“De kracht van familiekapitaal is dat ze kennis en ervaring meebrengen”

Duurzame beleggingen worden vaak als veiligere investeringen aangeprezen. Maar als we echt naar een nieuw economisch systeem willen moeten we juist risico’s nemen. Daarvoor pleit lector Marleen Janssen Groesbeek in een gesprek met Astrid Leyssens van familie-investeerder VP Capital. Op alle vlakken is verandering nodig. ‘We staan aan de vooravond van de afbrokkeling van het huidige systeem’, zegt Leyssens.

Adobe Stock familie boom planten
'De groep van families die duurzaam investeert groeit hard, omdat daar de jongere generatie een duidelijkere stem heeft.' | Credit: Adobe Stock

Wat betekent duurzaam investeren eigenlijk?

Janssen Groesbeek: “De simpelste uitleg van duurzaam investeren is: met inachtneming van de grenzen van planeet en op een fatsoenlijke manier met mensen en sociaal kapitaal omgaan.”

Leyssens: “Ja, wij proberen met ons kapitaal ook te kijken wat er binnen het science based targets-verhaal past op een manier die ten goede komt aan maatschappelijke thema’s. Dat klinkt misschien makkelijk, maar dat is het niet.”

Janssen Groesbeek: “Het is heel erg moeilijk. Veel van mijn studenten doen onderzoek bij bedrijven. Eén van de dingen die wij aan hen vragen is om te onderzoeken hoe een bepaald bedrijf winst maakt en wat de kwaliteit van die winst is. Is het bedrijf winstgevend over de rug van de planeet of over de rug van mensen? Dan komen de studenten erachter dat het helemaal niet zo gemakkelijk is om in het economisch systeem waar wij nog inzitten zuiver te zijn. Zelfs als je intenties goed zijn, dan bots je alsnog heel gauw tegen allerlei grenzen van het systeem op. Grenzen die eigenlijk rijp zijn om doorbroken te worden.”

Leyssens: “Dat denk ik ook. Ik denk dat we aan de vooravond staan van de afbrokkeling van dat systeem. Ik zit nu circa vijftien jaar in dit vak en ik heb nu voor de eerste keer het gevoel dat er een grote groep is die nu ziet dat verandering nodig is. Mensen die dat in zichzelf voelen of in hun bedrijf toepassen. Nu de politiek nog.”

Zou het helpen als de jongere generatie meer betrokken wordt?

Leyssens: “Ik denk dat we sowieso meer moeten doen om de volgende generatie te betrekken. Ik hoop eigenlijk dat generatie-denken snel doorbreekt. Dat bedrijven en politiek ook een generatietoets invoeren. Het gaat erom dat jongeren een sterke stem hebben. Dat ze mee kunnen beslissen. Dat is denk ik wat we op heel veel vlakken nodig hebben. Wij hebben dat zelf bewust gedaan door per gezin met de jonge generatie de afweging te maken. Als je nu ergens geld in moet stoppen welke afweging maak je dan? Wat voor soort bedrijven maken je trots en welke niet? Dat zijn uitspraken die alle generaties, ook die van zeventig à tachtig jaar oud, helpen om te versnellen. Dus ja, het is cruciaal de jonge generatie mee aan tafel te hebben. En dan bedoel ik ook écht aan tafel.”

Hoe duurzaam is de investeringswereld al?

Janssen Groesbeek: “Ondanks dat die kapitaalstroom richting duurzame oplossingen heel snel groeit, blijft het in het grotere geheel peanuts.

Marleen Janssen Groesbeek
Marleen Janssen Groesbeek credits Josje Deekens

Dat heeft er mee te maken dat financiële partijen aan allerlei afspraken en gewoontes vastzitten en er bij veel een grote risico-aversie ingebakken zit. Bijvoorbeeld institutionele beleggers als ABP en Pensioenfonds Zorg en Welzijn zijn toch een beetje, excusez le mot, bangige beleggers. Ze denken aan hun indexatie en deelnemers. Ik denk dat private equity, venture capital en ook familiekapitaal het goede voorbeeld kunnen geven als het gaat om duurzaam beleggen.”

Leyssens: “Duurzaam beleggen groeit inderdaad heel hard. Er zijn wel veel verschillende gradaties van duurzaamheid. Van impact op de eerste plaats tot en met bedrijven waarvan de voetafdruk slechts een beetje minder slecht wordt.

Astrid Leyssens
Astrid Leyssens credits VP Capital

En echt regeneratieve of systeem-doorbrekende investeringen zie ik eigenlijk nog niet heel erg veel. Ik denk dat de groep van families die duurzaam investeren harder aan het groeien is, omdat daar de “next gen” (jongere generatie, red.) een duidelijkere stem heeft. Maar de grote private equity-bedrijven en traditionele beursgenoteerde bedrijven groeien ook nog steeds.

Ik las laatst dat iedereen de volgende unicorn (een startend bedrijf dat in korte tijd 1 miljard waard is, red.) zoekt in plaats van dat er echt vanuit de motivatie om impact te maken geïnvesteerd wordt.”

Waarom helpt dat generatie-denken en de historie van familie-investeerders bij het uitstippelen van een duurzame koers?

Leyssens: “Zij kunnen makkelijker vanuit een visie vertrekken en het kapitaal is meestal geduldiger. Dat maakt dat familie-investeerders voorop kunnen lopen. Bij families werken mensen heel hard om klimaatrisico’s en sociale risico’s in kaart te brengen. Er zijn er ook die veel risico's durven te nemen met een stuk van hun kapitaal. Ik denk dat de financiële markt dat uiteindelijk ook als geheel gaat doen, maar ze hebben voorbeelden nodig van hoe het moet. Ik denk dat daar onze rol ligt. Om het te doen en te delen.”

Janssen Groesbeek: “Ik denk inderdaad dat familie-investeerders, samen met de duurzamere private equity en venture capital-partijen, die voorbeelden moeten gaan verzamelen. Ze moeten dan ook wat transparanter worden over waar ze allemaal in beleggen en voorbeelden willen delen. Dat geldt trouwens voor de hele sector. Als ik zeg dat financiële partijen meer moeten samenwerken, dan hoor ik de AFM en allerlei andere toezichthouders al in mijn oor toeteren dat het niet kan. Maar zeker als je die versnelling wil maken in de energietransitie, in de duurzame landbouw en in de circulaire economie dan zul je als beleggers veel meer kennis met elkaar moeten uitwisselen als het gaat over de vraag hoe om te gaan met risico en rendement. Hoe gaan we dat berekenen? Dat wiel moet opnieuw uitgevonden worden.”

'Je ziet een ontzettende voorzichtigheid op transparantie'

Astrid Leyssens

Leyssens: “Ik denk dat we daar inderdaad veel transparanter over kunnen zijn. Maar ik vind dat wij het als familie best goed doen door jaarlijks te rapporteren over waar ons kapitaal heen gaat en welke keuzes we daarin maken. Ik denk dat dit anderen helpt om ook transparanter te worden. We praten met heel veel families over hun zoektocht. In september organiseerden we een round table voor vermogende families uit Nederland en Vlaanderen. Daar hebben we ook een aantal stellingen naar voren gebracht waar ze anoniem op konden reageren. Daaruit bleek dat het merendeel van families worstelt met transparantie. Je ziet een ontzettende voorzichtigheid op transparantie en het delen van zaken die niet lukken. Daarom proberen we dat in heel kleine setting te vergemakkelijken. Van daaruit proberen we de samenwerking op te zoeken en wat meer risico’s te delen of zaken die lukken of niet lukken te bespreken. Ik denk dat we in kleine settings die angst voor transparantie heel goed kunnen doorbreken.

Lees ook: Hoeveel invloed heeft een duurzame belegging? Deze investeerder weet het

Waarom is een gesprek over risico zo belangrijk?

Janssen Groesbeek: “Nu wordt vaak gezegd dat het risico van duurzame beursgenoteerde bedrijven of duurzame projecten kleiner is, omdat ze veel verder vooruitkijken en meer rekening met klimaatrisico’s houden. Dat kan wel zo zijn, maar om tot een nieuw systeem te komen, moeten we het ook aandurven om grote risico’s te nemen. Dat kan financiële consequenties hebben, maar ook financieel heel veel opbrengen. Vandaar dat we het altijd hebben over de risicorendement-afweging. Ik denk dat we daar met zijn allen veel opener en duidelijker over moeten zijn: wat lukt nou wel en wat lukt nou niet? En wat zijn de kenmerken van een goede investering?”

Leyssens: “Ik vind het eigenlijk ongelooflijk dat ik nog zoveel risico-aversie zie, terwijl vernieuwing de enige weg is om kapitaal toekomstbestendig te maken. We zijn bijvoorbeeld een circulair pand voor HAVEP (textielfabrikant en participatie van VP Capital, red.) aan het neerzetten, waarbij we met materialenpaspoorten naar een ander soort waardering toe willen. Daarover hebben we hele lange discussies met banken. Dat geldt ook voor ons bedrijf Q-Lite, dat led-schermen vermarkt in een circulair servicemodel; ‘led as a service’. Gelukkig hebben we familiekapitaal, want we merken dat het echt lastig is om banken mee te krijgen.”

In hoeverre ligt er een rol voor familie-investeerders om risicovollere innovatieve ondernemingen te financieren?

Leyssens: “Een deel van ons kapitaal investeren we in die very early adopters. Dat is vaak in balans met bedrijven die al groter zijn. Ik zie weinig families die echt 100 procent in die innovatieve bedrijven investeren, maar ik zie wel dat ze dat met een steeds groter deel van hun kapitaal doen. De eerste vijftien jaar hebben wij dat ook veel zelf gedaan. Maar we hebben ook gezien dat investeren in jonge bedrijven een expertise is. Daarom zoeken we daar nu vaak gespecialiseerde groeifondsen voor.”

'Kapitaal alleen gaat start-ups en scale-ups niet door die moeilijke opschalingsfase heen helpen'

Marleen Janssen Groesbeek

Janssen Groesbeek: “Dat vind ik een heel goed punt. Zeker start-ups en scale-ups hebben kapitaal nodig, maar wat ze eigenlijk nog veel meer nodig hebben is kennis en ondernemerservaring om hun bedrijf te laten groeien. Kapitaal alleen gaat ze niet door die moeilijke opschalingsfase heen helpen.”

Leyssens: “Het is ook vanuit die filosofie dat wij steeds vaker kijken waar wij toegevoegde waarde brengen. Er is vaak kapitaal in overvloed. Maar kapitaal waarbij je jonge bedrijven verder kunt helpen met een netwerk en ondernemersvaardigheden; daar is niet altijd genoeg van.”

Zijn er bepaalde thema’s die bij uitstek geschikt zijn voor familie-investeerders?

Leyssens: Ik denk dat dat de hamvraag is. Waar zit de impact, in welk domein, in welk land? Met welk type investering kun je de meeste impact maken? Op die vraag hebben we nog geen volledig antwoord. De reden dat wij in bepaalde domeinen zitten is enerzijds puur vanuit familiehistorie. Daarnaast zijn er een aantal gebieden bijgekomen. Zoals zorg. Dat is een heel makkelijk impact thema. Als je kijkt naar welk domein het meest langetermijnkapitaal nodig heeft, dan heb je het in mijn ogen over landbouw en voeding. Als grote boerderijen bijvoorbeeld van een klassiek naar een regeneratief model moeten, dan heb je het soms over periodes van vijftien jaar voor je de bodem en biodiversiteit hersteld hebt. Media vind ik ook een goede sector voor familiebedrijven, vanuit het behoud en borging van de onafhankelijkheid van de journalistiek. Janssen Groesbeek hoe denk jij daarover?”

Janssen Groesbeek: “Ik denk dat eigen kennis en ervaring met bepaalde sectoren heel nuttig kan zijn. Er wordt in de markt ook heel veel gesproken over engagement. Dat we niet zomaar moeten desinvesteren in fossiel, maar in gesprek moeten blijven. Maar dat gesprek heeft natuurlijk alleen maar effect als je er met die directeuren en bestuursvoorzitters op een stevig niveau over kunt praten. De kracht van familiebedrijven en private equity vind ik dat zij daarin heel erg hun eigen kennis en ervaring meebrengen. Dat is de kracht om sectoren te veranderen.”

In hoeverre is er sprake van concurrentie op het gebied van duurzaam beleggen?

Leyssens: “Er is veel concurrentie op de investeringsmarkt. Zeker het laatste jaar hebben we deals misgelopen doordat er andere partijen sneller waren of minder eisen stelden. We zien een hoge prijs voor sommige bedrijven terwijl ze verlieslatend zijn, bijvoorbeeld in de tech-wereld. Daarbij worden er soms minder vraagtekens gezet bij de diepgang van de impact. Ik denk dat we dat het laatste jaar veel meer hebben gezien, dan de vorige jaren. Wat eigenlijk absurd is, toch?”

'We zitten nu weer in een golf waarbij de kapitaal cowboys zich melden in het duurzaamheidsveld"

Marleen Janssen Groesbeek

Janssen Groesbeek: “Absoluut absurd. Maar tegelijkertijd is dit wat je eigenlijk elke keer ziet als duurzaamheid weer heel erg belangrijk wordt. Ik houd me al dertig jaar bezig met duurzaamheid. We zitten nu weer in een golf waarbij de kapitaal cowboys zich melden in het duurzaamheidsveld. Dat maakt ook dat de kapitaalvragers opgevoed moeten worden. Want als jij een prachtige oplossing verzint voor bijvoorbeeld het stikstofprobleem of bepaalde plastics dan wil je toch samenwerken met een kapitaalverschaffer die een langetermijnbril heeft in plaats van de man of vrouw met de grootste zak geld?”

Leyssens: “Mee eens. Het verbaast mij altijd dat die jonge bedrijven voor dat soort partijen kiezen en uiteindelijk dan ook op zo’n korte termijn denken. Een jaar! Dan hebben ze een eerste investeringsronde gedaan en een jaar later moeten ze weer opnieuw kapitaal ophalen. In plaats van dat ze hun aandacht richten op het goed opbouwen van zo’n bedrijf werken ze van de ene kapitaalronde naar de andere.”

Janssen Groesbeek: “Dus aan die hele cyclus is vanuit het langetermijndenken nog werk aan de winkel. Dat is ook een transitie die we nog moeten doormaken.”

Duurzaam investeren onzin? Daar is Guus van Puijenbroek, directeur van family office VP Capital, het absoluut niet mee eens.

Hoe verwachten jullie dat de markt er over 5 jaar uitziet, investeert dan iedereen met een duurzame langetermijnblik?

Leyssens: “Vijf jaar is misschien wat vroeg, maar ik denk dat er een winnaars- en verliezersgroep komt. Dat degene die vooroplopen of die voldoen aan nieuwe wetgeving rond de Europese taxonomie en Green Deal makkelijker kapitaal krijgen versus een groep waar steeds minder kapitaal naar toe zal gaan. En dat het in bestaande portefeuilles een heel grote verschuiving gaat geven op basis van toekomstgerichtheid. Maar ik kan het niet exact inschatten. Bijvoorbeeld ook niet of en hoeveel turbulentie er komt in die waarderingen. Nobody knows.”

Janssen Groesbeek: “Hoe chaotischer die transitie wordt, hoe chaotischer de financiële markten natuurlijk worden. Ter aanvulling: ik denk dat je veel vaker jonge mensen als investeerders gaat zien. Ze worden zelf ondernemender, maar ook omdat een aantal jonge mensen op een hele jonge leeftijd kapitaal vergaren omdat ze een succesvol bedrijf hebben gehad. En op mini-individueel niveau heb je de zelfstandige zonder personeel. Vanuit die zelfstandige als investeerder denk ik dat crowdfunding een belangrijke markt wordt. Omdat mensen het gevoel hebben dat ze via dat soort platforms zelf verandering kunnen bewerkstellingen. Een voorbeeld daarvan vind ik Smyle, die tabletjes aanbiedt als tandpastavervanger. Dat bedrijf heeft een heel succesvolle crowdfundingsactie achter de rug. Plastic tandpastatubes de wereld uitkrijgen; dat motiveert mensen. Dus persoonlijke motivatie zal ook een enorme driver worden voor bepaalde duurzame investeringen en beleggingen.”

Dit interview verscheen in het Change Inc. magazine. Het decembernummer staat vol nieuws, interviews, reportages en analyses. Ook bevat het een spetterende special over de vergroening van de chemische industrie. Lees het magazine hier online. Liever een papieren exemplaar in huis? Gratis bestellen doe je hier.

Schrijf je in voor onze Newsbreak: iedere dag rond 12 uur het laatste nieuws

Wil jij iedere middag rond 12 uur het laatste nieuws over duurzaamheid ontvangen? Dat kan! Schrijf je hier in voor onze Newsbreak.

Change Inc.

join the changesluit je gratis aan

Bij een ecosysteem van 42.512 professionals, bedrijven en start-ups die samen aan oplossingen werken voor een betere toekomst. Met dagelijks kwaliteitsjournalistiek, inzichten en evenementen, want morgen wordt vandaag bedacht.

Join the change, word lid

Nieuws & Verhalen

Changemakers

Bedrijven

Events


Producten & Diensten

Magazines


Lidmaatschap

Inloggen

Nieuwsbrief & Memberships


Over Change Inc.

Over ons

Waarom Change Inc.

Team

Partnerships & Adverteren

Werken bij Change Inc.

Pers & media

Onze partners

Contact

Start

Artikelen

Changemakers

Bedrijven

Menu