Fitria Jelyta 16 mei 2017, 18:40

Draadloos steunhart voorkomt infecties bij hartfalen

Onderzoekers aan de Australische Queensland University of Technology (QUT) hebben een mechanische hartpomp ontwikkeld, die geen bedrading nodig heeft. Dit vermindert de kans op infecties en verhoogt de overlevingskansen van patiënten met hartfalen.

Shutterstock 420192163

De zogeheten Ventricular Assist Device (VAD) is een mechanische hartpomp die bij patiënten met hartfalen wordt gebruikt om de pompfunctie van het hart te bevorderen. Het apparaat wordt ingezet bij patiënten die wachten op een hartimplantaat, patiënten die herstellen van een hartoperatie of patiënten met verzwakte hartspieren.

Overlevingskansen bij hartfalen

In de huidige situatie wordt de mechanische hartpomp aangestuurd met een extern apparaat dat via bedrading is gekoppeld aan het hart. Volgens de onderzoekers zouden de draden in het lichaam van de patiënt leiden tot verhoogde kansen op infecties.

Door de draadloze mechanische hartpomp in te zetten, verwachten de wetenschappers deze infecties te voorkomen en daarmee de overlevingskansen van patiënten met hartfalen te verhogen. Het draadloze steunhart bestaat uit een koperen implantaat dat door een externe batterij wordt aangestuurd om de pompfunctie van het hart te versterken.

Minder sterftegevallen

“Veel sterftegevallen door infecties in het hart, zijn veroorzaakt door de bedrading van de VADs die door de huid van de patient gaat om de externe batterij van de mechanische hartpomp te koppelen aan het hart in het lichaam”, zegt Mahinda Vilathgamuwa, wetenschapper aan de QUT.

“Sommige hartpatienten hebben meer dan tien jaar met de steunharten gefunctioneerd. Om het aantal levensbedreigende infecties door de bedrading te verminderen, is het echter van belang dat we draadloze steunharten ontwikkelen.”

Uit de eerste test met het draadloze steunhart blijkt dat het apparaat tot 94 procent efficient is in het versterken van de hartpompfunctie. In een vervolgonderzoek gaan de wetenschappers het draadloze apparaat verder testen om de pompfunctie van de VAD te optimaliseren.

Lees ook:

Bron: QUT | Foto: Shutterstock.com

Zeevaart oppert ambitieuze plannen voor CO2-reductie

De CO2-uitstoot vanuit de zeevaart moet vanaf nu onder het niveau van 2008 blijven. In 2050 moet de uitstoot per ton/per kilometer met 50 procent zijn gedaald, ten opzichte van 2008. Als derde doelstelling moet de jaarlijkse uitstoot ook in absolute zin zijn afgenomen in 2050. Aan deze doelstelling moet nog een percentage gehangen worden.De voorstellen kwamen tot stand in samenwerking met de internationale redersverenigingen Bimco, Intertanko en Intercargo. Dit meldt de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) in een persbericht. De KVNR stelt voor dat het nader te bepalen reductiepercentage in de derde doelstelling ook 50 procent moet zijn.CO2-reductieDe KNVR is tevreden met de gestelde doelstellingen van de ICS. Tineke Netelenbos, voorzitter van het KVNR, in het persbericht: “De KVNR en haar leden hebben zich de afgelopen jaren al duidelijk uitgesproken om ook op mondiaal niveau een proactieve houding aan te nemen op dit dossier. Na veel lobby en samenwerking met een aantal andere proactieve Europese redersverenigingen is het gelukt om deze ambitieuze CO2-reductiedoelstellingen op de onderhandelingstafel van de IMO te krijgen.”De KNVR bestempelt de CO2-reductiedoelstellingen als ‘een doorbraak in de zeescheepvaartindustrie’. Volgens de vereniging gaan deze doelstellingen namelijk veel verder dan de doelstellingen die in de luchtvaartsector gesteld zijn.StrategieDe volgende stap is het bepalen van een eerste strategie om de CO2-reductiedoelstellingen daadwerkelijk te bereiken. De IMO bepaalde in oktober 2016 al een roadmap om CO2-uitstoot vanuit de scheepvaart te verlagen. In 2018 komt de organisatie met een daadwerkelijke strategie op de proppen. In 2023 moet de uiteindelijke strategie om CO2-uitstoot te verlagen, ook aangenomen zijn.Bron: KNVR | Foto: Shutterstock.com