Merel Hendriks 28 mei 2013, 14:47

Afval levert geld op dankzij handelsplaats

Het kost bedrijven vaak geld om van hun afval af te komen. De Afvalmarkt moet dit veranderen, door vraag en aanbod bij elkaar te brengen.

2473342146 22b1aaac53 b e1369748051700

Het ene bedrijf heeft behoefte aan afval, de ander wil er graag van af. Door zijn baan bij een groot afvalmanagementbureau ontdekte Michael Avramidis dat de wereld van afval vreemd in elkaar zit. “Ik zag dat mensen vaak teveel betaalden voor hun afval omdat ze niet wisten wat ze er mee konden doen”, zegt Avramidis. “Ik vond dat er een platform moest komen waar bedrijven de beste prijs voor hun afval kunnen zien. Bedrijven weten namelijk niet altijd wat hun afval waard is. Zo kost het wegbrengen van karton bedrijven nu €120 per ton, terwijl het via De Afvalmarkt zo’n €70 á €80 op per ton oplevert. Metaal zou nog veel meer op kunnen leveren.”

Afval krijgt zo een tweede leven. Michael Avramidis.

De huidige situatie is echter dat bedrijven contact opnemen met een afvalmanagementbureau, dat vervolgens de afvalbedrijven belt. Avramidis vond dat deze schijf er tussenuit kon, zodat de omgang met afval efficiënter wordt. “Door mijn werk heb ik van dichtbij gezien wat er verbeterd kan worden, ook omdat de grondstoffen steeds duurder en schaarser worden.”

Dat betekende de geboorte van De Afvalmarkt. Het plaatsen van een simpele oproep op de website van De Afvalmarkt maakt matches mogelijk tussen verschillende bedrijven. De voordelen? Afval krijgt zo een tweede leven. En in plaats van te betalen om het afval te laten verwerken, krijgt het bedrijf dat zijn afval kwijt wil geld toe van iemand die het graag wil hergebruiken.

Efficiënte aanpak

Jaarlijks wordt er wereldwijd 12 miljard ton afval geproduceerd, blijkt uit cijfers van kenniscentrum NCDO. Dit brengt niet alleen gezondheidsproblemen en milieurisico’s met zich mee, ook worden er economisch kansen gemist omdat het afval geen juiste bestemming krijgt. Hoewel de prijzen voor iedere afvalstroming anders zijn, kan afval over het algemeen veel opleveren.

De Afvalmarkt hoopt bedrijven bewust te maken van de verschillende mogelijkheden. Niet alleen wordt gestimuleerd om afval opnieuw te gebruiken, ook wordt er reëel gekeken of hergebruik wel goed is voor het milieu. Daarom wordt het bod gesplitst in verwerkingskosten en transportkosten, zodat alle kosten met elkaar vergeleken kunnen worden.

Jaarlijks wordt er wereldwijd 12 miljard ton afval geproduceerd. Michael Avramidis.

“Wij maken alleen een duidelijk overzicht van de aanbieding en de prijs. Zo krijgt het afval voor de juiste prijs een juiste bestemming. Nu staat er bijvoorbeeld een aanbod op voor 100 liter frituurvet: dit zou bruikbaar kunnen zijn voor een bedrijf dat het wil verwerken tot biodiesel”, legt Avramidis uit. “Omdat de website nog maar vier maanden in de lucht is, zijn er nog niet veel matches gevonden. Wel staat er al afval op van verschillende afvalstromen.”

Ladder van Lansink

De Afvalmarkt maakt gebruik van de Ladder van Lansink. Deze zogenaamde recycleladder geeft door middel van kleuren – van groen naar rood – aan welke omgang met afval het beste voor het milieu is. Zo staat de preventie en hergebruik van afval als milieuvriendelijkste oplossing hoog op de ladder, terwijl het verbranden en storten van afval onderaan staat gepositioneerd.

Avramidis verwacht dat er de komende maanden goede matches gelegd gaan worden tussen zowel kleine als grote bedrijven. “Ik vind afval een mooi onderwerp, het raakt me. Ik wil dat elke afvalstroom zo hoog mogelijk op de Ladder van Lansink komt te staan. Mijn doel is om een zo efficiënt mogelijke afvalmarkt te creëren en ik hoop dat dit lukt met De Afvalmarkt”.

De Afvalmarkt brengt vraag en aanbod bij elkaar. Michael Avramidis.

“Op dit moment verdien ik er nog geen geld mee. Ik hoop dat het project over een tijdje gezien wordt door gemeenten of de overheid. In de wereld van afval is het belangrijk waar je belangen liggen. Grote afvalbedrijven verdienen geld met afval, als afval niet meer ontstaat hebben zij een probleem”, zegt Avramidis. “Wij hebben geen financiële belangen bij afval, dus vinden we preventie de mooiste oplossing.”

Foto: Vagawi via Flickr.com

Kameroen stopt omstreden palmolieproject

In 2009 gaf de Kameroense regering Herakles Farms toestemming om een gebied van meer dan 73.000 hectare te ontwikkelen als palmolieplantage. Dat zorgde toen direct voor veel tegenstand. De plantage zou de biodiversiteit van het gebied vernietigen en daarmee ook de inkomstenbronnen van de plaatselijke gemeenschappen. Nu heeft de regering van Kameroen de activiteiten rond de plantage stopgezet omdat Herakles Farms niet over de juiste vergunningen beschikt. Daarnaast kreeg de regering klachten van lokale gemeenschappen. Volgens het Ministerie van Bosbouw mag het project pas weer worden hervat wanneer er een ‘verklaring van openbaar nut’ is. Omkoping Naast verschillende Kameroense organisaties spraken ook Greenpeace en het Amerikaanse Oakland Institute zich uit tegen de plantage. Het Oakland Instituut zegt dat Herakles Farm zijn investeerders heeft misleid en met de plantage is begonnen zonder de juiste vergunningen. Daarnaast vermoedt het instituut dat het bedrijf zich schuldig heeft gemaakt aan omkoping om goedkeuring te krijgen voor het project. Herakles Farms zelf zegt zich altijd aan de regels gehouden te hebben. Het bedrijf zegt er alles aan te doen om de werkzaamheden zo snel mogelijk weer te hervatten, ook voor de bijna 700 werknemers die nu door de stopzetting zonder werk zitten. Certificaten Palmolie is een omstreden product, omdat voor palmolieplantages vaak grote stukken kostbaar regenwoud worden gekapt. Die ontbossing leidt tot CO2-uitstoot en verlies van biodiversiteit. Steeds meer bedrijven, waaronder Nestlé en Starbucks, schakelen over naar duurzame palmolie. De certificaten voor duurzame palmolie zijn zelf echter ook omstreden. Uit onderzoek van DuurzaamBedrijfsleven.nl bleek dat de certificaten nog niet kunnen garanderen dat de palmolie echt duurzaam is. Corruptie in palmolie producerende landen maakt het erg moeilijk om de richtlijnen te handhaven. Sommige bedrijven zouden de certificaten gebruiken om zich achter te verschuilen, zodat ze op andere plantages op de oude voet verder kunnen gaan. Bron: IPSnews Foto: oneVillage Initiative via Wikimedia Commons