Jeroen de Boer
17 september 2026, 14:31

EV als batterij voor je huis of bedrijf? Veel meer auto's blijken al geschikt voor bidirectioneel laden dan gedacht

Batterijopslag gaat een grote rol spelen in de energiehuishouding van particulieren en bedrijven. De accu van een elektrische auto kan daarbij prima als thuisbatterij of bedrijfsbatterij dienen. Sterker nog: er zijn al meer EV’s geschikt voor bidirectioneel laden dan fabrikanten officieel aangeven.

bidirectioneel laden thuisbatterij ac dc laadpaal | Credits: Dcbel / Unsplash.com

Met het verdwijnen van de salderingsregeling in 2027 wordt het voor particulieren aantrekkelijker om de elektriciteit uit hun zonnepanelen zoveel mogelijk zelf te gebruiken. Bedrijven zoeken intussen naar oplossingen voor netcongestie. In beide gevallen kunnen batterijen die lokaal energie opslaan een grote rol spelen.

Daarvoor wordt vaak gekeken naar thuisbatterijen of grotere bedrijfsbatterijen. Maar waarom zou je de elektrische auto of e-truck niet inzetten als stroombuffer?

Als je bijvoorbeeld een EV hebt met een accu van 70 kilowattuur en daar 10 procent van reserveert als buffer, heb je dezelfde capaciteit als een (thuis)batterij van 7 kilowattuur. De autobatterij moet dan wel kunnen opladen én ontladen, via een bidirectioneel systeem dat de accu van de elektrische auto ook stroom laat terugleveren.

Bidirectioneel laden: welke laadpaal is geschikt?

In de praktijk staat bidirectioneel laden nog in de kinderschoenen. Het wachten is onder meer op voldoende geschikte laadpalen.

Als een elektrische auto via een gewone laadpaal stroom afneemt van het net, is dat zogenoemde wisselstroom (alternating current, AC). De accu van de auto werkt echter op gelijkstroom (direct current, DC). Bij het laden moet elektriciteit daarom worden omgezet van AC naar DC.

‘Het belangrijkste verschil tussen AC- en DC-laden is waar de omzetting plaatsvindt. Bij een AC-laadpunt moet de onboard charger in de auto de stroom omzetten in gelijkstroom voor de batterij’, zegt technisch specialist Hans Olislagers. Voor laadpalenwebshop Wallboxdiscounter.com doet hij praktijkonderzoek naar de verschillende laadtechnologieën.

Bij een DC-laadpunt vindt de omzetting buiten de auto plaats en levert de laadinstallatie rechtstreeks gelijkstroom aan de accu van de EV.

Voor bidirectioneel laden is dit verschil belangrijk. Bij een AC-laadpunt moet de omvormer in de auto immers ook elektriciteit vanuit de batterij weer kunnen omzetten in wisselstroom voor teruglevering. Bij een DC-systeem voor bidirectioneel laden vindt die omzetting plaats in de laadpaal zelf.

DC-laadpaal als alternatief voor thuisbatterij

AC-laadpunten zijn doorgaans eenvoudiger en goedkoper, zeker als het laden van de EV het belangrijkste doel is. Snelle DC-laadpalen vind je nu vooral bij snelwegen.

Maar wie zijn autobatterij ook wil gebruiken voor energieopslag – thuis of voor een bedrijf – kan een andere afweging maken. En daarbij kunnen DC-laadpalen voor thuis of op het bedrijfsterrein interessant worden.

‘Het ligt eraan wat je gebruiksdoelen zijn’, vertelt eigenaar Guido Claus van Wallboxdiscounter.com. ‘Een thuisbatterij van 7 kilowattuur kost al snel 4.500 euro. Als je in plaats daarvan een deel van de accucapaciteit van de elektrische auto kunt gebruiken, kan het interessant zijn om in een bidirectionele DC-lader te investeren.’

Daarbij geldt wel dat een elektrische auto en een vaste thuisbatterij niet volledig dezelfde functionaliteit hebben. Olislagers: ‘Een thuisbatterij is permanent beschikbaar, terwijl een autobatterij alleen kan worden gebruikt als de auto is aangesloten. Ook moet er voldoende accucapaciteit en actieradius beschikbaar blijven voor het rijden.’

Dat laatste hoeft geen probleem te zijn als de gebruiker van de elektrische auto voor woon-werkverkeer bijvoorbeeld gemiddeld 40 tot 50 kilometer per dag aflegt met een accu die een actieradius van 380 kilometer biedt.

Meer auto’s blijken te kunnen terugleveren

Bij bidirectionele DC-laders ben je dus niet afhankelijk onboard charger in de auto, al blijft de auto wel een actief onderdeel van het systeem en moet hij geschikt zijn om terug te leveren.

Enkele fabrikanten, waaronder Renault en Kia, maken al reclame voor modellen die bidirectioneel kunnen laden met daarvoor geschikte technologie in de auto. Maar praktijktests die Olislagers deed, laten zien dat via een DC-lader al veel meer elektrische auto’s stroom kunnen terugleveren, terwijl de fabrikant het betreffende model niet officieel als geschikt aanmerkt voor vehicle-to-home (V2H, thuisgebruik van EV-accustroom) of vehicle-to-grid (V2G, teruglevering aan het net).

Tijdens tests bleek dat verschillende auto’s probleemloos stroom terugleveren aan een DC-systeem, aldus Olislagers. ‘Dit laat zien dat de technische mogelijkheden van bestaande elektrische auto’s soms verder gaan dan uit officiële specificaties blijkt. Al betekent dit niet automatisch dat zo’n voertuig volledig is gecertificeerd of officieel ondersteund wordt voor vehicle-to-home of vehicle-to-grid.’

In de praktijk kunnen flink wat elektrische auto’s echter wel functioneren als thuisbatterij. Claus geeft aan dat populaire modellen zoals de Kia Niro, De Hyundai IONIQ-serie maar ook verschillende Tesla’s stroom kunnen terugleveren via bidirectionele DC-laders. Wallboxdiscounter houdt een lijst bij van voertuigen die zijn getest.

Nauwkeurig meten van stroom die auto ingaat en verlaat

Voor de verdere ontwikkeling van bidirectioneel laden is onder meer standaardisatie van de communicatie tussen de auto en laadinstallatie van belang. Sinds 2022 bestaat er een internationale technische communicatiestandaard voor bidirectioneel laden (ISO 15118-20). De uitdaging voor de komende jaren ligt vooral bij verdere implementatie en ondersteuning door EV’s, laadpunten en energiesystemen.

Nauwkeurige registratie van de energiestromen wordt hierbij steeds belangrijker.  De energiemeter in de laadinstallatie moet niet alleen betrouwbaar registreren hoeveel elektriciteit naar de auto gaat, maar bij bidirectioneel gebruik ook bijhouden hoeveel energie er vanuit het voertuig terugvloeit.

Voor laadpalen geldt dat ze voor bepaalde toepassingen een zogenoemde MID-meter moeten hebben voor het registreren van laad- en ontlaadsessies. In Nederland is dat sinds dit jaar van belang voor de handel in zogenoemde ERE-certificaten die EV-rijders belonen voor het laden van groene stroom.

EV-accu versus thuisbatterij

Hoewel bidirectioneel laden zich nog in een pioniersstadium bevindt, lijkt er met DC-laadpalen al meer mogelijk dan je op het eerste gezicht zou denken. Olislagers: ‘Een EV heeft doorgaans een veel grotere batterij dan een afzonderlijke thuisbatterij. Wanneer slechts een beperkt deel daarvan beschikbaar wordt gesteld voor energieopslag, kan al een bruikbare buffer ontstaan voor zonnestroom, eigen verbruik of het beperken van piekbelasting.’

Hiermee is niet gezegd dat een elektrische auto zonder meer als een volledig alternatief voor een thuisbatterij kan dienen, tekent Olislagers aan. ‘Dat hangt onder meer af van zaken als het beschikbare laad- en ontlaadvermogen, de gewenste minimale acculading en de momenten waarop de auto thuis of bij het bedrijf aangesloten is.’

Voor early adopters is het volgens Claus hoe dan ook interessant om de ontwikkeling rond bidirectionele DC-laadpalen in de gaten te houden. ‘Als je de afweging wilt maken tussen de aanschaf van een thuisbatterij of bidirectioneel laden met een elektrische auto, gaat de keuze van laadpalen een grotere rol spelen.’

Lees ook:

‘Je wilt zwarte cijfers schrijven én sociale winst halen’, zegt de ondernemer achter het succes van de circulaire scaleup Opnieuw!

Voor veel bedrijven die financiering zoeken, is het spannend als ze bij de bank aankloppen met uitbreidingsplannen. Maar ondernemer Douwe Jan Boersma had een heel ander gevoel toen hij in contact kwam met Rabo Foundation. ‘Ik kreeg meteen een stuk erkenning. Er was waardering voor het feit dat we juist ook sociale en circulaire doelen nastreven. Dat voelde als een schouderklopje’, zegt Boersma.‘Het werkte voor mij echt als een drempelverlaging, toen ik merkte dat ik gezien werd door de financiële wereld,’ legt hij uit. Met zijn sociale onderneming OPNIEUW! geeft Boersma oud kantoormeubilair een tweede leven, waarbij mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt de kans krijgen om ervaring op te doen met regulier werk. Circulair en sociaal ondernemen gaan daarbij hand in hand. Aandacht voor ecologische en sociale meerwaarde Boersma wilde ruim acht jaar geleden naast zijn ‘lineaire’ ondernemersactiviteiten investeren in een bedrijf dat verder kijkt dan financiële winst, met aandacht voor ecologische en sociale meerwaarde. Dat deed hij met OPNIEUW!‘Toen we waren opgestart, wilden we verder opschalen met nieuwe machines waarmee je oude kantoormeubelen uit elkaar kunt halen om ze een nieuw leven te geven. Via een lokale Rabobank kwamen we in contact met Nynke.’[caption id="attachment_185796" align="alignright" width="300"] Directeur Douwe Jan Boersma van Opnieuw! Credit: Arenda Oomen.[/caption]Boersma verwijst naar Nynke Struik, impact finance manager bij Rabo Foundation. Deze aan Rabobank gelieerde stichting financiert in Nederland impact ondernemers die sociale impact maken en circulair werken en fungeert als brug voor bedrijven die nog geen reguliere bancaire financiering kunnen krijgen.‘Bij ons staat impact op de eerste plaats: dus wat doet een onderneming voor een groep die niet op eigen kracht kan meekomen’, zegt Struik. ‘Natuurlijk moet er een realistisch business model zijn. . Het is belangrijk dat een onderneming in de toekomst financieel op eigen benen kan staan en niet afhankelijk blijft van subsidies. Maar dat hoeft niet meteen in het eerste jaar.’ Circulair, sociaal en een goed businessmodel Struik licht toe waarom het vaak lastig is voor banken om innovatieve sociale ondernemingen vanaf het begin te ondersteunen. ‘Bij reguliere bancaire financiering wordt vooral gekeken naar financiële criteria, zoals de dekking van rentebetalingen door de cashflow en bedrijfsactiva die als zekerheid kunnen dienen. Wij kijken breder naar impact en hoe we een bedrijf sterker kunnen maken. Dat kan ook via co-financiering met andere financiers zoals impactinvesteerders of Rabobank.Naast criteria als impact, een circulair bedrijfsmodel en perspectief op financiële zelfstandigheid let Rabo Foundation op de persoon van de ondernemer. ‘Wanneer iemand ervaring heeft als ondernemer en een track record kan laten zien, geldt dat uiteraard als positief’, zegt Struik. ‘Bij Douwe Jan klopte eigenlijk alles direct vanaf het begin. Hij is een ervaren ondernemer, de eerste klanten waren er al en er lag een goed businessmodel, waardoor de seinen direct op groen stonden.’ Rabo Foundation Rabo Foundation is het maatschappelijk fonds van Rabobank, opgericht in 1974, met de missie om de zelfredzaamheid van kwetsbare groepen te vergroten. Rabo Foundation fungeert als brug voor ondernemers en coöperaties die nog geen reguliere bancaire financiering kunnen krijgen. Naast financiële steun biedt de Foundation toegang tot het uitgebreide netwerk van Rabobank en specifieke technische expertise om organisaties te professionaliseren Kijk hier voor meer informatie over Rabo FoundationSamen bouwen aan de nieuwe economie Boersma prijst de langetermijnvisie van Rabo Foundation en de bereidheid om extra risico te nemen. ‘Ze durven meer en hebben geduld. Dat betaalt zich uit. Toen we begonnen met OPNIEUW!, waren we met vijf tot tien mensen, terwijl er nu een miljoenenbedrijf staat met meer dan veertig werknemers.’Het netwerk van circulaire ondernemers van Rabo Foundation is voor Boersma van grote waarde. ‘Als je gelijkgestemde ondernemers spreekt, merk je dat iedereen enthousiast is over het bouwen aan een nieuwe economie. Dat geeft ook veel meer een gevoel van samenhorigheid, waardoor je met elkaar kunt sparren en bevindingen uitwisselt.’Struik licht toe waarom Rabo Foundation de netwerkfunctie actief inzet: ‘We brengen veel ondernemers met elkaar in contact, omdat we geloven dat ze het meeste van elkaar kunnen leren. Ze werken vanuit dezelfde missie en helpen elkaar echt verder.’ Organisatiecultuur die past bij sociale onderneming Ondernemers die bewust de balans zoeken tussen maatschappelijk en financieel rendement, kijken op een fundamenteel andere manier naar de bedrijfsvoering, geeft Boersma aan. ‘Je wilt zwarte cijfers schrijven, maar tegelijk ook sociale winst behalen. Het gaat er uiteindelijk om hoe je iets kunt betekenen voor de medemens.’In het geval van OPNIEUW! Is de consequentie van werken met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, dat de HR-afdeling een zwaardere kostenpost is. Boersma: ‘Je moet meer investeren in coaching en een buddysysteem. Belangrijk is dan dat je een organisatiecultuur hebt waarbij medewerkers die anderen begeleiden, juist daar hun voldoening uit halen, los van wat ze verdienen. Dat is gelukkig het geval bij OPNIEUW!, want medewerkers zijn heel loyaal.’Boersma benadrukt dat het management hier volledig achter dient te staan: ‘Zij moeten hier meer energie in stoppen, maar het is fantastisch om te zien hoe mensen uit bijvoorbeeld een verslaving of isolement hier weer ritme en structuur vinden.’ Sociaal rendement meetbaar maken De sociale investeringen van OPNIEUW! Worden concreet meetbaar gemaakt via de zogenoemde ‘social return on investment.’ Hierbij worden de inzetbare uren van mensen met een fysieke of andere arbeidsbeperking positief gewaardeerd. ‘We meten dat bijvoorbeeld door de uren voor demontage en opbouw van meubilair te koppelen op product- of projectniveau’, zegt Boersma.Hij merkt dat het meten van de social return on investment als pluspunt geldt bij overheidsaanbestedingen. ‘Het vergroot de kans dat je opdrachten krijgt’, zegt Boersma. Hetzelfde geldt voor de circulaire aanpak van OPNIEUW!, die bij publieke aanbestedingen wordt meegewogen. Sociaal ondernemen wordt volwassen Het hanteren van andere maatstaven dan alleen het financiële rendement leidt er ook toe dat sociaal en circulair ondernemen steeds meer een volwassen sector wordt. Dat merkt ook Struik bij de aanvragen die Rabo Foundation krijgt. ‘Tien jaar geleden was het nog pionieren, terwijl we nu steeds vaker zien dat ondernemers met een lineair bedrijfsmodel er een circulaire onderneming naast zetten. Het succes van bedrijven als OPNIEUW! werkt inspirerend en laat zien dat het ook echt anders kan.’Kijk hier voor meer informatie over aanvragen en financiering van Rabo FoundationDit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Rabo Foundation. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.