Maaike Kooijman
05 augustus 2025, 11:39

Aantal zonnepanelen blijft groeien, meerderheid ligt bij bedrijven

De totale groei van het aantal zonnepanelen was in 2024 kleiner dan de jaren ervoor. Toch blijft het aantal zonnepanelen in Nederland toenemen, blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS). Eind 2024 was het opgestelde vermogen van zonnepanelen in Nederland 28,6 gigawattpiek.

Bijna 60 procent van het vermogen van zonnepanelen ligt bij bedrijven. Bijna 60 procent van het vermogen van zonnepanelen ligt bij bedrijven. | Credits: Getty Images

Eind 2024 was het opgestelde vermogen van zonnepanelen in totaal 28,6 gigawattpiek, ofwel 28.600 megawattpiek. Dat is zo’n 18 procent meer dan in 2023, toen het opgestelde vermogen 24,3 gigawattpiek bedroeg. Gigawattpiek geeft aan hoeveel elektriciteit een installatie maximaal kan opwekken onder standaard testomstandigheden.

Ruim 16,9 gigawattpiek (59 procent) van het opgestelde vermogen lag eind vorig jaar bij bedrijven, de resterende 11,7 gigawattpiek bij woningen. Bedrijven plaatsten relatief vaker extra zonnepanelen dan woningeigenaren. Vorig jaar was 70 procent van het nieuwe paneelvermogen bij bedrijven te vinden en zo’n 30 procent bij woningen.

De groei van het totale vermogen aan zonnepanelen in Nederland is in tien jaar met ruim 27 gWp gestegen

De groei van het totale vermogen aan zonnepanelen in Nederland is in tien jaar met ruim 27 gigawattpiek gestegen. | Credits: CBS

Werkelijke hoeveelheid opgewekte stroom ligt lager

De daadwerkelijke hoeveelheid opgewekte zonnestroom ligt overigens lager dan het paneelvermogen. Dat komt doordat het vermogen van de benodigde omvormer ook een rol speelt. Aan het einde van 2024 was het totale opgestelde omvormervermogen 25,6 gigawatt, waarvan bijna 58 procent bij bedrijven.

Ook andere factoren spelen een rol voor de hoeveelheid werkelijk opgewekte zonnestroom. Het gaat dan bijvoorbeeld om de hoeveelheid zonuren en de intensiteit daarvan. En het maakt uit hoe de panelen georiënteerd zijn, legt het CBS uit. In de praktijk was zonne-energie vorig jaargoed voor ruim 4 procent van het totale energieverbruik in Nederland.

Salderingsregeling mogelijk oorzaak afgevlakte groei

De afgelopen tien jaar is de hoeveelheid opgesteld vermogen van zonnepanelen gigantisch gestegen: in 2014 lag het totale vermogen net boven de 1 gigawattpiek. Dat de groei nu afvlakt, heeft mogelijk te maken met het afschaffen van de salderingsregeling per 1 januari 2027. Die regeling maakt het nu nog mogelijk om zelf opgewekte elektriciteit weg te strepen tegen je verbruik op een ander moment. Daarmee zijn zonnepanelen sneller terug te verdienen.

Vanaf 2027 mag dat niet meer, onder meer omdat het een grote kostenpost voor energiebedrijven is, die daardoor hun stroomprijzen verhogen. Eigenaren van zonnepanelen krijgen straks nog wel een vergoeding voor het terugleveren van stroom aan het elektriciteitsnet. En natuurlijk kunnen ze hun zelf opgewekte stroom gratis gebruiken, wat energiekosten scheelt en voor minder druk op het net zorgt.

Lees ook:

Krijgen we een wereldwijd plasticverdrag? Dit staat er deze week op het spel in Genève

De onderhandelingen in Genève (INC-5.2) zijn de vijfde en laatste editie in een reeks overleggen die sinds 2022 tot nog toe tot weinig concrete maatregelen hebben geleid. De onderhandelingen in Busan eind 2024 – wat de officieuze deadline had moeten zijn – liepen spaak en het vertrouwen om alsnog tot een definitief verdrag te komen leek tot een minimum gedaald. De concepttekst die eind vorig jaar werd opgesteld omvatte 22 pagina’s, voorzien van ruim 370 op- en aanmerkingen van de partijen aan de onderhandeltafel.Naast de vele zorgen over productiequota en regelgeving rond recycling is de fundamentele vraag die bleef hangen of verplichtingen inderdaad wereldwijd bindend moeten zijn of dat de verantwoordelijkheid aan individuele landen moet worden overgelaten. Maar los van de inhoud klonk achteraf ook kritiek op de manier van vergaderen: soms achter gesloten deur, deels door onderhandelingen herhaaldelijk uit te stellen en procedureregels te omzeilen. Meer lobbyisten dan wetenschappers Daarbij was een veelgehoorde klacht dat lobbyisten van olie,- chemie- en plasticbedrijven de grootste delegatie vormden. Er waren ruim drie keer zo veel lobbyisten als wetenschappers. Daardoor kon deze groep de onderhandelingen domineren. De industrie pleit vooral voor afspraken om meer te investeren in innovatieve technologieën als chemische recycling, en wil niks weten van productiebeperkingen en bindende afspraken.Het vertrouwen in een eerlijk proces is niet groot. Toch hopen afgevaardigden van meer dan 170 landen op 14 augustus tot een conclusie te komen. En er is hoop. Sinds Busan hebben inmiddels honderd landen hun steun betuigd via de ‘Nice Wake Up Call’ voor een streng en ambitieus plasticverdrag. De hoop is dat daar komende dagen meer landen bij komen. Gezondheidsrisico’s van plastic steeds evidenter Daarnaast weten we met de maand meer over de gevaren en risico’s van plastic, in het bijzonder van microplastics. ‘Plastic vormt een ernstig, groeiend en ondergewaardeerd gevaar voor de gezondheid van mens en planeet', waarschuwden deskundigen van het gerenommeerde wetenschappelijke tijdschrift The Lancet deze week. 'De wereld verkeert in een plasticcrisis, die ziekte en sterfte veroorzaakt, van baby's tot ouderen'. Plastic zou verantwoordelijk zijn voor minstens 1,5 biljoen dollar (1,3 biljoen euro) aan gezondheidsschade per jaar, zeggen de wetenschappers.Inmiddels worden microplastics ook overal op de planeet aangetroffen, van de hoogste bergtoppen en diepste oceaantroggen tot in moedermelk en onze hersenen. Minuscule deeltjes plastic in de longen kunnen al binnen 24 uur zorgen voor lichte ontstekingen. In het hart brengen ze een verhoogd risico op hartaanvallen en beroertes. Ze doen mogelijk een aanslag op ons immuunsysteem en remmen de werking van antibiotica. In het laboratorium werd zelfs aangetoond dat microplastics de kans op kanker kunnen vergroten. Minder produceren of meer recyclen Wereldwijd is de productie van plastic de afgelopen decennia gigantisch gegroeid. We produceren nu tweehonderd keer zo veel plastic als in 1950. Naar verwachting zal de productie tot 2060 nog eens verdrievoudigen, tot 1 miljard ton plastic per jaar. De grootste stijging lijkt te zitten in de productie van single-use plastics, zoals flesjes, folies en verpakkingen.Niet verrassend dus dat enkele landen pleiten voor regels die de productie van plastics aan banden leggen. Maar daar is niet iedereen het mee eens. Olieproducerende landen als de VS, China, Saoedi-Arabië, India en Rusland verzetten zich hevig tegen quota en stellen dat de sleutel ligt bij recycling en afvalbeheer. Dat leidt weer tot frustratie bij eilandstaten. Kleine eilanden worden letterlijk overspoeld door plastics, afgedankt door andere landen, maar missen de capaciteit om de troep te verwerken. Bovendien kun je je afvragen of het rechtvaardig is dat eilanden op deze manier verantwoordelijk worden gehouden voor het recyclen van elders geproduceerd plastic. Wel of geen verdrag: risico’s blijven Daarnaast bestaat ook enigheid over de juiste procedures die tot een verdrag moeten leiden. Vorig jaar vertraagde Saoedi-Arabië de besprekingen door het standpunt in te nemen dat beslissingen pas genomen moesten worden bij consensus onder alle aanwezigen, in plaats van bij een meerderheid. Op die manier kan er altijd een land dwars liggen en een ambitieus plan van tafel vegen. Een meerderheid van de landen steunde dat standpunt overigens niet.De onderhandelingsronde in Genève deze week is mogelijk het laatste moment om tot een krachtig internationaal verdrag te komen dat het plasticprobleem het hoofd kan bieden. Met tien onderhandelingsdagen belooft het in elk geval de langste editie ooit te worden. De komende dagen moet blijken of de invloedrijke lobby of geopolitieke verdeeldheid de overhand krijgt en de onderhandelingen vastzet.Als het verdrag slaagt, kan dat juist een einde betekenen aan de ongelimiteerde plasticproductie waar de petrochemische industrie aan vastklampt. Maar los van de uitkomst van INC-5.2 zullen we de gezondheids- en klimaateffecten van het plastic dat in het milieu degradeert tot microplastics nog decennialang merken. Lees ook:Microplastics in je hart en op je bord: is de opmars van de onzichtbare indringer nog te stoppen? Gaan multinationals als Unilever, Coca-Cola en Nestlé de Nederlandse plastic recyclingbedrijven redden? Kabinet doof voor noodkreten en alarmbellen: leningen gaan plastic recyclingbedrijven niet redden