De populariteit van elektrisch rijden groeit dit jaar snel, mede door de sterke stijging van fossiele brandstofprijzen. Maar elektrische auto’s zijn zeker voor huishoudens met lagere inkomens niet altijd goed betaalbaar. Het kabinet-Jetten wil daar iets aan doen met een subsidie bij de aankoop van een elektrische occasion, specifiek voor mensen met lagere inkomens. Die moeten een brandstofauto aanbieden voor sloop om voor de subsidie in aanmerking te komen.
In eerste instantie is hiervoor een budget van ruim 52 miljoen euro gereserveerd, goed voor ruwweg 10.000 auto’s. Op basis van de voorlopige opzet kunnen aanvragers met een inkomen van tussen de 12.500 en 27.533 euro 6.000 euro subsidie krijgen. Voor inkomens tussen de 27.534 en 35.793 euro gaat het om 4.000 euro subsidie.
Lagere inkomens met subsidie aan een elektrische auto helpen
De subsidieregeling wordt eind dit jaar of begin 2027 opengesteld via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De autobranche staat er positief tegenover. ‘Dit helpt om een groep oudere brandstofauto’s van de markt te halen en is goed voor de verduurzaming’, geeft een woordvoerder van brancheorganisatie Bovag desgevraagd aan.
Een relevante vraag is hoe het staat met het occasionaanbod van elektrische modellen die betaalbaar zijn voor lagere inkomens. Bovag verwacht niet dat het om hele grote aantallen zal gaan. ‘Je kunt hiermee een kleinere groep over de streep trekken die minder te besteden heeft’, aldus de woordvoerder. ‘Een subsidie maakt de hogere aanschafprijs van EV beter behapbaar. Vervolgens kunnen mensen profiteren van de lagere kosten in het gebruik.’
Autobudget: besteedbaar inkomen en spaargeld
Maar wat is betaalbaar? Voor huishoudbudgetten wordt vaak gerekend met autolasten van zo’n 15 procent van het netto-inkomen. Het gaat dan om het totaal van vaste lasten (onder meer afschrijving, verzekeringen, belastingen) en variabele kosten (waaronder brandstof).
Als je dit doorrekent voor een bruto-inkomen van 28.000 per maand, kom je op basis van onder meer de afschrijvingstermijn op een aanschafbudget voor een auto van ongeveer 6.000 tot 7.000 euro. Inclusief een subsidie van 4.000 euro gaat het dan om occasionprijzen van 10.000 à 11.000 euro voor potentiële kopers met een lager inkomen.
Naast het besteedbaar inkomen is uiteraard ook van belang of huishoudens beschikken over een spaarpot die ze kunnen inzetten voor de aankoop van een auto.
Markt voor elektrische occasions
Wat betreft het aanbod elektrische occasions zijn er duidelijke verschillen wat betreft de populariteit van verschillende prijssegmenten, geeft marktexpert Tim Roks van occasionsites Gaspedaal en Autotrack aan, beide onderdeel van Autoscout24.
Bij zoekopdrachten voor elektrische occasions op Gaspedaal.nl is het segment tussen 20.000 euro en 30.000 euro het populairst, met een aandeel van 27 procent van alle kliks. Daarna komt het segment tussen de 30.000 euro en 40.000 euro met een aandeel van 21 procent. Het segment tussen de 5.000 euro en 15.000 euro is goed voor 13 procent van de kliks.

Volkswagen ID.3. Credit: Autotrader UK
Aanbod van goedkopere elektrische EV’s
Het aanbod van elektrische occasions tussen 9.000 en 12.000 euro geeft bij Gaspedaal.nl momenteel keuze uit iets meer dan 450 auto’s. Zonder ondergrens stijgt dat tot 710 auto’s.
‘Qua aanbod zijn er wat mij betreft voldoende EV’s om uit te kiezen als je maximaal 12.000 euro kunt uitgeven met behulp van de subsidie’, zegt Roks. Dat zijn wel relatief vaak EV’s van dertien jaar of ouder, met flink wat kilometers op de teller. ‘Die bieden in niet alle gevallen meer de praktijkactieradius die ze hadden toen ze uit de fabriek rolden. Dat is wel iets om in deze prijsklasse rekening mee te houden.’
Ook directeur Richard Burger van Eccasion ziet voldoende aanbod van tweedehands EV’s in de lagere prijscategorie. Eccasion biedt consumenten de mogelijkheid om mee te bieden op veilingen waar elektrische leaseauto’s worden aangeboden voor een tweede leven.
Burger vermoedt wel dat de inkomensgrens van de nieuwe subsidieregeling, in combinatie met het besteedbare vermogen van huishoudens, beperkend kan werken. ‘Ik denk dat de inkomensgrens als eerste aangepast zal worden, mocht blijken dat er onvoldoende mensen in aanmerking komen voor de nieuwe subsidieregeling.’
Populaire modellen
Uit de gegevens van Gaspedaal blijkt dat bij vraagprijzen tussen de 5.000 euro en 10.000 euro het meest geklikt wordt op modellen als de Renault Zoe, de Nissan Leaf, Dacia Spring, Volkswagen e-Golf en VW e-Up!.
Voor het segment tussen de 10.000 euro en 15.000 euro gaat het om de Mazda MX-30, Volkswagen ID.3, Peugeot e-208, Volkswagen e-Golf en Opel Corsa-e, aldus auto-expert Roks.
Burger van Eccasion wijst erop dat er in het goedkopere segment van rond de 10.000 euro veel EV’s zitten met kilometerstand boven de 100.000 en een range van circa 200 kilometer. ‘Vaak gaat het om het kleinere hatchback segment.’
Een actieradius tot zo’n 200 kilometer is volgens Burger voor de meeste huishoudens voldoende voor dagelijkse behoeften zoals boodschappen en in veel gevallen het woon-werkverkeer. ‘Maar als je behoefte hebt aan een wat grotere actieradius van meer dan 300 kilometer, of ruimere auto’s voor bijvoorbeeld families, dan heb je meer budget nodig. Je komt dan vaak uit op prijzen vanaf 17.000 euro voor modellen als de Tesla Model 3, Skoda Enyaq, VW ID.3, Kia Niro en Hyundai Kona.’

Nissan Leaf. Credit: Nissan.
Trends in het aanbod van elektrische occasions
Hoewel benzineauto’s nog altijd dominant zijn op de occasionmarkt ziet Roks wel een stijgende interesse voor elektrische modellen: ‘Afgelopen maand werd er vergeleken met februari – dus net voordat de Iran-oorlog uitbrak – maar liefst 60 procent meer naar tweedehands EV’s gezocht.’
Wel is het zo dat het aanbod van elektrische occasions de afgelopen maanden juist in het lagere prijssegment is afgenomen, terwijl er meer aanbod kwam in het midden- en hogere segment. Roks verwacht dat autobedrijven, zodra bekend is wanneer de nieuwe subsidieregeling start, meer tweedehands EV’s gaan aanbieden. ‘Het is alleen nog lastig te zeggen of het aanbod vooral in de lagere of juist in de hogere segmenten gaat toenemen. Dat is tenslotte grotendeels afhankelijk van de vraag vanuit autokopers.’




