Marc Horckmans 14 maart 2022, 11:50

Britse marktregulator wil optreden tegen greenwashing in modesector

Consumenten worden met duurzame claims vaak verleid om duurdere modeproducten te kopen, terwijl er op ecologische gebied geen enkele meerwaarde kan worden aangetoond. Dat blijkt uit een rapport van de Britse Competition and Markets Authority (CMA), die ook dreigt de namen te zullen noemen van modebedrijven die zich aan greenwashing schuldig maken.

Adobe Stock 476231265 In het Verenigd Koninkrijk wordt elk jaar ongeveer 300.000 ton gebruikte kleding verbrand of naar een vuilnisbelt afgevoerd.

De modewereld is de eerste sector die door de marktregulator op greenwashing wordt gecontroleerd. Er wordt aan toegevoegd dat in de toekomst ook andere sectoren – met in de eerste plaats wellicht de voedingsindustrie en supermarkten – zullen volgen.

Lees ook: ACM start onderzoek naar misleidende duurzaamheidsclaims

Naar schatting besteden Britse consumenten jaarlijks 54 miljard pond aan kleding en schoenen. Verwacht wordt dat dit bedrag de volgende jaren verder zal blijven stijgen.

Elk jaar 300.000 kleding op brandstapel

Volgens een aantal ramingen loopt het aandeel van de modesector in de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen op tot een niveau tussen 2 procent en 8 procent. Bovendien zorgt de sector voor grote hoeveelheden afval en vervuiling.

“In het Verenigd Koninkrijk wordt elk jaar ongeveer 300.000 ton gebruikte kleding verbrand of naar een vuilnisbelt afgevoerd”, merkt de regulator op.

“Klanten die zich voor het leefmilieu willen inspannen door duurzame producten te kopen, worden echter vaak door onterechte ecologische claims om de tuin geleid. Dit dreigt nochtans te zullen uitmonden in een verlies aan vertrouwen, wat het Verenigd Koninkrijk zou kunnen beletten zijn klimaatdoelstellingen te halen.”

60 procent wil meer betalen voor ‘duurzaam’

“Ons onderzoek toonde dat ongeveer 60 procent van de consumenten te kennen geven dat ze mogelijk bereid zouden zijn om voor duurzame producten een hoger bedrag te betalen”, stipte Cecilia Parker Aranha aan, directeur consumentenbescherming van de Competition and Markets Authority.

“Gemiddeld zou daarbij over een meerprijs van 9 procent gewag worden gemaakt. Dit betekent echter dat bedrijven beseffen met milieuvriendelijke producten meer inkomsten te kunnen verwerven, maar daarbij wordt vaak weinig moeite gedaan om het aanbod ook daadwerkelijk duurzamer te maken.”

Groene claims zonder bewijs

De regulator maakt daarbij melding van onder meer oneerlijke vergelijkingen met de concurrentie, waarbij aan individuele kledingstukken duurzame claims worden verbonden, zonder daarvoor enig echt bewijs aan te brengen.

Verder is er ook sprake van onterechte beweringen over het gebruik van gerecycleerde materialen in nieuwe kleding. Tevens werd vastgesteld dat vaak hele kledingassortimenten in winkels van een duurzaam label worden voorzien.

“Men moet zich tegenover deze beweringen sceptisch opstellen”, waarschuwde Parker Aranha nog. “Dit zou immers betekenen dat het bedrijf daadwerkelijk zou moeten aantonen dat elk onderdeel van zijn kledingketen – van productie tot afval – een duurzaam karakter heeft.”

Overdreven beweringen

“Bovendien moet worden vastgesteld dat ook het gebruik van gerecycleerde vezels vaak wordt overdreven. Vaak is bij de productie van kleding niet meer dan 16 procent tot 20 procent van de vezels afkomstig van recyclage.”

Door daders van greenwashing openlijk te vernoemen wil de regulator een voorbeeld voor de rest van de industrie stellen. “Bovendien moet het initiatief leiden tot een verandering in het gedrag”, beklemtoonde Parker Aranha. “Indien daarop echter niet wordt ingegaan, zouden de bedrijven mogelijk voor de rechter kunnen worden gedaagd.”

Lees ook: In 4 stappen naar een duurzaam (kleding)bedrijf

“Momenteel kunnen textielfabrikanten zich meestal ongestraft aan greenwashing schuldig maken. Hun claims worden zelden gecontroleerd. Dat is echter een groot probleem. Consumenten worden verleid de verkeerde producten te kopen, terwijl bedrijven met een daadwerkelijk ecologisch beleid hun concurrentievoordeel verliezen.”

Verlies van vertrouwen

“Dat alles kan uiteindelijk uitmonden in een verlies van vertrouwen, waarbij de consumenten geen geloof meer hechten aan authentieke duurzame claims die naar voren worden geschoven. Op die manier kunnen klimaatdoelstellingen in het gedrang worden gebracht.”

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Hoogste tijd voor het eerste duurzame mondkapje: 'Wegwerpkapje vergaat pas over 500 jaar'

Vodianova: “Tijdens een weekje Tokyo samen met mijn zakenpartner viel me op dat maskers het Japanse straatbeeld kleuren. We zeiden tegen elkaar dat het er eigenlijk best cool uit zag. Diezelfde week bezochten we een museum gericht op de negatieve gevolgen van ons consumptiegedrag. Wat bleek: wereldwijd is luchtvervuiling de op drie na grootste killer. Ik zag een kans om maskers in een nieuw jasje te steken, Masuku was geboren.” 'Luchtvervuiling is grootste killer' Voor het coronavirus werden er in Oost-Azië al zo'n 20 miljoen maskers per maand geproduceerd. Het maskers is daar sinds de SARS uitbraak in 2002 langzaam onderdeel van de cultuur geworden, vooral in grote steden zoals Tokyo en Hong Kong. Je draagt het als je voelt dat je ziek wordt uit beleefdheid, maar ook voor warmte in de winter, als beschermlaag tegen smog en zelfs als vermomming, als je er even niet op je best uitziet. Lees ook: Luchtvervuiling Nederland ondergeschoven kindje in klimaatdebat In het Westen zijn zulke ideeën nog radicaal. Dat is best vreemd, want ook in Europa en Amerika is de luchtvervuiling substantieel. De EU heeft de standaard voor veilige luchtkwaliteit gezet op 40 milligram per kubieke meter stikstofdioxide (NO2) - dat is de stof die wordt geproduceerd bij verbrandingsprocessen, bijvoorbeeld door auto’s. In onder anderen New York, Parijs, en ook ons eigen Amsterdam zitten we ver boven die norm. Een groot Zweeds onderzoek toonde een verband aan tussen luchtvervuiling en psychische klachten. En de ziekte Alzheimer zou ook sterk gerelateerd zijn aan gevaarlijke emissies in de atmosfeer. Wegwerpkapje vergaat pas over 500 jaar Vodianova ziet gezondheidskansen voor allerlei doelgroepen, zoals de stadshardloper met hooikoorts en de student met een allergie en een examen voor de boeg. De onderneemster ziet het dragen van maskers als een bewuste keuze voor het inademen van schone lucht. Die zienswijze werd vertaald in Masuku’s motto ‘Love Air’. Gezondheid is belangrijk, maar eerlijk is eerlijk: die wit-blauwe dingen leverde belemmeringen op, zoal huiduitslag, oppervlakkig ademen en ‘beslagen ruiten’ bij brillendragers. Bovendien zijn ze onduurzaam. De wegwerpvariant doet er 500 jaar over om te composteren en in de tussentijd vervuilt het milieu in de vorm van microplastics. Om op al die problemen iets te vinden, ging Masuku in een langdurige testfase. “Ik wist meteen: dit is een project voor nerds”, aldus Vodianova. Lees ook: Driekwart van de wereldbevolking pleit voor verbod op wegwerpplastic Midden in de ontwerpfase sloeg de pandemie toe, een bizarre situatie die in Masuku’s unieke geval kansen bood. “Ik belde meteen mijn zakenpartner op. ‘Dit is onze kans. We kunnen miljoenen levens redden.’ Het werd stil aan de andere kant van de lijn. ‘Inderdaad, maar ons productiecentrum zit in Wuhan.’ We hadden keihard gewerkt aan ons geliefde project dat ineens meer dan nodig was, maar we moesten alles stilleggen. Toen besloten we investeerders te zoeken en een eigen ‘AirLab’ op te zetten dichterbij huis in Sheffield, UK. Je eigen fabriek runnen is niet makkelijk, maar we hebben de juiste keuze gemaakt.” Composteerbaar mondmasker Binnen no time werd de ‘nanofiber filtration fabric’ geperfectioneerd en was Masuku market-ready: ademend, modieus, volgens de medische FFP2-standaard en volledig composteerbaar. Sterker nog, Masuku voedt de organismes in de aarde waar het in ontbindt. De hoge beschermingsgraad werd mogelijk gemaakt door electrospinning - een techniek met biomateriaal wel honderd keer zo klein als een mensenhaar. Bovendien is het masker ergonomisch. “We hebben honderden gezichten bestudeerd om een vorm te bedenken die de meerderheid (70 procent) van de gezichten representeert.” Volgens Vodianova heeft de toekomst van duurzame business niets met filantropie of antikapitalisme te maken. Het gaat erom wat je met het geld doet. “Grote bedrijven zullen altijd for-profit blijven, maar het verschil met conventioneel zakendoen is dat de winst steeds meer in het oplossen van sociale en milieugerelateerde problemen zal worden geïnvesteerd. Elke onderneming moet een maatschappelijk doel hebben. Dat je het zonder zo’n missie niet redt anno 2022, is een no-brainer.”Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.