Expertredactie Change Inc. 18 juni 2026, 09:00

Kijk ons eens lekker bezig zijn! Waarom de perceptie-bias de transitie vertraagt

Als het gaat over duurzaamheid focussen leiders op de eigen organisatie, projecten en eigen successen. Maar wat nodig is, zijn ketensamenwerking, systeemtransities en maatschappelijke impact. De denkfout lijkt klein, maar de gevolgen zijn groot.

perceptiebias Foto: Getty Images

Vraag een bestuurder hoe zijn of haar organisatie het doet op het gebied van duurzaamheid en het antwoord is vrijwel altijd positief. Vraag vervolgens hoe Nederland het doet, en de schouders gaan omhoog. Een magere voldoende, hooguit.

Dat blijkt ook uit De Stand van de Duurzame Transitie 2026, het onderzoek dat TOSCA en Impact Centre Erasmus uitvoerden samen met Change Inc. en MT/Sprout onder 307 zakelijke beslissers. Het cijfer voor Nederland: 5,5. Voor de eigen organisatie: 6,6. En hoe hoger iemand in de hiërarchie zit, hoe optimistischer het oordeel. Ook over de eigen voortgang.

Die kloof is niet toevallig. Ze is structureel weten we uit de psychologie en ze onthult iets verontrustends over hoe bestuurders de wereld waarnemen: wat dichtbij is, voelt groter dan dat het in werkelijkheid is. Emeritus hoogleraar Rob van Tulder verwijst naar het zogenaamde overplacement-fenomeen:  ‘Het is een veelvoorkomende cognitieve bias. Leiders zijn geneigd te geloven dat ze beter presteren dan ze daadwerkelijk doen. Ik weet uit onderzoek dat die zelfoverschatting is gekoppeld aan de behoefte om meer zelfvertrouwen uit te stralen en bevestiging van de eigen goede intenties te krijgen. Voor echte verduurzaming is dat een gevaarlijke bias. Want het maakt hen minder ontvankelijk voor signalen die het tegendeel bewijzen en vermindert de prikkel om echt door te pakken.’

Drie mechanismen, één blinde vlek

Dat saillante verschil in perceptie (zogenaamd progressie boeken op bedrijfsniveau zonder impact op macro en systeem niveau) heeft drie oorzaken die elkaar ook nog eens versterken.

De eerste is de illusie van controle. Binnen de eigen organisatie kunnen leiders sturen. Ze zien beslissingen landen, projecten worden uitgevoerd, KPI’s verbeteren. Dat geeft een gevoel van progressie. Op systeemniveau moeten we de impact van al die activiteiten zien en voelen. Dat valt vaak nog tegen. Het systeem blijkt weerbarstiger om echt te veranderen.

De tweede oorzaak is de beschikbaarheidsbias. Eigen successen zijn concreet en zichtbaar: die gerealiseerde CO₂-reductie, dat innovatietraject, het nieuwe duurzame product. De voortgang van een land of sector is diffuus, versnipperd, minder tastbaar. Vaak tellen de kleine successen niet op tot een geheel waardoor werkelijke progressie achterblijft.

En dan is er narratief eigenaarschap. Leiders bouwen hun eigen verhaal: wij zijn goed bezig. Binnen de eigen context klopt dat verhaal vaak ook. Maar goed bezig zijn wordt vaak verward met lekker bezig zijn. Als alle activiteiten niet optellen tot een verbetering op het niveau van Nederland dan zijn we niet goed bezig maar wel lekker bezig. Activiteiten moeten leiden tot impact, als dat uitblijft schieten we met zijn allen niet heel veel op.

Volgens Nicolette Loonen, duurzaamheidsconsultant bij TOSCA, speelt hier vooral dat niemand toetst of zijn of haar bijdrage aan de transitie voldoende is om een groter systeem te doen kantelen. ‘Je moet je niet afvragen: is het goed wat ik doe? De echte vraag is: is het genoeg wat ik doe? Dit wordt ook wel context-based sustainability genoemd: jouw inspanningen om te verduurzamen zijn pas goed genoeg wanneer zij in de context van de dragende capaciteit van de aarde en van mensen past, en jij jouw fair share voor je rekening neemt’.

Boardroom leeft in eigen werkelijkheid

Opvallend is dat die perceptiebias niet gelijkmatig is verdeeld. Hoe hoger iemand in de hiërarchie zit, hoe optimistischer het oordeel over zowel Nederland als de eigen organisatie. Directieleden beoordelen de voortgang structureel positiever dan operationele medewerkers.

Volgens Karen Maas, hoogleraar en directeur Impact Centre Erasmus universiteit, worden kernprestatie-indicatoren kernprestatie-illusies wanneer ze impact suggereren zonder die te bewijzen. ‘Cijfers kunnen activiteit laten zien, maar niet noodzakelijk verandering.’

Helaas is dat in de praktijk van alledag geen uitzondering. De Future-Fit gap is een structureel verschijnsel. Bestuurders sturen op strategie, intentie en investeringen. De werkvloer ziet dagelijks de uitvoering, de frictie, de tegenstrijdigheden: duurzame ambities naast korte-termijndoelen, ESG-doelen naast bonusstructuren, transitieplannen naast de besluiten van alledag. De top ervaart momentum. De uitvoering voelt stagnatie. En niemand heeft het erover.

Volgens Karen Maas hebben we vaak onvoldoende zicht en grip op de impact die we daadwerkelijk realiseren. Wanneer we niet expliciet sturen op impact, besteden we al snel veel tijd, kennis en geld aan activiteiten die goed lijken of meetbaar zijn, maar feitelijk weinig bijdragen aan de verandering die nodig is.

Zichtbaarheid is geen impact

De Future-Fit gap wordt verder gevoed doordat veel duurzaamheidsactiviteiten wél zichtbaar zijn, maar niet noodzakelijk transformerend. Duurzaamheidsdoelen zijn er in overvloed. Maar de werkelijke impact wordt door meer dan de helft van de organisaties nauwelijks of helemaal niet gemeten. En slechts een minderheid van de bestuurders wordt ook echt afgerekend op die doelen.

Maas: ‘We zijn vooral erg druk. We veranderen minder fundamenteel dan we denken. De Future-Fit gap ontstaat niet door een gebrek aan duurzaamheidsdoelen, maar doordat organisaties vooral diagnostisch sturen op activiteit, rapportage en korte-termijnindicatoren. En te weinig op de fundamentele verandering die hun langetermijnimpact vraagt’.

Waarom dit meer dan een denkfout is

De perceptiebias lijkt misschien een klein issue, maar de gevolgen zijn groot. Want wanneer leiders geloven dat ze zelf goed bezig zijn terwijl het systeem achterblijft, ontstaat er een gevaarlijke dynamiek: zelfgenoegzaamheid binnen organisaties, onderschatting van systeemrisico’s, te weinig samenwerking over grenzen heen en een focus op optimalisatie in plaats van transformatie.

De Jong: ‘Het laaghangend fruit binnen de eigen organisatie is door de meesten wel geplukt, nu moet er radicaal worden samengewerkt in ecosystemen die transities versnellen. Dat vergt kennis, lef en kwetsbaarheid. Wat organisaties nodig hebben is een team van change agents dat intern de verandering kan dragen. Mensen die de taal spreken, de urgentie voelen en weten hoe ze anderen meekrijgen. Daar bouwen we aan in onze Future Fit accelerator.’

Van duurzaamheidsambities naar concreet resultaat

Impact Centre Erasmus en TOSCA hebben de Future-Fit Accelerator ontwikkeld. Een uniek programma waarin je samen met andere bedrijven werkt aan versnelling van jouw duurzaamheidsambitie, kennisopbouw van je team én borging van duurzaamheid in de strategie en bedrijfsvoering.

De Future-Fit Accelerator combineert de laatste wetenschappelijke inzichten van het Impact Centre Erasmus (prof. Karen Maas) en RSM (prof. Rob van Tulder) en in-house begeleiding door duurzaamheidsexperts van TOSCA. Samen met 5 á 8 andere bedrijven volgt een accelerator team van vijf senior professionals het share&learn track. Zij worden opgeleid als change agents, en vertalen vervolgens de inzichten naar concrete resultaten in het in-company traject dat wordt begeleid door TOSCA. Een C-level ambassadeur binnen jouw organisatie zorgt voor borging in de strategie, en vertaling naar de businesscase.

De Future-Fit Accelerator is voor bedrijven die duurzaamheid willen verankeren in strategie en concurrentievermogen, en willen investeren in ‘change agents’ in hun organisatie. Of je de eerste stappen zet of al een stevige basis hebt: dit programma helpt je de volgende versnelling te vinden. Een unieke combinatie van kennis én praktijk, gericht op echte impact en blijvende verandering van binnenuit.

Wil je hierover meer weten?

Lees de brochure of bekijk de website.

Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partners Impact Centre Erasmus en TOSCA. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.

Nieuwsupdate: Uitstoot Formule 1 daalt met 35% en CuspAI haalt $ 400 miljoen op voor onderzoek naar duurzame materialen

CO2-uitstoot Formule 1 met 35% gedaald De jaarlijkse CO2-uitstoot van Formule 1 is sinds 2018 met 35 procent gedaald. Daarmee ligt het sportevenement op koers om in 2030 op netto nul uitstoot uit te komen, schrijft de raceorganisatie in haar nieuwe duurzaamheidsrapport.Sinds 2018 is de uitstoot van zo'n 80.000 ton CO2-equivalent voorkomen. Volgens de organisatie heeft dat vooral te maken met het gebruik van duurzamere brandstoffen voor het vervoer van auto's en teams, waaronder sustainable aviation fuels (SAF). SAF wordt veel bekritiseerd omdat er tijdens de verbranding evenveel CO2 wordt uitgestoten als bij andere brandstoffen. Met het productieproces gaat wel minder uitstoot van broeikasgassen gepaard, waardoor de uitstoot tijdens de gehele levensduur relatief laag is.Lees ook: Duurzamer vliegen: biobrandstof heeft het moeilijk, maar er zijn ook andere opties Plantaardige eiwit-vervanger van The Protein Brewery goedgekeurd in EU The Protein Brewery mag met haar ingrediënt Fermotein de Europese markt op. De scaleup heeft daarvoor officieel goedkeuring gekregen van de Europese Commissie. Omdat het duurzame eiwit op fermentatiebasis een zogenoemde novel food is, duurde het beoordelingsproces enkele jaren. Ceo Thijs Bosch voorspelde eerder al 'medio 2026' met de verkoop in Europa van start te kunnen gaan.The Protein Brewery zet speciaal ontwikkelde schimmels in voor een fermentatieproces dat complete eiwitten oplevert. Fermotein bevat daarnaast vezels, mineralen en vitaminen. Het geur- en smaakloze voedingsingrediënt kan verwerkt worden in onder meer sportvoeding, bakkerijproducten, hartige snacks en zuivelalternatieven.Lees ook: Eiwitmaker The Protein Brewery wil met vers groeigeld ook in Europa de markt op: 'We mikken op medio 2026' Consumentenbond klaagt energiebedrijven aan om greenwashing De Consumentenbond dient samen met twaalf andere consumentenorganisaties een klacht in tegen energiebedrijven bij de Europese Commissie. Het gaat om de Europese energiebedrijven ENGIE, Eni Plenitude, Shell en TotalEnergie. Volgens de consumentenorganisaties presenteren zij fossiel aardgas regelmatig als een schone, duurzame of klimaatvriendelijke keuze. Ook verkopen ze fossiel gas vermengd met een heel klein beetje groen gas vaak ten onrechte als ‘groene energie’.Ook ANWB Energie, Greenchoice en Vattenfall worden aangesproken op greenwashing rondom informatie over aardgas. Zij krijgen geen klacht bij de Commissie aan hun broek, maar de Consumentenbond maakt wel een melding bij de Autoriteit Consument & Markt.Lees ook: Greenwashing of pionieren? Start-ups raken verstrikt in regels voor duurzame reclame CuspAI haalt $ 400 miljoen op voor onderzoek naar duurzame materialen De Britse-Nederlandse AI-startup CuspAI staat op het punt om in een nieuwe financieringsronde 400 miljoen dollar aan groeigeld op te halen, schrijft zakenkrant Financial Times. Mede-oprichter en technologiedirecteur Max Welling zei afgelopen jaar tegen Change Inc. dat hij met AI het proces van chemisch onderzoek drastisch wil versnellen. Dat moet er onder meer voor zorgen dat er sneller geschikte materialen worden ontwikkeld voor grote milieu- en klimaatuitdagingen.CuspAI doet bijvoorbeeld onderzoek naar materialen die op een efficiënte manier CO2 uit de lucht kunnen filteren, of geschikt zijn om PFAS uit drinkwater te halen. Afgelopen jaar haalde het bedrijf al 100 miljoen dollar op bij investeerders. Bij de nieuwe geldronde is volgens FT onder anderen de Amerikaanse techmiljardair Jeff Bezos op persoonlijke titel betrokken.Lees ook: Met investering van 100 miljoen kan het Brits-Nederlandse CuspAI sneller nieuwe materialen ontwikkelen voor CO2-opslag en batterijen Textielsector wil reclameverbod op ultra-fast fashion De opkomst van ultra-fast fashion zet grote druk op het verdienmodel van inzamelaars, sorteerders en recyclers van textiel. Daarvoor waarschuwt de zogenoemde Textieltafel; waarin kledingbedrijven, recyclebedrijven, overheid en ngo’s met elkaar om tafel zitten. De kwaliteit van het ingezamelde textiel daalt, en de waarde en recyclebaarheid daarmee ook. Bovendien wordt het moeilijker om tweedehands textiel aan het buitenland te verkopen.In een rapport over circulair textiel stelt de tafel een twintigtal maatregelen voor om circulariteit in de keten te behouden en versterken. Zo pleit ze voor 'beleidsinstrumenten voor het tegengaan van agressieve online marketing van grote ultra-fast fashion spelers'. Ze wijst erop dat zowel in Frankrijk als Italië al een reclameverbod op ultra-fast fashion wordt voorbereid 'ter behoud van een gelijk speelveld'.Lees ook: Fast fashion lijkt niet te stoppen, maar er is hoop voor duurzame mode Stedin tekent contract voor inzet elektrische auto's tegen netcongestie Netbeheerder Stedin en LomboXnet hebben een zogenoemde capaciteitssturingscontract (CSC) ondertekend om via bidirectioneel laden extra flexibiliteit op het Utrechtse elektriciteitsnet beschikbaar te maken. Door elektrische voertuigen niet alleen op te laden, maar ook energie terug te leveren aan het net, ontstaat flexibel vermogen dat kan worden ingezet op momenten waarop als het elektriciteitsnet zwaar belast wordt, schrijven de bedrijven in een persverklaring. Het gaat om het eerste capaciteitssturingscontract voor vehicle-to-grid (V2G) auto’s.In het contract staat wanneer en onder welke voorwaarden die flexibiliteit beschikbaar wordt gesteld aan de netbeheerder. Ook bevat het afspraken over onder meer prestaties en cybersecurity. Op dit moment zijn in de regio Utrecht ongeveer 500 bidirectionele voertuigen actief, de meeste dankzij de deelauto’s van MyWheels.Lees ook: Bedrijf achter MyWheels wil netcongestie aanpakken: 'Je vergroot hiermee ook de waarde van elektrische deelauto's' No Waste Army gaat de grens over No Waste Army breidt uit naar België. Het collectief tegen voedselverspilling neemt een belang van 49 procent in het Belgische Waste Warriors, dat eenzelfde doel en aanpak heeft.De twee bedrijven verkopen boxen met producten die anders weggegooid zouden worden. Samen gaat het dit jaar om zo'n 200.000 boxen, met een gecombineerde omzet van circa 10 miljoen euro. Ongeveer een vijfde daarvan komt uit België. Daarnaast organiseren beide organisaties regelmatig losse 'reddingsacties', zoals recent de Nationale Aardappelweek.Lees ook: Changemaker Thibaud van der Steen gaat voedselverspilling tegen: ‘Probleem is serieus, maar ik wil het op een leuke manier oplossen’ Ook in de media:IEA: vredesakkoord tussen VS en Iran dreigt olie-overschot te veroorzaken (BNR) 'Groene economie' tikt $ 10.000 miljard marktwaarde aan (Bloomberg) Ruim een op de drie bestelwagens vanaf 2027 geweerd uit zero-emissiezones (BNR) Bedrijfspanden met stroomcapaciteit stijgen in waarde; vastgoed zonder netruimte raakt achterop (NVM) Miljoeneninjectie voor maker van plantaardige olie Vertoro (FD) Een vijfde van verwachte investeringen industrie gaat naar verduurzaming (CBS) Vattenfall wil met startup datacenters bouwen bij windparken op de Noordzee (FD) Effecten prijsstijgingen brandstof en energie meestal beperkt (Centraal Planbureau)