Grote kans dat je weleens een grassprietje in je mond hebt gestoken. En toch: als je over een grasveld loopt, loopt het water je niet direct in de mond.
Foodtech-startup Grassa wil dat veranderen. Want gras is heel voedzaam, weet zij − voor koeien én voor mensen. Grassa haalt onder meer hoogwaardige eiwitten en probiotische suikers uit het gewas. Wat er overblijft, gaat naar koeien, die daardoor minder stikstof en fosfaat uitstoten. De techniek is in 2014 bedacht door hoogleraar Johan Sanders van de Universiteit Wageningen.
In totaal zorgt Grassa’s raffinageproces ervoor dat grasvelden anderhalf tot tweeënhalf keer zo veel voedsel leveren als ze nu doen. Dat leverde de startup de Transition Award 2026 in de categorie Voeding op. Cco Suzanne van den Eshof nam de prijs in ontvangst.
Waarom gras?

Cco Suzanne van den Eshof van Grassa (links) neemt de Transition Award 2026 in ontvangst. | Credits: Tristan Fopma
‘Nederland heeft ontzettend veel gras. Maar in tegenstelling tot bij andere bladeren, zoals spinazie en sla, benutten we niet de volledige potentie. Grassa wil benutten wat er al bestaat.’
Wat doen jullie precies met Grassa?
‘We verzamelen gras van melkveehouders en brengen dat naar een centrale plek in de buurt. Het maaien gebeurt al; gemaaid gras wordt nu ingekuild (gefermenteerd, red.) en in de winter aan koeien gevoerd. In plaats daarvan scheiden wij in een graspers de vezels van het grassap dat erin zit. Daar zitten waardevolle eiwitten en andere voedingsstoffen in. De vezels die overblijven, gaan als ruwvoer terug naar de boer.’
Op welke markten richten jullie je?
‘Uiteindelijk willen we voedingsingrediënten voor menselijke consumptie gaan maken. Gras is heel gezond, het heeft een beter aminozuurprofiel dan bijvoorbeeld erwten of soja. We hebben al eens getest met het eiwitconcentraat in bijvoorbeeld eiwitrepen en pita’s. Maar het duurt waarschijnlijk nog een aantal jaar voor we toestemming krijgen van de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid om het te verkopen. Daarom richten we ons in eerste instantie op dierlijke voeding.
Het eiwitconcentraat is heel geschikt voor onder meer varkens en kippen en kan op die manier de import van onduurzame soja vervangen. Het nadeel is dat er voor veevoer heel weinig wordt betaald. Financieel gezien is huisdierenvoeding daarom een interessantere markt.’
Transition Awards
De Transition Awards zijn een initiatief van Change Inc. en adviesbureau nlmtd. Ze belonen initiatieven die niet alleen ambitieus zijn, maar ook tastbare impact hebben op het gebied van klimaat, sociale aspecten of organisatiebestuur. Grassa won de Transition Award 2026 in de categorie Voeding. Alle winnaars vind je hier.
Waar bevinden jullie je nu in het proces?
‘Sinds kort draait onze demonstratiepers in Kootwijkerbroek, een dorpje naast Barneveld. Die kan zo’n 30 ton gras per dag verwerken. In samenwerking met melkveehouders willen we laten zien dat onze techniek werkt: dat we eiwitten uit gras kunnen halen en dat hun koeien gezond blijven en net zulke goede melk produceren met wat er overblijft.’
‘Als dat bewezen is, bouwen we een demoverwerkingsfabriek waar we verschillende producten kunnen maken uit het grassap. Daarna volgt een commerciële verwerkingsfabriek. Dat heeft pas zin als gras ook is goedgekeurd voor menselijke consumptie, we hopen in 2029.’
Zitten er wel genoeg eiwitten voor de koe in het gras dat overblijft?
‘We halen ongeveer de helft van de eiwitten uit het gras: alleen de eiwitten die in de vloeistof zitten. Daarnaast zitten er nog eiwitten in de celwanden van gras. Die kunnen alleen door herkauwers zoals koeien worden verteerd.
De eiwitten die wij aan het gras onttrekken hebben koeien in principe niet nodig. Sterker nog: die verteren ze juist veel te makkelijk, al in de eerste maag. Omdat eiwitten deels uit stikstof bestaan, betekent minder eiwit in het voer ook minder stikstofuitstoot.’

De graspers van Grassa in Kootwijkerbroek. | Credits: Grassa
Wat vinden boeren van jullie idee?
‘Veel boeren zijn op zoek naar manieren om hun stikstofuitstoot te verlagen. Momenteel leveren tien boeren gras voor onze demo-graspers, maar er zijn meer geïnteresseerden in de omgeving. We willen dat zij uiteindelijk ook financieel meeprofiteren van wat wij verdienen aan eiwitrijke producten.’
Wat zijn de komende tijd jullie grootste uitdagingen?
‘We zijn bezig met een nieuwe financieringsronde en zijn ook op zoek naar partners die interesse hebben om ons eiwitconcentraat te gebruiken. We willen graag samen met hen ontwikkelen; uiteindelijk weten zij het meest over hun producten.
De afgelopen tijd hebben we ook last gehad van netcongestie, specifiek in het zoeken van een locatie voor de graspers. Ook voor de pilotfabriek zal dat een uitdaging zijn. De pers staat nu naast Zonnepark Branderwal, aan de rand van Kootwijkerbroek. Daar wordt vooral overdag veel energie geproduceerd die wij deels kunnen gebruiken.’
Welke lessen wil je meegeven aan andere ondernemers om duurzame projecten tot een succes te maken?
‘Impact wordt steeds vaker ingezet als marketingsausje. Maar als je geloofwaardig wilt zijn, moet het in de kern zitten van wat je doet. Dus zoek naar die impact en zorg dat het geen additioneel iets is, maar iets wat in je verdienmodel zit. In de ingrediëntenmarkt zijn drie dingen van belang: functionaliteit, prijs en CO2-uitstoot.’
Meer lezen over het voedselsysteem van de toekomst? In de nieuwsbrief Kweekvlees & Kool schrijft Change Inc.-redacteur Maaike Kooijman over nieuwe ontwikkelingen en interessante updates. Schrijf je hier in.



