Chris Thijssen 15 januari 2018, 14:29

Ekoplaza en Eosta voorkomen verspilling groente- en fruitoverschot

Een samenwerking tussen winkelketen Ekoplaza, groothandel Eosta en telers moet voorkomen dat groenten en fruit als afval worden weggegooid. Overschotten uit de keten worden in de schappen van Ekoplaza voor een lagere prijs aangeboden.

Adobestock 46377444

Eosta neemt de oogst van zijn telers vaak volledig af, en brengt deze in de markt. Bij een goede oogst heeft Eosta meer aanbod dan de markt zelf heeft ingepland, waardoor veel overblijft.

Samenwerking

Om dat te voorkomen, zijn Eosta en Ekoplaza zijn een zogeheten ‘elastische’ samenwerking gestart, ontwikkeld in samenwerking met Wageningen Food & Biobased Research en het Louis Bolk Instituut. Waar de overgebleven producten voorheen vaak moesten worden weggegooid, worden die nu afgenomen door Ekoplaza. De winkelketen biedt de producten tegen een lagere prijs aan in zijn winkels.

“Als het gaat om het oplossen van grote maatschappelijke thema’s, zoals voedselverspilling, dan is het essentieel om samen te werken met sterke partners in de keten en onderzoeksinstellingen”, zegt Michaël Wilde van Eosta, in een persbericht.

Voedselverspilling verminderen

Volgens Ekoplaza wordt in Nederland jaarlijks voor enkele miljarden euro’s aan bruikbaar voedsel weggegooid. Deze verspilling vindt plaats in de gehele keten, bij de oogst, tijdens de opslag en transport, in de horeca, maar ook in supermarkten en bij de consument thuis.

Een pilot moet uitwijzen of elastische samenwerking in de keten de hoeveelheid voedselverspilling kan verminderen. De pilot is het begin van een systeem, waarin overschotten en andere verspilde producten een andere bestemming krijgen. De partijen presenteren de aanpak tijdens de Bio-beurs, op 18 januari in Zwolle. Geïnteresseerden kunnen dan ideeën voor dit systeem aandragen.

Het project is onderdeel van het project Efficiënte Keten, dat onderdeel uitmaakt van het onderzoeksprogramma Topsector Agri&Food van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Bron: Ekoplaza, via Louis Bolk Instituut | Foto: Adobe Stock

‘Elektrische auto’s hebben genoeg range, maar niet genoeg laadpunten’

Hop zet met PARKnCHARGE in op laadinfrastructuur, omdat hij gelooft in elektrisch rijden. “Het brengt veel duurzaamheidsvoordelen met zich mee. Denk aan het terugdringen van luchtvervuiling en geluidsoverlast. Daarnaast is de CO2-uitstoot van elektrische auto’s over de gehele levensduur fors lager dan die van fossiele auto’s.”Hop ziet het realiseren van laadpleinen echter ook gewoon als een kans, benadrukt hij: “Als elektrisch vervoer zich ook maar een beetje gaat ontwikkelen, en ik geloof dat dat gaat gebeuren, dan hebben we veel meer laadpalen nodig in Nederland. Daar spelen wij nu al op in.”LaadpleinenPARKnCHARGE bouwt laadpleinen en exploiteert vervolgens die ook. Momenteel heeft het bedrijf vijftien laadpleinen in operatie. Hop: “Dat zijn echt pilotprojecten, die we gebruiken om de kinderziektes eruit te halen.”In de aankomende maanden installeert PARKnCHARGE echter nog eens honderd laadpleinen. Een crowdfunding-campagne van € 210.000 op DuurzaamInvesteren.nl moet bijdragen aan het behalen van deze doelstelling. “Je kan tegenwoordig niet meer om de crowd heen”, aldus Hop. “Het is een fijne manier financiering. Het heeft iets democratisch: je doet het echt samen.”Binnen twee jaar wil PARKnCHARGE het aantal laadpleinen dat het bedrijf exploiteert zelfs uitbreiden naar duizend. Dat is ook hard nodig, stelt Hop, om het groeiende aantal elektrische auto’s in Nederland te faciliteren: “Dit is nog maar een druppel op de groeiende plaat.”De keuze voor laadpleinen, met meerdere laadpalen, maakt PARKnCHARGE niet zomaar. Het is zowel een zakelijke als een maatschappelijke beslissing, legt Hop uit. “Wij exploiteren de laadpleinen zelf, dus hoe meer auto’s aan de stekker, hoe beter. Daarnaast scheelt het in aansluitingskosten. Laadpleinen verkleinen echter ook de kans dat een laadpaal bezet is, wat ergernis bij elektrisch rijders voorkomt.”"De locatie van een laadpaal bepaalt in verregaande mate of er weerstand vanuit de bevolking ontstaat"WeerstandHet plaatsen van laadpalen en -pleinen kan echter niet zomaar en overal. Het stuit namelijk nogal eens op maatschappelijke weerstand, merkt Hop op. “Men denkt bij de plaatsing van een laadpaal vaak dat daarmee een reguliere parkeerplek wordt weggenomen. Wij zien het echter als een uitwisseling”, zegt hij. “Wanneer er meer mensen elektrisch gaan rijden, groeit de vraag logischerwijs naar parkeerplekken met laadpaal.”Het is echter wel belangrijk dat het plaatsen van laadpalen secuur gebeurt, benadrukt hij. Iets wat in het verleden nogal eens misging. “De locatie van een laadpaal bepaalt in verregaande mate of er weerstand vanuit de bevolking ontstaat. Laadpalen moeten wel gebruikt worden, anders kijken niet-elektrisch rijders constant tegen een lege parkeerplek aan waar ze geen gebruik van kunnen maken. Dan ontstaat er natuurlijk irritatie.”Om dit probleem te vermijden, maakt PARKnCHARGE gebruik van computermodellen die aan de hand van verschillende variabelen bepalen waar er behoefte is aan laadinfrastructuur (en waar dat niet het geval is). “Dit zijn karakteristieken van een stad en haar bewoners, autobezit in een bepaalde wijk, bezoekerslocaties en zo nog vele variabelen”, legt Hop uit. “We richten ons op plekken waar het gebruik van laadpalen optimaal is. Bijvoorbeeld op plekken waar zowel wordt gewerkt als gewoond, zodat de laadpalen zowel overdag als ’s nachts (en voor langere periodes) worden benut.”AcceptatieEr is in Nederland nog meer dan genoeg ruimte voor laadinfrastructuur, maar Hop verwacht dat we die ruimte in de toekomst hard nodig zullen hebben. Elektrisch rijden gaat een enorme vlucht nemen, stelt hij: “Er rijden momenteel ongeveer 120.000 elektrische auto’s rond in Nederland, maar ik verwacht in de aankomende jaren een doorbraak. Zo wordt de range van elektrische auto’s steeds groter: Nissan, Tesla en BMW komen bijvoorbeeld alle drie met een elektrische auto op de markt met een range van 300+ kilometer.”“Je merkt daarnaast dat het imago van elektrische auto’s verandert”, vervolgt hij. “Mensen raken steeds meer vertrouwd met elektrisch rijden en horen er steeds meer positieve verhalen over. Daardoor neemt de vraag naar elektrische auto’s toe. Bij fossiele auto’s gebeurt juist het omgekeerde, door alle sjoemelaffaires. Daarnaast laat de auto-industrie zelf ook zien dat elektrisch rijden de toekomst heeft: er is bijna geen automerk meer dat géén elektrische auto op de rol heeft staan.”Vehicle-2-GridHoewel de doorbraak van elektrisch vervoer nog even op zich laat wachten, kijkt PARKnCHARGE naar de toekomst. Hop: “De duizend laadpleinen die we willen realiseren zijn nog maar een eerste stap. Als elektrisch rijden ineens een vlucht neemt, kunnen we meteen uitbreiden. Het is wat dat betreft een hele schaalbare businesscase.”Ook op het gebied van Vehicle-2-Grid en Vehicle-2-House gaat PARKnCHARGE  experimenteren. In de toekomst zouden elektrische auto’s kunnen fungeren als externe batterij, bijvoorbeeld om het elektriciteitsnet te ondersteunen of overtollige zonne-energie op te slaan. “Vooral Vehicle-2-Home wordt steeds interessanter. Momenteel kunnen eigenaren van zonnepanelen nog salderen, maar als dat wegvalt, moeten we op zoek naar andere oplossingen. Dan kan het mogelijk heel interessant worden om je elektrische auto als opslagbatterij te gebruiken.”Foto: PARKnCHARGE