Redactie DuurzaamBedrijfsleven.nl 30 september 2014, 16:00

Twee ton voor duurzame hennepvezel

De provincie Gelderland geeft ruim twee ton subsidie aan de start-up StexFibers voor het ontwikkelen van hennepvezels voor de textielindustrie.

Textiel van hennep e1412070571678

Hennep wordt vaak geassocieerd met wiet, maar biedt meer dan 30.000 andere productmogelijkheden. Gewassen met een laag THC-gehalte hebben voor de wietindustrie geen enkele waarde maar als grondstof des te meer.

Hennep is van oudsher een grondstof voor papier, hout en textiel, maar door de concurrentie van synthetische plastics werd het gewas steeds minder verbouwd. De teelt van hennep voor commerciële doeleinden is de laatste tien jaar in veel landen toegestaan. Dat zorgt voor nieuwe initiatieven zoals de ontwikkeling van hennepvezels voor de textielindustrie.

 

Duurzame grondstof

 

De Nederlandse start-up StexFibers gebruikt de subsidie van de provincie Gelderland samen met hennepteler Pantanova en innovatiestichting Texperium om een keten van teelt tot garens op te zetten. StexFibers gebruikt daarvoor een zogenoemde stoomexplosie-installatie. Deze verwerkt de hennepplant tot vezels die geschikt zijn voor de textielindustrie. "De gekweekte hennep is alleen geschikt om te dragen en niet om te roken. Je wordt er niet high, maar misselijk vant", benadrukt de organisatie.

Hennep is als textielgrondstof duurzamer dan katoen. Het groeit sneller, heeft meerdere oogstmomenten per jaar en levert per hectare meer vezels op. De verbouw vergt minder water, kunstmest en bestrijdingsmiddelen. Bij de vezelproductie is tot 95 procent minder water nodig dan bij de verwerking van katoen. Kleding van hennep is daarnaast sterker en zachter.

StexFibers is onderdeel van de incubator Greenhouse Arnhem, een verzamelplaats voor start-ups in de cleantech-sector.

Bron: Nu Zakelijk, Greenhouse Arnhem, Rheden Nieuws | Foto: Barsha Paudel via Flickr

Topwetenschappers: EU-klimaatbeleid moet ambitieuzer

In de brief stellen de wetenschappers dat de huidige voorstellen waar Brussel over debatteert, ontoereikend zijn om klimaatverandering tegen te gaan en bovendien een kans op economische groei voorbij laten gaan.De EU-lidstaten onderhandelen over nieuwe energie- en klimaatdoelen voor 2030. De Unie streeft naar 40 procent emissiereductie, 30 procent energie-efficiëntie en een aandeel van 27 procent hernieuwbare energiebronnen. Uit onderzoek door het Europees Milieu Bureau in Kopenhagen blijkt echter dat deze doelstellingen ook zonder extra inspanningen zijn te behalen. “Anders gezegd: die ‘doelen’ zijn helemaal geen doelen." Ambities “Wij dringen aan op aanzienlijk ambitieuzere en bindende Europese doelen voor 2030,” schrijven de wetenschappers, waaronder Louise Vet, Jan Jonker en oud-Rabotopman Herman Wijffels.Zij oordelen dat forsere CO2-reducties nodig zijn om de kritische grens van een gemiddelde wereldwijde opwarming van 2 graden Celsius niet te overschrijden. Daarnaast maken zij zorgen over het feit dat de doelen geen nationale vertaling krijgen en niet-bindend zijn. “We moeten naar juridisch bindend beleid,” aldus de wetenschappers. Economisch voordeel Zij wijzen erop dat een ambitieus energie- en klimaatbeleid economische voordelen biedt. “Dat leidt tot een hogere economische groei en meer banen. En daarop zitten niet alleen miljoenen Nederlanders, maar ook honderden miljoenen Europeanen met smart te wachten.”De Tweede Kamer debatteert dinsdag over dit onderwerp. Later in oktober staat het klimaat- en energiebeleid op de agenda van de Europese Raad. De wetenschappers geven premier Rutte alvast een boodschap mee. “Wij roepen de EU-leiders concreet op om ambitieuze doelen te stellen: 55 procent emissiereductie, 40 procent energie-efficiëntie en 45 procent hernieuwbare energie op EU-niveau. Maak bindende afspraken en vertaal deze naar nationale doelstellingen.”Bron: Het Groene Brein | Foto: tres rosas amarillas, via Flickr