Maaike Kooijman
08 juni 2026, 15:12

Als de berm toch gemaaid moet worden, kunnen we dat gras maar beter gebruiken (als biobased bouwmateriaal)

Steeds meer boeren verbouwen geen uien of aardappelen, maar hennep of olifantsgras. Die biobased materialen moeten de bouw verduurzamen. Maar er is ook nog een grondstof waarvoor géén landbouwgrond nodig is: bermgras.

bermgras biobased bouw | Credits: Getty Images

Gebouwen van hout met wanden van vlas en isolatie van hennep. Dat is hoe de standaard nieuwbouw er in de toekomst uit kan zien. Ministeries en bedrijven zijn druk bezig met het opzetten en opschalen van ketens voor zulke biobased bouwmaterialen. Maar wat als we (ook) biologische materialen gebruiken die niet meer verbouwd hoeven te worden, maar die er al zijn?

Daarmee experimenteert Greenhub Zuid-Holland. De provincie, gemeenten, groenaannemers en bouwbedrijven werken samen aan een circulaire keten op basis van bermmaaisel. Dat wordt nu vaak verbrand, maar past juist prima in een circulaire economie.

Bouwmaterialen en mest van bermgras

Bermmaaisel is in overvloed aanwezig: in Nederland komt elk jaar meer dan een miljoen ton bermgras vrij. Greenhub Zuid-Holland wil daar zo’n 30.000 ton per jaar van verwerken. Van de vezels kunnen bijvoorbeeld duurzame bouwpanelen en isolatiemateriaal gemaakt worden, die al gebruikt worden door onder andere GKB Groep en Isolatieplatform Nederland. Die vezels kunnen in principe oneindig hergebruikt worden. Daarbij vervangen ze niet alleen fossiele materialen, maar slaan ze ook CO2 op.

Maar er zijn ook andere opties. Zo kun je van bermgras bokashi maken, een meststof van gefermenteerd organisch materiaal die bodems kan verbeteren. Rotterdam is één van de gemeenten die bokashi gebruikt in het beheer van openbaar groen.

Ecologisch beheer stimuleren

Je zou kunnen denken: kun je de bermen niet beter ongemaaid laten? Gemaaide gazonnetjes kennen over het algemeen weinig biodiversiteit. Maar in de bermen is dat anders, zegt Jelte van Mil van de Greenhub Zuid-Holland. Daar slaat veel stikstof neer die auto’s met verbrandingsmotoren uitstoten. ‘Vanwege de stikstof groeien er steeds meer brandnetels en bramen, die de concurrentie aangaan met de inheemse begroeiing. Als je het gras maait, verwijder je ook een deel van de nutriënten voor woekeraars. Dan krijgen andere plantensoorten meer de ruimte.’

Daarbij zorgt het benutten van bermgras indirect voor ecologisch beheer van bermen, zegt Van Mil. Hoe schoner de berm, hoe beter het gras benut kan worden. Een goed onderhouden berm levert gemeenten dus meer geld op. Om gemeenten daarbij te helpen, ontwikkelt de Greenhub een speciale ‘arm’ voor maaimachines, die vuil kan opzuigen voor het gras gemaaid wordt.

Op zoek naar locatie

De 30.000 ton per jaar heeft Greenhub Zuid-Holland voorlopig nog niet bereikt, deels doordat er nog geen plek is waar het bermgras centraal verwerkt kan worden: de Zuid-Hollandse ‘hub’ bestaat alleen nog virtueel. Dat komt ook doordat er nog meer afnemers gezocht moeten worden, zegt Van Mil.

Om de vraag te stimuleren wordt onder andere contact gezocht met woningcorporaties en is er een samenwerking met Building Balance, de organisatie die namens vier ministeries ketens voor biobased bouwmaterialen opzet binnen de Nationale Aanpak Biobased Bouwen. Ook lopen er campagnes om gemeenten bewust te maken van de mogelijkheden van bermgras en andere biologische reststromen in de openbare ruimte. Denk aan eendenkroos, bagger en gevallen bladeren.

Greenhub beperkt zich daarbij niet tot Zuid-Holland: recent is ook Greenhub Achterhoek opgestart.

Technische uitdagingen

Ook aan de aanbodkant moeten er nog enkele hordes genomen worden. Zo moet voor hoogwaardige verwerking de kwaliteit van het bermgras hoog zijn. Maar ‘niets is zo veranderlijk als de kwaliteit van bermgras’, zegt Richard Liebrechts, initiatiefnemer van Greenhub Zuid-Holland. ‘De manier waarop je het opslaat, draagt daaraan bij.’

Vooral in de zomer moet je broei voorkomen, legt Liebrechts uit. Om dat te voorkomen is het zaak om bermgras zo snel mogelijk uit te persen, te drogen en tot balen te verwerken.

Toch zal het aan de techniek niet liggen. Die is soms al verder dan de mens, zien Liebrechts en Van Mil. Vooral de manier waarop we naar reststromen kijken, is uiteindelijk bepalend. Van Mil: ‘Eigenlijk moeten we het niet eens reststromen noemen. Het zijn grondstoffen.’

Lees ook:

Hoe je opschaalt zonder je ziel te verliezen, volgens de baas van Fairphone

De overgang van een idealistische startup naar een volwassen scaleup is misschien wel de moeilijkste fase voor een impactgedreven bedrijf. In mijn professionele carrière heb ik meermaals gezien hoe complex deze transitie is. Je laat de pioniersfase ver achter je en bouwt keihard aan schaalgrootte.Maar hoe blijf je in die fase relevant? Hoe word je echt competitief? En nog belangrijker: hoe schaal je op zónder dat het ten koste gaat van je missie?Voor alle founders en leiders van impactbedrijven deel ik hierbij mijn belangrijkste 'lessons learned' van de afgelopen jaren over het opschalen van idealen in een commerciële realiteit. 1. Verwar je missie niet met je propositie Dit is misschien wel het lastigste inzicht voor missiegedreven bedrijven. Om succesvol op te schalen móét je competitief zijn. Dat betekent: je maakt in de allereerste plaats een heel goed product of een uitstekende dienst. Dát is je propositie.Duurzaamheid of impact is de reden dat klanten zich extra goed voelen over de aankoop die ze stiekem toch al wilden doen, maar 'de wereld redden' is zelden het enige (of eerste) aankoopargument van de gemiddelde consument. Jouw missie is je onwrikbare fundament, maar je propositie moet strak genoeg zijn om de bredere markt te overtuigen. 2. Daag continu je eigen status quo uit What got you here won't necessarily get you there. In de transitie naar een scaleup is dit de harde realiteit. De processen, de systemen en soms helaas ook de teamdynamiek die cruciaal waren in de opstartfase, zijn later vaak precies de ankers die je tegenhouden. Als je blijft opereren als een startup, stagneert de boel. Om relevant te blijven moet je als leiderschapsteam extreem nieuwsgierig blijven. Challenge constant je eigen status quo.Vraag jezelf bij alles af: doen we dit nog steeds omdat het echt werkt op deze nieuwe schaal, of puur omdat we het altijd al zo deden? Opschalen betekent professionaliseren, afscheid nemen van je eigen heilige huisjes en de structuur van je organisatie continu opnieuw durven uitvinden. 3. Verander het systeem van binnenuit (maar speel je eigen spel) Als je een industrie wilt veranderen, moet je er middenin durven staan. Als je met een oordelend vingertje aan de zijlijn blijft staan als het 'sympathieke, kleine alternatief', zal het systeem je simpelweg negeren. Je moet de arena in en durven mainstream te worden.Maar stap die arena wél binnen met een eigen spelstrategie. Ga niet proberen het speltype te spelen van de huidige grootmachten in je markt; die wedstrijd verlies je bij voorbaat vanwege hun gigantische budgetten en schaalvoordelen. Verander het systeem van binnenuit, maar doe dit theatraal vanuit je eigen unieke sterktes, waarden en compleet op jouw voorwaarden. 4. Opschalen is zelden lineair: blijf wendbaar en experimenteer We denken te vaak dat opschalen gewoon 'meer van hetzelfde' is. Maar de praktijk is weerbarstig. Zodra je impactmodel groter begint te worden, gaat de bestaande waardeketen (die zijn eigen status quo wil verdedigen) ineens reageren of met je concurreren.Echte systeemverandering is geen lineaire lijn omhoog. Je hebt keiharde data en dashboards nodig om je koers te checken, maar vooral de moed om te pivoten als je merkt dat de impact stagneert. In deze fase is veel nog 'onontdekt'; focus dus op blijven experimenteren, leren en razendsnelle iteraties. 5. Blijf trouw aan je 'raison d'être' Terwijl je propositie, je processen en je marketingboodschap continu veranderen om de groei bij te benen, mag één ding nooit wankelen: je missie. Waarom ben je hier? En nog belangrijker in de scaleupfase: snapt iedere nieuwe medewerker dat nog?Een universele les uit succesvolle groeitrajecten: you can't over-communicate. We onderschatten vaak de weerstand die verandering op schaal binnen een organisatie met zich meebrengt. Het is de taak van leiders om in één-op-ééngesprekken en teamoverleggen de visie eindeloos te blijven benadrukken en persoonlijk te maken. Blijf trouw aan die missie. Stel torenhoge eisen aan je leveranciers en wees absoluut niet bang om daar ferm in te zijn. 6. Shoot for the moon Impact maken vereist volume, en volume vereist ronduit onbescheiden doelen. Zet een heldere, gedurfde stip op de horizon. Bijvoorbeeld: het bouwen van de allereerste unicorn in jouw impactsector. Niet omwille van de traditionele financiële status, maar omdat die schaalgrootte het ultieme, onweerlegbare bewijs is aan de rest van een conservatieve industrie dat een ethische én schaalbare keten gewoon realiteit kan zijn.Opschalen als impactbedrijf is balanceren op een heel dun koord tussen commerciële realiteit en puur idealisme. Het is rommelig, het is moeilijk, maar het is de absolute sleutel om een industrie echt in beweging te krijgen.Dit artikel verscheen eerder op MT/Sprout. Lees ook:Fairphone wil mainstream worden: ‘Het tipping point ligt bij een miljoen telefoons per jaar’ Goed doen én goed verdienen: zo bouw je de volgende Fairphone of Tony’s Chocolonely Nieuwe ceo Mud Jeans: ‘Vroeger waren we circulair en hadden we ook een mooi product. Nu is dat andersom'