Fitria Jelyta 11 april 2016, 10:27

Duurzaamste woonzorgcomplex komt in Arnhem

Zorgorganisatie Driegasthuizengroep uit Arnhem zegt het duurzaamste woonzorgcomplex van Nederland te bouwen.

6955679613 a5639e9b39 o

Bij de nieuwbouw van het woonzorgcomplex Huis en Haard zegt de zorgorganisatie een energieneutraal gebouw te realiseren. Zo krijgt het complex een dak dat geheel uit zonnepanelen bestaat en krijgt het complex geen gasaansluiting. Hierdoor wordt het hoogst haalbare energielabel A++++ behaald.

Verder krijgt Huis en Haard keukens die producent Bribus uit biobased materialen als mais en riet vervaardigt. Volgens Bribus zijn de keukens volledig recyclebaar en lichtgewicht, waardoor de keukens gemakkelijk in het gebouw worden ingepast.

Bij de nieuwbouw zijn bouwbedrijf Giesbers Wijchen, adviesbureau 4thecity en architectenbureau Geesink Weusten Architecten betrokken.

Bijdragen aan genezing

Naast het gebruik van duurzame materialen, zegt Driegasthuizengroep ook rekening te houden met duurzaamheid in de beleving van gebruikers van het gebouw. Hiervoor wordt een ‘Healing Environment’ ontwikkeld waarin senioren een prettige sfeer ervaren door veel beplanting in zowel het interieur als het exterieur.

“De Driegasthuizengroep is bezig om duurzaamheid onderdeel van de bedrijfsvoering te maken”, zegt Bert Krikke, directeur van 4thecity. “Zo is bijvoorbeeld bij zes woonzorggebouwen het streven om het energiegebruik met twintig procent te verlagen. Bij de nieuwbouw zijn de richtlijnen van Breeam het uitgangspunt.”

Volgens de projectontwikkelaar is Huis en Haard het eerste woonzorgcomplex in Nederland dat gebruikmaakt van de Breeam-standaard om duurzaamheid in het bouwproject te certificeren. Naar verwachting wordt de eerste bouwfase van Huis en Haard eind november afgerond. De tweede bouwfase start in 2017. Hiermee krijgt het gebouw een uitbreiding van 18 woonzorgstudio’s en een multifunctionele ruimte. 

Bekijk hieronder een impressie van het woonzorgcomplex Huis en Haard in Arnhem:

Bron: Driegasthuizengroep, 4thecity | Foto: Fran Urbano, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Kotters bespaarden in 2015 brandstof door pulsvisserij

Dat blijkt uit het rapport Visserij in Cijfers van het onderzoeksinstituut LEI van Wageningen UR. Het nettoresultaat van de kottervisserij steeg in 2015 met 73 procent ten opzichte van 2014, van € 28 mln naar € 48 mln.CO2-reductieBehalve aan hogere visprijzen is het hogere nettoresultaat volgens LEI Wageningen UR ook te danken aan een lager brandstofverbruik in combinatie met lagere brandstofprijzen. Die daalden in 2015 met 28 procent naar gemiddeld € 0,41 per liter.Per kilo aangevoerde vis daalde de CO2-uitstoot sinds 1995 met 57 procent tot 3,24 kilo CO2 in 2015. In totaal stootte de kottervisserij in 2015 985 kiloton CO2 uit. In 1995 lag deze hoeveelheid nog op 237 kiloton.Volgens het onderzoeksinstituut heeft de afname van het brandstofverbruik verschillende oorzaken. Zo noemt LEI de krimp van de Nederlandse kottervloot en het verbod op motoren met meer dan 2.000 paardenkrachten. Daarnaast zouden innovaties in zuinigere vistuigen en schepen en de verschuiving naar energiezuinigere visserijtechnieken, zoals puls, hebben bijgedragen.PulsvisserijDe pulstechniek was zelfs verantwoordelijk voor het grootste deel van het nettoresultaat van de platvisserij in 2015, stelt LEI. Bij pulsvisserij sleept een kotter een systeem van stroomdraden over de zeebodem. Stroomstootjes van zo’n 30 volt zorgen ervoor dat platvissen die zich op de bodem hebben ingegraven, schrikken en uit het zand omhoog komen. Vervolgens kan de vis worden gevangen.De pulskor vervangt onder meer de boomkor, die werkt met zware kettingen of klossen. Dat leidt tot minder bodemberoering en brandstofverbruik. Bovendien brengt de pulsmethode minder bijvangst met zich mee.Van de 280 kotters die de afgelopen jaren in de kottervisserij actief waren, zouden er nu ongeveer tachtig gebruik maken van pulsvisserij.Bron: LEI Wageningen UR | Foto: Branko Collin, via Flickr Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)