Britt van den Elshout 24 mei 2018, 09:00

Raceteam TU Delft onthult Ecorunner 8: een slimme waterstofauto

Het Eco-Runner Team Delft presenteert vandaag hun nieuwste en extreem zuinige waterstofauto op de campus van de TU Delft: de Ecorunner 8. De focus is dit jaar gelegd op het slim maken van de auto om de voertuigefficiëntie te optimaliseren.

Schermafbeelding 2018 05 23 om 15 29 25

Het voertuig zelf kan namelijk wel zeer efficiënt zijn, maar voor een optimaal effect moet de bestuurder de auto ook efficiënt gebruiken. Het slimmer maken van de auto zelf kan hierbij helpen. Zo kan de auto zelf instructies geven aan de bestuurder om zo efficiënt mogelijk te rijden. 

De Delftse studenten hebben een zelflerend Neuraal Netwerk ontwikkeld om dit voor elkaar te krijgen. Het neurale netwerk werkt eigenlijk hetzelfde als ons menselijk brein. Het netwerk kan uit zichzelf verbanden leren zien en toepassen in een nieuwe situatie. Een getraind netwerk kan zelfs binnen 0.2 seconde de juiste rijinstructies geven met een nauwkeurigheid van 99 procent. Het doel van het team is uiteindelijk om een auto te bouwen die op een equivalent van 1 liter benzine 5.000 kilometer kan rijden.

Shell Eco-marathon

Het Eco-Runner Team is het raceteam van de TU Delft dat extreem zuinige voertuigen ontwerpt en op deze manier wil laten zien dat de grenzen van voertuigefficiëntie nog lang niet bereikt zijn. Het team neemt elk jaar deel aan de Shell Eco-marathon, een race waarbij studenten proberen de meest efficiënte auto te bouwen.

“Door alleen nog maar gebruik te maken van duurzame brandstoffen en deze ook nog eens op een slimme manier te gebruiken, kunnen er nog grote stappen gezet worden in het reduceren van de CO2 uitstoot van de mobiliteitssector”, aldus Joël Croese teammanager van het Eco-Runner Team Delft. De Shell Eco-marathon zal dit jaar plaatsvinden in Londen van 5 tot en met 8 juli.

Bekijk onderstaande video voor het design van de Ecorunner 8:

Lees verder:

Bron & Foto: Eco-Runner Team Delft 

Engie levert duurzame warmte aan nieuwbouwlocatie Leidsche Rijn Centrum

De collectieve energieopwekkings- en distributie installatie, ook wel EODI genoemd, bestaat onder andere uit twee energiecentrales met zes warmte en koude bronnen, in combinatie met warmtepompen, afleverstations voor de kantoren en afleversets voor de winkels en woningen. In totaal kunnen hiermee 750 woningen, 38.000 vierkante meter aan winkelruimte en 10.000 vierkante meter aan kantoorruimte op duurzame wijze worden verwarmd en gekoeld.WKO en stadswarmteEngie levert warmte voor verwarming en warmtapwater en koude voor comfortkoeling. De warmtepomp wordt gebruikt voor lage temperaturen en koudelevering, in combinatie met de opslag van koude voor later verbruik. Voor hogere temperaturen en in koude periodes wordt aanvullend stadswarmte ingezet.In het ontwerp van het systeem heeft Engie vanaf de start rekening gehouden met alle stakeholders in de omgeving, stelt het bedrijf. Zo is er bijvoorbeeld in samenwerking met Eneco gekeken naar de optimale combinatie van Warmte Koude Opslag (WKO) en stadswarmte.Hierdoor zijn er geen voorzieningen voor regeneratie nodig op daken van gebouwen. Dit zijn voorzieningen die ervoor zorgen dat de bronnen die bij een warmtepomp worden gebruikt, zoals de lucht, de bodem of het grondwater, in goede conditie blijven. Deze voorzieningen zijn vaak visueel onaantrekkelijk en kunnen geluidsoverlast veroorzaken.Lees ook: Stadsverwarming in plaats van aardgas voor 72 Dordtse woningen​‘De energievoorziening is uiterst betrouwbaar’Harold Maasen, Manager Business Unit Project Development bij ENGIE: “We zijn trots om wederom een energiecentrale in gebruik te nemen waar we onze klanten optimaal mee kunnen bedienen. De door ENGIE gerealiseerde energievoorziening is uiterst betrouwbaar, omdat er twee manieren van warmteopwekking gebruikt zijn. Omdat de afleversets van de woningen in de meterkast zijn ingebouwd nemen ze weinig ruimte in beslag en geven ze geen geluidsoverlast.”Lees ook: Engie zet in op groen gas met overname Biogas Plus​ Engie en Fairwind slaan handen ineen voor energietransitie Bron & Foto: Engie