Het afvangen en opslaan van CO2 geldt als een belangrijke aanvullende technologie om naar netto nul uitstoot te komen. Maar er is veel discussie over het tempo van opschaling. Het gebruik van fossiele brandstoffen zorgt immers voor een jaarlijkse CO2-uitstoot van rond de 38 miljard ton.
Minder fossiele brandstoffen gebruiken is daarom prioriteit nummer één. Tegelijkertijd is CO2-afvang en -opslag waarschijnlijk nog lange tijd nodig, omdat de concentratie van CO2 in de atmosfeer zorgt voor gevaarlijke opwarming van de aarde. Er moet dus flink wat CO2 uit de atmosfeer worden gehaald, ook nadat de wereld het punt van netto nul uitstoot heeft bereikt.
Wereldwijde opslagcapaciteit voor CO2
Het Global CCS Institute publiceert jaarlijks een rapport over de stand van zaken rond CO2-opslagprojecten, inclusief de totale opslagcapaciteit en een schatting van projecten die in de pijplijn zitten. In de nieuwe editie becijferen analisten de huidige jaarcapaciteit op 68 miljoen ton, terwijl er voor 328 miljoen ton aan jaarlijkse capaciteit op de rol staat.
Grafiek van de week
Voor de transitie naar een duurzame economie is meer nodig dan alleen rationele argumenten. Maar cijfers zeggen wél heel veel. In een wereld waarin je wordt overspoeld met informatie is het vaak lastig om te bepalen wat echt belangrijk is. In de rubriek ‘Grafiek van de week‘ licht Change Inc. op een visuele manier een onderwerp uit dat substantiële impact heeft op duurzame transities.
De huidige opslagcapaciteit staat gelijk aan ongeveer 0,2 procent van de jaarlijkse CO2-uitstoot door fossiele brandstoffen. Opvallend genoeg valt zelfs op dit lage cijfer het nodige af te dingen. Een groot deel van de 88 actieve projecten bestaat namelijk uit zogenoemde ‘enhanced oil recovery‘ (EOR). Dat gaat om CO2 die bij oliewinning vrijkomt en wordt afgevangen. De CO2 wordt vervolgens opnieuw geïnjecteerd in olievelden, met als doel méér olie uit bestaande velden te halen.
Je kunt je afvragen of dat bijdraagt aan doelen om het gebruik van fossiele brandstoffen zoals olie te verlagen. EOR is immers gericht op optimaler en langer gebruik van olievelden.
Bijna driekwart van CO2-opslagcapaciteit onderdeel van oliewinning
Op basis van de onderliggende data in het rapport hebben we de mondiale CO2-opslagcapaciteit daarom onderverdeeld in EOR en ‘overige ondergrondse opslag’. Bij die laatste categorie gaat het om opslag in lege gasvelden, ondergrondse zoutlagen en via binding van CO2 aan gesteente (mineralisatie). Dat laatste gebeurt onder meer in IJsland, waar het bedrijf Climeworks CO2 uit de lucht filtert met grote afvangmachines.
In de grafiek hieronder is te zien dat 49 miljoen ton van de huidige opslagcapaciteit (72 procent) enhanced oil recovery betreft. Overige opslagprojecten zijn goed voor 19 miljoen ton CO2 per jaar (28 procent).
Het grootste operationele project voor EOR is het Santos Basin in Brazilië. Dit is een diepzeewinningsproject van energiereus Petrobras, met een injectiecapaciteit van ruim 14 miljoen ton CO2 per jaar.
EOR zorgt voor ongeveer 0,32 ton CO2-uitstoot per vat olie, blijkt uit zogenoemde well-to-wheel-analyses waarin ook de uitstoot bij verbruik is meegenomen. Dat is ongeveer een derde minder dan bij conventionele oliewinning, doordat de CO2 wordt afgevangen.
Pas je dit toe op de winning in het Santos Basin, dan zorgen ruim 900 miljoen opgepompte vaten olie voor 288 miljoen ton CO2-uitstoot per jaar over de hele cyclus van winning tot en met gebruik. Daarmee wordt 171 miljoen ton aan uitstoot bespaard vergeleken met conventionele oliewinning. Tegelijk neemt dat niet weg dat EOR geen stimulans geeft om oliewinning af te bouwen.
Buiten de olie- en gassector heeft CO2-afvang en ondergrondse opslag veelal een andere functie. Zo zorgt cement- en betonproductie voor veel CO2-uitstoot. Na afvang en opslag van die emissies is geproduceerd beton in gebouwen echter geen bron meer van CO2-uitstoot; het kan zelfs voor CO2-opname zorgen. Per sector zijn er dus grote verschillen wat betreft de bijdrage van CO2-opslag aan emissiereductie.
CO2-opslag: projecten in Nederland en Noorwegen
Bij de ‘overige’ opslagcapaciteit van CO2 is het Australische Moomba-project momenteel het grootst. Dat project gebruikt oude gasvelden en heeft een capaciteit van 1,7 miljoen ton per jaar.
In Europa komt er de komende jaren flink wat capaciteit bij in Noorwegen en Nederland. Het Northern Lights Project wil opschalen naar een jaarcapaciteit van 5 miljoen ton CO2. Het Rotterdamse Porthos-project moet in 2027 operationeel worden en mikt op 2,5 miljoen ton aan CO2-opslag per jaar. En het Aramis-project wil zelfs 22 miljoen ton aan CO2 per jaar gaan opslaan in oude gasvelden onder de Noordzee.




