en Simon Rombouts: oprichters ChainableKeukens op de afvalhoop “Bij een verhuizing naar een nieuw huis moeten de keuken en de badkamer het vaak als eerste ontgelden. Jaarlijks worden er in Nederland een half miljoen keukens vervangen. Daarvan komen 200.000 keukens van de zakelijke markt”, zegt Rombouts. “Het merendeel hiervan wordt verbrand. We zagen in deze markt dus voldoende potentie om verbetering aan te brengen. Daarom ontwikkelde we een model waarbij wij ‘eigenaar’ blijven van alle keukens die we verkopen en verhuren.” Financiële prikkel In de praktijk betekent dit dat Chainable keukens verkoopt en verhuurt met een terugkoopverklaring. Is een keuken aan vervanging toe, dan neemt Chainable de keuken in en knapt het bedrijf de materialen op. Daarna kan Chainable deze opnieuw inzetten in nieuwe keukens. Daarnaast verhuurt Chainable ook keukenapparatuur en verzorgen ze het onderhoud. Rombouts: “Het interessante is dat wij financieel geprikkeld worden om onze keukens zo te ontwerpen dat ze lang meegaan en makkelijk zijn in het onderhoud. Als wij hierin verzaken, worden onze kosten hoger.” Chainable koos daarom voor een modulair systeem. Het interne frame blijft hetzelfde, maar de panelen aan de buitenkant zijn eenvoudig vervangbaar. Wel zo handig met de almaar wisselende keukentrends. Lees ook: ’s Werelds eerste duurzame gin komt van Utrechtse bodem en is gemaakt van 2.500 kilo restfruit Abonnement voor alles Volgens Bocken is met name de eerste fase ingewikkeld voor ondernemers die experimenteren met een as-a-service model. “Om van start te gaan, moet je namelijk behoorlijk kapitaalkrachtig zijn”, zegt ze. Zelf ervoer Bocken dit ook toen ze Homie oprichtte, een abonnementsconcept op huishoudelijke apparaten als drogers en wasmachines. Met een abonnement op Homie is het zelfs mogelijk om per was- of droogbeurt te betalen. Voor Homie en Chainable kan het ook ingewikkeld zijn dat de bedrijven niet zelf de fabrikant zijn van de apparaten die het verhuurt. Bocken: “Je bent afnemer van de apparaten, maar staat vervolgens wel garant voor de service en garantie. Daarom is het belangrijk om goede onderhoudsmensen in dienst te hebben en uiteindelijk je eigen apparatuur aan te bieden, wat we nu ook doen.” Kennis bij consumenten Daarbij vragen service-gerichte verdienmodellen ook van consumenten een andere omgang met spullen. Bocken: “Mensen denken vaak dat recycling voldoende is. Maar hergebruik is veel beter. Het is belangrijk dat consumenten hiervan op de hoogte zijn. Met de juiste kennis kunnen mensen bewust de duurzame keuze maken. Consumenten moeten weten dat ze met hun aankoopgedrag daadwerkelijk iets kunnen bijdragen.” Volgens Bocken ligt daar ook een taak voor de overheid. “Nu is consumptie vooral goed voor de economie, maar niet per se voor de circulaire economie.” Lees ook: Suikerbieten, aardappelen en cichorei: de veelzijdige krachtpatsers in de biobased economie Materialen in beeld houden Chainable richt zich vooralsnog voornamelijk op de zakelijke markt middels onder andere woningcorporaties, maar wil volgend jaar ook de particulierenmarkt bedienen. De grootste uitdaging is volgens Van Nispen en Rombouts om alle keukens ‘in beeld te houden’. Wat hierbij helpt is een materialenpaspoort; een registratie van alle materialen die gebruikt worden in een Chainable keuken. En wil je je materialen terughalen, dan moet je weten waar ze zich bevinden. Rombouts: “Daarom zijn we nu bezig om samen met het kadaster te kijken of we bij hun kunnen documenteren waar een circulaire keuken staat. Dit is vooral een juridisch vraagstuk. Maar je wilt natuurlijk vastleggen dat een verkochte Chainable-keuken ook na een verhuizing weer bij ons terugkomt – tenzij je de keuken mee wilt verhuizen natuurlijk. Dat behoort júist tot de mogelijkheden.” Circulariteit niet heilig Met het stijgende aantal opdrachten lijkt het verdienmodel van Chainable in ieder geval zijn vruchten af te werpen. Maar zowel Bocken als Rombouts benadrukken dat service-modellen en circulariteit niet zaligmakend zijn. Rombouts: “Er blijven altijd producten waarvoor het as-a-service model niet werkt, denk aan spullen die goedkoop zijn, weinig onderhoud nodig hebben of beperkt technologisch geavanceerd zijn." Bocken: “Daarbij moet de duurzaamheidswinst van ‘circulair’ altijd kritisch bekeken worden. Het gaat niet alleen om hergebruik of recycling, maar ook hoe duurzaam iets gemaakt of gebruikt wordt.” Lees ook: CEO Maurice Koopman (NN Schade & Inkomen): ‘Duurzaam schadeherstel is voor 2025 de norm’Schrijf je in voor onze nieuwsbrief: iedere dag rond 07.00 uur het laatste nieuws Wil jij iedere ochtend rond 7 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze dagelijkse nieuwsbrief.