Maaike Kooijman
22 oktober 2026, 16:16

Van prijzenoorlog naar duurzaamheidsoorlog: concurrentie kan supermarkten doen veranderen, zegt Charlotte Linnebank

Supermarkten spelen een grote rol in de verduurzaming van ons voedsel. Stichting Questionmark houdt hen verantwoordelijk voor wat ze aanbieden én helpt hen dat te verbeteren. ‘De verantwoordelijkheid ligt niet bij consument’, zegt directeur Charlotte Linnebank.

Changemaker Charlotte Linnebank van Questionmark Changemaker Charlotte Linnebank: 'Ons doel is nooit om te namen en shamen.'

Stel je voor: bushokjes hangen vol posters om de eerlijkste chocolade aan te prijzen, of de soep die het beste is voor het klimaat. De prijzenoorlog tussen supermarkten wordt vervangen door een heuse duurzaamheidsoorlog. En wie het eerlijkste en gezondste aanbod heeft, heeft de beste reputatie.

Daar zijn we nog lang niet. Maar als het aan Charlotte Linnebank ligt, is dat wel waar we naartoe gaan. ‘Supermarkten bepalen in grote mate wat we welke dag eten. Het is aan hen om dat zo gezond, eerlijk en duurzaam mogelijk te laten zijn. Laat ze maar daarop concurreren in plaats van op prijs.’

Linnebank staat aan het hoofd van stichting Questionmark, bekend van zijn onderzoeken naar onder meer gezondheid in de supermarkt en biologisch bij A-merken. Haar doel: een gezond, duurzaam en eerlijk voedselsysteem. En dat bereik je het beste door je in te leven in retailers, zegt ze.

Je startte Questionmark toen je nog consultant duurzaamheid bij KPMG was. Vanwaar de stap van consultancy naar een non profit-organisatie?

‘De bedrijven die ik adviseerde veranderden wel, maar veel te langzaam. Dat frustreerde me. Questionmark is mijn manier om verduurzaming in het voedselsysteem te versnellen. Want bedrijven luisteren wel degelijk naar externe stakeholders, had ik gemerkt − als die zich maar genoeg laten horen. Reputatie is daarin een belangrijke factor. FrieslandCampina zette bijvoorbeeld zijn eerste stappen in verduurzaming van de soja in hun veevoer omdat Greenpeace daarop bleef aandringen.

Bedrijven veranderen makkelijker als ze een duidelijk referentiepunt hebben. Bij KPMG maakte ik veel benchmarks, waarmee bedrijven hun prestaties vergelijken met die van andere. Ik zag dat concurrentiedruk voor enorm veel actie zorgde. Als een directie zag dat concurrenten duurzamer waren dan zij, gaven ze hun duurzaamheidsmanager gewoon de opdracht om dat te veranderen.

Die benchmarks werden steeds maar in één directie gebruikt. Met openbare rapporten kunnen we veel meer bedrijven tegelijk bereiken.’

Toch richtte Questionmark zich in het begin niet op de supermarkt, maar op de consument.

‘Het was 2012, apps kwamen net op. Ons idee was een app te bouwen die consumenten kon helpen om de beste keuze te maken in de supermarkt.

We kwamen er snel achter dat dat niet werkt. Deels omdat mensen hun gedragspatronen maar moeilijk kunnen veranderen, zelfs als ze dat willen. Bovendien kon onze app natuurlijk niet opboksen tegen de miljarden aan marketingbudgetten voor ongezond en onduurzaam voedsel. Maar daarnaast is het ook helemaal niet de verantwoordelijkheid van de consument om de goede keuze te maken. Bij supermarkten werken mensen die ervoor betaald worden om het aanbod te bepalen, die daarvoor zijn opgeleid. Zíj moeten zich verdiepen in wat gezond, duurzaam en eerlijk is.

We gebruiken dezelfde data over producten nu dus om ons op de retailers te richten. Maar waar ik het bij KMPG in privé-benchmarks zette,  zetten we het nu in de krant. Het openbaar maken van de informatie leidt tot reputatiedruk. Ons doel is echter nooit om te namen en shamen. We houden het altijd respectvol; dan komt het beter aan dan als je schoffeert.’

Supermarkten zijn erg prijsgedreven. Willen ze zich wel onderscheiden met gezondheid of duurzaamheid als de consument daar niet om vraagt?

‘Ik heb nog nooit een consument ergens om horen vragen. Dat is een narratief waar we absoluut vanaf moeten, want het houdt ons in een vicieuze cirkel. De voorkeuren van de consument worden bepaald door de context: prijs, product, plaats en promotie. Als je duurzame producten als supermarkt goedkoper maakt, meer in het zicht legt of meer aandacht geeft, leidt dát tot andere keuzes.

Het is helaas waar dat supermarkten nu vooral concurreren op prijs. Wij proberen andere factoren hoger op de agenda te krijgen − dingen die nuttiger zijn voor de maatschappij.’

Levert dat voldoende op?

‘Als je alleen concurreert op prijs, is je verdienmodel gebaseerd op volume. Maar je kunt ook verdienen aan marges. Dat is wat er nu bijvoorbeeld bij biologisch gebeurt. Daar wordt minder van verkocht, maar het brengt toch geld op door loyale klanten en hogere marges.’

Merk je al effect bij supermarkten?

‘Supermarkten vinden onze data heel nuttig; soms vragen ze ons zelfs tussen de Superlist-rapporten in om extra advies. Dat zien we ook terug. Indicatoren waarop wij supermarkten beoordelen, komen we tegen in beleid en duurzaamheidsverslagen. Veel supermarkten meten op ons aandringen bijvoorbeeld hoeveel procent van hun verkopen tot de Schijf van Vijf behoort. En Albert Heijn houdt zelfs als eerste supermarkt ter wereld de methaanuitstoot in zijn keten bij.’

Meten en rapporteren is pas de eerste stap.

‘Dat is waar. Daarom willen we niet alleen in gesprek met de duurzaamheidsmanagers − hun voornaamste taak is vaak rapporteren. We praten ook met mensen van inkoop of marketing. Dan gaat het niet alleen over hoeveel procent biologisch er wordt aangeboden, maar ook wat er wordt verkocht en waarin ze willen groeien.

Tegelijkertijd zien we dat supermarkten echt grote veranderingen maar moeilijk in hun eentje door kunnen voeren. Jumbo draaide zijn besluit om niet met vlees te stunten terug omdat er niemand volgde, Plus verkoopt met dezelfde reden niet meer louter biologische huismerkmelk. Daarvoor zijn echt gezamenlijke afspraken nodig. Al is daarvoor weinig animo, dus regulering vanuit de overheid is een logischere optie.’

Meer lezen over het voedselsysteem van de toekomst? In de nieuwsbrief Kweekvlees & Kool schrijft Change Inc.-redacteur Maaike Kooijman over nieuwe ontwikkelingen en interessante updates. Schrijf je hier in.

Questionmark zet zich in voor een gezond, duurzaam en eerlijk voedselsysteem. Wat zou de rol van retailers daarin moeten zijn?

‘Supermarkten hebben enorm veel invloed op wat we eten. Die invloed zouden ze volledig moeten inzetten om ervoor te zorgen dat ons eten 100 procent duurzaam en eerlijk is. Niet half-half, met een reep Tony’s naast een reep chocolade met kinderarbeid in de keten.

Supermarkten zijn uiteindelijk nutsvoorzieningen. Dat roept iedereen ook als er een crisis uitbreekt. Ze mochten bijvoorbeeld open blijven tijdens corona en spelen ook een grote rol in het huidige debat over voedselzekerheid. Waarom mogen ze dan grote winsten maken, zonder verantwoordelijk te worden gehouden voor het enorme effect dat ze hebben op voedselketens en onze gezondheid?’

Gaat de verandering bij supermarkten je nu wel snel genoeg? 

‘Vaak niet. Natuurlijk frustreert dat me soms, maar dat geldt net zo goed voor de mensen bij bedrijven die we spreken. Het zijn niet de mensen die onwelwillend zijn, het is het voedselsysteem zelf dat langzaam zo is geworden als het nu is.

Over de jaren heen is advertentieruimte bijvoorbeeld een steeds belangrijker onderdeel geworden van het verdienmodel van supermarkten. Er is niet één iemand die dat heeft gedaan, maar het zorgt er nu wél voor dat ze afhankelijk zijn van ongezonde reclames. Dat moet anders. Ik vind het leuk om op zoek te gaan naar mensen die samen met mij het systeem weer willen terugbuigen.’

Met wie zou je graag nog samenwerken?

‘Ik zou het mooi vinden als medewerkers van retailers hun ervaring vaker inzetten voor maatschappelijke doelen. In mijn eigen loopbaan ben ik een aantal keer geswitcht tussen bedrijfsleven en ngo: van Boer & Croon naar het WWF, van KPMG naar Questionmark. Het is heel interessant om beide kanten te leren kennen; dat kan ik iedereen aanraden.’

Lees ook:

Subsidie voor tweedehands elektrische auto's: zijn er wel voldoende goedkope occasions te vinden?

De populariteit van elektrisch rijden groeit dit jaar snel, mede door de sterke stijging van fossiele brandstofprijzen. Maar elektrische auto’s zijn zeker voor huishoudens met lagere inkomens niet altijd goed betaalbaar. Het kabinet-Jetten wil daar iets aan doen met een subsidie bij de aankoop van een elektrische occasion, specifiek voor mensen met lagere inkomens. Die moeten een brandstofauto aanbieden voor sloop om voor de subsidie in aanmerking te komen.In eerste instantie is hiervoor een budget van ruim 52 miljoen euro gereserveerd, goed voor ruwweg 10.000 auto's. Op basis van de voorlopige opzet kunnen aanvragers met een inkomen van tussen de 12.500 en 27.533 euro 6.000 euro subsidie krijgen. Voor inkomens tussen de 27.534 en 35.793 euro gaat het om 4.000 euro subsidie. Lagere inkomens met subsidie aan een elektrische auto helpen De subsidieregeling wordt eind dit jaar of begin 2027 opengesteld via de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De autobranche staat er positief tegenover. ‘Dit helpt om een groep oudere brandstofauto’s van de markt te halen en is goed voor de verduurzaming’, geeft een woordvoerder van brancheorganisatie Bovag desgevraagd aan.Een relevante vraag is hoe het staat met het occasionaanbod van elektrische modellen die betaalbaar zijn voor lagere inkomens. Bovag verwacht niet dat het om hele grote aantallen zal gaan. ‘Je kunt hiermee een kleinere groep over de streep trekken die minder te besteden heeft’, aldus de woordvoerder. ‘Een subsidie maakt de hogere aanschafprijs van EV beter behapbaar. Vervolgens kunnen mensen profiteren van de lagere kosten in het gebruik.’ Autobudget: besteedbaar inkomen en spaargeld Maar wat is betaalbaar? Voor huishoudbudgetten wordt vaak gerekend met autolasten van zo’n 15 procent van het netto-inkomen. Het gaat dan om het totaal van vaste lasten (onder meer afschrijving, verzekeringen, belastingen) en variabele kosten (waaronder brandstof).Als je dit doorrekent voor een bruto-inkomen van 28.000 per maand, kom je op basis van onder meer de afschrijvingstermijn op een aanschafbudget voor een auto van ongeveer 6.000 tot 7.000 euro. Inclusief een subsidie van 4.000 euro gaat het dan om occasionprijzen van 10.000 à 11.000 euro voor potentiële kopers met een lager inkomen.Naast het besteedbaar inkomen is uiteraard ook van belang of huishoudens beschikken over een spaarpot die ze kunnen inzetten voor de aankoop van een auto. Markt voor elektrische occasions Wat betreft het aanbod elektrische occasions zijn er duidelijke verschillen wat betreft de populariteit van verschillende prijssegmenten, geeft marktexpert Tim Roks van occasionsites Gaspedaal en Autotrack aan, beide onderdeel van Autoscout24.Bij zoekopdrachten voor elektrische occasions op Gaspedaal.nl is het segment tussen 20.000 euro en 30.000 euro het populairst, met een aandeel van 27 procent van alle kliks. Daarna komt het segment tussen de 30.000 euro en 40.000 euro met een aandeel van 21 procent. Het segment tussen de 5.000 euro en 15.000 euro is goed voor 13 procent van de kliks.[caption id="attachment_188007" align="aligncenter" width="900"] Volkswagen ID.3. Credit: Autotrader UK[/caption] Aanbod van goedkopere elektrische EV’s Het aanbod van elektrische occasions tussen 9.000 en 12.000 euro geeft bij Gaspedaal.nl momenteel keuze uit iets meer dan 450 auto’s. Zonder ondergrens stijgt dat tot 710 auto’s.‘Qua aanbod zijn er wat mij betreft voldoende EV’s om uit te kiezen als je maximaal 12.000 euro kunt uitgeven met behulp van de subsidie’, zegt Roks. Dat zijn wel relatief vaak EV's van dertien jaar of ouder, met flink wat kilometers op de teller. 'Die bieden in niet alle gevallen meer de praktijkactieradius die ze hadden toen ze uit de fabriek rolden. Dat is wel iets om in deze prijsklasse rekening mee te houden.'Ook directeur Richard Burger van Eccasion ziet voldoende aanbod van tweedehands EV's in de lagere prijscategorie. Eccasion biedt consumenten de mogelijkheid om mee te bieden op veilingen waar elektrische leaseauto’s worden aangeboden voor een tweede leven.Burger vermoedt wel dat de inkomensgrens van de nieuwe subsidieregeling, in combinatie met het besteedbare vermogen van huishoudens, beperkend kan werken. ‘Ik denk dat de inkomensgrens als eerste aangepast zal worden, mocht blijken dat er onvoldoende mensen in aanmerking komen voor de nieuwe subsidieregeling.’ Populaire modellen Uit de gegevens van Gaspedaal blijkt dat bij vraagprijzen tussen de 5.000 euro en 10.000 euro het meest geklikt wordt op modellen als de Renault Zoe, de Nissan Leaf, Dacia Spring, Volkswagen e-Golf en VW e-Up!.Voor het segment tussen de 10.000 euro en 15.000 euro gaat het om de Mazda MX-30, Volkswagen ID.3, Peugeot e-208, Volkswagen e-Golf en Opel Corsa-e, aldus auto-expert Roks.Burger van Eccasion wijst erop dat er in het goedkopere segment van rond de 10.000 euro veel EV’s zitten met kilometerstand boven de 100.000 en een range van circa 200 kilometer. ‘Vaak gaat het om het kleinere hatchback segment.’Een actieradius tot zo’n 200 kilometer is volgens Burger voor de meeste huishoudens voldoende voor dagelijkse behoeften zoals boodschappen en in veel gevallen het woon-werkverkeer. ‘Maar als je behoefte hebt aan een wat grotere actieradius van meer dan 300 kilometer, of ruimere auto's voor bijvoorbeeld families, dan heb je meer budget nodig. Je komt dan vaak uit op prijzen vanaf 17.000 euro voor modellen als de Tesla Model 3, Skoda Enyaq, VW ID.3, Kia Niro en Hyundai Kona.’[caption id="attachment_188008" align="aligncenter" width="900"] Nissan Leaf. Credit: Nissan.[/caption] Trends in het aanbod van elektrische occasions Hoewel benzineauto’s nog altijd dominant zijn op de occasionmarkt ziet Roks wel een stijgende interesse voor elektrische modellen: ‘Afgelopen maand werd er vergeleken met februari – dus net voordat de Iran-oorlog uitbrak - maar liefst 60 procent meer naar tweedehands EV’s gezocht.’Wel is het zo dat het aanbod van elektrische occasions de afgelopen maanden juist in het lagere prijssegment is afgenomen, terwijl er meer aanbod kwam in het midden- en hogere segment. Roks verwacht dat autobedrijven, zodra bekend is wanneer de nieuwe subsidieregeling start, meer tweedehands EV’s gaan aanbieden. ‘Het is alleen nog lastig te zeggen of het aanbod vooral in de lagere of juist in de hogere segmenten gaat toenemen. Dat is tenslotte grotendeels afhankelijk van de vraag vanuit autokopers.' Lees ook:Fiscale regels voor elektrische auto in 2027: zo werkt extra heffing op fossiele leaseauto Elektrische auto bespaart Nederland nu al bijna half miljard euro aan olie-import per jaar Elektrische auto groeit via markt voor occasions: 'Beter bereikbaar voor grotere groep Nederlanders'