Fitria Jelyta 03 oktober 2016, 18:50

Europese start-ups krijgen groeigeld voor zorginnovaties

Het European Institute for Innovation and Technology (EIT) Health beloont zes Nederlandse en Belgische start-ups met investeringen tot € 50.000 om duurzame zorginnovaties op te schalen.

8116047139 aa82fb73e4 o

De subsidies werden toegekend aan de start-ups Ectosense, Toxys, Microsure, Qompium, m4ke.it en Idris Oncology tijdens het evenement Road to Uppsala van EIT Health België – Nederland. Hiermee hebben de startende ondernemingen € 25.000 tot € 50.000 opgehaald om duurzame zorginnovaties te ontwikkelen.

Duurzame zorg

Bij de toekenning van de subsidies beoordeelde de jury de start-ups op innovatief ondernemerschap, een doordachte marktstrategie, de potentie van het product en de kans dat het bedrijf met de investering sneller marktrijp zou zijn.

Het Nederlandse Microsure, een spin-offbedrijf van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e), werd beloond met een subsidie voor zijn operatierobots die chirurgische ingrepen met uiterste precisie kunnen uitvoeren.

Zorgwearables

Het Nederlandse bedrijf Toxys ontving € 50.000 van EIT Health voor een systeem dat nieuwe medicijnen sneller op de markt kan brengen door de toxiciteit van de chemische stoffen vroegtijdig aan te kaarten. Verder ontving de Nederlandse start-up Idris Oncology een subsidie voor de verdere ontwikkeling van een apparaat dat losse tumorcellen in het bloed opspoort.

Ook de Belgische start-up Qompium, die een smartphone-app ontwikkelde voor het detecteren van hartritmestoornissen, en Ectosense, die met zorgwearables inzicht geeft in de slaapkwaliteit van gebruikers, vielen in de prijzen.

Zorgkosten verminderen

Behalve voor investeringen kunnen de startende bedrijven bij EIT Health terecht voor advies en faciliteiten. Doel van het instituut is om nieuwe manieren te vinden om gezondheid in een vergrijzende bevolking te bevorderen en de kosten van zorg te verminderen.

In Nederland werken onder andere Philips, Achmea, TU/e, Erasmus MC en TU Delft samen met EIT Health. Wereldwijd heeft EIT Health een samenwerkingsverband met in totaal 140 bedrijven en kennisinstellingen. 

Bron: EIT Health, Emerce | Foto: Phalinn Ooi via Flickr, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Interface: ‘Biomimicry, het businessmodel van de natuur’

Dat stellen Geanne van Arkel, head of Sustainable Development bij Interface, en Saskia van den Muijsenberg, directeur en oprichter van de stichting BiomimicryNL, in een uitzending van DuurzaamBV Radio.Volgens Van den Muijsenberg kunnen bedrijven bestaande processen uit de natuur nabootsen om van duurzaamheid business te maken. Deze natuurlijke processen zijn ontwikkeld door organismen die een evolutie van 3,8 miljard jaar hebben doorgemaakt op aarde. Het integreren van processen uit de natuur in de bedrijfsvoering wordt aangeduid met de term biomimicry.Leren van de wetten van de natuurAls voorbeeld noemt de oprichter van stichting BiomimicryNL blauwe mossels, die zich vastplakken aan rotsen om aan voedingsstoffen te komen. De lijm die de mossels daarvoor gebruiken is stevig, biedt voldoende weerstand tegen water en is biologisch afbreekbaar.Van den Muijsenberg: “Hoe kunnen wij van de mossel leren om een lijm te ontwikkelen die deze eigenschappen heeft? Zo kunnen bedrijven leren van de wetten van de natuur en deze oplossingen toepassen in technologische innovaties, sociaal maatschappelijke vraagstukken, maar ook organisatie ontwikkelingsvraagstukken.”‘Factory as a Forest’Daar is tapijttegelfabrikant Interface volgens Van Arkel in geslaagd. Een voorbeeld van biomimicry bij Interface is het pilotproject Factory as a Forest, dat het bedrijf realiseerde in de Australische plaats Minto. In dit project zocht Interface naar manieren om net zoveel terug te leveren aan de natuur als de fabriek verbruikt.Zo stimuleert het bedrijf zijn werknemers om zuinig om te gaan met water en legt het groene daken aan, die regenwater opvangen en filteren voor gebruik. Dit draagt bij aan de lokale ecologie, maar ook aan de gezondheid van werknemers, die profiteren van de door beplanting gezuiverde lucht. Ook in het productieproces van tapijten laat Interface zich zoveel mogelijk inspireren door processen uit de natuur.“45 procent van de omzet van Interface is afkomstig uit tegels die geïnspireerd zijn op een bladerdek uit het bos, met dank aan biomimicry”, zegt Van Arkel. “Dat zijn hele slim ontworpen tegels, waarbij elke tegel net even anders is en snel geïnstalleerd kan worden met minimaal snijverlies en ook vervangen kan worden na een paar jaar tijd. Dat bespaart veel geld voor de klant en is veel duurzamer, want deze tegels kunnen weer optimaal hergebruikt worden.”KlimaatneutraalDoor biomimicry toe te passen in zijn productieprocessen, hoopt de tapijttegelfabrikant zijn Mission Zero te behalen. Het uitgangspunt van dit duurzaamheidsbeleid is om actief te zijn in het tegengaan van klimaatverandering door CO2-uitstoot en broeikasgassen om te zetten tot nieuwe duurzame materialen. Daarnaast zoekt Interface naar meerdere manieren om biomimicry toe te passen.Het duurzaamheidsbeleid van Interface leent zich volgens Van den Muijsenberg uitstekend voor biomimicry. Daarbij gaat het om het verbeteren van functionaliteiten of eigenschappen van producten zoals tapijttegels door te leren van de natuur. “Bij elk onderdeel van de bedrijfsvoering kun je je afvragen hoe de natuur dit zou oplossen. Dat is waar je start”, zegt ze.“Het mooie is dat biomimicry inspirerend is en dat je op creatieve oplossingen komt”, vult Van Arkel aan. “Denken vanuit de natuur vergroot de oplossingspotentieel.”Lees verder: Hoe een tapijttegelfabrikant klimaatverandering terugdraaitFoto: Interface (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)