Maaike Kooijman
04 augustus 2025, 14:58

Eerste stenen grote kernfusiefabriek gelegd: Microsoft wil in 2028 al energie afnemen

Tot voor kort was kernfusie slechts een theoretische manier om op grote schaal energie te produceren zonder broeikasgassen uit te stoten. De daadwerkelijke successen werden vooral behaald in kleinschalige pilots. Maar afgelopen week zijn dan toch echt de eerste stenen gelegd voor een commerciële kernfusiefabriek die vanaf 2028 energie aan Microsoft moet gaan leveren.

De commerciële kernfusiefabriek van Helion Energy moet vanaf 2028 energie gaan leveren aan Microsoft De commerciële kernfusiefabriek van Helion Energy moet vanaf 2028 energie gaan leveren aan Microsoft. | Credits: Getty Images

Vijfentwintig, misschien twintig jaar. Dat is de tijd die kernfusie nog nodig heeft om technisch en financieel rendabel te worden, stellen diverse wetenschappers. Maar er zijn enkele commerciële partijen die claimen dat doel al binnen enkele jaren te kunnen bereiken. Zoals Helion Energy, een Amerikaans bedrijf met OpenAI-ceo Sam Altman als één van de grootste investeerders.

Microsoft heeft al in 2023 met Helion afgesproken om voor 50 megawatt aan elektriciteit af te nemen van hun nog te bouwen kernfusiefabriek. Daarmee wil het enkele datacenters van stroom voorzien. Als het Helion Energy niet lukt om in 2028 de overeengekomen hoeveelheid stroom te leveren, dan moet het boetes betalen aan Microsoft. Hoe dat afloopt, is nog maar de vraag. Maar met de start van de bouw komt het doel wel steeds dichterbij.

Het gaat om een fabriek met de naam Orion in Malaga, in de West-Amerikaanse staat Washington aan de Columbia-rivier. Helion hoopt gebruik te maken van de bestaande infrastructuur voor de nabijgelegen waterkrachtcentrale, meldt Reuters. Saillant detail: de vergunningen van de regering van de staat moeten nog definitief verkregen worden.

Kernfusie als duurzame energiebron

Kernfusie vindt in de zon plaats doordat de kernen van waterstofatomen worden samengevoegd tot heliumatomen. Daarbij komen enorme hoeveelheden energie vrij. De nabootsing van dit proces in laboratoria op aarde vergt extreme verhitting (tot 100 miljoen graden Celsius). Daarbij ontstaat een plasma dat lang genoeg in bedwang gehouden moet worden om kernfusie tot stand te brengen en de vrijkomende energie te gebruiken.

Het grote voordeel van kernfusie is dat er, in tegenstelling tot bij het conventionelere kernsplitsing, geen langdurig radioactief afval als restproduct overblijft. Ook is kernfusie een methode om energie te produceren waarbij geen broeikasgassen worden uitgestoten en is het in theorie onbeperkt voorradig. De bouw van apparatuur en productiefaciliteiten voor kernfusie kan overigens wel broeikasgassen uitstoten.

Meer energie produceren dan het kost

Omdat het creëren en behouden van het proces van kernfusie zo veel verhitting vergt, is de grote uitdaging van kernfusie om meer energie te produceren dan de productie zelf kost. Dat is wetenschappers pas enkele keren gelukt. En toen ging het bovendien slechts om kleine hoeveelheden energie. Ook Helion lijkt het ontbrekende puzzelstukje nog niet gevonden te hebben, al was het wel het eerste private bedrijf dat een temperatuur van 100 miljoen graden Celsius wist te bereiken.

Toch heeft Microsoft veel vertrouwen in de technologie. ‘Er heerst veel optimisme dat dit het moment zou kunnen zijn waarop kernfusie daadwerkelijk van de grond komt binnen dit decennium’, aldus chief sustainability officer Melanie Nakagawa tegen Reuters. Mocht dat toch niet het geval zijn, dan zijn er altijd nog de veiligere investeringen in conventionele kernenergie die het bedrijf ook doet.

Lees ook:

Opmerkelijk: Miljoenen burgerwetenschappers helpen steeds vaker biodiversiteit in kaart brengen

Giel_photography, nijntje51, thegreatdodo: voor zover bekend zijn dit niet de namen van bekende wetenschappers. Wel zijn het de gebruikersnamen van Nederlandse burgers die inmiddels duizenden waarnemingen van dieren en planten hebben geüpload op het citizen science-platform iNaturalist. En die data komen steeds vaker van pas in het wetenschapsveld dat biodiversiteit onderzoekt, blijkt uit onderzoek van de University of Florida. Burgers uploaden natuurfoto’s Het in 2008 opgerichte iNaturalist is een non-profitorganisatie die gebruikers in staat stelt om foto’s of geluidsopnames van planten, dieren, schimmels en andere organismen te uploaden, samen met gegevens over de tijd en locatie. Een gemeenschap van ervaren gebruikers beoordeelt alle waarnemingen en kan ze onder de juiste voorwaarden bestempelen als ‘wetenschapswaardig’. Inmiddels fungeert het platform als internationale database voor biodiversiteitsgegevens wereldwijd.Opmerkelijk Soms stuit je als redactie op nieuws waarbij een wenkbrauw omhoog schiet. Die ene vreemde innovatie, een onverwacht effect van klimaatverandering of een staaltje menselijke onhandigheid. Opmerkelijk dus. In deze rubriek deelt Change Inc. de opmerkelijkste vondst van afgelopen week.Logisch dus dat het platform een zeer waardevolle bron is voor wetenschappers die onderzoek doen naar soortenverscheidenheid. En de toepassingen worden steeds veelzijdiger. Eerder zat de waarde van iNaturalist vooral in anekdotische observaties: persoon A ontdekte een rups in gebied X die daar jaren niet was gespot. Ook helpt het platform al jaren bij het snel ontdekken van invasieve soorten, bijvoorbeeld als er ergens in Nederland weer eens een bananenspin wordt gespot die per vrachtschip uit Zuid-Amerika is meegereisd.Maar door de hoeveelheid aan beschikbare data is er inmiddels veel meer mogelijk met het platform. Zo kunnen wetenschappers nu beter achterhalen hoe bepaalde soorten zich gedurende een bepaalde tijd over een continent verspreiden. Ook bieden de geüploade foto’s nieuwe inzichten in de uiterlijke kenmerken van bepaalde soorten. Bovendien ontstaan er compleet nieuwe onderzoeksgebieden dankzij de input van mensen die wonen in afgelegen gebieden en mensen die aandacht besteden aan voorheen onderbelichte soorten. Verlies van biodiversiteit tegengaan Volgens de onderzoekers van University of Florida is het gebruik van iNaturalist in de wetenschap de afgelopen vijf jaar vertienvoudigd. Iedereen die foto’s uploadt kan nu een bijdrage leveren aan wetenschappelijk onderzoek. ‘Miljoenen mensen helpen wetenschappers biodiversiteit te volgen op manieren die met traditioneel veldonderzoek alleen onmogelijk zouden zijn’, zegt Carrie Seltzer, hoofd betrokkenheid bij iNaturalist.Volgens de onderzoekers is de volgende uitdaging om de data van iNaturalist te combineren met andere biodiversiteitsgegevens, zodat natuurorganisaties en beleidsmakers geholpen kunnen worden bij het herstel en beschermen van natuurgebieden. Op die manier speelt de burgerwetenschapper een cruciale rol in het tegengaan van biodiversiteitsverlies. Lees ook:Zo ziet de stad van de toekomst eruit: 'Er zijn geen argumenten tégen meer groen' Dankzij AI zijn beschermde oceaanreservaten niet langer te groot om in de gaten te houden We kúnnen van het stikstofslot, de vraag is of de politiek het wil