Jeroen de Boer
16 september 2026, 15:01

Grafiek: de energietransitie is niet duur

De energietransitie is voor Nederland niet duur, als je naast de kosten van kapitaalinvesteringen en fossiel energieverbruik ook kijkt naar zaken als de klimaatprijs van CO2-uitstoot en de risico’s van fossiele energiecrises. Nieuw onderzoek laat zien dat inzetten op netto nul-uitstoot in 2050 met radicale verduurzaming prima uit kan.

energietransitie niet duur hoofd | Credits: Julia Taubitz / Unsplash.com / Bewerking Change Inc.

De Nederlandse energietransitie vergt forse investeringen in onder meer verzwaring van het elektriciteitsnet, de uitbouw van de capaciteit van windmolens op zee en verduurzaming van het energiegebruik in de industrie. Dat lijkt een dure exercitie, maar het hangt er daarbij sterk vanaf welke kosten je meeneemt.

Adviseurs voor duurzame financiering Hesse McKechnie en Arjan Udding zetten in een nieuw artikel voor de Rotterdam School of Management (Erasmus Universiteit) uiteen dat de perceptie van een dure energietransitie bijgesteld moet worden. Sterker: kiezen voor een duurzame en weerbaardere energiehuishouding pakt voor Nederland op de lange termijn voordeliger uit.

McKechnie en Udding hebben hiervoor gekeken naar vier scenario’s en voor elk scenario de jaarlijkse kosten voor de periode vanaf 2026 tot en met 2050 in kaart gebracht.

Het eerste scenario ‘Geen transitie’ is een hypothetische ontwikkeling, waarbij de mix van energiebronnen niet verandert en Nederland extreem afhankelijk blijft van de import van olie en gas. Het tweede scenario ‘Huidig beleid’ gaat uit van schattingen op basis van voorgenomen beleid, zoals uitgewerkt in de Klimaat- en Energieverkenning (KEV) van het Planbureau voor de Leefomgeving. Hierbij komt Nederland in 2050 niet uit op netto nul uitstoot van broeikasgassen.

Scenario’s drie en vier zorgen voor netto nul uitstoot in 2050, maar doorlopen verschillende routes. Het traject ‘Adapt’ gaat uit van flinke elektrificatie en groei van wind op zee, maar zet tegelijk zwaar in op afvang- en opslag van CO2. Dat laatste betekent ook dat industrieën waar CO2-reductie lastig is, niet fundamenteel veranderen.

Het vierde scenario ‘Transform’ impliceert radicalere verduurzaming, met een daling van de totale energievraag, industriële vergroening en aanpassing van consumptiepatronen. Dit veronderstelt ook de uitbouw van innovatieve technologieën als het afvangen van CO2 uit de lucht (direct air capture) en de productie van synthetische brandstoffen.

Energietransitie: netto nul uitstoot vergt hogere kapitaalinvesteringen

In de grafiek hieronder is een basismodel uitgewerkt voor de jaarlijkse kosten van de vier scenario’s in de periode tot en met 2050.


De kosten zijn hier onderverdeeld in drie soorten: kapitaalinvesteringen, operationele kosten voor onderhoud van infrastructuur en brandstofkosten van bijvoorbeeld olie, gas, biobrandstoffen, geïmporteerde groene waterstof, synthetische brandstoffen en uranium.

Per saldo lijken de scenario’s ‘Geen Transitie’ en ‘Huidig Beleid’ iets goedkoper, al zijn de verschillen met de netto nul-scenario’s ‘Adapt’ en ‘Transform’ niet heel groot. Opvallend is dat bij het radicalere ‘Transform’-scenario de kapitaalinvesteringen weliswaar hoog zijn vergeleken met ‘Huidig Beleid’, maar daartegenover staan fors lagere (fossiele) brandstofkosten. Hierdoor is ‘Transform’ op jaarbasis maar 9 miljard euro duurder.

Kosten van klimaatverandering en afhankelijkheid fossiele energie

Het nadeel van de bovenstaande kostenanalyse is dat er geen rekening wordt gehouden met realistisch te verwachten economische schade van klimaatverandering, plus de risico’s van blijvende afhankelijkheid van de import van olie en gas (energieveiligheid).

Grafiek van de week

Voor de transitie naar een duurzame economie is meer nodig dan alleen rationele argumenten. Maar cijfers zeggen wél heel veel. In een wereld waarin je wordt overspoeld met informatie is het vaak lastig om te bepalen wat echt belangrijk is. In de rubriek ‘Grafiek van de week‘ licht Change Inc. op een visuele manier een onderwerp uit dat substantiële impact heeft op duurzame transities.

In een aangepaste conservatieve schatting hebben McKechnie en Udding dergelijke effecten meegenomen. Het gaat daarbij om vier zaken. Op de eerste plaats zijn economische klimaatkosten meegenomen op basis van een CO2-prijs van gemiddeld 174 euro per ton uitstoot. Hoe minder CO2-reductie je de komende vijfentwintig jaar realiseert, des te hoger deze kostenpost.

Verder zijn gezondheidskosten gerelateerd aan luchtvervuiling als gevolg van het gebruik van fossiele brandstoffen verrekend. Op de derde plaats is er een prijs gezet op de mate van afhankelijkheid van de import van fossiele brandstoffen (energieveiligheid). De afgelopen jaren hebben laten zien dat olie- en gascrises hoge kosten kunnen meebrengen voor de Nederlandse economie.

Als vierde is gekeken naar zogenoemde positieve vraageffecten voor de economie. Het idee is dat een verschuiving van een op fossiele import gebaseerde economie naar een op duurzame technologie gebaseerd energiesysteem zorgt voor extra investeringen in de binnenlandse economie. Hogere binnenlandse investeringen hebben een versterkend effect op de economische vraag.

Energietransitie is niet duur

Als je deze vier factoren kwantificeert, verandert het kostenplaatje van de energietransitie voor de verschillende scenario’s aanzienlijk. Dat is hieronder te zien.

Inclusief kosten voor CO2-uitstoot, gezondheid, periodieke olie- en gascrises en economische vraageffecten is het ‘Geen Transitie’-scenario het duurst (134 miljard euro per jaar). Het ‘Transform’-scenario komt nu als goedkoopste uit de bus (113 miljard euro).

‘Adapt’ blijft nog iets duurder dan ‘Huidig Beleid’, maar dat komt vooral doordat dit scenario stevig leunt op afvang van CO2, terwijl de importafhankelijkheid van fossiele brandstoffen relatief hoog blijft.

Per saldo liggen de economische kosten van ‘Huidig beleid’, ‘Adapt’ en ‘Transform’ zo dicht bij elkaar dat dit volgens McKechnie en Udding geen doorslaggevende factor mag zijn. Nederland kan prima kiezen voor het energiesysteem dat we het liefst willen: weerbaar, gezond en goed voor het klimaat.

Lees ook:

Back to Battery houdt kritieke grondstoffen binnen EU door ze uit afgedankte batterijen te halen

Over twee of drie jaar wil Lans een demofabriek hebben draaien die op grotere schaal kritieke grondstoffen voor batterijen terugwint uit de zogeheten black mass. Dat is het zwarte poeder dat overblijft als afgedankte lithium-ion batterijen in de shredder worden vermalen.Het bedrijf kan met een speciaal hydrometallurgisch proces elke black mass van elk type lithium-ion batterijen verwerken. Uit telefoons, andere elektrische apparaten, uit fietsen of auto’s. ‘We zijn heel flexibel. Ons oplosmiddel kan alles aan en uit alle bestaande chemietypen voor batterijen grondstoffen halen’, zegt Lans. 95 procent van metalen teruggewonnen Bij het vermalen van de batterijen worden eerst het koper en aluminium gescheiden. In het zwarte poeder zit vooral lithium, kobalt, nikkel en grafiet. Allemaal grondstoffen die de EU als ‘kritiek’ aanmerkt, omdat ze van strategisch belang zijn.‘Uit die black mass kunnen wij 95 procent terugwinnen. Daarin onderscheiden wij ons ten opzichte van concurrenten. Die metalen zijn herbruikbaar, zonder verlies van functionaliteit. Deze metalen degraderen niet en gaan niet kapot’, weet Lans. Doel is deze grondstoffen uiteindelijk terug te verkopen aan de batterij-industrie.Back to Battery begon in 2024 op de Brightlands Chemelot Campus in Limburg. Toen dacht de startup nog om vooral oude batterijen uit smartphones te recyclen en te verwerken tot nieuwe grondstoffen. Ruim twee jaar later ligt de focus veel breder en denkt de startup groter. Lans: ‘We hebben inmiddels verschillende black masses uit allerlei shredders in Europa verwerkt in onze pilot. Daar hebben we veel van geleerd.’ Markt afgedankte batterijen explodeert De markt voor het terugwinnen van grondstoffen zal de komende jaren exploderen. De afvalberg aan batterijen groeit elk jaar sneller. Duizenden elektrische auto’s en fietsen en miljoenen elektrische apparaten worden afgedankt.Alle afgedankte elektrische apparaten in Nederlandse huishoudens alleen al bevatten ruim 7 miljard kilo aan waardevolle grondstoffen. Daarvan valt 764 miljoen kilo onder strategische en kritieke grondstoffen, becijferde Stichting OPEN.‘We staan nog maar aan het begin van al die batterijen die op de afvalberg belanden. Nu zijn we nog klein, maar wij willen hierin een belangrijke factor worden. Dat zijn we nu al met onze kennis’, zegt Lans.Automerken die zelf de batterijen voor hun elektrische auto’s produceren of inkopen, kunnen in de toekomst een belangrijke markt worden voor het bedrijf. Veelzeggend is dat Back to Battery is uitgenodigd voor een panel van Toyota. Onlangs had Lans ook een telefoongesprek met BMW.‘Die automerken beginnen nu al aan de deur te kloppen’, zegt hij. ‘We zeiden eerst: als startupje gaan we niet naar de grote bedrijven, want dan hebben we geen onderhandelingspositie. Maar ze weten ons dus toch te vinden. Dan zeggen we geen ‘nee’, ook al is het alleen nog praten.’[caption id="attachment_186011" align="alignnone" width="1024"] Uit de black mass wordt onder meer lithium teruggewonnen. Credit: Back to Battery[/caption] Strengere EU-regels goed voor bedrijf Het bedrijf is gebaat bij de strengere regels die de EU heeft afgekondigd voor het recyclen van batterijen en de export van grondstoffen. Zo eist de Europese batterijverordening dat producenten van batterijen die na gebruik inzamelen.Vanaf 2027 moet van de draagbare batterijen 63 procent worden ingezameld en in 2030 al 73 procent. Van de fietsbatterijen eind 2028 al 51 procent. Volgend jaar moet ook 50 procent van het lithium uit batterijen worden teruggewonnen. Voor kobalt, koper, lood en nikkel is dat 90 procent.Dat terugwinnen is wat Back to Battery doet. Voor de startup is vooral van belang dat producenten verplicht worden de gerecyclede grondstoffen ook daadwerkelijk te gaan gebruiken. Vanaf 2031 gelden daarvoor verschillende eisen: 16 procent voor kobalt, 6 procent voor lithium en 6 procent voor nikkel.Wat nu al speelt is dat de EU vanaf november de export van black mass naar niet-OESO-landen zoals China verbiedt. ‘De shredders mogen dan niet meer exporteren en zoeken steeds meer lokale afnemers. Die zijn er nog niet. Dat is wat wij bieden’, zegt Lans. ‘Ook die andere wetgeving helpt ons enorm. Die grijpt in op de hele keten.’ Proeffabriek noodgedwongen kleiner Maar is het bedrijf klaar voor die grotere vraag? In 2024 had Back to Battery de ambitie om binnen een jaar een demofabriek te bouwen die 500 kilo grondstoffen per week produceert. Dat bleek te ambitieus. ‘Die proeffabriek is een stuk kleiner geworden’, geeft Lans toe. Dat kwam vooral door de moeilijke en langdurige vergunningenprocedure voor het verwerken van afval (black mass is afval en nog geen grondstof) op de Brightlands Campus.‘Daar konden we niet op wachten en toen hebben we besloten kleiner te gaan. De maximale maat die je kunt doen zonder vergunning. Dan praat je over een schaal van kilogrammen. Daardoor konden we veel sneller en goedkoper starten en toch producten voor klanten maken. We maken nu emmertjes lithium, grafiet, kobalt, nikkel en mangaan. Die gaan we in de toekomst verkopen, maar de hoeveelheden nu zijn monsters die we weggeven in ruil voor feedback’, vertelt hij.[caption id="attachment_186007" align="alignnone" width="1024"] Emile Vinceneux (Innovation Lead) en Dr. Cyril Mambote (mede-oprichter en CTO) van Back to Battery in het laboratorium. Credit: Back to Battery[/caption] € 11 miljoen nodig voor grotere fabriek Momenteel is de startup op zoek naar een nieuwe locatie om een grotere proeffabriek te bouwen. Over een jaar wil Back to Battery de definitieve investeringsbeslissing nemen over de bouw van die fabriek. Die vergt naar schatting een investering van 11 miljoen euro.In het laatste kwartaal van 2028 of het eerste kwartaal van 2029 moet de fabriek operationeel zijn. Nu al is twee derde van alle aanvoer van black mass die shredders moeten aanleveren verzekerd. ‘En we zijn pas net begonnen. Die fabriek komt vol’, stelt Lans.Sinds de start draait de startup vooral op subsidies, zoals van het Nationaal Groeifonds, aangevuld met andere financiering en potjes. ‘We zijn met relatief weinig geld heel ver gekomen. Daar ben ik trots op en dat dragen we ook uit naar investeerders: uw geld wordt hier goed besteed’, zegt hij. Met hulp van Green Chemistry Accelerator naar de markt Back to Battery is dit jaar een van de deelnemers aan de Green Chemistry Accelerator (GCA) van het platform Groene Chemie Nieuwe Economie (GCNE). Dat programma is samen met Invest-NL en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) opgezet om startups en scale-ups te helpen bij het opschalen van hun innovatie, het zoeken naar investeerders en het bouwen van demofabrieken. Daardoor worden blokkades weggenomen en kunnen ze eerder de markt op.Tijdens GCA werkt elke deelnemer met experts en partners aan een concreet plan voor ongeveer 200 dagen. Daarin wordt gekeken wat de belangrijkste doelen zijn om te realiseren, of er vraag en klanten zijn voor het product en of de businesscase klopt. Dat is essentieel om investeerders te trekken.Volgens Lans is het programma zeer waardevol voor startups. ‘Het is een eyeopener die je veel inzicht geeft in de stappen die je moet volgen. Voor ons kwam het programma op het juiste moment, want we gingen net al die producten maken en het klantcontact werd steeds belangrijker’, zegt Lans.Speciaal voor die taak heeft Back to Battery per 1 maart Matthijs Damm aangenomen als commercieel directeur. Hij heeft meer structuur gebracht in de benadering van klanten en de markt. ‘Wij moeten nu verkopen wat we eigenlijk nog niet hebben’, omschrijft Lans de taak van Damm.Ook de informele contacten met andere deelnemende startups waren voor hem waardevol. ‘Dan voel je de verbinding met elkaar. Sommigen zijn al twee jaar verder, anderen zijn net begonnen. Dan wissel je veel met elkaar uit. Aan de bar hoor je niet alleen de succesverhalen die je in de presentaties hoort.’ Lees ook:In de strijd om kritieke grondstoffen wordt circulariteit een geopolitiek wapen: deze Nederlandse bedrijven lopen voorop Strijd om grondstoffen voor batterijen: deze 4 grafieken tonen het probleem van Europa Nederlandse startup maakt van de oude batterij uit je telefoon weer een nieuwe Lithium uit Europa voor duurzame batterijen krijgt vorm dankzij Nederlandse bedrijfDit artikel is gemaakt door een van onze expertredacteuren in samenwerking met onze partner Groene Chemie Nieuwe Economie. Change Inc. werkt met partners die de klimaattransitie aanjagen. Zij kunnen cases presenteren waar anderen zich aan kunnen optrekken en zijn eerlijk over de uitdagingen. Niet één bedrijf is al 100 procent duurzaam, maar veel zijn onderweg. Dankzij ons partnermodel zijn onze artikelen gratis toegankelijk voor iedereen. Benieuwd naar hoe wij werken? Klik hier.