Change Inc. staat voor verandering. Wij zijn het platform voor professionals die zich in de voorhoede van de transitie willen begeven. We delen en publiceren kennis. En verbinden en mobiliseren experts. Word onderdeel van de oplossing en sluit je aan bij deze krachtige beweging van toekomstmakers.


Alle duurzame ontwikkelingen

Iedere dag laat onze expertredactie zien hoe de toekomst vandaag al vorm krijgt. Volg hier de laatste ontwikkelingen in duurzaamheid, innovatie, ondernemerschap en het bedrijfsleven.

Bekijk alle artikelen

Change Circulaire economie

Alles wat je moet weten over de afvalsector in Nederland. “Laten we zorgen dat anderen niet dezelfde fouten hoeven te maken als wij”
Change Inc

door Teun Schröder

Change Circulaire economie

Alles wat je moet weten over de afvalsector in Nederland. “Laten we zorgen dat anderen niet dezelfde fouten hoeven te maken als wij”

Door het programma De Vuilnisman van Teun van de Keuken krijgt afval in ieder geval tijdelijk de maatschappelijke aandacht die het verdient. Leerzaam, maar soms ook een beetje suggestief, vindt Johannes Bos, directeur van Greenwaste, een ‘intermediair’ die zich ontfermt over het afvalmanagement van bedrijven. Bos is een rot in het vak. Na diverse directiefuncties, onder andere bij afvalinzamelaar en verwerker Van Gansewinkel en Renewi, werd hij in 2014 naar eigen zeggen zelfstandig ‘vuilnisman’ en begon met het bedrijf Greenwaste. Hij ontdekte dat bedrijven een grote behoefte hebben om het afvalbeheer en de papierwinkel die daarbij komt kijken uit handen te geven. En dat is precies wat het snelgroeiende Greenwaste doet. Bos heeft contracten met afvalinzamelaars, verwerkers en recyclingbedrijven en zorgt dat de registratie voldoet aan alle wet- en regelgeving. De gemeente Apeldoorn zet stappen in de circulaire economie. Het maakt een database gekoppeld aan een marktplaats voor materiaal in de openbare ruimte. “Er zullen altijd cowboys blijven, maar als je kijkt naar de afgelopen tien jaar dan heeft de branche enorme stappen gezet op het gebied van recycling”, vertelt Bos in een digitaal interview. “Aan de andere kant zie ik vooral dat bedrijven nog in de fase van bewustwording zitten. Steeds vaker merken we dat bedrijven vragen hoe ze zo goed mogelijk met hun afvalstromen om kunnen gaan. Dat gaat niet alleen om de juiste verwerking, maar ook over de vraag wat voor afval een bedrijf allemaal produceert. Wij confronteren bedrijven met hun afval en stellen de vraag of dit ook minder kan.” Meer specialiseren, meer recyclen Waar een bedrijf zich voorheen druk hoefde te maken om een beperkt aantal afvalstromen, zoals papier, glas en restafval, verwacht Bos dat stromen zich steeds verder gaan opsplitsen. Per maart 2021 is de gewijzigde ‘LAP3’ in werking getreden. Dit verplicht bedrijven tot meer afvalscheiding voordat het afval het bedrijfsterrein verlaat. Want: hoe beter afval aan de bron gescheiden wordt, hoe beter het zich leent voor recycling. Dus naast het afval dat in de groene, grijze of glasbak belandt, ontstaat er steeds meer aandacht voor niche stromen zoals koffiedik, sinaasappelschillen, aluminium, textiel, matrassen, luiers, hout, diverse plastics en ga maar door. Bos: “Drie stromen scheiden en documenteren lukt nog wel, maar als dit er straks dertig zijn, wordt het een heel ander verhaal.” Tekort aan zeldzame metalen dreigt. Wat kunnen Nederland en Europa doen om leveringsrisico’s te beperken? Grondstoffen in de bouw Dat de afvalmarkt zich specialiseert merkt ook Otto Friebel, directeur van BRBS Recycling, een branchevereniging van recyclingbedrijven in de bouw- en het bedrijfsafval. “Het recyclingpercentage in Nederland ligt rond de 80 procent”, zegt Friebel. “De moeilijkheid zit in de resterende 20 procent. Dit zijn veelal niche stromen die om innovatieve recyclingmethoden vragen.” De bedrijven aangesloten bij BRBS Recycling zijn voor een groot deel afhankelijk van wat er uit de sloop naar voren komt. Hoe beter de voorsloop, hoe specifieker de afvalstromen zijn die gerecycled kunnen worden. “Een huis heeft dakpannen, kozijnen, glaspanelen die heel goed elders gebruikt kunnen worden”, vertelt Friebel. “Maar denk ook aan allerlei elektra met kostbare metalen, zoals thermostaten, beveiligingsapparatuur en andere smart-toepassingen.” Het winnen van deze materialen is de eerste stap. Daarna volgt de volgende uitdaging. “Secundaire grondstofwinning werkt alleen als het hele model klopt; van ontmanteling, tot sortering en het vinden van een afzetmarkt. Gelukkig zie je steeds meer bedrijven ontstaan die zich specialiseren in unieke afvalstromen en een markt vinden voor hun gerecyclede producten.” Steden staan voor grote uitdagingen als het gaat om het ophalen van afval. Van welke slimme inzamelmethode kunnen ze gebruik maken? Verbranden van afval Dat Nederland meer afval gaat recyclen, kan grote gevolgen hebben voor de twaalf grote afvalverbrandingsinstallaties in ons land. “Nederland heeft een vreemde constructie waarbij de meeste verbrandingsovens grotendeels in commerciële handen zijn met een minderheidsbelang van de overheid”, vertelt Bos. “En een oven wil maar één ding en dat is geld verdienen. Het gevolg is dat zo’n installatie zoveel mogelijk moet draaien. Hiervoor is nu zelfs afval uit het buitenland nodig. We hebben in Nederland simpelweg teveel verbrandingsovens, waardoor er voortdurend overcapaciteit is.” Als Nederland meer wil recyclen, groeit dus de honger van ovens naar afval. Dit leidt tot verlieslijdende verbrandingscentrales. Bos: “In Harlingen is in 2012 nog een nieuwe centrale gebouwd. Deze had er eigenlijk nooit mogen komen.” Vast aan stadswarmte Friebel: “Het verbranden van afval is veel te goedkoop. Op afval uit het buitenland zit op het moment een importheffing, maar wat je dan ziet gebeuren is dat de ovens honger hebben naar Nederlandse brandstof. Zo is de importheffing in feite een perverse prikkel en frustreert het recycling en sortering.” Wat ook niet helpt is dat sommige steden vastzitten aan stadswarmte: warmte die wordt opgewekt door nabijgelegen afvalverbrandingsinstallaties. “Zo ontstaat een lock-in effect”, zegt Friebel. “Doordat huizen afhankelijk zijn van stadswarmte, kan je ook niet meer zonder afvalverbrandingsinstallaties.” Bos en Friebel zien maar één oplossing. “Het tarief van het verbranden van afval moet omhoog”, zegt Friebel. “En met de inkomsten uit deze verhoging financier je het afbouwen van de minst rendabele ovens. En niet van de één op de andere dag, maar wel met een duidelijke planning. De sector moet weten waar het aan toe is.” Oude batterijen van elektrische auto’s kan je nog goed gebruiken als energieopslag. Rotterdam krijgt straks zijn eigen accurecyclingfabriek. Mogelijke marktverschuiving Een ontwikkeling waar met argusogen naar gekeken werd door de afvalsector is de overname van SUEZ Nederland door het Duitse PreZero. Dit bedrijf valt onder het familiebedrijf Schwarz Gruppe, eigenaar van Europa's grootste retailketens Lidl en Kaufman. “Het is interessant dat Schwarz Gruppe niet meer afhankelijk wil zijn van afvalbedrijven”, zegt Bos. “Dit roept de vraag op wat andere grote retailketens zoals Albert Heijn en Jumbo gaan doen. Bedenk dat supermarkten de grootste klanten van afvalverwerkers zijn. En Albert Heijn is er nu één van PreZero Nederland. Ik ben benieuwd of ze dit blijven nu PreZero Nederland verbonden is aan hun directe concurrent Lidl.” Als Ahold besluit van afvalverwerker te wisselen of net als Schwarz Gruppe een afvalverwerker over te nemen, kan dat een flinke verschuiving in de markt betekenen, denkt Bos. Producentenverantwoordelijk en opschalen Het begrip afvalverwerking wordt met de tijd steeds breder. “Het is meer dan alleen recycling”, zegt Friebel. “We hebben het over inzameling, sortering, transport, verwerking, opwerking tot secundaire grondstof en de ontwikkeling van businessmodellen. Daarbij verwacht ik dat productieketens meer verantwoordelijkheid krijgen voor de afvalverwerking van hun eigen producten. Denk aan de textielindustrie of plasticproducenten. Zij hebben immers de meeste kennis van hetgeen ze op de markt brengen.” “Investeringen in nichevormen van recycling gaan toenemen, met een sterker onderscheid tussen wielen (red. transportpartijen) en verwerkers”, zegt Bos. “En als gespecialiseerde bedrijven een bewezen recyclinginnovatie hebben, schalen ze op, zodat ze grotere hoeveelheden afval kunnen verwerken. Het is mooi dat de markt zich zo ontwikkelt, zodat meer bedrijven kunnen doen waar ze goed in zijn.” Een circulaire economie in 2050 klinkt mooi, maar hoe komen we daar? Het PBL pleit voor meer concrete doelen. Circulair in 2050 Is een circulair Nederland in 2050 dan haalbaar volgens de mannen die samen al bijna een halve eeuw in de afvalwerking zitten? Friebel: “De doelstelling is nodig om de urgentie aan te geven. Ik denk dat het uiteindelijk gaat uitkomen op een kwestie van definitie. Wanneer zijn grondstoffen secundair en wat wordt de wettelijke definitie van circulair? Dit zijn vragen die beleidsmakers snel moeten beantwoorden.” Bos: “We moeten ernaar streven vind ik, maar of we het halen is een ander ding. Zeker op het gebied van gevaarlijk afval en kunststoffen ligt er nog een enorme uitdaging voor ons.” Maar ook de maatschappij moet nog grote stappen maken, denkt Bos. “We moeten als consument echt realiseren dat bijvoorbeeld de hoeveelheid plastic afval die wij produceren voor een gigantisch probleem zorgt. We houden onszelf voor de gek dat 2050 haalbaar is als hier niet iets drastisch verandert. Daarbij zijn we al snel geneigd het probleem op nationaal of Europees niveau te bekijken, terwijl andere continenten nog lang niet zo ver zijn als wij. Afrika is nu relatief de minst grote vervuiler, maar als de welvaart stijgt, groeit het afvalprobleem ook. Laten we dit op tijd signaleren en hen helpen, zodat zij niet dezelfde fouten hoeven te maken als wij.”

30 juli 2021 12:32

Leestijd 8 minuten


Change Financiën

Waarom klimaatverandering een gezondheidsprobleem is
Change Inc

door Rianne Lachmeijer

Change Financiën

Waarom klimaatverandering een gezondheidsprobleem is

“Als zorgprofessionals en zorgbestuurders moeten we opkomen voor de burger die ziek wordt van het milieu”, vindt Cathy van Beek. Van Beek is kwartiermaker Duurzame Zorg van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, en ambassadeur zorg bij MVO Nederland. Zij krijgt steun uit bijzondere hoek: Alex Bernhardt, Global Head of Sustainability Research bij vermogensbeheerder BNP Paribas Asset Management (BNPP AM) onderzoekt in een blog de klimaatveranderingsoorzaken van luchtvervuiling en zet de cijfers over de impact van luchtvervuiling op de gezondheid van mensen onder elkaar. Cathy van Beek is één van onze Changemakers, lees hier meer over haar. ’s Werelds grootste gezondheidsgevaar Medisch tijdschrift The Lancet noemt klimaatverandering 'de grootste wereldwijde bedreiging voor de gezondheid van de 21e eeuw'. Ten eerste gaat het om de gevolgen van de opwarming van de aarde. Zo zorgen stijgende gemiddelde temperaturen voor een hoger risico op hittegolven. Denk aan de bizarre temperaturen in Canada die nu nog steeds voor bosbranden zorgen. Het aantal mensen ouder dan 65 dat sterft door hitte is de afgelopen twee decennia met meer dan 50 procent gestegen, meldt The Lancet. In Nederland gaat het om bijna 250 mensen die jaarlijks sterven door aan klimaatverandering-gerelateerde hitte. Het gaat om zaken als hartaanvallen, beroertes en hartstilstanden. Vooral mensen in Japan, Noord-India, Oost-China en Centraal-Europa lopen risico. Ook zorgt klimaatverandering ervoor dat tropische infectieziekten zich makkelijker verspreiden en daarom steeds vaker voorkomen in regio's met een milder klimaat, zoals Europa. Het gaat om ziekten als knokkelkoorts (dengue), chikungunya, zandmugziekte en hersenontsteking. Daarnaast waarschuwt The Lancet voor de stijgende kans op pandemieën. Tot slot noemt het medisch tijdschrift de risico’s van ondervoeding en mentale gezondheidseffecten van overstromingen en droogte in China, Bangladesh, Ethiopië en Zuid-Afrika. Bosbranden en elektriciteitsfabrieken De bosbranden in Canada zijn nog steeds in het nieuws: een combinatie van extreme langdurige hitte en harde wind wakkert de branden aan. Volgens The Lancet is de kans dat mensen te maken krijgen met bosbranden in 128 landen toegenomen. Science Daily meldt dat er een achtvoudige toename is van het aantal heftige bosbranden in het Westen van de Verenigde Staten tussen 1985 en 2017. Door gemiddeld hogere temperaturen neemt de kans op bosbranden toe. Dit is een gevolg van klimaatverandering, maar heeft op zijn beurt weer invloed op de gezondheid van mensen. Daar heeft Bernhardt van BNPP AM cijfers over. Zo bestaat rook van bosbranden voor 80 procent uit fijnstof kleiner dan 2,5 micrometer in doorsnee. Op basis van ziekenhuisopnamegegevens uit Zuid-Californië concludeert Bernhardt dat luchtvervuiling door bosbranden nog slechter is voor de luchtwegen en het immuunsysteem dan andere bronnen van luchtverontreiniging. Denk aan het verbranden van fossiele brandstoffen in elektriciteitscentrales en voertuigen. Deze activiteiten dragen bij aan de opwarming van de aarde, maar brengen ook lokaal gezondheidsrisico’s met zich mee omdat er naast broeikasgassen luchtverontreinigende stoffen als NOx en fijnstof bij vrijkomen. Een miljoen doden Uit in Nature gepubliceerd onderzoek blijkt dat fijnstof kleiner dan 2,5 micrometer in doorsnee afkomstig van de verbranding van fossiele brandstoffen in 2017 leidde tot een miljoen doden wereldwijd. Het verbranden van steenkool in energiecentrales was verantwoordelijk voor de helft van deze dodelijke slachtoffers. In een onderzoek gepubliceerd in The Lancet Planetary Health leggen onderzoekers een link tussen luchtvervuiling en een verhoogd risico op ziekenhuisopnames voor verschillende neurologische aandoeningen, zoals Parkinson en Alzheimer. Luchtvervuiling oneerlijk verdeeld Het gemiddelde niveau van luchtvervuiling in steden is vier keer hoger dan de maximaal aanbevolen niveaus van de Wereldgezondheidsorganisatie. Vooral steden in China, Pakistan, India en Bangladesh hebben hier last van. Tegelijkertijd wijst Bernhardt erop dat er ook sprake van ongelijkheid lijkt te zijn binnen westerse landen: armere gemeenschappen in de Verenigde Staten wonen vaker dichtbij wegen of industrie die luchtvervuiling veroorzaken. Biodiversiteit beschermen ook goed voor de mens Een ander thema dat steeds hoger op de agenda staat is biodiversiteit. Biodiversiteitsverlies gaat ten koste van bepaalde ecosysteemdiensten waarvan bedrijven (en dus mensen) afhankelijk zijn. Denk aan hout voor huizen, een vruchtbare bodem voor voedsel en voldoende zoet water als drinkwaterbron. De Nederlandse Bank (DNB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) becijferden dat Nederlandse financiële instellingen voor miljarden euro’s aan risico lopen door biodiversiteitsverlies. Eén van de oorzaken van biodiversiteitsverlies is het gebruik van pesticiden. En dat brengt ook de gezondheid van mensen in gevaar. “Daar waarschuwt Bas Bloem, hoogleraar en neuroloog, met nadruk voor in de media”, weet Van Beek. In een YouTube-college voor de Universiteit van Nederland gaat Bloem dieper in op de link tussen pesticiden-gebruik en gezondheid. In bovenstaande video legt Bloem uit welke invloed het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen in de landbouw heeft op de ontwikkeling van Parkinson. “We weten inmiddels dat boeren een enorm verhoogd risico hebben op het ontwikkelen van de ziekte van Parkinson.” Maar niet alleen boeren hebben er last van; ook de mensen die de landbouwproducten eten. Zo lopen mensen die levenslang melkproducten nuttigen een hoger risico op Parkinson. Het minimaliseren van pesticiden-gebruik is daarmee niet alleen goed voor het aantal wilde planten- en diersoorten, maar ook voor de gezondheid van mensen. Lees ook: Wordt 2021 het kanteljaar voor biodiversiteit? Gezondere mensen op een gezondere planeet Voor Van Beek bewijst het nogmaals dat er een link is tussen een gezonde natuur en goede gezondheid voor mensen. “Ik denk dat we de helft nog niet weten van de schadelijkheid van milieuvervuiling voor de gezondheid.” Daarom hamert zij er in het Uitvoeringsoverleg Klimaatakkoord steeds op om niet alleen te spreken over on-inspirerende begrippen als ‘woonlastenneutraliteit’, maar het juist te hebben over de gezondheidswinst die er te boeken valt door de oorzaken van klimaatverandering en biodiversiteitsverlies aan te pakken. “Iedereen heeft zijn mond vol van preventie, maar dan gaat het vooral over de leefstijl van mensen, niet over de leefomgeving waar de overheid gewoon verantwoordelijk voor is.” Juist de overheid kan heel veel invloed hebben op de gezondheid van mensen door de oorzaken van klimaatverandering en biodiversiteitsverlies aan te pakken. “We kunnen op een gezondere planeet zoveel gezonder worden met zijn allen.” “We kunnen niet gezond leven op een ongezonde aarde”, vindt ook Herman Wijffels. Wat is er volgens hem voor nodig zodat mensen een gezonde planeet op één zetten? Lees het hier.

23 juli 2021 15:04

Leestijd 6 minuten


Hout is de klimaatvriendelijke oplossing voor de woningbouwopgave, waarom bouwen we daar niet mee?

Change Financiën

Hout is de klimaatvriendelijke oplossing voor de woningbouwopgave, waarom bouwen we daar niet mee?

"Daar is hij: onze starchitect", zegt Jeroen Loots van ASN Bank half-grappend en half-serieus als architect Marco Vermeulen inlogt voor de Teams-bijeenkomst. “Ik zie hem als een lichtpunt onder de architecten”, legt Loots uit. Met zijn architectenbureau werkt Vermeulen aan iconische, houten gebouwen, zoals de Dutch Mountains vlakbij Eindhoven. Ook was hij als onderzoeksleider betrokken bij de strategische verkenning ‘Ruimte voor Biobased Bouwen’ van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dat hij aanschuift bij een interview over de kansen van hout en biobased bouwen is daarom logisch. 'Bouwen met fossiel is gewoon klaar' Maar wat doet een Senior Adviseur Klimaat van een bank bij zo’n gesprek? “We willen als ASN Bank klimaatpositief worden. En dan nog snel ook, want wij willen daar in 2030 zijn”, legt Loots uit. Dat betekent dat de bank op zoek is naar natuurlijke manieren om CO2 uit de lucht te halen en op te slaan, door de juiste projecten en bedrijven te financieren. Daarom sloot ASN Bank zich als eerste financiële instelling aan bij het programma van Vermeulen over biobased bouwen. Voor Loots, die zichzelf klimaat-omdenker noemt, is het namelijk zonneklaar: de miljoen woningen die erbij komen, moeten van natuurlijk ‘hergroeibare’ materialen zijn. “Het kan niet anders, willen we nog een kans maken om onze klimaatdoelstellingen realiseren. Bouwen met fossiel is in dat opzicht gewoon klaar. Punt.” Gelukkig is er al een alternatief voor fossiele materialen zoals staal en beton, te weten: hout. Vermeulen: “Hout heeft bepaalde eigenschappen, waardoor het staal of beton meestal kan vervangen.” Bijvoorbeeld de kracht van kruislings verlijmd hout, ook wel bekend onder de Engelse afkorting CLT. Dit nieuwe type bouwmateriaal is bijzonder sterk. Daarnaast levert bouwen met natuurlijke materialen andere voordelen op: van CO2-opslag tot lagere stikstofuitstoot. Hout als CO2-opslagsysteem Als het aankomt op CO2-uitstoot, dan werken de voordelen van ‘hergroeibare’ materialen twee kanten op. Ten eerste voorkomen biobased materialen de CO2-uitstoot die gepaard gaat bij het winnen en produceren van traditionele bouwmaterialen. Staal- en cementfabrieken behoren tot de grootste vervuilers van Europa, dus het is goed om deze materialen minder te gebruiken. Ten tweede nemen planten of bomen CO2 op terwijl ze groeien. “Op het moment dat je hout of een ander natuurlijk materiaal toepast in bebouwing, dan blijft die CO2 voor de levensduur van het gebouw gevangen”, zegt Vermeulen. Na een lichte aarzeling zegt hij dat je het bouwen met hout als alternatief zou kunnen zien voor de CO2-afvang en opslag in lege gasvelden onder de Noordzee. Het zogenoemde carbon capture and storage (ccs). Daarvoor had de overheid een subsidie van 2 miljard over. Vermeulen ziet het als een oplossing aan het einde van de keten, die de industrie niet verandert. “Het kost alleen maar geld. Terwijl het alternatief, bouwen met natuurlijke materialen, in feite hetzelfde doet maar waarde creëert. Namelijk: een aantrekkelijke gezonde woonomgeving op basis van natuurlijke materialen die ook als ccs fungeert.” Daarom zou hij liever zien dat de overheid 2 miljard in biobased bouwen steekt. Alternatief voor varkens Naast de opname van CO2 heeft bouwen met natuurlijke materialen nog een aantal voordelen, die Vermeulen moeiteloos opsomt. “Het is lichter, daarom levert het minder stikstof-uitstoot op.Het is gezonder, je kunt er veel beter mee prefabriceren en het kan ook echt als motor fungeren voor de woningbouwtransitie.” Volgens Vermeulen is de Nederlandse bouwsector in het ideale scenario in staat om 60.000 tot 70.000 woningen per jaar te produceren. Door bijvoorbeeld over te schakelen op hout kan dat sneller. “Het lijkt alsof industrialisatie altijd aan beton en staal vast zit, terwijl hout een veel beter product is voor industrialisatie. Het is makkelijker bewerkbaar, reproduceerbaar en transporteerbaar.” Tot slot kan overstappen op biobased bouwen hulp bieden aan een andere sector die moet veranderen: de landbouw. Zo kunnen boeren hun varkens of koeien verruilen voor de teelt van bouwmaterialen. Nu houden boeren veengebieden kunstmatig droog voor grasland. Dat zorgt voor CO2-uitstoot. “Die gebieden moeten we dus natter maken. Dat betekent dat de koeien daar niet zo prettig meer kunnen lopen, maar dat geeft niks, want er zijn allerlei aquatische gewassen zoals lisdodde en andere rietachtigen die ideaal te gebruiken zijn voor isolatie.” Nederlandse bos onder de bijl? Zijn er dan echt geen nadelen te bedenken? Hout-tekorten bijvoorbeeld? Of bossen vol stronken in plaats van bomen? Volgens Vermeulen valt dat allemaal wel mee. Zo gaat het erom selectief te kappen en bomen zijn er genoeg. Zelfs in Nederland. “De natuurlijke aanwas is groter dan wat er geoogst wordt.” En als er onvoldoende hout in ons land zou zijn, dan is er nog Europees hout. Zo stelde hoogleraar Europese Bossen Gert-Jan Nabuurs in een gesprek met BNR in 2019 dat er jaarlijks 800 miljoen kubieke meter hout bij komt. “We oogsten op dit moment ‘maar’ 500 miljoen kuub. Voor papier, bouwen, karton, wc-papier… honderden producten komen uit het Europese bos. Die ruimte kunnen we natuurlijk niet allemaal oogsten, maar er is wel genoeg materiaal voor bouwen met hout. En 300 miljoen kuub is een enorme berg hout.” Het is dan wel belangrijk om goed voor het bos te blijven zorgen en niet meer bomen te kappen dan erbij kan groeien. Biobased bouwen: de ideale oplossing die niet wordt toegepast Als het zo goed werkt, waarom bouwen we dan nog niet grootschalig met natuurlijke materialen? Vermeulen pakt de Groene Amsterdammer erbij, waarin een opsomming staat van de grootste vervuilers van Europa. Op nummer 1 staat een staalbedrijf. Op nummer 2 en 3 cementproducenten. Er staan een paar oliebedrijven in de top 10, maar het merendeel gaat om producenten van bouwmaterialen. “Dus je ziet dat die bouwindustrie, veel meer dan wij denken, een grootaandeelhouder is in de productie van CO2”, concludeert Vermeulen. Loots vult aan: “Het gaat om duizenden miljarden, dus daar zit een enorm belang van aandeelhouders. Daarom heb je een keiharde overheid nodig die goede keuzes maakt.” Nu doet de overheid dat nog niet, merkt hij. Als voorbeeld geeft hij de staatsteun aan KLM. “Er kan 3,4 miljard staatsteun naar KLM, maar biobased bouwen moet alles bij elkaar peuteren. Een economie op zijn kop zetten is heel ingewikkeld. Vooral als we verslaafd zijn aan fossiele brandstoffen.” Een kwestie van tijd Ondanks de dominantie van het oude economisch denken, verwacht Vermeulen dat het slechts een kwestie van tijd is. Hij vergelijkt het met de energietransitie in de auto-industrie. In het begin vonden mensen elektrisch rijden niets, maar nu gaan veel mensen ervan uit op een bepaald moment op elektrisch over te stappen. “De materiaaltransitie loopt gewoon tien jaar achter op de energietransitie.” 'De materialen-transitie loopt tien jaar achter op de energietransitie' “We hadden een hele sterke houten bouwcultuur, natuurlijk vooral gericht op de scheepvaart, maar ook op gebouwde omgeving. Die kennis en kunde is eruit gedrukt door die andere materialen, maar dat kunnen we herstellen zodat er ook weer een soort nieuwe ambachtelijkheid ontstaat”, zegt Vermeulen. Nederland was dus ooit groot in de houtbouw en als het aan Vermeulen en Loots ligt zijn we dat over een aantal jaar weer. “Die kar willen wij mede trekken”, zegt Loots. Niet alleen door deel te nemen aan programma’s als Ruimte voor biobased bouwen en de Citydeal circulair en conceptueel bouwen, maar ook door samen met andere partijen aan een methodiek te werken die inzichtelijk maakt hoeveel CO2 houten woningen uit de lucht halen. Zo blijkt nu dat 1 miljoen houten huizen in potentie een kwart van de jaarlijkse uitstoot kunnen vastleggen. De volgende stap is om te berekenen hoeveel minder stikstof houtbouw oplevert. “In de financiële wereld is geld niet direct het probleem. Het geld binnen risicokaders op de juiste plek krijgen, dát is de uitdaging”, aldus Loots. Daar kan de meetmethode bij helpen, omdat het aantoont dat investeren in biobased bouwen minder risicovol is dan ouderwets investeren in de bouw en gepaard gaat met positieve impact. De financiële sector als motor Loots verwacht dat banken, pensioenfondsen en andere financiële instellingen door toenemende klimaatambities en op basis van kennis over CO2-opslag in bouwmaterialen steeds vaker andere keuzes gaan maken. “Stel dat een project iets duurder is, maar door CO2-opslag aantoonbaar maatschappelijk rendement oplevert, dan investeert een instelling waarschijnlijk sneller. Dat zijn de effecten van zo’n metric. Zo’n meetmethode wordt interessant op het moment dat je doelstellingen en risicoprocessen helder wilt hebben. Dan beginnen er dingen te veranderen.” In haar eentje kan ASN Bank de woningbouwtransitie niet financieren, benadrukt Loots. “Dus het gaat ons erom die hele financiële sector in beweging te brengen. Die moet dat geld de goede kant op gaan duwen. Daar willen wij graag een rol in spelen, bijvoorbeeld door de financiering van een prachtig woningbouwproject dat de woningnood helpt op te lossen of een fabriek die de houtproductie kan opschalen. Daarnaast willen we de drempel verlagen om te financieren, door onze meetmethode, en de logica die daar achter zit, breed te introduceren in de financiële sector.” Op die manier verwacht Loots dat de financiële sector als motor kan fungeren voor een versnelling van de transitie in de woningbouw. Samenwerking vormt de sleutel. Niet alleen met financiële instellingen, maar ook met partijen uit de bouwketen en de overheid. “Je hebt ze allemaal nodig, ook klanten en burgers. We moeten het samen doen.” Dat het mogelijk is de sector in beweging te krijgen merkte ASN Bank met het Platform Carbon Accounting Financials. Daar zijn nu 142 instellingen bij betrokken met een totaal beheerd vermogen van 43,4 triljoen. Ook op biodiversiteit probeert de bank andere financiële instellingen te overtuigen om te gaan meten door ervaringen te delen in het Partnership for Biodiversity Accounting Financial. Wordt 2021 het kanteljaar voor biodiversiteit?

21 juli 2021 11:56

Leestijd 9 minuten


Frankrijk krijgt drijvende waterstoffabriek op zee

Change Energie

Frankrijk krijgt drijvende waterstoffabriek op zee

Het project heeft nog geen officiële naam of startdatum, maar de betrokkenen willen in 2022 operationeel zijn. Dan moeten de bedrijven Lhyfe en Centrale Nantes de waterstoffabriek af hebben en hem hebben geplaatst op een drijvend platform op zee. Centrale Nantes heeft daar een proeftuin voor offshore techniek. Hier ligt onder andere de allereerste offshore windmolen die Frankrijk ooit installeerde, in 2016. Er zijn ook andere projecten om innovatief groene stroom op te wekken. Deze stroom zal in de toekomst deels naar de offshore waterstoffabriek gaan. Waterstof is op zee beter dan stroom Het doel van het project is simpel: aantonen dat waterstof op zee opwekken met duurzame stroom uit offshore wind, zon of getijdenenergie werkt. Er zitten in theorie veel voordelen aan. Er gaat bijvoorbeeld veel energie verloren als je via kabels de stroom naar het vasteland voert. Die stroomkabels zijn bovendien erg duur. Als je op locatie waterstof produceert, kun je dat via pijpleidingen (veel goedkoper dan stroomkabels) of speciale waterstofschepen vervoeren naar het vaste land, zonder verliezen. Daarnaast zorgt een waterstoffabriek bij een windmolen ervoor dat er altijd plek is voor de stroom. Nu kan het voorkomen dat er overproductie van windenergie is, waardoor de prijs van elektriciteit laag wordt en de windturbines soms afgeschakeld worden. Straks kun je er dan waterstof van maken, die je als energiebedrijf voor meer geld kunt verkopen. Bestand tegen golven en zout water Dan moet je natuurlijk wel een waterstofinstallatie hebben die groot genoeg is om alle windstroom te verwerken. Dit project zal dat nog niet kunnen; het gaat om een proof-of-concept. Laten zien dat je waterstof kunt opwekken op zee is voor de Fransen goed genoeg. Dat mag ook, want het is allemaal nog erg experimenteel. Zo is het maar de vraag of zeewater gebruikt kan worden als grondstof voor de waterstof. En of de elektrolyser die met stroom waterstof maakt van water bestand is tegen de wrede grillen van de Atlantische Oceaan. Want als er straks op grote schaal waterstof wordt gemaakt van offshore energie, dan is het niet handig als de elektrolysers telkens stuk gaan door hoge golven. PosHYdon Of de Fransen straks de eersten zijn die een waterstoffabriek op zee plaatsen, is de vraag. Ook in Nederland werken bedrijven uit de olie- en gaswereld aan een offshore waterstofproject: PosHYdon. Dit project moet in 2022 officieel van start gaan.

20 juli 2021 17:28

Leestijd 2 minuten


Changemakers

Changemakers tonen duurzaam leiderschap, zoeken naar innovatieve verbindingen en maken echt impact. Onze onafhankelijke redactie geeft deze leiders, verbinders en katalysators een inhoudelijk podium. Met iedere week een podcast-interview door Paul van Liempt. Als je van verandering houdt, is dit je tijd.

Bekijk alle Changemakers

Week
29

Hugo
van Donselaar

Hugo van Donselaar

CEO bij Campspace

Hugo van Donselaar is niet de ondernemer die bestaande concepten duurzamer maakt. Nee, hij bedenkt nieuwe concepten die inherent duurzaam zijn. Je kunt vliegreizen proberen te verduurzamen, of de CO2-uitstoot compenseren, maar waarom zou je überhaupt in het vliegtuig stappen als je ook lokaal een toeristische ervaring kunt bieden? Van Donselaar is ervan overtuigd dat de nieuwe generatie consumenten niet meer kiest om zichzelf elf maanden ‘lamlendig te werken’, om vervolgens uit te blazen in een resort op Bali. De nieuwe generatie kijkt verder dan ‘kort geluk en lange pijn’ en is niet op zoek naar ‘massale campings met animatieteams en glijbaanparadijzen’. 

Met zijn platform Campspace biedt Van Donselaar bijzondere overnachtingen bij particulieren en kleinschalige kampeerplekken. Een toeristische ervaring die inspeelt op de trend van zingeving en reflectie. Van Donselaar koppelt zijn duurzame visie aan gedurfd leiderschap, want in een conservatieve sector als de toeristenbranche is het knap om met een potentieel transformatief concept de gevestigde orde uit te dagen. 

De toeristische sector is nu nog goed voor 10 procent van de mondiale CO2-uitstoot. Als het concept van Van Donselaar aanslaat, en mensen vaker de toeristische waarde van hun nabije omgeving gaan ontdekken en waarderen, is de potentiële impact enorm. De timing van Campspace is ook perfect, want tijdens de coronapandemie zoeken mensen hun vakantie vaker dichtbij huis. Als dat naar meer smaakt kan dat het reisgedrag van mensen structureel beïnvloeden. Het is voor Van Donselaar de uitdaging om voldoende massa te creëren om de sector op sleeptouw te nemen en echt te veranderen.

Bekijk volledig juryrapport

Week
31

De wereld heeft meer Changemakers nodig

Changemakers

zijn allemaal door onze onafhankelijke redactie geselecteerde koplopers. Die kleur bekennen, richting geven en tempo maken. Krachtige leiders uit familiebedrijven, multinationals, MKB, start-ups en scale-ups. Iedere week presenteert een objectieve en onafhankelijke vakjury de Changemaker van de Week. Laat de jury weten wie jouw favoriet is.

Annemarije Tillema
Country Director, Sustainable Brand Index Nederland

Mijn Favoriet

Tessa Venker
Directeur, De Krat

Mijn Favoriet

Jouri Schoemaker
Oprichter, Pieter Pot

Mijn Favoriet

Duurzame bedrijven van morgen

Geen enkel bedrijf is 100% klaar voor de toekomst, nog niemand is 100% duurzaam. Maar steeds meer bedrijven ontwerpen hun producten, processen en diensten voor een betere toekomst. We brengen je een up-to-date en onafhankelijk overzicht van deze bedrijven van morgen. Hier vindt de verandering plaats.

Bekijk alle bedrijven

Smurfit Kappa

Verpakkingsbedrijf Smurfit Kappa is een multinational met Ierse roots. Het bedrijf ontstond in 2005 uit een fusie van Jefferson Smurfit en Kappa Packaging. Smurfit Kappa produceert verpakkingen op basis van papier en karton en levert deze aan onder andere de e-commerce sector. Het bedrijf gebruikt daarvoor 100 procent hernieuwbare, duurzame primaire grondstoffen en zet sterk in op verpakkingen van gerecycled materiaal. Erik Bunge is CEO van de Benelux tak. Smurfit Kappa is actief in 35 landen en heeft noteringen aan de Irish Stock Exchange en London Stock Exchange.

Visie De doelstelling van Smurfit Kappa is letterlijk: een bedrijf zijn met wereldwijd aanzien, door dynamische levering van betrouwbare en superieure rendementen voor alle belanghebbenden. Smurfit Kappa kijkt daarbij verder dan morgen en doet voortdurend onderzoek om te weten wat er speelt op het gebied van de verpakkingsindustrie. Daarbij gelooft het verpakkingsbedrijf in de verantwoordelijkheid voor de mensen, omgeving en de landen waarin Smurfit Kappa actief is. Dit betekent dat het bedrijf duurzaam inzet op de output, maar zeker ook duurzaam wil omgaan met haar medewerkers door hen te stimuleren en te helpen de beste versie te worden van zichzelf. Smurfit Kappa is een multinational, met vestigingen in 35 landen en 350 productielocaties, 64.000 klanten en 46.000 medewerkers. Strategie Met zijn aanwezigheid in Europa en Noord- en Zuid-Amerika, kan Smurfit Kappa daadwerkkelijk invloed uitoefenen op de gehele keten van verpakte goederen en zo positieve veranderingen neerzetten. Smurfit Kappa ziet zichzelf als partner voor life en als linking pin in de toeleveringsketen en wil zo partners, collega’s en concullega’s inspireren. Maar ook wil het bedrijf ervoor zorgen dat alle inspiratie van buiten naar binnen wordt gebracht én geleefd. Door duurzaamheid intrinsiek onderdeel te laten zijn van de bedrijfsvoering, van het DNA van het bedrijf en van de output, wil Smurfit Kappa zich continu ontwikkelen om een duurzaam en toekomstbestendig bedrijf te blijven. Een voorbeeld van zo'n innovatie is de ThermoBox, een combinatie van golf- en honingraatkarton, die vergelijkbare isolerende eigenschappen heeft als piepschuim maar wél biologisch afbreekbaar is.   Uitvoering Smurfit Kappa zet in op innovatie en streeft een groei na op e-commerce in de sectoren zoals kleding, consumentenelektronica en dranken. Daarvoor heeft het verpakkingsbedrijf een netwerk opgezet van duizenden R&D-collega’s uit de 36 landen, en zich via partnersschappen verbonden aan universiteiten en kennisinstellingen. Smurfit Kappa gelooft in kennis als wezenlijk instrument om zo de meest innovatieve stappen te kunnen zetten in de leveringsketen. De multinational blijft daarnaast creatief, praktisch en toekomstgericht. Beter planet packaging is een belangrijk onderdeel van de toekomstplannen. Het doel is alle plastic te vervangen door kartonnen verpakkingen en zo te zorgen voor het duurzaam inkopen van belangrijke grondstoffen. Op die manier kan het bedrijf de milieuvoetafdruk van zichzelf, klanten en consumenten verlagen. Zoals ze zelf zeggen: als we verandering willen, grijpen we naar karton: het meest hergebruikte materiaal ter wereld.

Leestijd 3 minuten

Gasunie

Gasunie is een Nederlandse energie-infrastructuuronderneming. De gasinfrastructuur van Gasunie is het meest fijnmazige netwerk van Europa. Gastransport en gasopslag vormen de kernactiviteit. Ruim 25 procent van het totale Europese gasverbruik gaat door de leidingen van Gasunie. Het bedrijf is voor 100% in handen van de Nederlandse overheid en staat onder leiding van CEO Han Fennema.

Gasunie draagt bij aan de energietransitie door geïntegreerde infrastructuurdiensten aan te bieden. Het bedrijf gelooft in een duurzame toekomst met een uitgebalanceerde energiemix en wil de energietransitie versnellen. Met zijn infrastructuur, andere vormen van gas (waterstof, groen gas) en nieuwe netwerken wil de onderneming een belangrijke rol spelen in het nieuwe energiesysteem. Het bedrijf verwacht dat zon en wind aan maximaal 50% van de energievraag kunnen voldoen. De andere helft van de energievraag zal uit ‘moleculen’ blijven bestaan, en dan vooral uit gassen. Gasunie heeft decennialang kennis en ervaring opgebouwd rondom het transport en de opslag van aardgas. Deze kennis zet Gasunie, in nauwe samenwerking met andere partijen, in voor vervoer en opslag van andere moleculen. Dat zijn waterstof, groen gas, warm water en CO₂.. Zo bouwt het bedrijf aan de 'waterstofbackbone', een pijpleidingennetwerk dat Noord West Europa van waterstof kan voorzien. Totdat duurzame alternatieven voldoende beschikbaar zijn, ziet Gasunie aardgas als een goede vervanger van andere fossiele energiebronnen omdat het minder CO2 uitstoot. In 2020 noteerde Gasunie een omzet van 1,3 miljard. Bij Gasunie werken 1448 mensen.

Leestijd 2 minuten


Map of the Netherlands with participating companies

Vind bedrijven en start-ups die samen aan oplossingen werken voor een betere toekomst.

Onze onafhankelijke redactie ziet dat bedrijven van morgen opvallen door hun innovatiekracht.

Vind een bedrijf

Sluit je aan bij Change Inc.

Change Inc. maakt van iedere professional een toekomstmaker. We laten iedere dag zien hoe inspirerende personen en bedrijven de toekomsteconomie vandaag al vormgeven met aandacht voor zakelijk succes, actie en context.

Mobiel en tablet tonen Change.Inc website

Waarom moet ik community member worden?

Als community member inspireren en informeren we je met het laatste nieuws en de belangrijkste achtergronden over een betere en duurzame toekomsteconomie. Ook kom je in contact met gelijkgestemden. Wij stomen je klaar om zelf sneller stappen te zetten in het verduurzamen van je organisatie. Verander mee.

Hoe sluit ik me aan?

Aansluiten doe je hier. Het is heel eenvoudig en kost niets. Zodra je een profiel hebt aangemaakt, gaan we voor je aan de slag om je rol in een betere toekomst te vergroten.  

Zijn er kosten aan verbonden? 

Onderdeel worden van de beweging van toekomstmakers is kosteloos. Wij zetten geen content achter paywalls. Want we willen dat jij zo snel mogelijk zelf aan een betere en duurzame toekomsteconomie bouwt. Dus meld je hier aan en wordt een toekomstmaker.

Sluit je aan

Nieuws & Verhalen

Changemakers

Bedrijven


Producten & Diensten

Magazine


Lidmaatschap

Inloggen

Sluit je aan


Over Change Inc.

Over ons

Waarom Change Inc.

Team

Partnerships & Adverteren

Werken bij Change Inc.

Pers & media

Onze partners

Contact

Start

Artikelen

Changemakers

Bedrijven

Menu