Fitria Jelyta 17 december 2015, 07:15

Google en Johnson & Johnson ontwikkelen operatierobots

Google heeft samen met farmaceutisch bedrijf Johnson & Johnson een nieuw bedrijf opgericht om de ontwikkeling van operatierobots en nieuwe operatietechnieken mogelijk te maken.

Naamloos

Ethicon, het medische apparatuursbedrijf van Johnson & Johnson, werkt samen met Verily Life Sciences – voorheen bekend stond als Google Life Sciences – aan de ontwikkeling van innovatieve operatierobots. De partijen hebben het onafhankelijke bedrijf Verb Surgical opgericht om chirurgische oplossingen te ontwikkelen.

Verb Surgical moet in de komende jaren een platform opbouwen waarin operatierobots en nieuwe chirurgische technieken mogelijk worden gemaakt. Met de kennis over minimaal invasieve chirurgische ingrepen werkt Ethicon aan medische instrumenten voor het robot-geassisteerde platform van Verb Surgical.

De nieuwe technieken van Verb Surgical moeten volgens de initiatiefnemers leiden tot betere patiëntresultaten, een verbeterde toegang tot minimaal invasieve chirurgie en zorgprocessen in ziekenhuizen efficiënter maken. Het medische bedrijf zegt in de toekomst meer informatie vrij te geven over de ontwikkeling van de nieuwe chirurgische technieken.

Betere kwaliteit zorg

“Door het maximaliseren van de verschillende mogelijkheden van deze twee toonaangevende bedrijven, willen we nieuwe technologieën en oplossingen ontwikkelen om bij te dragen aan een kwaliteitsverbetering van zorg over de hele wereld” zegt Scott Huennekens, President & CEO van Verb Surgical.

Eerder heeft het Amerikaanse bedrijf Intuitive Surgical de Da Vinci-operatierobot ontwikkeld. Deze robot maakt het mogelijk om langdurig precisiewerk op moeilijk bereikbare plaatsen uit te voeren met betere uitkomsten, minder bijwerkingen en een kleinere kans op complicaties tot gevolg. In Nederland is er al een prostaatoperatie en een hartklepvervangende operatie met de robot uitgevoerd.

Bron: Johnson & Johnson | Foto: MillitaryHealth, Creative Commons (Cropped by DuurzaamBedrijfsleven)

Hoe lege chipszakjes 3D-printers voeden

Chipszakken bestaan uit een meerlaagse folieverpakking met een mengsel van polypropyleen en polyethyleen, samen met een dun laagje aluminium aan de binnenkant van de verpakking. Volgens verpakkingsdeskundigen zijn chipszakken moeilijk te recyclen, maar is het laagje opgedampt aluminium nodig om smaakafwijkingen door uv-licht, vocht en zuurstof tegen te gaan.De firma 3D Brooklyn ziet toch mogelijkheden voor recycling van chipszakken door er filament, het kunststof waarmee veel 3D-printers objecten opbouwen, van te maken. Dat doen zij op basis van plastic korrels, pellets, die het bedrijf TerraCycle, actief in upcycling en recycling, kan maken uit weggegooide chipsverpakkingen. De pellets worden door 3D Brooklyn omgesmolten tot bruikbaar filament.Een rol filament op basis van oude chipszakken met een gewicht van 450 gram bevat circa 45 hergebruikte chipszakken. Het grijskleurige 3D-printmateriaal smelt optimaal bij een temperatuur van 210 graden Celsius. De netto CO2-voetafdruk van een rol bedraagt 1,6 kilogram. Een rol kost $ 24.Meerdere bronnen voor maken van filament3D Brooklyn zegt nog op zoek te zijn naar andere restmaterialen die zich goed lenen voor recycling tot filament. Eerder ontwikkelden bedrijven filament op basis van schillen van koffiebonen, petflessen en dashboards. Daarnaast is er ook hardware op de markt om zelf filament te maken op basis van afgedankte 3D-objecten en afvalplastics.Bron: 3D Brooklyn | Foto: 3D Brooklyn