Erik Verheggen 12 mei 2017, 15:56

The Ocean Cleanup: helft ‘Great Garbage Patch’ binnen 5 jaar opgeruimd

The Ocean Cleanup start in 2018 met het opruimen van afvalplastic in de Stille Oceaan. Initiatiefnemer Boyan Slat presenteerde donderdag een nieuw ontwerp voor zijn opruiminstallatie.

The ocean cleanup the next phase

[image]

Het project The Ocean Cleanup is sinds eind 2016 in een stroomversnelling terecht gekomen. De organisatie heeft inmiddels € 30 mln aan investeringsgeld opgehaald. Daarmee kan Slat twee jaar eerder dan verwacht starten met het opruimen van plastic in de oceanen.

In de eerste helft van volgend jaar moet The Ocean Cleanup actief zijn in ‘The Great Garbage Patch’, een gebied waar de oceaanstromingen plastic van over de hele wereld samenbrengen. Hoewel onbekend is hoe groot deze afvalvortex precies is, de schattingen lopen uiteen van de grootte van Frankrijk tot de grootte van Rusland, is duidelijk dat de concentratie plastic in dit gebed enorm hoog is. The Ocean Cleanup denkt binnen vijf jaar de helft van al dit plastic op te kunnen ruimen.

De organisatie voerde de afgelopen maanden een proef uit in de Noordzee. Met armen van 100 meter vangt deze installatie plastic op, om ze daarna naar een centraal punt te geleiden.

Oorspronkelijk voorzag het plan van The Ocean Cleanup in installaties met armen van 100 kilometer, maar daar is nu verandering in gebracht. In plaats enkele grote plasticvangers, wil The Ocean Cleanup nu gaan werken met een vloot van kleinere installaties. Deze worden bovendien niet meer verankerd aan de zeebodem. In plaats daarvan reguleren ze hun snelheid met sleepankers.

Donderdag, voorafgaand aan de presentatei van Boyan Slat, was CTO Marcel Wubbolts van Corbion te gast in de DuurzaamBV podcast. John van Schagen en Erik Verheggen spraken met hem over de kansen en uitdagingen voor The Ocean Cleanup.

Bron: The Ocean Cleanup

S&P maakt klimaatrisico’s van indexfondsen zichtbaar

Met de zogeheten S&P Dow Jones Indices Carbon Scorecard maakt de kredietbeoordelaar het mogelijk om aandelenindexen te beoordelen op blootstelling aan klimaatrisico's. Aandelen in CO2-intensieve productieprocessen of fossiele brandstoffen worden in S&P met de scorecard negatief beoordeeld. Klimaatrisico’s vermijdenZo analyseert de rapporteringsmethode factoren als CO2-voetafdruk, de verwachte uitstoot die gerelateerd is aan fossiele reserves en omzet gegenereerd uit de kolenindustrie. Ook kijkt de Carbon Scorecard naar aandelen van bedrijven die de duurzame energietransitie versnellen en het omzetaandeel van groene energie en CO2-intensieve activiteiten.Volgens S&P zou deze methode niet alleen leidend zijn in het vermijden van klimaatrisico’s bij investeringsbeslissingen, maar ook risico’s op stranded assets verminderen. “De S&P Dow Jones Indices Carbon Scorecard toont het bereik van de statistieken die marktdeelnemers nu gebruiken om klimaatrisico’s en kansen voor duurzaamheid in te zien”, zegt Dr. Richard Mattison, CEO van Trucost, in een persbericht.“Veel grote institutionele beleggers integreren deze criteria in hun beleggingsprocessen en CO2 wordt steeds meer beschouwd als een belangrijk factor in de investeringsbeslissingen.”Duurzaamheid en kredietwaardigheid“Als een bedrijf economische voordelen kan halen uit duurzame investeringen, dan is er ook direct een positief effect op de kredietwaardigheid van het bedrijf”, zei Michael Wilkins, managing director, head of global environmental & climate research van S&P, eerder in een interview met DuurzaamBedrijfsleven.“Maar bedrijven die niet investeren in duurzaamheid, kunnen zich bevinden in een gevarenzone. Als een bedrijf aan de verkeerde kant van de duurzame economie staat – een klassiek voorbeeld hiervan is investeren in fossiele brandstoffen die broeikasgasemissies veroorzaken – dan kan dat leiden tot negatieve gevolgen op de kredietwaardigheid van het bedrijf.”Bron: S&P, Trucost | Foto: Shutterstock.com