Laura Fransen 24 juni 2015, 10:21

Chemieconcern Dupont maakt leer ook zonder koeien biobased

Leerfabrikant Flokser brengt een nieuwe soort synthetisch leer op de markt. Dankzij een samenwerking met chemiebedrijven DuPont en BioAmber bestaat het materiaal voor 70 procent uit hernieuwbare stoffen.

Volvo Cars new Drive E powertrains efficient driving pleasure with world28129

Het nieuwe synthetische leer bevat biobased barnsteenzuur en biobased 1,3 propaandiol (PDO). Het barnsteenzuur is afkomstig van chemieconcern BioAmber en is geproduceerd uit suikermais. Dit vermindert de milieu-impact ten opzichte van de productie uit aardolie. Chemiegigant DuPont produceert de PDO uit glucose, volgens een proces dat minder energie verbruikt dan reguliere PDO-productie.

Mede dankzij de biobased materialen bestaat het leer voor 70 procent uit hernieuwbare stoffen. Volgens leerfabrikant Flokser is het leer bovendien beter bestand tegen beschadiging en voelt het zachter aan dan huidige synthetische opties. 

Marktintroductie stimuleren

DuPont ziet grote kansen in de samenwerking met Flokser. “We zijn blij met deze productlancering”, zegt Steve Hurff, vicepresident Marketing en Verkoop bij DuPont, in een persbericht. “We geloven dat de samenwerking met Flokser, een koploper binnen de textielsector, de marktintroductie van de biobased bouwstoffen zal stimuleren.”

Flokser is niet het enige bedrijf dat BioAmbers barnsteenzuur inzet bij het verduurzamen van zijn productie. Eerder werkte BioAmber al samen met polymeerproducent Bayer MaterialScience voor de productie van Impranil eco. Ook dat materiaal is toepasbaar bij het maken van synthetisch leer. Impranil eco bestaat voor 65 procent uit hernieuwbare stoffen. 

Bron: BioAmber | Foto: Nick Bramhall, via Flickr Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Waarom biobased isolatie toekomst heeft

Biobased alternatieven als stro en hennep vergen tot 50 procent minder energie voor productie en transport dan traditionele materialen op oliebasis, zegt Alan Taylor van het onafhankelijke onderzoeksbureau TWI in Cambridge. Het gebruik van organisch materiaal heeft bovendien als voordeel dat plantenresten de CO2 vasthouden die ze eerder hebben opgeslagen. Daarmee wordt de CO2-voetafdruk van gebouwen lager.KostenverlagingHet zijn nog vooral de koplopers in de bouw en constructie die biobased isolatie als cellulose-isolatie, stro of Biofoam toepassen. De hoge aanloopkosten en onzekerheden over de prestaties zijn het grootste struikelblok. Toch neemt de belangstelling in de sector toe.Het Europese onderzoeksproject Isobio is erop gericht de biobased alternatieven verder te ontwikkelen. Isobio moet innovatieve materialen en composieten opleveren die tot 20 procent beter presteren dan isolatiemateriaal op oliebasis. Ook moeten de productiekosten tenminste 15 procent omlaag.MarktintroductieVolgens de partners in het project kan biobased isolatie uitgroeien een volwaardig alternatief. De verwachting is dat de kosten binnen vijf tot tien jaar gaan dalen. De hoge investeringskosten zijn dan relatief snel terugverdiend als gevolg van de hogere isolatiewaardes.In Nederland werkt de Wageningen Universiteit in het Open-Bio project aan nieuwe normen voor plantaardige isolatiematerialen. De studie in opdracht van de Europese Unie moet de marktintroductie vergemakkelijken.VochthuishoudingHet gebruik van plantenmateriaal als isolatie heeft ook een belangrijk gezondheidsvoordeel. Biobased isolatie is beter in staat de vochthuishouding in woningen en kantoren te reguleren.Ze fungeren als vochtbuffer en verminderen zo schommelingen in de luchtvochtigheid binnenshuis. Dat leidt tot een reductie in ziekteverwekkers en allergische reacties.Bron: Phys.org | Foto: Susanne Nilson, via Flickr Creative Commons (Cropped by Duurzaambedrijfsleven)