Chris Thijssen 02 februari 2017, 12:28

'Nederlanders staan meer open voor doggybag'

Nederlanders vinden het minder erg om in een restaurant een doggybag te vragen dan voorheen. Natuur & Milieu pleit ervoor dat de doggybag ‘volledig ingeburgerd’ raakt.

Shutterstock 275720087

Dat blijkt uit onderzoek van Natuur & Milieu, uitgevoerd door Motivaction en Panelwizard. Van de Nederlanders vindt 38 procent het gênant om in een restaurant om een doggybag te vragen. In 2015 was dit 47 procent en in 2014 nog 52 procent.

Verder blijkt uit het onderzoek dat hoe hoger mensen zijn opgeleid, hoe meer gêne zij voelen om een doggybag te vragen.

Voedselverspilling horeca

Ook komt in het onderzoek naar voren dat in 2016 1,3 miljoen Nederlanders (8 procent) vaker een doggybag aangeboden kregen dan in de voorgaande jaren.

Natuur & Milieu startte in 2014 een doggybag-campagne. Sinds die tijd zijn er volgens de organisatie 415.000 doggybags bij restaurants terechtgekomen. 100.000 deelde Natuur & Milieu, in samenwerking met Depa en Rabobank, gratis uit. De overige 315.000 doggybags werden via horecagroothandels verkocht aan restaurants.

Doel van de campagne is voedselverspilling in de horeca tegen te gaan. Jaarlijks verspilt deze sector volgens Natuur & Milieu 51.000 ton voedsel, wat gelijkstaat aan 77 miljoen warme maaltijden.

Eigen doggybag

“Naast onze 415.000 doggybags gebruiken veel restaurants hun eigen doggybag. 1,3 miljoen mensen is natuurlijk een mooi aantal, maar wat ons betreft mag dit snel omhoog”, zegt Talitha Koek, woordvoerder van Natuur & Milieu.

“We pleiten ervoor dat de doggybag volledig ingeburgerd raakt in Nederland. Het past bij onze cultuur: 77 procent van Nederland heeft een hekel aan voedselverspilling. daarnaast vinden we het als zuinige Hollanders zonde van het geld om voedsel weg te gooien.”

Bron: Natuur & Milieu | Foto: Shutterstock.com

‘Kansen voor wisselbouw met diervoer- en biogasgewas’

Dat blijkt uit onderzoek van adviesbureau Ecofys, in opdracht van de Italian Biogas Consortium (CIB). In Europa ligt landbouwland tijdens de winter vaak braak. In een sequentieel gewassenschema wordt een wintergewas verbouwd in aanvulling op het gangbare zomergewas. Deze werkwijze, ook wel wisselbouw genoemd, wordt door verschillende Italiaanse boeren gehanteerd.Ecofys heeft de impact van deze werkwijze getoetst, in samenwerking met het Wageningen University Centre for Crop Systems Analysis and the Research Centre on Animal Production.BiogasDe studie werd uitgevoerd in Noord-Italië, waar mais wordt geteeld als zomergewas, bedoeld voor diervoeding, en in de winter de grassoort triticale. Dit gewas wordt verbouwd voor vergisting, ofwel de productie van biogas. Het digestaat dat bij het vergistingsproces overblijft, gaat terug als voedingsstof naar de landbouwgronden.De experts onderzochten hoe veel toegevoegde biomassa werd geproduceerd en welke impact de biomassa had op de voedingsstoffen in de bodem, op bodemerosie, waterbeschikbaarheid, biodiversiteit op de boerderij en de koolstofbalans.BiobrandstoffenHieruit blijkt volgens Ecofys dat alle aspecten van dit landbouwsysteem veelbelovend zijn. Zo wisten de boeren de gewasopbrengsten voor zowel diervoeding als voor extra biogas als grondstof te verhogen. Dat leidt tot meer CO2-opname uit de lucht en extra inkomsten voor de landbouwers, zonder het verplaatsen van de bestaande productie van diervoeders of het creëren van andere negatieve effecten.“Het feit dat goedkoop biomethaan kan worden geproduceerd met positieve milieu-impact en geen negatieve risico’s op het gebied van landgebruik, is bemoedigend, aangezien biobrandstoffen vandaag de dag in veel grotere hoeveelheden nodig zijn om de transportsector koolstofarmer te maken”, zegt Daan Peters, senior consultant bioenergy bij Ecofys en eerste auteur van de studie. “Het zou mooi zijn als dit concept door Europa kan worden uitgerold.”Business caseEcofys toetste ook of de landbouwmethode een positieve business case heeft en of die kan worden opgeschaald naar andere regio’s. Op basis daarvan schat het adviesbureau dat de potentiële kostenbesparingen en regionale kansen significant kunnen zijn. Er kan zelfs een groter potentieel worden verwacht als andere gewascombinaties mee worden genomen.De experts raden dan ook een meer gedetailleerd onderzoek aan naar de potentie van sequentiële gewasschema’s in de Europese Unie en elders.Bron: Ecofys | Foto: public domain