Marc Seijlhouwer 29 november 2021, 11:44

Raket vliegt op brandstof van plasticafval

Een Brits bedrijf heeft grote ambities voor groene ruimtevaart. Door plasticafval dat je niet kunt recyclen te gebruiken als brandstof, moet de uitstoot van ruimtevaart afnemen.

Raket wolken adobe stock Een raketlancering zorgt voor evenveel CO2 als 400 transatlantische vluchten | Credits: Adobe Stock

Het bedrijf Pulsar Fusion uit Engeland testte vorige week een raketmotor die (deels) op plasticafval draait. De proef was een succes, volgens het bedrijf. Een spectaculaire vlam met een karakteristiek patroon van supersonische aandrijving. De proef was succesvol genoeg om te herhalen voor mogelijke klanten van Pulsar Fusion.

Het gebruik van gerecycled plastic moet de voetafdruk van een raketlancering minder groot maken. Want een raketlancering is gelijk aan 400 vluchten tussen Amerika en Europa. De milieudruk van de ruimtevaart is op dit moment toch klein, omdat er niet heel vaak raketten opstijgen. Maar dat kan veranderen, denkt Pulsar Fusion. Straks vliegen mensen misschien wel regelmatig naar Mars, of wordt ruimtetoerisme zo groot dat er tientallen raketten per maand opstijgen. Dan begint de gigantische hoeveelheid brandstof die raketten opgebruiken te tellen.

Vragen over plastic afval

Het gebruik van plasticafval als brandstof is overigens niet nieuw. In 2014 probeerde Virgin Galactic het ook al, maar toen een proef misging stopte het bedrijf ermee. Inmiddels is de techniek weer verder, en Pulsar denkt dat de brandstof – bijgemengd met gewone raketbrandstof – een succes kan worden. Maar er zijn nog veel vragen. Hoeveel plastic afval kan er precies worden bijgemengd? Hoeveel CO2-uitstoot bespaart dit ten opzichte van een gewone raketlancering? Voorlopig bevindt de techniek zich nog in de zuiver experimentele fase: laten zien dat het kan is belangrijker dan laten zien waarom het een goed idee is.

Kernfusie

Voor Pulsar Fusion is plasticafval echter niet het einde. Uiteindelijk moet een raket helemaal groen de lucht in kunnen, met een motor die werkt via kernfusie. Dit bijna mythische proces, dat de werking van de zon nabootst, geldt als de heilige graal in de energiewereld. Op aarde proberen wetenschappers al decennia een fusiereactor te bouwen. Pulsar wil het binnen vijf jaar doen op een kleine schaal, zodat het fusiereactortje in een raket past. Als dat ze lukt, dan zou ruimtevaart zonder uitstoot in theorie mogelijk zijn. Bij kernfusie komt namelijk geen CO2 vrij. Bovendien zou een raket dan ook nog harder kunnen vliegen, waardoor ‘we’ eerder bij onze toekomstige ruimtekolonies op Mars zijn, zo is het idee.

TNO test nieuw systeem voor zon op zee

Net nu de meest donkere dagen voor de deur staan start TNO met een proef om zonne-energie op te wekken op water. Het gaat om een test met een nieuw type panelen die vastzitten op een flexibele drijver die nog het meest wegheeft van een groot luchtbed. Aan de onderkant van de drijvers hangen ballastzakken gevuld met water. Die voorkomen dat de matrassen kapseizen of wegwaaien. De drijvers zitten met ankers vast aan de bodem van het meer. Zonne-energie op zee Zonne-energie op zee opwekken heeft veel potentie. Tegelijkertijd zijn de ruwe omstandigheden op zee een serieuze uitdaging voor kwetsbare drijvende elektrische systemen zoals zonnepanelen. Drijvende zonneparken zijn daarom tot nu toe voornamelijk op binnenwater te vinden, waar minder wind en golven zijn. De constructies die daarvoor gebruikt worden, zijn niet flexibel en dus niet bestand tegen ruwe zee. Het nieuwe systeem van TNO heeft als voordeel dat het net als een luchtbed meebeweegt met de golven. Daardoor kunnen de drijvers van lichter en dus goedkoper materiaal gemaakt worden. Ook voor de verankering aan de bodem is minder gewicht nodig. Windkracht 11 De proef moet uitwijzen hoeveel energie op deze manier opgewekt kan worden en hoe de matrassen zich houden bij harde wind en hoge golven. Ook is de vraag welk effect weer en wind hebben op de materialen waarvan de constructie is gemaakt. De matrassen zijn berekend op maximaal windkracht 11 en 8 meter hoge golven. Op het Oostvoornse Meer, waar de panelen nu liggen, worden golven niet hoger dan 1 meter. Eerder werd de drijvende constructie beproefd in een bassin waarin kunstmatig hoge golven werden gecreëerd. Het Oostvoornse Meer is de volgende stap in het ontwikkeltraject. Als de proef succesvol is, zal TNO het drijvende zonne-systeem over een jaar op zee testen. Noordzee belangrijke bron duurzame energie Aangezien 70 procent van het aardoppervlak bestaat uit zeeën en oceanen is de verwachting dat een groot deel van de energietransitie daar zal plaatsvinden. De Nederlandse Noordzee is in oppervlak 1,5 keer zo groot als ons land en met 7 bestaande windparken nu al een belangrijke bron van duurzame energie. Wanneer tussen die windturbines ook nog zonnepanelen komen, kan de opbrengst aanzienlijk vergroot worden. Bovendien leveren windmolens op andere momenten energie dan zonnepanelen, waardoor de aanvoer van duurzame energie constanter wordt. Een samenwerkingsverband van Europese bedrijven en onderzoeksinstellingen EU Scores, test deze theorie sinds september voor de kust van België. Lees hier meer. TNO is niet de enige die zich bezighoudt met de ontwikkeling van innovatieve drijvende zonne-energiesystemen op zee. Zo bedacht de Nederlandse start-up SolarDuck een constructie waarbij de zonnepanelen op een driehoekig platform bevestigd zijn dat vergelijkbaar is met het fundament van drijvende windmolens en olieplatforms. Dankzij de driehoekige vorm zijn ook deze platforms flexibel waardoor ze bestand zijn tegen woeste zee. Ook dit systeem wordt nu nog getest op binnenwater voordat het de woeste zee op kan.