‘Kinderen zijn gewend om meerdere keren met hun Lego-blokjes te spelen. Niemand bouwt een huis van Lego en vraagt z’n ouders dan om nieuwe. Waarom doen we dat in de maatschappij dan wel?’
We zouden Lego-steentjes, ofwel materialen in gebouwen, vaker moeten gebruiken. Met die gedachte richtte ondernemer Vince Meens in 2023 Maeconomy op. ‘Om de Lego-doos van de stad te laten zien.’
Hij houdt sowieso van analogieën met speelgoed, zo blijkt: Monopoly is ook een grote inspiratiebron voor hem. Niet de variant die wereldwijd beroemd is, maar de ándere variant die bedenker en anti-monopolist Elizabeth Magie aan het begin van de twintigste eeuw verzon. ‘In die variant kun je niets bezitten wat van de Aarde is. Wil je het gebruiken, dan moet je er een bijdrage voor betalen. Dat lijkt me een ideale wereld.’
Met Maeconomy wil Meens de circulaire economie stimuleren door inzichtelijk te maken welke waardevolle materialen uit gebouwen en infrastructuur vrijkomen voor hergebruik. De startup laat zien hoeveel materiaal ergens zit, wat het nog waard is, hoe goed de kwaliteit is na gebruik en wat hergebruik oplevert in geld en CO2-besparing. Die bouwmaterialen moeten vervolgens beschikbaar worden op een soort marktplaats voor hergebruik.
Eerder deze maand haalde Maeconomy 1,5 miljoen euro financiering op van Lumo Labs en LIOF, de regionale ontwikkelingsmaatschappij van de Provincie Limburg.
Gefeliciteerd met de financiering! Hoe gaan jullie het geld gebruiken?
‘We kunnen dit geld vooral goed gebruiken om ons voorspellingsprogramma beter te maken. Toen we op het idee kwamen om alle materialen in gebouwen en infrastructuur in kaart te brengen, zijn we eerst veel inspecties op locatie gaan doen. Dat is natuurlijk heel tijdrovend. Daarom passen we nu AI toe op data van onder andere het Kadaster. Zo kunnen we de bibliotheek van gebouwen waar we heel veel over weten gebruiken om iets te zeggen over de gebouwen waar we nog niet zijn geweest. Een soort zoekmachine voor materialen.
Die zoekmachine werkt eigenlijk heel goed. Over een paar maanden hebben we naar schatting heel Nederland in kaart gebracht. Natuurlijk blijft het een voorspelling, maar daarmee kunnen we wel inschatten welke gebouwen het waard zijn om verder te inspecteren en certificeren.’
Kunnen al die in kaart gebrachte materialen later worden hergebruikt? Gebouwen van baksteen en beton zijn niet zo makkelijk uit elkaar te halen als Lego-huizen.
‘We leven nog lang niet in een ideale wereld waarin alles modulair is en makkelijk uit elkaar gehaald kan worden. Maar bakstenen kun je opnieuw stapelen, en beton kun je in principe scheiden tot de drie grondstoffen − zand, grind en cement − waarvan je vervolgens nieuw beton kunt maken.’
Wat levert dat op?
‘De drempel naar een circulaire economie is geen technisch probleem; het probleem is dat de incentives nu niet kloppen. Met Maeconomy willen we een financiële waarde toekennen aan materialen. Zodat ze niet als afval worden gezien, maar eerder als iets waar statiegeld op zit. Dat kan doordat we de materialen per eenheid registreren in wat we ons Internet of Materials noemen.
Nu is het zo dat veel materialen in gebouwen en infrastructuur financieel gezien geen waarde hebben. Pas in de laatste weken voor de sloop gaan we op zoek naar iemand die er toevallig nog iets mee wil. Maar door ons register kunnen materialen al veel eerder verhandeld worden, als het ware gereserveerd. Doordat zeker is dat iemand er iets mee wil, wordt de waarde erkend. Eigenaren van gebouwen kunnen die waarde dan nu al inzetten voor bijvoorbeeld nieuwe projecten.’
Hoe zit dat financieel in elkaar?
‘Kijk naar gemeenten. Die schrijven eigendommen standaard af naar nul. Daardoor zijn ze onzichtbaar op de financiële balans. Hooguit krijgen ze aan het einde van de levensduur van een gebouw of weg nog korting op de sloop omdat de materialen hergebruikt kunnen worden.
Als we door onze marktplaats een opkoopgarantie kunnen bieden, kunnen gemeenten met restwaarden gaan werken. Daardoor krijgen ze meer financiële ruimte voor investeringen. Tegelijkertijd krijgen ze de mogelijkheid om zich te verzekeren van voldoende lokale materialen. Het idee is niet dat een baksteen 100 kilometer vervoerd moet worden.’
Voor wie is dit interessant?
‘We richten ons in de beginfase met name op de gemeenten. Dat is een strategische keuze: deels omdat we met één klantgroep willen beginnen, deels omdat gemeenten een voorbeeldfunctie hebben. Maar uiteindelijk zijn bijvoorbeeld ook woningcorporaties een interessante doelgroep. Zij bezitten veel gebouwen die bovendien vrij homogeen zijn.
Werken met gemeenten bevalt goed, maar was wel even wennen. Ik kom uit de startupwereld. Waar startups in weken of maanden denken, denken gemeenten eerder in jaren. Ook de processen zijn anders. Als je bij de gemeente met iemand aan tafel zit, kun je er niet vanuit gaan dat diegene ook meteen kan schakelen. Het voordeel is wel dat de meeste gemeenten op eenzelfde manier werken.’
Je komt uit de blockchainwereld en was onder andere mede-oprichter van crypto-app Blox. Voel je je thuis in de circulaire economie?
‘Maeconomy lijkt misschien heel anders dan andere dingen die ik heb gedaan, maar ik heb me altijd al beziggehouden met marktplaatsen en beurzen. Ik geloof heel sterk dat een heleboel problemen opgelost kunnen worden als we dingen transparant voor een groot publiek aanbieden. In dit geval op een soort grondstoffenbeurs voor de stad, waar staal, beton, asfalt en andere materialen verhandelbaar zijn.
Maeconomy voelt voor mij als een soort levenswerk waarin alle elementen samenkomen: mijn achtergrond in software, marktplaatsen, vastgoed en impact.’
Me wie wil je nog graag samenwerken?
‘We zijn nu met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten aan het kijken of we onze technologie en service landelijk kunnen aanbieden aan gemeenten. Dat is een grote stap.
De droom is om uiteindelijk een publiek systeem te worden dat net zo standaard is als bijvoorbeeld het SWIFT-banksystee voor financiële transacties. Ook buiten Nederland. Zodat zelfs particulieren die een eigen huis bouwen deze stappen kunnen doorlopen, en de materiaalresten bijvoorbeeld als zekerheid bij hun hypotheek kunnen opvoeren voor lagere hypotheeklasten. Laten we zeggen dat we nog wel even zoet zijn met Maeconomy.’



