Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 12 december 2013, 12:35

ProRail zet bewegingssensoren in bij verlichting treinstations

Slimme straatverlichting die vanzelf dimt als er geen mensen in de buurt zijn. ProRail gaat de uitvinding van de Delftse startup Tvilight uitproberen op een aantal stations.

Koen Brouwer via Flickr e1386847791655

/p>

Normal

0

21

false

false

false

NL

X-NONE

X-NONE

<![endif]-->

Slimme straatverlichting die vanzelf dimt als er geen mensen in de buurt zijn. ProRail gaat de uitvinding van de Delftse startup Tvilight uitproberen op een aantal stations.

 

 

ProRail gaat bij wijze van proef lampen op rustige delen van perrons dimmen tot 40 procent. Als er iemand komt aanlopen, gaan de lampen in de buurt van de sensor op volle sterkte branden om daarna weer langzaam te dimmen. Tvilight: “Zeker in de avonduren wordt een deel van de – soms meer dan 400 meter lange – perrons niet gebruikt.” Het licht hoeft er dan ook niet altijd volop aan te staan volgens ProRail. Bij elke lamp komt een sensor die beweging registreert tot op 20 meter. Dat moet een energiebesparing van 50 procent opleveren.

 

 

Proef

 

 

Gisteren startte een proef op het station Beilen (Drenthe). De komende weken wordt de proef uitgebreid naar de stations Hoogeveen en Meppel. De drie stations gaan een jaar lang meten wat de sensoren opleveren.  “Er kan 17.600 kg CO2 per jaar worden bespaard”, beweert de spin-off van de Technische Universiteit Delft. “Dat is gelijk aan wat twee huishoudens  gemiddeld per jaar verbruiken.”

 

 

Voordelen

 

 

Het concept is nog niet standaard bij straatverlichting. In Europa staan volgens het bedrijf 91 miljoen straatlantaarns. Die zijn gezamenlijk goed zijn voor een energierekening van € 10 mrd en  meer dan 40 miljoen ton CO2-uitstoot. Dat is gelijk aan de uitstoot van 20 miljoen auto’s.

 

 

Behalve voor de energierekening levert de methode ook minder lichtvervuiling op. Omwonenden van stations zouden in het verleden al aan ProRail hebben verzocht de lichten te dimmen of zelfs uit te doen.

 

 

Leveren de dimmers na een jaar voldoende besparingen op dan zullen alle stations in Nederland worden voorzien van de verlichting.

 

 

Bronnen: Nuzakelijk.nl & Trouw Groen

 

 

Foto: Koen Brouwer via Flickr

 

Rotte vis wordt groen gas voor tapijtenmaker

De Nederlandse fabriek van internationale tapijtenmaker Interface gaat groen gas gebruiken dat geproduceerd wordt uit visafval. Vanaf 1 januari 2014 gaat ’s werelds grootste fabrikant van tapijttegels over op volledig duurzaam gas in de tapijtfabriek in Scherpenzeel (Gelderland). Het gas wordt aangeleverd door energieleverancier Eneco, die het gas produceert uit het groenafval van de zeevishandelaar A. Van de Groep. De hoeveelheid aangeleverd gas staat gelijk aan 1,3 mln kubieke meter per jaar, dat gelijk staat aan de gasbehoefte van 750 huishoudens. De vissige geur van het groene gas wordt verwijderd zodat de oorsprong van het gas niet herleid kan worden. Van der Groep heeft hiervoor een zogenaamde two-phase deodoriser geïnstalleerd dat bestaat uit een actief-koolstoffilter en een chemisch wasproces. Een inspectie van een derde partij heeft bevestigd dat de vishandelaar een geurreductie van 99 procent heeft kunnen bewerkstelligen. Mission Zero Interface is actief bezig met het verduurzamen van hun eigen processen. Ze gebruiken hernieuwbare energie in hun Europese fabrieken. Het project in Scherpenzeel is onderdeel van het langetermijnplan ‘Mission Zero’, waarin Interface het doel stelt dat het bedrijf in 2020 geen negatieve impact op het milieu meer heeft. Een video over de duurzame tapijttegel van Interface kun je hier vinden. Volgende logische stap Volgens Ton van Keken, Senior Vice President of Operations bij de Europese tak van Interface, is “de transitie naar duurzaam gas de volgende logische stap op onze route om een duurzaam bedrijf te worden dat in 2020 geen impact meer heeft op het milieu.” “Door een combinatie van groene energie en biogas te gebruiken, worden zowel ons Europese hoofdkantoor en fabriek in Scherpenzeel bijna CO2-neutraal. Het afval van de voedsel- en visindustrie wordt gebruikt op een manier waarvan het bedrijfsleven kan profiteren.” “De doelen van Mission Zero van Interface sluiten nauw aan bij de missie van Eneco, namelijk heel Nederland voorzien van duurzaam geproduceerde energie,” zegt Barth de Klerk, directeur bij Eneco. “Onze visie is dat een decentrale en duurzame energievoorziening bereikt kan worden door samenwerking. Alle onderdelen van Eneco zijn gericht op deze missie.” Bron: The Ecologist | Foto: Ewan Woowar via Flickr