Tijdens zijn studie maritieme technologie moest Erik Hertel een keuzevak volgen: duurzame ontwikkeling. Dat ging niet bepaald van harte, lacht hij. ‘Het was een moetje. Niemand nam het vak echt serieus.’
We spreken begin jaren nul, de tijd waarin rondom duurzaamheid nog een geitenwollensokkenlucht hing. Een baan in duurzaamheid? Nee joh, Hertel en zijn medestudenten wilden ergens heen waar je carrière kon maken. Liefst Shell. ‘Dat was de holy grail.’
Zelf kwam Hertel bij Damen Shipyards Group terecht. Hij werkte ruim vijftien jaar bij de scheepsbouwer, waar hij opklom tot managing director van de cruise, ropax & offshore-divisie, die tak die zich onder meer bezighoudt met de bouw van cruiseschepen en luxejachten op bestelling. Maar gaandeweg begon er iets te knagen.
‘Bliksemwater’
Inmiddels ouder en wijzer begon het hem op te vallen dat duurzaamheid in de corporate wereld vaak een ondergeschoven kindje bleef. ‘Ook in mijn eigen sector was het niet top of mind. Op een gegeven moment kwam ik in een discussie terecht over welk probleem we hier nou eigenlijk aan het oplossen waren. Damen is een mooi bedrijf, ik heb er veel geleerd, maar eind 2020 ben ik toch uit dienst gegaan. Ik voelde dat het tijd werd om ergens anders te kijken.’

We moeten voor oplossingen veel meer naar de natuur kijken, vindt VitalFluid-ceo Erik Hertel. | Credits: VitalFluid
Nu werkt hij alweer meer dan vijf jaar bij de Eindhovense agritech-startup VitalFluid. Sinds januari 2023 is hij er ceo.
Het bedrijf kondigde vorige week een Series A-ronde van 17,2 miljoen euro aan. De ronde werd mede geleid door Invest-NL, met bijdragen van bestaande aandeelhouders Horticoop, de Brabantse Ontwikkelingsmaatschappij (BOM), Future Food Fund, Graduate Ventures, Innovation Industries, VDL Participaties en Goeie Grutten, en nieuwkomer Alder Tree Investments.
VitalFluid heeft een gewasbeschermingsmiddel ontwikkeld zonder pesticiden of chemicaliën. Dat is op zich niet heel vernieuwend, maar de uitvoering is dat wel; VitalFluid maakt geen korrels of een stroperig vloeibaar goedje, maar desinfecterend water. Plasma activated water om precies te zijn, al is het in de media al snel tot het veel spannender klinkende ‘bliksemwater’ omgedoopt.
Oplossing uit de natuur
De plasmatechnologie van VitalFluid doet namelijk precies hetzelfde als een bliksemflits tijdens een onweersbui. Door de bliksem verandert de lucht in een geleidend plasma, waarbij enorme hoeveelheden energie vrijkomen. Daarbij ontstaan stikstof- en zuurstofverbindingen die oplossen in het regenwater.
En nu komt ‘ie: door een van die verbindingen, nitriet (NO2), krijgt dat water tijdelijk een antibacteriële werking. Daarna vervalt het nitriet tot nitraat (NO3), dat weer door planten opgenomen wordt als voedsel.
Paul Leenders en Polo van Ooij, de oprichters van VitalFluid, ontwikkelden een machine die dat effect nabootst met niets meer dan lucht, water en elektriciteit. Hertel, enthousiast: ‘Een nature-based solution noemen ze dat. Dat is toch waanzinnig? Ik vind dat we voor oplossingen veel meer naar de natuur zouden moeten kijken.’
Hij kwam de in 2014 opgerichte startup via Robertjan Zonneveld op het spoor, die met zijn bedrijf VanWaarde in duurzame ondernemingen investeert en ook geld in VitalFluid heeft gestoken. ‘Dat wist ik niet toen ik hem opzocht’, zegt Hertel. ‘Ik was net weg bij Damen en aan het uitvogelen wat mijn volgende stap moest worden. Ik was onder de indruk van Robertjan als ondernemer en vroeg of hij mee wilde denken. “Is VitalFluid niet wat voor jou?” vroeg hij.’
Pivot naar gewasbeschermers
Zijn eerste reactie: ‘Wat is plasmatechnologie?’ Maar toen hem eenmaal duidelijk was hoe de vork in de steel zat, was Hertel snel overtuigd. ‘Na vijf jaar pionieren waren Paul en Polo op het punt dat de technologie het lab kon verlaten en dat er een business op kon worden gebouwd. Ze hadden een werkend product en zochten iemand die daar een commerciële strategie voor op kon zetten. Zo ben ik erbij gekomen.’
Dat eerste product was een ander product dan de gewasbeschermer waarmee VitalFluid nu actief is. Met de plasmatechnologie kun je twee kanten op: als je het bliksemwater een paar dagen laat staan, krijg je CO2-neutrale kunstmest. Alleen is dat proces lang niet zo efficiënt, omdat er voor de productie veel grotere hoeveelheden actieve stikstof nodig zijn. Hertel: ‘Wel twintig keer meer.’
Gevolg: de duurzame kunstmest werd veel te duur. ‘Kunstmest is een commoditymarkt’, zegt Hertel. ‘Onze prijs was drie keer hoger dan die van reguliere kunstmest en dat wilden boeren er niet voor betalen. Om het product concurrerend te krijgen, moesten we een gigantische efficiëntieslag maken. “Die tijd hebben we niet”, zeiden onze aandeelhouders.’
Proef met twee boeketten
Intussen hadden Leenders en Van Ooij verder gesleuteld aan hun bliksemwater en de actieve desinfecterende stof weten te lokaliseren, te produceren en stabiel op te slaan – lang genoeg om planten een paar dagen tot een week te beschermen.
‘Dat klinkt eenvoudig, maar dat was het niet’, zegt Hertel. ‘Om een idee te geven: de allereerste test die Paul en Polo deden, was een experiment met twee bossen rozen. Eén in een vaas met gewoon water, een in een vaas met hun plasma-geactiveerde water. Ze zagen heus wel welk boeket het langst mooi bleef, maar zie maar eens te achterhalen door welke werkzame stoffen dat komt. Bij zo’n reactie ontstaan tientallen componenten.’
In 2023 volgde een pivot. Dat was ook het moment dat Hertel de leiding van voormalig ceo Leenders overnam. ‘Paul is niet iemand die warm wordt van het organiseren en structureren van een bedrijf’, zegt Hertel. ‘Hij pioniert liever. Hij heeft VitalFluid inmiddels verlaten en een nieuw bedrijf opgezet; hij onderzoekt nu of je met dezelfde technologie ook huidziekten en wonden kunt behandelen.’
Leasecontracten voor vijf jaar
De eerste ‘bliksemmachines’ staan inmiddels bij zeven Britse aardbeientelers en zorgen daar dat 100 hectare aan aardbeienvelden schimmelvrij blijft. Is op dit product wél een stabiele business te bouwen? Ja, zegt Hertel, om meerdere redenen. ‘Wij verkopen onze machines niet, maar leasen ze aan de klant. De eerste klanten hebben direct een contract voor vijf jaar getekend. Dat was voor ons echt een doorbraak; het levert ons stabiele, terugkerende inkomsten op.’
De leasefee van VitalFluid kan concurreren met wat telers kwijt zijn aan chemische bestrijdingsmiddelen. Hertel: ‘Voor onze huidige klanten is dat zo’n 3.000 tot 4.000 euro per hectare per jaar.’
Telers moeten wel naar alternatieven voor pesticiden kijken, want de residunormen – de regels voor wat er aan chemisch residu op levensmiddelen mag achterblijven – worden steeds strenger. De Europese Unie heeft limieten opgesteld, en in Nederland hanteren de meeste supermarkten volgens de stichting Pesticide Action Network Netherlands nog strengere eisen dan deze wet voorschrijft.
Aardbeien vol pesticiden
VitalFluid is voor de keuze voor het eerste gewas niet voor niets bij aardbeien uitgekomen. Hertel: ‘Aardbeien staan in de top drie van wat de ‘dirty dozen’ wordt genoemd. Dat zijn de groenten- en fruitsoorten waarop de meeste pesticiden worden aangetroffen.’
En ook niet onbelangrijk: het middel beschermt gewassen minstens zo goed tegen ziekten en schimmels. Soms zelfs beter, blijkt uit testen. ‘Tijdens proeven met meeldauw, een van de meest hardnekkige schimmels bij aardbeien, was het aandeel aangetaste planten vier tot vijf keer lager dan bij planten die met chemische bestrijdingsmiddelen waren behandeld.’
Dan, nuchter: ‘Als het niet had gewerkt, zouden onze klanten het ook niet gebruiken.’
100 machines in 2028, of eerder
VitalFluid haalde sinds de oprichting ruim 24 miljoen euro aan financiering op, waaronder 2 miljoen euro met een kapitaalinjectie van BOM en VDL (2022), en 5 miljoen euro met een seedronde waarbij landbouwinvesteerders als Future Food Fund en Horticoop aan boord kwamen.
De Series A-ronde moet het bedrijf nu helpen om commercieel op te schalen. ‘We willen een grotere salesorganisatie opzetten en daarmee het komende jaar doorgroeien tot leasecontracten voor 40 tot 50 machines’, vertelt Hertel. ‘Onze ambitie is om tegen 2028 op 100 machines te zitten, maar ik denk dat dat al eerder lukt.’
Die machines worden gebouwd door de VDL Groep, naast investeerder ook productiepartner. ‘Wij doen de engineering, zij de assemblage. Momenteel kosten onze machines ongeveer evenveel als een luxe Tesla. Als we de productie opschalen, kan ook de kostprijs omlaag.’
Nog geen groen licht in EU
Op dit moment heeft VitalFluid voor 700.000 tot 800.000 euro aan recurring revenue, in 2030 moet de terugkerende omzet zijn opgelopen tot ‘tientallen miljoenen’. Naast het Verenigd Koninkrijk zoekt VitalFluid deze groei in de Verenigde Staten, met name in landbouwstaat Californië. Een ingang heeft de startup al. ‘We werken samen met de grootste aardbeienteler ter wereld, Driscoll’s. Dat is een Amerikaans bedrijf.’
Waar blijft Europa in dit verhaal? In het VK is VitalFluid al goedgekeurd door de Health and Safety Executive (HSE) en in de VS door de Environmental Protection Agency (EPA), legt Hertel uit. ‘Omdat ons product geen chemische pesticide is, lukte het in zes maanden om goedkeuring bij de autoriteiten te krijgen.’
De EU maakt dat onderscheid niet. Daar moet VitalFluid hetzelfde traject doorlopen als chemische bestrijdingsmiddelen. Dat duurt drie tot vier jaar, al heeft Hertel goede hoop dat het sneller kan. ‘De onderzoeken naar de langetermijneffecten van schadelijke stoffen kunnen we hopelijk achterwege laten.’ Grijnst: ‘Die effecten zijn er bij ons niet.’
Dit artikel verscheen oorspronkelijk op MT/Sprout.



