Fitria Jelyta 20 mei 2017, 09:30

Batterijloze pacemaker gebruikt hartslag om op te laden

Onderzoekers aan de Amerikaanse University at Buffalo ontwikkelen een duurzame pacemaker die geen batterijen nodig heeft. De wetenschappers willen hiermee zorgkosten besparen en de levenskwaliteit van hartpatiënten verbeteren.

Shutterstock 333628025

De loodvrije mini-pacemaker zet vibraties van het hart om in energie om het apparaat te laten functioneren. Uit de eerste testen met het apparaat blijkt dat de pacemaker voldoende energie opwekt om een hartslag van 150 per minuut mogelijk te maken.

De nieuwe pacemaker kan, net als traditionele pacemakers, met een katheter via de aderen in de benen worden geplaatst. Vervolgens baant de pacemaker zich een weg naar het hart.

Tijd en zorgkosten besparen

Doordat de pacemaker geen batterij nodig heeft, worden chirurgische ingrepen ter vervanging van pacemakerbatterijen overbodig. Dit bespaart niet alleen zorgkosten, maar ook tijd.

Daarnaast draagt de batterijloze pacemaker bij aan het verbeteren van de levenskwaliteit van de patiënt. “Wat wij met dit onderzoek voorstellen, is een pacemaker die eenmalig kan worden geplaatst. De ingreep neemt slechts 15 minuten in beslag”, zegt Hooman Ansari, promovendus aan de University at Buffalo’s School of Engineering and Applied Sciences, in een persbericht.

“In de Verenigde Staten alleen al moeten 200.000 hartpatiënten de batterijen van hun pacemakers jaarlijks laten vervangen. Met onze pacemaker kunnen we deze procedure geheel overbodig maken, wat de zorgsector enorm veel kostenbesparing oplevert en de gezondheid van patiënten bevordert.”

Opvangsysteem

De chirurgische ingreep voor het vervangen van een pacemakerbatterij kan veel tijd kosten en gepaard gaan met risico’s en complicaties. Traditionele pacemakers worden in het hart geïmplanteerd in plaats van in de holte van de borstkas, waardoor het veel lastiger wordt voor de chirurg om de pacemaker weer terug te vinden zodra de batterij moet worden vervangen.

In een vervolgonderzoek zeggen de wetenschappers de werking van de mini-pacemaker verder te testen en een opvangsysteem te ontwikkelen om het apparaat ook te laten werken wanneer er niet genoeg energie wordt opgewekt. 

Bron: University at Buffalo | Foto: Shutterstock.com

Studenten TU Eindhoven presenteren conceptauto van bio-composiet

“We bouwen met Lina voort op waar we met onze vorige conceptauto’s waren gebleven”, vertelde Quinten Oostvogel, teammanager van TU/ecomotive, eerder tegenover DuurzaamBedrijfsleven. TU/ecomotive presenteerde in 2014 namelijk Isa, een elektrische tweepersoons stadsauto met een enorm hoge efficiëntie. In 2015 volgde Nova, een modulair opgebouwde auto, waarbij zelfs het accupakket modulair was.Oostvogel: “Met Isa hadden we een conceptauto gebouwd die tijdens het rijden erg efficiënt was. Met Nova richtten we ons juist op het verlengen van de levensduur van auto’s en de recycling ervan. Met Lina focussen we ons op het verduurzamen van de productiefase van auto’s.”Bio-composiet en bio-plasticTU/ecomotive vervaardigde het chassis van Lina met bio-composiet en bio-plastic. Het plastic, ook wel PLA genoemd, werd in honinggraatstructuur toegepast en is mede hierdoor qua sterkte vergelijkbaar met glasvezel.“Autofabrikanten maken auto’s tegenwoordig steeds lichter. Dit om aan de strengere eisen te voldoen op het gebied van CO2-uitstoot. Staal wordt daarom steeds vaker vervangen door lichtere materialen als carbon en aluminium”, vertelt Oostvogel.Het vervaardigen van carbon en aluminium kost echter enorm veel energie. Met andere woorden: De CO2-besparing die wordt gewonnen door het lichter maken van auto’s, wordt dus eigenlijk al tenietgedaan in de productiefase. Oostvogel: “Met Lina willen we laten zien dat lichtgewicht auto’s ook met duurzame materialen geproduceerd kunnen worden.”Lees ook:Circulaire economie; het nieuwe agendapunt in de autobranche?Bron & Foto: TU/ecomotive