Maaike Kooijman
21 mei 2026, 15:06

Met circulaire bouwmarkten wil Buurman ook mensen met twee linkerhanden laten bouwen met hout

Wie meer zelf maakt, gaat ook anders naar spullen kijken. Dat is de overtuiging van circulaire bouwmarkt en educatieve houtwerkplaats Buurman. Oprichter Laura Rosen Jacobson: ‘In een ideale wereld bestaan wij niet, dan zijn er geen restmaterialen.’

Werkplaats Buurman De filialen van Buurman bestaan uit een circulaire bouwmarkt en een werkplaats. | Credits: Change Inc./Maaike Kooijman

Een bankje. Een tafel. Een kattenbak in de vorm van een kat. En een houten bord met de tekst: ‘Heb ik zelf gebouwd’.

De kast met houten creaties staat in de hoek van een grote loods bij de Rotterdamse Schiehaven. In de rest van de ruimte staan metershoge stellingkasten vol hout. Balken, planken, platen: voor ieder wat wils.

We zijn bij Buurman, een circulaire bouwmarkt en educatieve houtwerkplaats. Het hout dat hier ligt, is niet nieuw, maar is aangeleverd door lokale partners die het hebben afgekeurd. ‘Bijvoorbeeld omdat er net een knoest te veel in zit’, legt oprichter Laura Rosen Jacobson uit. ‘Maar het is nog gewoon mooi materiaal.’

Buurman-oprichter Laura Rosen Jacobson

Buurman-oprichter Laura Rosen Jacobson.

Rosen Jacobson stond in 2014 aan de wieg van de eerste Buurman, samen met ondernemer Bas van den Berg en architect Lenard Vunderink. Een meubelmaker is ze zelf niet; ze is opgeleid als architect en richtte Buurman op nadat ze op de universiteit onderzoek had gedaan naar circulaire bouw. Grijnzend: ‘Ik zou misschien nog net een basiscursus kunnen geven. Maar ik ben goed in andere dingen.’

Buurman groot maken, bijvoorbeeld. Elf jaar na de eerste opening zijn er vijf Nederlandse vestigingen, en één Belgische. In 2030 hoopt de circulaire bouwmarkt gegroeid te zijn naar tien filialen volgens een social franchisemodel. Daarover later meer.

Buurman: Bouwmarkt en werkplaats in één

De vestigingen van Buurman bestaan grofweg uit twee gedeeltes: een bouwmarkt en een werkplaats. In de bouwmarkt wordt tweedehands hout aangeboden: restpartijen van met name lokale houtverwerkers. In Rotterdam is er ook een samenwerking met de gemeente. Bomen in de stad die gekapt moeten worden, worden in stukken gezaagd door Hoeksch Hout en (deels) verkocht door Buurman.

Klanten zijn vooral particulieren, maar ook decorbouwers en kleine aannemers. Die moeten wel een beetje flexibel zijn: ‘Bij ons vind je natuurlijk geen driehonderd precies dezelfde platen.’ Tegelijkertijd zijn klanten door de tijd heen wel meer gaan afnemen. ‘We zijn de afgelopen jaren gegroeid van konijnenhok-niveau naar tiny house-niveau’, zegt Rosen Jacobson. ‘Mensen die wel een groot volume afnemen, maar niet voor een groot huis.’

Zelf verbouwde ze haar tuinhuisje al eens met circulaire materialen.

Buurman restpartijen

Buurman verkoopt hout dat door grote verwerkers is afgekeurd. | Credits: Change Inc./Maaike Kooijman

Buurman verkoopt ook hout van Rotterdamse bomen

Ook gekapte Rotterdamse bomen vinden hun weg naar de circulaire bouwmarkt. | Credits: Change Inc./Maaike Kooijman

De werkplaats is er vooral voor degenen die nooit iets maken, maar dat wel willen leren. ‘Echt de mensen die denken dat ze twee linkerhanden hebben.’ Zij kunnen workshops en avondcursussen volgen, of, als ze al wat ervaring hebben, een werkbank in de ruimte huren. Hoewel de bouwmarkt in Rotterdam het grootste deel van de ruimte in beslag neemt, is de omzet van de werkplaats ongeveer even hoog.

In de werkplaats vinden ook sessies voor teambuilding plaats. Een dankbare activiteit, vindt Rosen Jacobson. ‘Mensen komen vaak schuchter binnen en bouwen met z’n allen dan toch wat moois. Het is leuk te zien wat dat met de dynamiek in een groep doet. Bovendien bereiken we daarmee een nieuwe doelgroep. Mensen komen omdat ze het leuk vinden om een zeepkist te bouwen, maar komen zo ook in aanraking met circulariteit en tweedehands materialen.’

Social franchise-model

De eerste Buurman werd geopend in 2014. Maar reststromen hout ontstaan natuurlijk niet alleen in en rondom Rotterdam. Rosen Jacobson: ‘Omdat we met lokale partners werken, kan eigenlijk overal een Buurman komen.’ In 2019 opende Buurman Utrecht, in 2021 volgde Buurman Antwerpen.

De verschillende locaties opereerden in eerste instantie vooral los van elkaar. Ja, ze hadden dezelfde naam en hetzelfde concept, en wat afspraken op een A4’tje – maar dat was het wel zo’n beetje. De oprichters wisten: willen we verder groeien, dan moet het anders.

Buurman Rotterdam

Buurman Rotterdam huist in een oude loods bij de Schiehaven. | Credits: Change Inc./Maaike Kooijman

De vraag was vooral hóe. Rosen Jacobson: ‘Als je wilt opschalen, wordt het vaak een commercieel verhaal. Met een hoofdkantoor en zo. Dat is altijd onze nummer één-regel geweest: géén hoofdkantoor’, voegt ze vrolijk toe.

Daarom bedacht Buurman het social franchise-concept. Alle Buurman-vestigingen door het land heen hebben hetzelfde gedachtegoed en min of meer hetzelfde verdienmodel. Maar het bedrijf heeft geen winstoogmerk of top down-cultuur. In plaats daarvan staat samenwerking in het zogenoemde Buurman Collectief centraal. Dat trekt ondernemers aan, merkt de oprichter. ‘Voor hen is het toch fijn dat ze het wiel niet helemaal zelf hoeven uit te vinden.’

De franchise fee die ondernemers aan het collectief betalen, wordt ingezet voor gezamenlijke doelen als communicatie, huisstijl en de ontwikkeling van cursussen.

De sociale onderneming heeft bewust gekozen voor langzame groei. Maximaal één nieuwe vestiging per jaar, zegt Rosen Jacobson. ‘Als we met alle geïnteresseerden in zee waren gegaan, waren we nu al dubbel zo groot geweest. Maar bij ons staat intensieve samenwerking voorop. Daar hoort bewuste groei bij.’

Officiële aandeelhouders van het collectief zijn stichting Buurvrouw en Qmulus Invest. De investeerder heeft echter geen recht op de winst en ook maar beperkt stemrecht. De meeste beslissingen worden gemaakt door het bestuur van de stichting, die gevormd wordt door eigenaren van Buurman-vestigingen. Buurman is daarmee in de praktijk steward-owned; alle winst vloeit terug naar de missie en visie.

Afval wordt meer waard

De opening van de eerste Buurman is ruim elf jaar geleden. Is de wereld sindsdien wat circulairder geworden? Deels. Rosen Jacobson: ‘In het begin kregen we alle materialen gratis, nu moeten we regelmatig een prijs voor restpartijen betalen. Afval is in die zin meer waard geworden. Het is voor ons daardoor soms zoeken naar de marges, maar macro-economisch gezien is het natuurlijk positief.’

Tegelijkertijd ziet de ondernemer ‘nog geen structurele verandering in de verdienmodellen van bouwbedrijven’. ‘Toen we elf jaar geleden begonnen, dacht ik oprecht: over vijf jaar bestaan we niet meer. Dan is de circulaire economie voltooid. In een ideale wereld bestaan wij niet, dan zijn er geen restmaterialen.’

‘Ik had nooit kunnen denken dat de verandering zó langzaam zou gaan. Het schrijnendste vind ik nog wel dat er wereldwijd nog veel meer troep is bij gekomen, van bedrijven als Temu en Shein.’ Lachend: ‘Maar waarschijnlijk gaan transities altijd te langzaam voor wie er middenin zit.’

Geschikte locaties vinden

Er zijn nu Buurman-vestigingen in Rotterdam, Utrecht, Antwerpen, Arnhem, Nijmegen en Breda. Eindhoven volgt eind dit jaar of begin volgend jaar. De meeste vestigingen zijn gefinancierd met een combinatie van crowdfunding, gemeentesubsidies en vaak nog een bijdrage van een fonds.

Als initiatiefnemer van het collectief is Rosen Jacobson nauw betrokken bij de oprichting van nieuwe vestigingen. Na opening staan ze op eigen benen, hoewel er natuurlijk altijd de samenwerking binnen het collectief is.

De grootste uitdaging voor nieuwe vestigingen is de ruimte. Door de combinatie van bouwmarkt en werkplaats is het vinden van een geschikte locatie zo makkelijk niet, legt Rosen Jacobson uit. Enerzijds is er een grote ruimte nodig, waar met heftrucks gereden kan worden en lawaai mag worden gemaakt. Tegelijkertijd richt Buurman zich met name op mensen in grote steden. Die moeten ‘s avonds wel naar hun cursus kunnen komen.

Soms is de locatie zelfs een breekpunt: in Den Haag werd die niet gevonden, dus ging het hele plan er niet door.

Buurman-vestigingen bestaan uit een bouwmarkt én werkplaats. | Credits: Change Inc./Maaike Kooijman

Even uit je hoofd

Waar de focus van Buurman in de beginjaren vooral lag op de bouwmarkt, gaat de werkplaats een steeds grotere rol spelen. Deels is dat een strategische afweging: nieuwe materialen zijn zo goedkoop dat het moeilijk concurreren is. Maar de werkplaats is ook de beste manier om nieuwe mensen te bereiken, ziet Rosen Jacobson. ‘En we willen liever meer mensen bereiken dan meer hout verkopen.’

‘Ons hoofddoel is uiteindelijk om mensen in contact te brengen met zelf maken. Ik denk echt dat ze daardoor ook bewuster met spullen omgaan en anders gaan consumeren. Bovendien geloof ik heel sterk dat maken positief bijdraagt aan de mentale gezondheid. Even uit je hoofd.’ Lachend: ‘Dat hoofd is door AI toch niet meer nodig. AI heeft geen handen, dus laten we dan meer maken.’

Lees ook:

Zo werkt jouw bedrijf met netcongestie

Voor niemand kon het echt een verrassing zijn en toch hakte het bericht er flink in. In een groot deel van de provincie Utrecht geldt vanaf deze zomer een tijdelijke aansluitstop voor nieuwe en zwaardere elektriciteitsaansluitingen. Bedrijven kunnen daardoor niet uitbreiden of verduurzamen en zelfs woningbouwprojecten lopen hierdoor risico op vertraging. Het laat maar eens zien hoe urgent de druk op het stroomnet inmiddels is geworden. Netcongestie is allang geen technisch probleem meer voor netbeheerders alleen. Het raakt direct aan de economische ontwikkeling van regio’s en de groeiplannen van bedrijven. Piekmomenten Meer kabels en nieuwe transformatorhuisjes dan maar? Die zijn zeker nodig, al gaat die uitbreiding nog wel jaren duren. Frank Broos is hoofd Flex Services bij Eneco Zakelijk. Voor bedrijven en gemeenten die nu met de handen in het haar zitten, ziet hij gelukkig ook een oplossing: slimmer gebruik maken van de capaciteit die er al is. 'Je kunt het stroomnet eigenlijk vergelijken met ons wegennet. Als je op donderdagmiddag om vijf uur de auto pakt, moet je niet verwachten dat je zonder file van A naar B komt. Maar midden in de nacht kun je overal doorrijden. Dit geldt ook voor het stroomnet. Er is heel veel ruimte, alleen niet meer op ieder moment van de dag.'Die pieken ontstaan vooral in de ochtend en avond. 'Mensen zetten het licht aan, laden hun elektrische auto op, zetten de warmtepomp aan het werk en koken elektrisch. Tegelijkertijd groeit de hoeveelheid zonne- en windenergie. Het energiesysteem, ooit gebouwd op voorspelbaarheid, moet ineens omgaan met grote fluctuaties', aldus Broos. Hij noemt netcongestie dan ook geen tijdelijke storing, maar vooral een gevolg van een energiesysteem dat fundamenteel verandert. Energie wordt strategisch Voor veel bedrijven is energie nog steeds vooral een kostenpost en volgens Broos moet dat beeld veranderen. 'We zien in de praktijk dat energie nog te vaak wordt gezien als een inkoopvraagstuk en niet als een strategisch onderwerp.' Want juist daar ligt volgens hem veel winst. Dit gaat bijvoorbeeld over bedrijven die hun energieverbruik verschuiven naar rustigere momenten op de dag.Als voorbeeld noemt Broos een zakelijk wagenpark. 'Veel werkgevers laten auto’s direct op vol vermogen laden zodra hun medewerkers aankomen. Maar die auto’s staan vaak acht uur op kantoor. Dan kun je prima op lager vermogen laden. De auto is alsnog vol aan het eind van de dag en je voorkomt zo piekbelasting.' Dat geldt overigens ook voor gebouwen. Broos: 'Waarom zou je je bedrijfspand pas om acht uur ’s ochtends gaan verwarmen, als je daar ook al om vier of vijf uur ’s nachts mee kunt beginnen, wanneer de druk op het net veel lager is?' Slim sturen met data en AI Die nieuwe manier van omgaan met energie draait grotendeels om data. Die biedt bedrijven inzicht in de periode van verbruik, de opwek en de mate van flexibiliteit. Met slimme energiemanagementsystemen kunnen laadpalen, batterijen en warmtepompen automatisch worden aangestuurd. Kunstmatige intelligentie speelt daarin ook een rol.Zo gebruikt Eneco AI om hun virtual power plant aan te sturen. 'Dit systeem koppelt zonnepanelen, batterijen, laadpalen en andere apparaten slim aan elkaar. Zo wordt vraag en aanbod van stroom automatisch afgestemd. Als bedrijf profiteer je van lagere energiekosten, extra inkomsten uit flexibiliteit en minder problemen door netcongestie', aldus Broos. Dat klinkt misschien technisch, maar wat hier vooral telt is de impact. Bedrijven kunnen doorgroeien zonder direct een zwaardere aansluiting nodig te hebben én tegelijk vaak hun energiekosten verlagen. Van kostenpost naar verdienmodel Bij Transportbedrijf BEST Trucks (zie tekst hieronder) snappen ze dat maar al te goed. Deze nieuwe aanpak heeft daar de weg naar groei weer vrijgemaakt. Volgens Broos onderschatten veel bedrijven bovendien nog hoeveel geld hiermee te verdienen valt. 'Bij een batterij van één megawatt met twee megawattuur opslagcapaciteit praat je over een investering van ongeveer vier tot vijf ton. Door slim te handelen op de energiemarkt kun je die investering in drie tot vijf jaar terugverdienen. Dat gebeurt door energie goedkoop op te slaan en tijdens dure piekmomenten te gebruiken of terug te leveren aan het net. Op veel dagen zit er meer dan 150 euro verschil per megawattuur tussen goedkope en dure momenten. Daar hoef je zelf niks voor te doen, de software (virtual power plant) regelt het allemaal voor je.'Het voorbeeld met Schaatsbaan Rotterdam (zie tekst hieronder) laat zien dat slim energiemanagement niet alleen interessant is voor organisaties zelf, maar ook voor de omgeving. En precies daar raakt het ook gemeenten. 'Slimme energiesturing door bedrijven levert meer op dan alleen een lagere energierekening', aldus Broos. 'Het creëert letterlijk ruimte op het net. En dat is ruimte die gemeenten nodig hebben om economische ontwikkeling en verduurzaming mogelijk te houden.'Lees de learnings en bekijk webinar terugWil jij meer weten over ondernemen op een vol stroomnet en wat er wél kan? De Schaatsbaan Rotterdam, Gemeente Rotterdam en Eneco deelden in een webinar hun lessen. Je hoort hoe slimme energiesturing ervoor zorgt dat bedrijven én steden kunnen blijven groeien en verduurzamen, ondanks de netcongestie. Kijk terugEnergierekening fors omlaag Bij Schaatsbaan Rotterdam draait verduurzaming niet alleen om minder energie verbruiken. Het gaat vooral om slimmer omgaan met energie in tijd. De schaatsbaan is alleen in de wintermaanden open, maar zag de energierekening de afgelopen tijd wel oplopen tot wel € 200.000 per jaar.Directeur Tijs Nederlof besloot daarom verder te kijken dan traditionele besparingen. Met een slimme batterijoplossing van 1 megawatt wordt sinds begin dit jaar energie opgeslagen op momenten dat het net minder belast is, om die later weer te gebruiken of terug te leveren. Vooral in de zomer levert dat voordeel op: dan gebruikt de schaatsbaan de batterij zelf nauwelijks en wordt de volledige capaciteit ingezet om het Rotterdamse elektriciteitsnet te ontlasten. Daarmee ontstaat niet alleen een sterkere businesscase voor de onderneming, maar levert de schaatsbaan ook direct een bijdrage aan het verminderen van netcongestie in de regio. Truckbedrijf verdient aan het stroomnet BEST Trucks laat zien hoe je als bedrijf zelf een actieve rol kunt spelen als het gaat om netcongestie. De DAF-dealer combineert zonnepanelen, batterijopslag en slimme laadinfrastructuur in één lokaal energiesysteem.Overtollige zonnestroom wordt opgeslagen in batterijen en op strategische momenten ingezet voor het laden van elektrische trucks of terug geleverd aan het net. Simpel gezegd: laden wanneer stroom goedkoop of ruim beschikbaar is, leveren wanneer de vraag piekt. Dat levert BEST Trucks niet alleen lagere energiekosten op, maar ook een nieuw verdienmodel. Dankzij deze slimme energiesturing kan het bedrijf nu verder elektrificeren zonder een zwaardere netaansluiting aan te vragen.Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Eneco. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.