Bas Joosse 26 augustus 2019, 11:06

Toyota ontwikkelt elektrische auto’s voor Olympische Spelen

Toyota ontwikkelt voor de Olympische Spelen van 2020 in Tokio een nieuwe serie auto’s. De voertuigen zullen voor het grootste deel elektrisch zijn. De Japanse autobouwer verwacht tijdens de Spelen ongeveer 3.700 auto’s te leveren.

Adobestock olympische ringen

Van de 3.700 voertuigen is ongeveer 90 procent elektrisch, stelt Toyota. Onder die categorie worden ook de Toyota Mirai op waterstof, plug-in hybrides en nieuwe voertuigen als de ‘Accessible People Mover’ (APM) gerekend. Dit voertuig is bedoeld voor transport over korte afstanden binnen het terrein van de Spelen en heeft plaats voor zes passagiers. Toyota wil 200 APM’s inzetten tijdens de Spelen. Voor grootschalig personenvervoer worden bussen op waterstof gebruikt.

Naast de APM ontwikkelde Toyota de e-Palette, een elektrisch busje met ruimte voor rolstoelpassagiers. De bus kan twintig passagiers vervoeren en is voorzien van klapstoeltjes. Daardoor kunnen er ook vier rolstoelen mee. Het voertuig werd in 2018 al geïntroduceerd tijdens techbeurs CES in Los Angeles. De auto is aan te passen aan de wensen van de klant. Pizza Hut kan de auto bijvoorbeeld zo inrichten dat deze geschikt is om pizza's te bezorgen, terwijl Uber de auto juist geschikt kan maken voor personenvervoer.

Deze video legt het concept achter de auto uit

Conceptcar

Toyota test in Tokio ook een speciale versie van de conceptauto concept-i. Deze conceptcar werd in januari 2018 al aan het grote publiek gepresenteerd. Voorafgaand aan de Olympische Spelen wordt de auto gebruikt bij een estafette waarbij de olympische vlam doorgegeven wordt. Bij de marathon rijdt de auto voorop.

Andere duurzame initiatieven

De elektrische voertuigen zijn niet het enige duurzame aspect aan de Olympische Spelen in Tokio. Zo worden de medailles voor de sporters gemaakt van gerecyled materiaal uit elektronische apparaten en wordt voor de nutsvoorzieningen veel gebruik gemaakt van waterstof. De huizen in het Olympisch dorp worden na de Spelen verkocht aan Japanse woningzoekenden.

Bronnen: Toyota, Tokio2020 | Afbeelding: Adobe Stock

Avantium krijgt geld voor opschaling productie bio-MEG

Met de subsidie moeten de Dawn en Mekong-technieken opgeschaald worden. De Dawn-techniek zet biologische grondstoffen om in industriële suikers en lignine. Met de Mekong-techniek worden deze vervolgens omgezet in bio-MEG.Voor de productie van mono-ethyleenglycol wordt nu nog veelal gebruikgemaakt van fossiele grondstoffen. De Mekong-techniek moet een plantaardige vorm van MEG opleveren die chemisch gelijk is aan de variant op aardolie en in prijs en kwaliteit competitief is. MEG is een belangrijke grondstof voor PET-plastic.Fabriek in Delfzijl In Delfzijl wordt nu een proeffabriek gebouwd waar jaarlijks tien ton aan bio-MEG geproduceerd moet worden. Avantium wil de fabriek in november openen. Het bedrijf heeft in Delfzijl ook al een bioraffinaderij. Daar worden houtsnippers en delen van planten, die niet voor de voedselproductie worden gebruikt, met behulp van zoutzuur omgezet in glucose en lignine.De miljoenensubsidie wordt toegekend aan het project Impress, waarin naast Avantium ook bedrijven en kennisinstellingen uit Zwitserland, Duitsland, Frankrijk, Finland, Oostenrijk en Nederland vertegenwoordigd zijn. De totale subsidie bedraagt € 13 mln.Fabriek voor bioplasticAfgelopen week maakte het bedrijf bij de presentatie van de halfjaarcijfers bekend dat het binnen een paar maanden een locatie kiest voor een fabriek die 5.000 ton van het bioplastic PEF gaat produceren. Avantium verwacht € 150 mln nodig te hebben om de fabriek te bouwen en op te starten. Vanaf 2023 moet de fabriek operationeel zijn.Avantium-CEO Tom van Aken was eerder te gast in onze Green Leaders podcast met presentator Paul van Liempt. Van Aken vertelt daarin onder andere dat hij de eerste wil zijn die bioplastic op de markt brengt, hoewel de concurrentie ook niet stilzit. Beluister de podcast hieronder:Bron: Avantium | Afbeelding:Adobe Stock