Chris Thijssen 20 november 2017, 09:15

Investering Wrangler en Walmart mondt uit in duurzaam textielverfproces

Een nieuw verfproces voor denim zou het gebruik van water en energie met meer dan 90 procent terugdringen ten opzichte van traditionele indigo-verfprocessen. Dat biedt kansen voor de kledingindustrie.

Shutterstock 352870232

Het innovatieve proces werd afgelopen week op de Texas Tech University gepresenteerd door de Amerikaanse producent Indigo Mill Designs (IMD).  Ook bedrijven die vroegtijdig in het ontwikkeltraject investeerden, waaronder de VF Corporation-merken Wrangler, Lee, en de Walmart Foundation, waren bij de presentatie aanwezig.

Duurzame kleding

Het gaat om een innovatie waarbij denim wordt geverfd met behulp van schuim. Het verven van garens met schuim gebeurt al langer. De technologie werd tot voor kort echter nog niet veel gebruikt in de denimindustrie, omdat de indigoverf die wordt gebruikt tijdens het proces moet reageren met zuurstof.

De IndigoZero-technologie van IMD, ontwikkeld aan de Texas Tech University, maakt dit mogelijk. Dat leidt volgens het bedrijf tot een energie- en waterreductie van meer dan 90 procent. Daarnaast zijn voor hetzelfde resultaat minder chemicaliën nodig ten opzichte van conventionele indigoverfprocessen.

Overproductie

“Geen lozing van spoelwater en een reductie van chemicaliën leidt tot grote verbetering van de duurzaamheid van dit proces, terwijl tegelijkertijd kostenreductie wordt behaald”, zegt Ralph Tharpe, oprichter en managing partner van IMD, in een persbericht.

Het proces van IMD maakt het voor textielfabrieken bovendien mogelijk om veel kleinere hoeveelheden te produceren in vergelijking met conventionele processen. Dat maakt producenten flexibeler en voorkomt onder meer overproductie.

IMD gaat met ‘early adopters’ van de technologie werken aan de bouw van machines die dit nieuwe proces kunnen uitvoeren. Doel is de opschaling naar een fullsize-productiesysteem.

Bron: Indigo Mill Designs | Foto: Shutterstock

Het internationale succes van EWT’s kleinere windturbines

EWT boekt al jaren wereldwijd succes met zijn businesscase en heeft inmiddels meer dan 600 windturbines geïnstalleerd. Ter Horst verklaart dit succes: “We focussen ons bewust op kleinere windturbines van 1 megawatt. Die focus zorgt er voor dat we daar dan ook heel goed in zijn. Terwijl andere windturbinefabrikanten steeds grotere windmolens aanbieden, zijn wij bewust blijven investeren in kleinere modellen.”De innovatieve windturbines van EWT hebben daardoor een capaciteit die concurreert met die van grotere windturbines. “Dat komt door de grootte van onze rotorbladen”, legt Ter Horst uit. “Onze windmolens hebben een rotordiameter van 61 meter lang, terwijl de diameter van concurrerende windmolens in ons segment niet verder komen dan ruim 50 meter.”"“Wij willen onze klanten voorzien van goedkope, decentrale en duurzame energie"Vele voordelenEWT legt de focus niet voor niets op kleinere windturbines. Het brengt namelijk vele voordelen met zich mee, waardoor het een aantrekkelijke markt is. Ter Horst: “Wij willen onze klanten voorzien van goedkope, decentrale en duurzame energie. Die doelstelling is bij uitstek te behalen met kleinschalige windenergieprojecten.”Kleinere windturbines zijn ten eerste gemakkelijker inpasbaar, legt Ter Horst uit: “Acceptatie en draagvlak vanuit omwonenden is nogal eens een probleem met windenergie. Daarnaast is het verkrijgen van een vergunning voor windturbines op land vaak een lastig proces. Beide problemen dring je terug met een kleinere windturbine. Men heeft nu eenmaal minder problemen met een windmolen van 60 meter hoog in hun ‘achtertuin’ dan een windmolen van 150 meter hoog.”Dat zag Ter Horst terug in het Friese dorpje Herbaijum, waar EWT samen met energieleverancier Qurrent een buurtmolen plaatste. “De buurtmolen is eigendom van de omwonenden. Ze kunnen daarnaast profiteren van veel goedkopere stroom, zonder een voorinvestering te doen”, legt hij uit. “Dan merk je meteen dat acceptatie geen issue meer is. Dat is de kracht van kleinschalig en decentraal; dit was namelijk niet mogelijk geweest met een windenergieproject van 10 megawatt.”GoedkoperDaarnaast is windenergie in veel gevallen een goedkoper en schoner alternatief voor fossiele energie. Zo is EWT actief in Alaska, waar afgelegen dorpen in grote mate afhankelijk zijn van dure dieselgeneratoren. Een windturbine biedt daar echter een goedkoper en duurzamer alternatief. De businesscase van EWT sluit hier naadloos bij aan: “Grote windturbines hebben op dergelijke plekken geen nut”, stelt Ter Horst. “Die wekken veel meer energie op dan zo’n dorpje nodig heeft. De windturbine van EWT sluit wel aan bij de behoefte.”Hetzelfde principe gaat op bij bijvoorbeeld eilanden. Ter Horst: “De installatie van een grote windmolen vereist logischerwijs een grote kraan. Het kost heel veel geld om die naar een eiland te verschepen. Een kleinere windturbine is in economisch opzicht dus veel interessanter voor eilandgemeenschappen.”“Er zijn heel veel interessante deelmarkten voor onze businesscase”, vervolgt hij. “Denk aan grote fabrieken, waterzuiveringsinstallaties of afgelegen mijnen. Onze windturbines bieden een decentraal en duurzaam alternatief voor fossiele energie, die in veel gevallen in staat is om de lokale stroomprijs te verslaan.”"Er zijn heel veel interessante deelmarkten voor onze businesscase"Verenigd KoninkrijkEWT is inmiddels wereldwijd actief. Er zijn windturbines van het Nederlandse bedrijf te vinden in Noord-Amerika, Latijns-Amerika, Azië en verschillende Europese landen. “Het Verenigd Koninkrijk diende als onze springplank”, vertelt Ter Horst. “Daar was veel vraag naar kleinere en decentrale windenergieprojecten, waar de windturbines vaak eigendom werden van de gemeenschap. Inmiddels zijn we in veel meer landen actief.”Nederland“Nederland blijft echter onze thuisbasis”, benadrukt Ter Horst. Hij ziet een belangrijke rol weggelegd voor EWT in de Nederlandse energietransitie. Er staan namelijk een fors aantal oude windturbines in Nederland, die in de aankomende jaren vervangen moeten worden.Ter Horst: “Dat gaat om zeker 1.000 megawatt aan capaciteit. Het probleem is dat deze windturbines niet zomaar vervangen kunnen worden door grotere varianten. Dan loop je tegen allemaal problemen met vergunningen aan. Wij kunnen hier een belangrijke rol in spelen, door kleinere windturbines te leveren, die wel over een hoge capaciteit beschikken.”Dit is echter makkelijker gezegd dan gedaan. Bij kleinschalige windprojecten is het namelijk lastig om een banklening te krijgen. Ter Horst: “Die stappen pas in bij grotere projecten.”Daarnaast is de SDE+-subsidie niet langer toereikend voor kleinschalige windprojecten. “Dat is in de afgelopen jaren enorm gekelderd. De SDE+-subsidie werkt op het gebied van windenergie tegenwoordig alleen nog voor hele grootschalige projecten”, verklaart Ter Horst. “Daardoor loop je het gevaar dat die 1.000 megawatt aan windenergie op land langzaamaan weglekt. Daar zijn we erg bezorgd over.”CrowdfundingVoor kleinschalige projecten kijkt EWT naar andere manieren zijn windenergieprojecten te financieren. Crowdfunding blijkt voor de windturbinefabrikant een interessant alternatief. Zo werd de buurtmolen in Herbaijum deels gefinancierd door middel van crowdfunding en werd er recentelijk een succesvolle crowdfunding-campagne van € 600.000 afgesloten voor de windturbine Nieuwe Niedorp.“Deze windturbine draait al anderhalf jaar. EWT heeft toentertijd alle kosten voor zijn rekening genomen, terwijl normaal gesproken ruim de helft van een project gedekt wordt door bankfinanciering”, zegt Ter Horst. “Het is echter niet haalbaar voor ons om alles zelf te financieren. Crowdfunding biedt daarom uitkomst. Op die manier spelen we kapitaal vrij om nog meer nieuwe duurzame energieprojecten van de grond te krijgen.”Foto: EWT