Teun Schröder
06 augustus 2025, 14:30

Chinese windmolenbouwer ziet toekomst in windturbine met twee wieken

De Chinese windmolenbouwer Envision Energy heeft een succesvolle pilot afgerond met een turbine van 6 megawatt met niet drie, maar twee wieken. De windturbine met twee wieken scoort vergelijkbaar met de klassieke turbine, maar zou goedkoper en makkelijker te vervoeren zijn.

Twee windmolens: een met twee wieken, en een met drie wieken. De windturbine met twee wieken liet vergelijkbare resultaten zien als de turbine met drie wieken. | Credits: Envision Energy

Het prototype van de tweebladige turbine heeft vijfhonderd dagen zonder probleem energie opgewekt op een onshore testterrein van Envision Energy. Volgens het bedrijf zijn de resultaten op het gebied van vermogen en energie-efficiënte gedurende deze periode vergelijkbaar met die van traditionele driebladige turbines. Maar omdat een tweebladige turbine simpelweg minder materialen bevat, zou het volgens Envision een goedkoper alternatief kunnen zijn, dat bovendien makkelijker te vervoeren en in elkaar te zetten is.

Minder materialen, meer lawaai

De windturbine met twee wieken is niet nieuw. De Nederlandse windmolenbouwer WES bouwt al decennia tweebladige turbines en ook Envision Energy experimenteert al sinds 2012 met een two-blade-turbine van 3,6 megawatt in Denemarken. Het grote voordeel van een turbine met twee wieken is dat de installatie minder materialen bevat. Hoewel Envision geen cijfers noemt, claimt het bedrijf met hun turbine een ‘kostenefficiënt’ alternatief voor de driebladige turbine te kunnen bieden.

Volgens Simon Watson, hoogleraar windenergie aan de TU/Delft, kan een tweebladige windturbine net zo efficiënt als of zelfs efficiënter zijn dan een turbine met drie bladen. Toch zijn er verschillende redenen waarom het gros van alle windturbines om ons heen drie wieken hebben. ‘In de eerste plaats is het een kwestie van smaak’, zegt Watson. ‘Windmolens werden in eerste instantie op het land ontwikkeld en daar vinden we turbines met drie wieken mooier dan met twee. Ten tweede produceren windturbines met twee wieken meer lawaai, omdat de rotorbladen sneller moeten draaien voor eenzelfde vermogen. Dat is eveneens een nadeel voor onshore windparken. En omdat we wereldwijd de driebladige turbine zijn blijven doorontwikkelen, is de tweebladige turbine naar de achtergrond verdwenen.’

Comeback van tweebladige windturbines?

Voor een turbine met twee bladen zijn er dan ook andere constructies nodig dan de industrie gewend is. Watson: ‘Omdat de rotorbladen sneller draaien en dus meer krachten te verduren krijgen, moeten de wieken van robuuster materiaal gemaakt worden. Hetzelfde geldt voor het binnenwerk van de turbine, zoals de aandrijflijn. Als een turbine te maken krijgt met meer vibraties, slijten onderdelen sneller. Een turbine met drie wieken kan al deze krachten beter verdelen.’ Een kostenbesparing door een wiek weg te laten, zal dus deels gecompenseerd moeten worden door een geavanceerdere materialen elders.

Vanwege de verhoogde kans op geluidshinder verwacht Watson dat de tweebladige turbine minder snel zal aanslaan in de Europese onshoremarkt. Tegelijkertijd zijn er wereldwijd genoeg afgelegen locaties op land waar geluidshinder minder een issue is. Watson: ‘Bovendien zou het best kunnen dat we offshore een comeback gaan zien van turbines met twee wieken.’

Nederlandse drijvende windmolen met één wiek

Een bedrijf dat inzet op offshore turbines met minder wieken is het Nederlandse Touchwind. De windturbine van dit bedrijf heeft één wiek en drijft op het wateroppervlak. De wiek is bevestigd aan een rotor, die vastzit aan een schuin hangende mast. Net als met veel drijvende windmolens draait deze mast mee met de richting van de wind. Onder de rotor hangt een boei die voorkomt dat de wiek in het water zakt, bijvoorbeeld als er nauwelijks wind staat. Staat er veel wind, dan zorgt de draaiing van de wiek ervoor dat de mast meer rechtop gaat staan, vergelijkbaar met het effect van een rotorblad van een helikopter.

De komende jaren moeten tests uitwijzen of het in de praktijk ook zo werkt. Het bedrijf test de komende maanden tien van zijn turbines op land en water.

Door de rotor en de mast te draaien in helikoptermodus kunnen de drijvende turbines ook tijdens zware stormen doordraaien| Credits: TouchWind

Door de rotor en de mast te draaien in helikoptermodus kunnen de drijvende turbines ook tijdens zware stormen doordraaien. | Credits: TouchWind

Lees ook:

Hoe data en AI de energietransitie versnellen: lessen uit de Rotterdamse haven

De verduurzaming van industrieclusters is een complexe puzzel. Voor het plannen en bouwen van nieuwe energie-infrastructuur - denk aan netverzwaring, een warmtenet of waterstoffabriek - gaat het al snel om periodes van tien jaar en meer. Tel daarbij ook nog eens de problemen met netcongestie, schaarse ruimte en beperkte kabelcapaciteit op. Deze cocktail van uitdagingen dwingt bedrijven en overheden om veel slimmer en efficiënter met elkaar samen te werken. Data en AI blijken hierbij onmisbare bouwstenen. Niet als hype of buzzword, maar als concreet hulpmiddel om inzicht te krijgen in energiestromen, het benutten van kansen en het beperken van risico’s. In de Rotterdamse haven wordt dat al in de praktijk gebracht. Rotterdamse haven: verduurzaming versnellen met data 'De Rotterdamse haven zorgt voor zo’n 15 procent van de Nederlandse CO₂-uitstoot. Het verduurzamen van de industrie in dit gebied is dus niet alleen onze ambitie, maar ook onze verantwoordelijkheid', zegt Douwe van der Stroom. Hij is bij het Havenbedrijf Rotterdam verantwoordelijk voor digitale innovaties op het gebied van de energietransitie. Die transitie raakt de haven op meerdere fronten. Het meest zichtbaar zijn investeringen in de fysieke infrastructuur, zoals waterstofleidingen, warmtenetten en CO₂-afvang. Maar ook onder de motorkap moet er belangrijke puzzelstukken gelegd worden om de energietransitie. 'Dit gaat onder meer om data en digitalisering waarmee we die fysieke infrastructuur slimmer kunnen inrichten', aldus Van der Stroom.Port of Rotterdam koos er al jaren geleden bewust voor om data als versneller in te zetten. Niet alleen voor eigen gebruik, maar vooral om industriële klanten te helpen om sneller te verduurzamen. 'De energievraagstukken waarmee zij dealen zijn vaal groot en complex. Als havenbedrijf zijn we weliswaar geen eigenaar van fabrieken of energiecentrales, maar hebben wel een rol als facilitator. Zie ons als de goede huisbaas die de juiste condities creëert voor het aanjagen van de verduurzaming.' Van visie naar concrete oplossingen Maar hoe ziet dat er in de praktijk precies uit? Dat laat zich het beste uitleggen aan de hand van een voorbeeld. In samenwerking met nlmtd en BIT werd onlangs een digitaal prototype van een virtueel energiesysteem opgeleverd. Dat brengt precies in kaart wat de effecten zijn van verduurzamingsmaatregelen in het havengebied. 'Wat gebeurt er bijvoorbeeld als een fabriek sluit? Wat zijn de gevolgen als er extra windmolens of batterijen worden geplaatst? En hoe beïnvloeden pieken en dalen in energievraag de infrastructuur? Dit visualiseren helpt enorm', vertelt Van der Stroom. 'Door scenario’s inzichtelijk te maken, krijgen we partijen in het havengebied sneller mee in de beoogde transitie. Zo’n prototype laat namelijk concreet zien hoe data en AI bijdragen aan de energietransitie.' Inmiddels werken ze bij Port of Rotterdam aan de volgende stap: een minimum viable product (MVP).Dit voorbeeld laat zien hoe AI en data helpen bij planning en inzicht. Maar ook als het gaat om optimalisatie zijn er use cases mogelijk. Denk aan het verschuiven van piekbelasting of het afstemmen van energievraag en -aanbod tussen bedrijven in een cluster. Zo worden bestaande stroomnetten beter benut en hoeft netcongestie ineens geen spelbreker meer te zijn. De ervaringen uit Rotterdam worden inmiddels op grotere schaal toegepast. Wat begon als regionale samenwerking, groeide uit tot een landelijke aanpak via Data Safe House Nederland (zie kader). Inmiddels zijn in alle zes Nederlandse industriële clusters vergelijkbare data-initiatieven gestart. Samenwerking als cruciale factor Data praktisch inzetten. Bij nlmtd zien ze dat veel bedrijven hiermee worstelen. Dit adviesbureau helpt organisaties toekomstbestendig te worden en transities in co-creatie te versnellen. Samenwerking is volgens Korik Alons van nlmtd de sleutel, zo blijkt ook uit de ervaringen bij Port of Rotterdam. 'Je hebt als bedrijf namelijk te maken met complexe systemen die je niet alleen kunt overzien of beïnvloeden. Daarom werken wij in ecosystemen: clusters van bedrijven, netbeheerders en overheden die samen optrekken. De energietransitie raakt nu eenmaal ketens, niet losse bedrijven.' Een goed voorbeeld van zo'n samenwerking is de Netcongestiekaart die nlmtd samen met netbeheerders ontwikkelde. 'Daarmee maken we inzichtelijk waar de knelpunten zitten en waar er nog ruimte is. Zo kunnen bedrijven én beleidsmakers beter sturen.' Volgens Alons helpt het in ieder geval om klein te beginnen. 'We werken iteratief, zetten eerst een pilot op en bouwen dat langzaam uit. Zo krijg je draagvlak, leer je onderweg en bouw je samen aan oplossingen die echt werken.'En zo zijn er meer waardevolle lessen voor bedrijven en clusters die voor hun energievraagstukken aan de slag willen met data. 'Begin klein, maar wel concreet', zegt Alons. 'Een prototype of pilot geeft snel inzicht en helpt om interne en externe stakeholders mee te krijgen. Zorg verder voor goede governance. Duidelijke afspraken over datagebruik en -bescherming zijn essentieel om samenwerking mogelijk te maken. Daarnaast adviseren we om pragmatisch te blijven. Wees voorzichtig met al te grote woorden. Zet liever concrete stappen en streef naar continue verbetering.' Samen sneller vooruit De energietransitie vraagt om versnelling. Data blijkt daarin van onschatbare waarde. 'Uiteindelijk draait het om impact', zegt Van der Stroom. 'Data en AI helpen ons om keuzes beter te onderbouwen, scenario’s inzichtelijk te maken en sneller te handelen. Dat is waar de energietransitie op wacht. Data en in de inzet van AI helpen ons daarbij. Niet als doel op zich, maar als onmisbare versneller.Samenwerken zonder concurrentierisico’s Infrastructuur beter afstemmen op toekomstige verduurzamingsplannen. Daarvoor is inzicht nodig, zeker als het om de langetermijnplannen van industriële bedrijven gaat. Klein probleem: dit soort data is vaak gevoelig. Data Safe House Nederland biedt hiervoor een oplossing. "We verzamelen data over hoe en wanneer bedrijven verduurzamen en stellen die beschikbaar voor netbeheerders en overheden. Zo kunnen zij hun investeringen voor de infrastructuur tijdig plannen", vertelt Niek de Jong. Rotterdam gold hierbij als proeftuin. De kracht zit volgens De Jong in de pragmatische aanpak: klein beginnen, leren, en opschalen.Er blijkt veel behoefte aan deze oplossing. "De infrastructuur die nodig is voor de energietransitie, zoals extra elektriciteitskabels, waterstofleidingen en CO₂-opslag, vergt jarenlange voorbereiding. Maar om die plannen te maken, heb je goed inzicht nodig in de plannen van bedrijven. Wanneer stappen zij bijvoorbeeld over op waterstof en wanneer nemen ze dan een elektrolyser in gebruik? Die informatie was er op landelijk niveau simpelweg niet. Omdat deze informatie concurrentiegevoelig is, werken bedrijven niet zomaar samen. Daarom is het Data Safe House opgezet, als onafhankelijke stichting. Vertrouwen en goede governance zijn cruciaal. Wij zorgen dat de data beschermd blijven en alleen gebruikt worden waarvoor ze bedoeld zijn: het versnellen van de energietransitie."  Dit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner nlmtd. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.Lees ook:Saoedi-Arabië bouwt megafabriek voor groene waterstof, gericht op export naar Europa Deloitte: Groeipotentieel CCS groot, maar infrastructuur en marktwerking blijven achter Hoe CO2-opslagproject Porthos kan zorgen dat industrie in Rotterdam blijft