Change Inc. staat voor verandering. Wij zijn het platform voor professionals die zich in de voorhoede van de transitie willen begeven. We delen en publiceren kennis. En verbinden en mobiliseren experts. Word onderdeel van de oplossing en sluit je aan bij deze krachtige beweging van toekomstmakers.


Alle duurzame ontwikkelingen

Iedere dag laat onze expertredactie zien hoe de toekomst vandaag al vorm krijgt. Volg hier de laatste ontwikkelingen in duurzaamheid, innovatie, ondernemerschap en het bedrijfsleven.

Bekijk alle artikelen

Change Leiderschap

Dubbelinterview: de bank en de klimaatbeweging. “Je kunt geen verandering teweeg brengen zonder activisme”
Change Inc

door Rianne Lachmeijer

Change Leiderschap

Dubbelinterview: de bank en de klimaatbeweging. “Je kunt geen verandering teweeg brengen zonder activisme”

Arie Koornneef en Aniek Moonen treffen elkaar digitaal voor het interview. Zij ontmoeten elkaar niet voor het eerst, want tijdens haar stage bij Voor de Wereld van Morgen, de ondernemers-community van ASN Bank, spraken zij elkaar ook al eens digitaal. Inmiddels is Moonen bestuurslid bij de Jonge Klimaatbeweging, een organisatie die de stemmen van meer dan 75 jongerenorganisaties verenigt. Toen Koornneef hoorde over de Jonge Klimaatbeweging nam hij direct contact op. “Als wij vanuit onze missie zeggen dat wat wij nu doen ook goed moet zijn voor de volgende generaties, dan is het superbelangrijk om met de volgende generatie te praten en ze om input te vragen.” Daarom zitten beide directieleden bestuur ook minstens 1 à 2 keer per jaar (digitaal) om tafel met stagiaires en trainees. Arie, wat is de meerwaarde daarvan? “Ik vind diversiteit heel erg belangrijk; niet alleen in achtergrond maar ook in leeftijd, omdat ik denk dat die elkaar enorm versterken. Een voorbeeld waar ik heel erg blij van word, is dat wij een klantenservice hebben met een breed profiel van mensen. Vaak bestaat een klantenservice vooral uit studenten. Bij ASN Bank zie je jonge mensen die een andere blik op de wereld meebrengen en oudere, ervaren collega’s die heel veel weten over ons duurzaamheidsbeleid. Van die mix word ik heel erg blij en daar zoeken we ook naar. Mensen zoals Aniek brengen nieuwsgierigheid en de vaardigheden om dit heel helder voor het voetlicht te brengen. Ik mocht op de lagere school bijvoorbeeld maar één spreekbeurt houden. Nu is het een belangrijk onderdeel van elke opleiding. Van de directheid en feedback van de jongere generatie word je beter als organisatie. Dat houdt je scherp in de koers die je vaart. Als je zegt dat je dingen doet voor de komende generatie, dan moeten zij ook aan tafel zitten. In de huidige (maatschappelijke) debatten vind ik daarom de stem van de jongere generatie wat onderbelicht.” Aniek, wat wordt er tot nu toe met jullie input gedaan, bijvoorbeeld aan de klimaattafels? “Het is moeilijk om daar een vinger op te leggen. In 2018, rond de tijd dat ASN Bank ook het eerste contact met ons opnam, zaten we aan de klimaattafels voor de vormgeving van het Klimaatakkoord. De organisatie groeit en je ziet dat we steeds vaker worden uitgenodigd door bijvoorbeeld ministeries en politieke partijen om inhoudelijk mee te praten over klimaatbeleid. Dat is in principe mooi, maar het is belangrijk dat die input uiteindelijk ook vertaald wordt naar concreet beleid. Jongeren worden nog vaak gevraagd om input te leveren, zonder dat de uitnodigende partij een duidelijk idee heeft over wat ze met die input gaan doen. Politici, zeker nu tijdens de formatie, horen honderden verschillende partijen aan. Dan moet jij maar net iets zeggen wat blijft hangen. We hebben de afgelopen vijf jaar al wel concrete dingen voor elkaar gekregen. Bijvoorbeeld met het Nationale Groeifonds. Daar is een generatietoets aan toegevoegd. De Jonge Klimaatbeweging lobbyt daar, in samenwerking met Coalitie-Y, al heel lang voor. Met een generatietoets test je wat voor effecten een beleidsstuk heeft voor toekomstige generaties. De invoer daarvan is bij het Nationale Groeifonds gelukt en we blijven ervoor lobbyen dat het in al het klimaatbeleid wordt ingevoerd.” Zou zo’n generatietoets ook iets zijn voor het bedrijfsleven? Aniek: “Ja, dat zou heel goed zijn. Duurzaamheid wordt een steeds leger begrip, helaas. Maar in principe betekent het dat onze huidige manier van leven het leven van toekomstige generaties niet in gevaar mag brengen. Zo moeten we er rekening mee houden dat er in de toekomst nog voldoende voedsel is, maar ook dat we toekomstige generaties geen onnodige financiële lasten opleggen door duurzame financieringen voor ons uit te blijven schuiven.” Arie, zie jij ook wel iets in een generatietoets voor bedrijfsbeleid? “Jazeker. Het zou gek zijn als ik zou zeggen dat ik het daar niet mee eens ben. Maar wat mij betreft gaat die toets verder dan alleen toekomstige generaties. Het gaat ook om de impact die je nu maakt. Negatief of positief en zowel aan de groene kant als aan de sociale kant. Ik ben bijvoorbeeld heel blij dat er nu een initiatiefwet in de maak is om maatschappelijk verantwoord ondernemen verplicht te stellen voor bedrijven. Op het platform Voor de Wereld Van Morgen staan fantastische duurzame ondernemers die het goede voorbeeld geven en inspireren, maar de rest moet wel gaan volgen. Daar is soms een duwtje in de vorm van wetgeving voor nodig.” Hoe zorgen we ervoor dat 2021 het jaar wordt waarin het begin van de echte verandering wordt ingezet? Aniek: “Met een groen regeerakkoord natuurlijk.” Zie je daar kansen voor? Aniek: “Het ligt er ongelooflijk aan welke partijen er straks in het kabinet zitten. Maar waar voorheen het klimaat, en daar concrete actie op nemen, maar bij een paar partijen aan bod kwam, noemde nu de grootste partij van Nederland het zelfs in de overwinningsspeech. Dat biedt hoop. Tegelijkertijd weet je nooit wat er uit de onderhandelingen komt. Daarom is het zo belangrijk dat bijvoorbeeld wij als Jonge Klimaatbeweging, maar ook al die andere duurzaam-ingestoken maatschappelijke organisaties nu kunnen meepraten aan die formatietafels en ideeën kunnen delen, want wij weten wel wat wij in het regeerakkoord zouden zetten.” Wat zouden jullie er dan inzetten? Aniek: “Op 8 april presenteerden wij de Youth Climate Deals. Dat is een document met dertig concrete beleidsadviezen op acht verschillende klimaatthema’s. Bijvoorbeeld wonen en werken, maar ook leiderschap en energie. Zo pleit één van de deals ervoor om 15 miljard uit de algemene middelen te investeren in de energietransitie. En willen we 1.000 extra hectare aan stadslanderijen. Allemaal hele concrete dingen, die stuk voor stuk kunnen worden geknipt en geplakt in een regeerakkoord. Het zou een mooie eerste zet zijn om daar aan die formatietafels serieus naar te kijken.” Arie, heb jij ook bepaalde zaken die jij graag terug zou zien in het regeerakkoord? Arie: “Ach, zoveel. Beprijzing is een heel belangrijk element, want dat leidt denk ik echt tot verandering. En strakkere regie vanuit de overheid is ook belangrijk. Dat kan in financiële zin, maar ook in wetgevingszin. Niet alleen aan de groene, maar ook aan de sociale kant. En dat mooie idee van de Jonge Klimaatbeweging: iemand die controleert of we nog op koers liggen. Dat vind ik echt een goed en belangrijk idee zodat het niet bij mooie beloften blijft. Misschien kun jij daarover vertellen Aniek?” Aniek: “Wij lobbyen inderdaad voor een klimaatautoriteit. Een soort OMT op het gebied van klimaat, maar dan met meer bevoegdheden. Mensen roepen al vaker om een climate change managementteam, maar wij willen eigenlijk meer dan dat. Wij willen een groep experts met kennis op het gebied van klimaat, maar ook met kennis over de sociale en economische kant, die de emissiebudgetten voor bepaalde periodes berekenen. Zo’n klimaatautoriteit kan met specifieke beleidsadviezen komen over hoe we binnen die emissiebudgetten blijven. Het is de bedoeling dat de overheid die beleidsadviezen linea recta overneemt tenzij ze een meerderheid bijeen krijgen die een betere optie aanbiedt. Dat is wat ik namelijk een beetje mis in de politiek: het volgen van de wetenschap. Als ze dat eerder hadden gedaan, dan hadden ze twintig à dertig jaar geleden al concrete actie ondernomen.” Arie: “Volgens mij gingen al in de jaren 80’ geluiden op dat het niet zo goed ging met het klimaat. Inmiddels zijn we veertig jaar verder. Dat moeten we zien te voorkomen door een gezonde objectieve blik over de vraag of we als land nog op koers liggen. En een ander item wat ik voor de komende periode belangrijk vind is dat alle maatregelen toegankelijk worden voor iedereen. Voor verduurzamingsmaatregelen moet je bijvoorbeeld een redelijk goedgevulde portemonnee hebben. ASN Bank vindt het belangrijk dat duurzaam leven voor iedereen toegankelijk wordt.” Jullie hebben het over vertrouwen, maar je hoort nu ook veel over wantrouwen in de overheid en de (wetenschappelijke) elite. En zelfs polarisatie in de samenleving. Hoe is dat op te lossen? Aniek: “De overheid moet echt een kartrekkersrol laten zien de komende jaren. In het begin van de coronacrisis lieten ze zien dat zij vertrouwen hadden in wat ze deden. Vervolgens legden ze in persconferenties uit waarom en hoe ze bepaalde dingen gingen doen. Zeker in het begin gaf dat ontzettend veel vertrouwen vanuit de bevolking. Dat moet ook voor de klimaatcrisis gebeuren. Dat de overheid om de zoveel tijd persconferenties houdt waarin ze heel laagdrempelig uitleggen wat ze aan het doen zijn, welke gedachtegang erachter zit en wat voor effecten dat heeft. Dat is denk ik een goede manier om het vertrouwen iets op te krikken.” Arie: “Dat doet me denken aan een interview met Tjeenk Willink in ons magazine Goed Geld waarin hij spreekt over dat wederzijdse vertrouwen. Dat is bijvoorbeeld geschaad door de toeslagenaffaire. Dat vertrouwen herstellen is heel belangrijk. Ik denk dat sterk leiderschap, waarin de overheid zich goed laat adviseren door mensen die er verstand van hebben, tot meer herstel van vertrouwen leidt. Ik hoop dat de polarisatie daardoor een beetje afneemt, maar ik vermoed dat die nooit helemaal weggaat. Die zal er altijd zijn. Daarom is het juist belangrijk om te laten zien door wie je je laat adviseren, zoals Aniek omschrijft.” Aniek: “Ja, nu lijkt het een beetje of politici het klimaatbeleid uit de mouw schudden, terwijl er achter de schermen natuurlijk van alles gebeurt. Ze laten zich bijvoorbeeld echt wel adviseren door belangrijke wetenschapsinstituten. Door dat naar de voorgrond te brengen, kunnen ze er gelijk verantwoording over afleggen. Niet alleen als het gaat om gesprekken met wetenschappers, maar ook met jongeren en de financiële sector. Doe dat nou eens out in the open. Dan krijgen mensen misschien wat meer vertrouwen dat politici goed over beleid nadenken en daarbij allerlei soorten partijen consulteren.” Arie: “Het is belangrijk om alle gesprekspartners die de samenleving vormen aan tafel te hebben en je door hen te laten inspireren. Dat wil niet zeggen dat je altijd wat doet met datgene wat zij adviseren. Als je daarvoor goede inhoudelijke argumenten kunt verzinnen, dan ben ik ervan overtuigd dat die groepen die keuze accepteren. Misschien is dat een naïeve gedachte, maar dat zou ik een goede ontwikkeling vinden. Dat zou kunnen op het thema duurzaamheid, maar ook andere thema’s. Je hebt jaren nodig om dat proces goed vorm te geven.” Aniek: “Een mooi voorbeeld daarvan is natuurlijk het burgerberaad. Dat zien wij als een mooie kans om burgers meer te betrekken in die duurzaamheids- en energietransitie.” Arie: “Volgens mij is het in Frankrijk weer toegepast, toch?” Aniek: “Ja, en in Engeland doen ze het geloof ik ook. Dat zijn mooie voorbeelden. Arie: “Dus wij weten het wel, hè Aniek.”  Aniek: “Zullen wij anders het regeerakkoord samen schrijven Arie?” Arie: “Haha, ja dat lijkt me mooi. Wel samen met anderen dan.” Aniek: “Vooruit.” Er kwamen al wat leiderschapskwaliteiten ter sprake. Wat voor leiderschap is er volgens jullie nodig? Aniek: “Eén van de dingen is het aanhouden van een langetermijnvisie. Het is zo belangrijk dat politieke leiders verder durven denken dan de komende vier jaar. Een klimaatcrisis kunnen we niet oplossen in vier jaar dus het is echt belangrijk dat politieke partijen ook bepalen wat hun langetermijnvisie is en daar naartoe werken in plaats van denken vanuit de realiteit van de dag. Daarnaast gaat het om samenwerking. Niet alleen met de wetenschap, maar ook met burgers en andere maatschappelijke partijen.” Zijn jullie het ermee eens dat de duurzame verkiezingsbeloften van politieke partijen kansloos zijn als de bestuurskamers in het bedrijfsleven niet meebewegen? Arie: “We hebben tijd verloren dus we moeten versnellen. En versnellen kun je niet alleen door druk uit te oefenen vanuit de overheid. Versnelling ontstaat alleen als mensen de motivatie voelen om iets te doen. Dus het klopt dat die leiders in de bestuurskamers, of van de middelgrote en kleine ondernemingen, een harstikke belangrijk rol spelen. Zij moeten stappen zetten en daarin gefaciliteerd worden door andere partijen. Als die motivatie er niet is dan wordt het een heel ingewikkeld verhaal denk ik. Dus het leiderschap van deze tijd draait om acteren. Niet alleen praten, maar doen.” Aniek: “Daar ben ik het helemaal mee eens, maar ik denk dat we niet helemaal kunnen vertrouwen op de intrinsieke motivatie van degenen in de bestuurskamers. Ik zag in het rapport van Bureau Hofkes dat de gemiddelde leeftijd in de bestuurskamers 57 jaar is. Met die leeftijd maak je je toch wat minder zorgen over hoe de wereld er in 2050 uitziet. Dat is gewoon zo. Alle mensen in de bestuurskamers ontslaan en er dertigjarigen inzetten is natuurlijk óók niet de oplossing. Daarom speelt de overheid een belangrijke rol door vervuilende bedrijven te bestraffen. Bijvoorbeeld door wat Arie al zei: een hele hoge CO2-prijs. En daarnaast door kansen te bieden en duurzaam ondernemen heel aantrekkelijk te maken. Dan hoef je niet meer te vertrouwen op de intrinsieke motivatie van de mensen in de bestuurskamers. Dan maakt het niet zo veel meer uit of ze duurzaamheid het allerbelangrijkste ooit vinden, want dan maak je het voor hen de meest aantrekkelijke manier om hun bedrijf te voeren.” Lees ook: Bij het verkiezingsdebat van de Jonge Klimaatbeweging ligt de nadruk op de overeenkomsten Arie, zou jij jouw bestuurdersstoel verlaten om plek te maken voor een jongere? Arie: “Allereerst gaat het nooit om mij, maar om ASN Bank. Ik heb de verantwoordelijkheid om namens alle collega’s en klanten onze missie waar te maken. Als een ander dat beter kan doen dan moet dat vooral gebeuren. Ik denk wel dat we bij ASN Bank een hele mooie mix hebben van verschillende generaties en verschillende type mensen. Dat krijgen we terug uit medewerkers-tevredenheidsonderzoeken. Dat heeft denk ik ook te maken met de mate van vrijheid die mensen ervaren en de rol die ze kunnen spelen bij het tot stand brengen van onze missie. We hebben een relatief jong MT. En er zijn de afgelopen jaren ook wat veranderingen in de organisatie geweest om juist dit te bewerkstellingen. Als ik dan de juiste man op die plek ben, en Joyce van der Est de juiste vrouw, om met een bepaalde visie enige richting te geven en daarbij de verantwoordelijkheid vooral daar te beleggen waar de kennis zit dan is dat denk ik oké.” Aniek: “Ik denk dat ASN bank inderdaad een mooi voorbeeld is van een bedrijf waar jonge personen in de hele organisatie wel een stem hebben. Dat is in ieder geval mijn ervaring toen ik daar een paar maanden zat. Ik vraag me wel af of zo’n constructie ook houdbaar is voor veel grotere bedrijven. Dan moet je misschien toch kijken naar een structurele bestuursfunctie voor een jongere. Of dat nou een MT-positie is of een soort raad van advies…. Er zijn natuurlijk heel veel verschillende vormen mogelijk.” Jongeren moeten natuurlijk ook verantwoordelijkheid nemen. Aniek, zou jij solliciteren voor de functie van Arie? Aniek: “Haha, eerst moet ik mijn masteropleiding afronden. Laat ik dat doen voordat ik ergens directeur of bestuurslid wordt. En de groep jongeren is natuurlijk heel groot: 16 tot en met 32. Ik zeg niet dat we een 16-jarige directeur bij ASN Bank moeten maken. Maar ik denk zeker dat de groep van 25 tot en met 32-jarigen een belangrijkere rol kan spelen aan de top.” Arie: “Het is denk ik ook de manier van werken. Er zijn allerlei manieren die er op geënt zijn dat je dingen daar laat doen waar de kennis en informatie zit. Dus dan heb je eigenlijk heel veel CEO's in een bedrijf. Daarmee wil ik hem niet platslaan, maar je moet zorgen dat je de juiste mensen op de juiste posities hebt. Daarin spelen jongeren een belangrijke rol. Daar hoeven jullie mij niet van te overtuigen. Die andere manier van werken betekent ook dat de bestuurskamer niet altijd ouderwets bepaalt wat er gebeurt, maar vooral faciliterend is en alle mensen in het bedrijf kansen biedt om hun kennis, kunde en talenten in te zetten om de dingen beter te maken. Dat gedachtegoed zie je nu langzaam maar zeker meer in het Nederlandse bedrijfsleven terechtkomen. Ook bij ons als bank, dus dat vind ik een mooie ontwikkeling.” Aniek: “Ja, inderdaad! Ik denk dat je zeker op de lange termijn echt geen hele directie van 27 jaar hoeft te hebben zolang die deur van die directiekamer maar wagenwijd openstaat.” Arie: “Exact.” Hoe kijken jullie naar activisme? Arie, zie jij ASN Bank bijvoorbeeld als een activistische bank? Arie: “Een optimistische bank zou ik zeggen. Sterker nog, daar hebben we een aantal jaar geleden over nagedacht, want ASN Bank kent vanuit haar historie met de vakbeweging een heel sterk activistisch gevoel. We hadden vroeger een afdeling die propaganda heette. Dan spreek ik over jaren terug, maar dat geeft een beetje aan hoe dat gevoel was. En we hebben nog een aantal mensen die in die tijd bij ASN Bank begonnen en nog steeds bij ons werken. Toch zou ik ons optimistisch willen noemen en niet activistisch. Wij proberen met een optimistische blik die verandering te bewerkstelligen en mensen niet het gevoel te geven dat zij het allemaal niet goed doen en beter moeten doen. Dat is overigens niet wat ik bedoel met activistisch hoor. Maar dat is dus wat wij proberen. We willen oplossingen aandragen en daarin laten we onze stem horen. Dat zou je dan wel weer activistisch kunnen noemen.” “Ik zal een concreet voorbeeld noemen. Misschien hebben jullie meegekregen dat Europa nu met een soort keurmerk komt, een groene taxonomie, die bijvoorbeeld aangeeft hoe groen beleggingsfondsen zijn. Nu dreigt er vanuit de gaslobby een situatie te ontstaan waarbij het investeren in gasturbines als vervangers van kolencentrales net zo groen wordt gedefinieerd als windmolens en zonneparken. Dat kan natuurlijk niet. Dus daar vinden wij samen met Triodos en een aantal anderen partijen wat van. Als je dat activistisch wil noemen, dan zijn wij daarin activistisch. Maar vooral optimistisch; in de oplossingen die we aandragen voor andere financiële instellingen en onze klanten.” De Jonge Klimaatbeweging zegt specifiek verder te gaan dan activisme. Wat bedoelen jullie daarmee? Aniek: “Activisme wordt bijna als iets lelijks gezien tegenwoordig. Dat is jammer. Maar dat smaakje heeft het wel vandaag de dag. Wat wij met die uitspraak bedoelen is eigenlijk vergelijkbaar met dat wat Arie zegt. Aan de ene kant zijn wij de jongeren die aansluiten bij een klimaatmars om te roepen dat het niet goed genoeg is. Maar daarmee gaan we geen klimaatcrisis oplossen. Dus we zijn ook een partij die vervolgens een document aanbiedt met dertig concrete beleidstukken om die klimaatcrisis echt concreet aan te pakken.” Helpt activisme om de transitie te versnellen of werkt het juist averechts? Aniek: “Versnellen. Je kunt geen verandering teweeg brengen zonder activisme, want uiteindelijk moet het doordringen bij de politiek, het bedrijfsleven en de samenleving dat er iets ontzettend ergs aan de hand is. Als er geen activisten zijn die iedereen daaraan herinneren, dan kun je wel met die beleidstukken aankomen, maar dan wordt daar niet naar gekeken. Ik denk bijvoorbeeld dat zonder het activisme van al die klimaatstakers een aantal jaar geleden wij nu minder momentum hadden als jongeren. Dat soort momentum is denk ik iets heel belangrijks wat activisten kunnen veroorzaken.” Arie: “Misschien is het ook niet de vraag wat activisme precies betekent, maar gaat het erom wat eruit voortkomt. Er ontstaat altijd een debat en dat hebben we volgens mij keihard nodig om te versnellen. Goed is niet goed genoeg. Het moet beter, het moet harder, het moet sneller. En daar hebben we die oproep keihard voor nodig. Dat kan niet anders.” Aniek: “Dat is een mooie uitspraak voor op een spandoek voor de volgende klimaatmars.” Arie: “Ja toch.” Is het mogelijk om altijd puur vanuit idealisme te handelen of zijn concessies nodig? Bijvoorbeeld als het gaat over die taxonomie en de gesprekken aan de klimaattafels? Arie: “Niet als je kijkt naar welk doel die taxonomie dient. Dat is dat de consument inzicht krijgt in wat groen is en wat niet en daarmee green washing te voorkomen. Dat is het uitgangspunt. Zo is het in 2018 begonnen en dat gedachtegoed vind ik heel erg goed. Dus ik ben blij met de groene taxonomie. Het is heel veel werk voor ons, maar het is super dat het er komt. Op het moment dat het uitgangspunt door de discussie die ik net noemde onder druk komt te staan, dan moet je geen concessies doen. Want dan ziet de consument straks door de bomen het bos nog steeds niet. Natuurlijk zijn er andere onderwerpen waar je wel concessies kan doen, omdat het ook een soort ontdekkingsreis is die je met elkaar onderneemt.” Aniek, kun jij een voorbeeld geven wanneer concessies mogelijk zijn? Aniek: “Wij als klimaatbeweging zijn een constructieve partij. Dus in principe zijn wij van het meedenken, maar je moet inderdaad wel bepaalde principes houden. Dan hebben we het als het gaat over het klimaat al snel over de klimaatdoelen. Die doelen moeten we gewoon halen. Daarover valt niet te praten. Maar waar wij dan prima over willen praten is over hoeveel windmolens we op zee of op land zetten en hoeveel zon op dak of zon op land. Daar zijn echt wel discussies over te voeren.” Wat hebben jullie bereikt, of wij als Nederland, als we elkaar over vier jaar weer spreken? Aniek: “Ik heb dan een masterdiploma en ga daarna meteen solliciteren voor die directeursfunctie bij ASN Bank.” Arie: “Haha, ja goed plan.” Aniek: “Ik hoop vooral dat we, maar dat weten we misschien over een aantal maanden al, dan terugkijken op een periode waarin we ontzettend veel vooruitgang hebben geboekt. 2030 is niet heel ver meer. Een groot aantal van die klimaatdoelen liggen al over negen jaar. Zeker als je kijkt naar het Klimaatakkoord. Ik hoop dat we over vier jaar nog steeds optimistisch zijn dat we de doelen halen.” Arie: “Ik zou daar twee dingen aan willen toevoegen. Ten eerste dat natuurbehoud en natuurherstel heel hoog op de agenda zijn gekomen en standaard onderdeel uitmaken van het beleggings- en investeringsbeleid van financiële instellingen. En ten tweede dat er sprake is van een leefbaar loon in de wereldwijde ketens van diverse industrieën. Volgens mij moet dat over vier jaar wel gelukt zijn.” Lees hier alles over leiderschap.

28 april 2021 10:14

Leestijd 20 minuten


Change Energie

Lees nu ons nieuwe magazine: De aantrekkingskracht van (nieuwe!) energie.

door Redactie Change Inc.

Change Energie

Lees nu ons nieuwe magazine: De aantrekkingskracht van (nieuwe!) energie.

We nemen je graag mee - positief als het kan, kritisch waar het moet -  in het nieuwe en geheel gerestylde Change Inc. Magazine met daarin een prachtig verhaal van collega Rianne Lachmeijer die tussen de lockdowns in naar het Noord-Brabantse Goirle reed en in de lokale biomassa-installatie dook. Bekijk ook de boeiende infographic over de energieneutrale tunnel, lees het interview met Herman Wijffels over zijn missie na zijn economische loopbaan: "We kunnen niet gezond leven op een ongezonde aarde", en vooral ook de portretterende gesprekken met de inspirerende Changemakers Robert Metzke, Helmie Botter, Richard Burger en Marlies van Wijhke. In dit nummer informeren we, nuanceren we, schetsen we perspectieven. We geven een kijkje in het leven van de drie scale-ups iwell, Toogoodtogo en GRO en laten je lezen hoe een bedrijf als Interface innovatie tot kunst heeft verheven.  Een blik in de toekomst In dit nummer lees je ook de bijzonder mooie special over Waterstof, met met daarin een prachtig interview met de enige echte waterstofadviseur Noé van Hulst die stelt dat de energietransitie niet kan slagen zonder waterstof. Ook vind je daar een prachtige kaart: een blik op hoe Nederland er in 2050 uitziet als het aan Gasunie ligt. En geeft Laetitia Ouillet haar ongezouten opinie over de noodzaak voor een andere storyline voor waterstof. En laten we de wereldprimeur zien: de energietransitie op zee in optima forma, het pilotproject PosHYon. Insprierende achtergrondverhalen, kraakheldere analyses, motiverende interviews. Lees in het nieuwste magazine hoe verandering sneller gaat dan ooit . Kijk je toe? Of doe je mee? Lees in ieder geval mee! Bekijk hieronder het digitale magazine. En klik op 'Full screen' om het hele magazine weer te geven. 

22 april 2021 18:54

Leestijd 2 minuten


Directeur Loek Radix: “We moeten in actie komen om de continuïteit van Chemelot te waarborgen”

Change Industrie

Directeur Loek Radix: “We moeten in actie komen om de continuïteit van Chemelot te waarborgen”

“We staan voor een lándelijke opgave om voor 49 procent CO2 reductie te hebben gerealiseerd in 2030 ten opzichte van het jaar 1990.” Als je directeur Loek Radix van het chemische industrieterrein Chemelot in Zuid-Limburg vraagt naar de duurzame toekomstplannen richting 2030, steekt hij direct van wal. Hij heeft concrete plannen klaarliggen. “We volgen drie lijnen. In de eerste plaats gaan we voor lachgasreductie. In de tweede plaats gaan we voor het opslaan van CO2, dat heet CCS, onder de Noordzee en in de derde plaats voor het efficiënter omgaan met energie.” Op de vraag of Chemelot op schema ligt wat deze drieluik betreft, hapert Radix even. “Dat zijn voor een deel plannen die een lange aanlooptijd hebben.” Chemelot werkt al wel aan lachgasreductie en doorlopend aan efficiënter omgaan met energie. “Maar op dit moment vindt CCS nog niet plaats, omdat we daar anderen voor nodig hebben. Als dat eenmaal mogelijk is, kunnen we meteen hele grote slagen maken.” Lange termijn Over de visie voor en de rol van Chemelot in het behalen van de klimaatdoelstellingen in 2050, daar moet Radix even goed voor zitten. Dat is volgens deze directeur een wezenlijk andere aanpak. Daar gaat Chemelot maximaal inzetten op circulariteit, langs twee wegen. “We gaan werken aan de verduurzaming van onze grondstoffen. Daarbij willen we met name grondstoffen circulair maken. Daarnaast is het natuurlijk zo dat we landelijk grote stappen zetten in de elektrificatie van alle processen. Te zijner tijd hebben we daar heel veel groene stroom voor nodig, ook op Chemelot.” Grootste hobbel Radix ziet dat dat besef langzamerhand begint in te dalen. Hij hoopt dat het nieuwe kabinet dit punt op de agenda gaat zetten. Maar het gaat Radix niet snel genoeg. Er wordt niet goed gekeken naar de rol van een site als Chemelot. “Een hele grote hobbel die voor ons ligt, is dat er vooral wordt gekeken naar de eigen, rechtstreekste CO2-uitstoot van een bedrijf.” Radix haalt een voorbeeld aan. “Als wij één kilo plastic maken, heb je daar één keer CO2-uitstoot bij. Maar het plastic verlaat onze site en als deze verbrand wordt, dan leidt dat opnieuw tot CO2-uitstoot. Als je circulair wordt, haal je die afvalstromen terug naar je site en gebruik je die opnieuw. Dan vermijd je die twee keer CO2-uitstoot. Maar als wij dat doen, wordt het helemaal niet toegerekend aan Chemelot.” Hij vindt dat meer dan frustrerend. “Het wordt toegerekend aan de verbrandingsoven die dat afval niet meer verbrandt. En niet aan degene die dat mogelijk maakt, namelijk wij, Chemelot. Dát is echt een belangrijke hobbel.” Volgens Radix wordt nog te veel in hokjes gedacht en te weinig gekeken naar de integrale maatschappelijke impact van het geheel. “Daarom”, zegt Radix, “zetten we zwaar in op lobby”. Met een positief gemoed, dat wel. “Ik denk dat uiteindelijk iedereen zijn gezonde verstand zal gaan gebruiken om te komen tot het behalen van de doelstellingen in 2050. Want als we dat niet doen, blijven we zitten met bijvoorbeeld afval waar geen oplossing voor is.” En ook hierin toont Radix zich positief. “Juist afval kan in de toekomst een belangrijke kostbare grondstof zijn voor onze activiteiten.” Lees ook: welke rol gaat waterstof spelen in de Nederlandse economie? Gedreven positivisme Zelf noemt Radix zich niet zozeer positief, en ook niet idealistisch, maar realistisch. Het is voor hem niet de vraag óf we stappen moeten maken, maar wanneer. En welke dat dan zijn. “We moeten in actie komen om de continuïteit van Chemelot te waarborgen. Ik kom uit Zuid-Limburg en heb de eerste mijnsluiting meegemaakt. Ik heb met eigen ogen gezien wat voor een ontwrichtende impact dat heeft op een samenleving.” En hier komt de echte, persoonlijke driver van Radix naar boven. “Die impact was heel heftig op sociaal, economisch en cultureel niveau. Daar zie je overigens nog altijd de littekens van.” Zijn gedrevenheid krijgt een gezicht. Een gezicht van de vele Limburgers die hun baan kwijtraakten in 1974 en thuis kwamen te zitten. Er kwam een einde aan een decennialange mijnbouw in het aller zuidelijkste puntje van ons land. Het was een mokerslag voor veel gezinnen, die nog weerklinkt in de generaties van vandaag. “De arbeidsparticipatie is hier nog steeds lager dan in de rest van Nederland, de levensverwachting en gezondheidstoestand is ook nog altijd minder goed en het aantal tienerzwangerschappen ligt gemiddeld op een hoger aantal dan in de rest van het land.” Het is een emotionele oproep van deze eigenlijk heel nuchtere macro-econoom. “En het is allemaal rechtstreeks terug te voeren op de sluiting van de mijnen. En als we nu zien voor welke uitdagingen we staan bij Chemelot, dan moeten we oppassen dat er niet een mijnsluiting 2.0 gaat plaatsvinden! Dat zou dodelijk zijn voor deze regio. Dát is mijn belangrijkste drijfveer.” En hij merkt, als hij de mijnsluiting aanhaalt bij derde partijen, dat het dan goed resoneert. “Mensen hebben niet door dat we al een keer door een energietransitie zijn gegaan met alle negatieve gevolgen van dien. Niemand wil een mijnsluiting 2.0 variant meemaken. Daarom heeft het ook geen zin meer om ideologische beschouwingen te hebben. Dit is de realiteit.” Cruijffiaans gezegde De directeur denkt even na. En er komt weer een lach op zijn gezicht. “Zoals onze grote filosoof zei, en ik draai ‘m even om: elk voordeel heb z’n nadeel.” Volgens Radix is het grote voordeel van Chemelot dat het terrein heel sterk geïntegreerd is en 'de bedrijven op site', zoals hij dat zegt, samenwerken in de keten. “Dus als je aan de voorkant vergroent, vergroen je ook aan de achterkant.” Het grote nadeel daarentegen is dat als er een of twee spelers in de schakel omvallen, dat dan de hele keten in elkaar zakt. “Ik heb er geen slapeloze nachten van, maar op termijn moeten we dat probleem oplossen.” Radix en zijn bestuur hebben ondanks deze zorgen niet een heel pallet aan toekomstscenario’s gemaakt voor verschillende oplossingen. Chemelot gaat voor slechts één scenario. “De belangrijkste grondstoffen zijn twee fossiele grondstofstromen, aardgas en nafta. En die moeten worden vervangen. Daar zetten we maximaal op in. Dus conceptueel is het redelijk simpel, maar het gaat wel om een miljard kubieke meter aardgas en vier miljard kilo nafta. Het is een uitdaging.” Lees hier meer over Chemelot Gat in de keten Radix komt op het eerste gezicht wat stug over, maar is zeker ook een optimistische man. “We hebben een fantastische site, met enorm veel kansen.” Hij doet daarom gewoon een oproep. “We hebben nog fysieke ruimte voor nieuwe bedrijven.” Hij zegt het niet zomaar. Nieuwe bedrijven zijn een groot onderdeel van de oplossing om zijn doelen te bereiken. “Aardgas krijgen we van de Gasunie, nafta krijgen we vanuit raffinaderijen uit de Rotterdamse haven. De alternatieve grondstoffen zullen door andere partijen aangeleverd moeten worden. Dat zullen onze bedrijven niet zelf gaan doen.” Dat betekent volgens de directeur dat er een gat in de keten ontstaat dat opgevuld moet worden. “Wat je ziet is dat nieuwe bedrijven daarop inspringen. We hebben nu RWE, Plastic Energy, Black Bear Carbon, dat zijn bedrijven met eigen financiering. Maar het gaat om een groot gat en dus groot geld.” Dus ja, er is dringend behoefte aan nieuwe organisaties. En wel op heel korte termijn, zegt Radix. “Het is een illusie om te denken dat het allemaal start-ups zullen zijn. Daar zullen ook gevestigde namen tussen zitten, die op de een of andere manier een rol in die nieuwe grondstoffenketen willen vervullen.” Het trio Volgens Radix is Chemelot aantrekkelijk omdat het al de duurzaamste site van Europa is. “Omdat we zo enorm efficiënt met onze energie en warmte kunnen omgaan vanwege die integratie. Ik ben ook heel trots op wat hier staat en daardoor optimistisch over de kansen.” Maar hoe gedreven en optimistisch ook, Chemelot kan het niet alleen. Zoals hij eerder aangaf, zijn er dus nieuwe ondernemingen vereist die op het Chemelot terrein mede kracht geven aan de geïntegreerde uitvoering van de toekomstplannen. Maar er zijn meer partijen nodig. Zoals de overheid in verband met regelgeving, dan wel subsidiepotten, om de groeikracht te geven om de ontwikkeling door te voeren. En, zegt Radix, dan is daar nog een derde, niet onbelangrijke partij: de directe omgeving. Radix: “Van aardgas en nafta heeft nu niemand last, want die worden netjes via buisleidingen aangevoerd. Dat is de minst verstorende en meest veilige methode van transport.” Chemelot doet nu onderzoek naar de buizencorridor richting Rotterdam om daar de groeifase mee in te kunnen gaan. Maar zeker in de beginfase is meer transport nodig van nieuwe circulaire grondstoffen. Zoals bijvoorbeeld rubbergranulaat naar Chemelot om de bestaande fossiele grondstofstromen te vervangen. “Dat kan in potentie belastend zijn voor omgeving.” Frappé toujours De hoop van Radix is dat er een trots ontstaat vanuit de omgeving, om mee te groeien, en om die groei te faciliteren. “Ik sprak laatst met hoogleraar Ira Helsloot. Uit onderzoek blijkt dat het hebben van werk de meest bepalende factor is voor een goede gezondheid. Het verlengt je levensduur met zes jaar. Daar kan Chemelot in toenemende mate een rol spelen in de toekomst.” Maar hoe krijg je mensen mee? Dat is de grote vraag. Het is menselijk om naar de nabije toekomst te kijken, en niet naar de toekomst over dertig jaar. Het is ook logisch dat mensen van alles willen ondersteunen, maar niet als het henzelf aangaat. Om een voorbeeld te noemen: er zijn weinig mensen tegen windenergie, maar je moet privé geen last hebben van een windturbine in je achtertuin. “We zien dat communicatie hier een belangrijke rol in speelt.” Radix haalt de tipping-point theorie aan. “Je hebt altijd een kleine groep voorstanders, een net zo’n kleine groep tegenstanders en dan nog een gigantische groep van een zwijgende meerderheid. Die laatste weet niet heel goed wat er gebeurt, en is niet heel betrokken. Die moeten we motiveren. Dat is niet wat je van vandaag op morgen voor elkaar krijgt. Dat is een proces. Maar ik zeg altijd, frappé toujours, je moet blijven herhalen.” Stapje terug Radix ziet daar nog wel een uitdaging in. In een overleg met zes grote industriële clusters dat hij onlangs had, hoorde hij dat iedereen tegen het huidige imagoprobleem oploopt. “Ik zei, ik ben macro-econoom. Als je even een stapje terugzet en de situatie aanschouwt met de vraag in je hoofd: wat drijft onze welvaart en ons welzijn?” Het zijn volgens Radix dan met name de primaire sectoren: landbouw, industrie, en grondstoffenwinning uit mijnbouw. “Daar wordt het geld verdiend. In feite parasiteren de secundaire en tertiaire sector op die primaire sector. Je kunt niet zeggen, die primaire sector moet maar weg als je tegelijkertijd meer geld wil hebben voor de gezondheidssector en het onderwijs. Dat gaat niet samen. Je ziet toch dat de echte welvaart in de Westerse wereld hand in hand is gegaan met  de industriële revolutie.” Werk aan de winkel dus, zeker als het gaat om het imago van de industrie en chemie. Maar daar is een duidelijke strategie voor nodig, zeker ook bij de overheid. En juist dat mist Radix. Strategie, leiderschap en duidelijkheid. “En een integraal plan. Ik ben nog nooit in Den Haag gevraagd door een ministerie om hierover te praten. Ik heb van hen nooit de vragen gekregen die jij me nu stelt: wat gaan jullie doen, wat zijn de knelpunten, waar heb je hulp nodig? Dat zou je wel mogen verwachten. Er wordt niet gekozen voor een specifiek, maar voor een generiek beleid. Dat zou wel eens averechts kunnen uitwerken.” Maatwerk Radix zou graag een pleidooi willen houden om tot maatwerk te komen. Omdat Chemelot nou eenmaal andere uitdagingen heeft dan Haven Rotterdam of het Noordzeekanaalgebied in Noord-Holland. Radix: “Laten we specifiek kijken wat we voor die regio’s kunnen doen. Dat zou ons zeer helpen. Je zag op een gegeven moment een sfeer in de Tweede Kamer ontstaan dat het maar eens afgelopen moest zijn met de industrie, de houding was: laat ze maar betalen. Dat zal ze wel leren. Daarmee bereiken we onze doelstellingen niet, ben ik bang.” In plaats daarvan zou het Nederland in haar geheel helpen als er een betere routekaart zou komen. Wat is er nodig om de doelstellingen te bereiken in 2050? Dan kan je volgens Radix goed bepalen welke stappen er moeten worden gezet. “We hebben nu een enorme terugslag gekregen rondom het initiatief om de bebouwde omgeving van het gas af te halen. Dat blijkt ineens 40.000 euro per woning te kosten.” Radix doet in een bijna wanhopig gebaar zijn handen in de lucht. “Dat hadden we natuurlijk wel even eerder kunnen bedenken?” Radix ziet ook wel in dat het niet makkelijk is. Het is zoeken en er zijn geen kant-en-klare oplossingen. “Maar het zou handig zijn als we op Nederlands niveau zouden doen wat we op Chemelot doen: hier willen we in 2050 klimaatneutraal zijn. En hoe we daar komen, weten we nog niet helemaal. Maar we moeten een duidelijke richting opgaan: dit gaan we wel doen en dit niet. Daarmee kun je ook nee zeggen, als er iets op je pad komt wat daar niet bij past. Een routekaart zoals die nu voor Corona elke keer wordt aangegeven, moet ook gemaakt worden voor de klimaatdoelstellingen. Dan komen we er. Maar wel samen.” Lees ook: Chemelot: duurzame grondstoffen zorgen voor groene chemie

22 april 2021 17:47

Leestijd 12 minuten


Duurzaamheidsagenda van Lamb Weston / Meijer: “Eet gebalanceerd, verspil geen voedsel en actie op klimaatverandering”

Change Landbouw en voeding

Duurzaamheidsagenda van Lamb Weston / Meijer: “Eet gebalanceerd, verspil geen voedsel en actie op klimaatverandering”

Van de velden waar de aardappelen worden geteeld, tot samenwerkingsverbanden met klanten: Lamb Weston / Meijer (LWM) heeft een duidelijke duurzaamheidsambitie. En dat heeft een behoorlijke impact, want samen met het Amerikaanse Lamb Weston Holdings Inc. zijn zij de tweede grootste fritesproducent ter wereld, samen goed voor de productie van circa vier miljard kilo aardappelproducten per jaar. Sinds 2008 is het bedrijf actief bezig met het verduurzamen van de productie, en daarmee ook de gehele aardappelketen. In de duurzaamheidsagenda voor 2030 richt het bedrijf zich op drie grote uitdagingen: een gebalanceerd dieet, geen verspilling en klimaatactie. Bij de definiëring is er gekeken naar wat de grootste externe uitdagingen wereldwijd zijn en hoe ze daar het beste aan bij kunnen dragen. De Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties waren daarbij het uitgangspunt. “Deze drie prioriteiten zitten het dichtst tegen onze bedrijfsvoering aan”, vertelt Jacobs. Lees ook: Nederland verantwoordelijk voor ontbossing grote veesector Ondervoeding in opkomende markten Eén van de ambities van het bedrijf is om ondervoeding in opkomende markten aan te pakken. Een voorbeeld daarvan is het Poundo Potato-product van gedroogde aardappelvlokken dat in Afrika wordt verkocht. “In Nigeria is dit een alternatief voor het lokale product gemaakt van yam of cassave, waarvan ze een soort deegbal maken die ze eten met soep of saus. Eigenlijk zoals wij pasta eten. De gedroogde aardappel in ons product heeft een betere voedingswaarde, vooral op micronutriënten, vergeleken met yam en cassave. Daarnaast is het lichter verteerbaar en kan het makkelijk worden bereid met gekookt water. Door de yam en cassave te vervangen door ons product, krijgen ze iets meer goede voedingsstoffen binnen.” Geen voedselverspilling Zo min mogelijk voedselverspilling in de gehele keten van veld tot vork is een van de andere uitdagingen waar Lamb Weston / Meijer zich op richt. Daarom investeert het de komende jaren in apparatuur die de aardappel maximaal benut en zoveel mogelijk aardappelzetmeel terugwint uit het spoelwater na het snijden van de frites, wat daarna wordt gedroogd en gebruikt als circulair ingrediënt voor de eigen producten. “Minder afval is natuurlijk uiteindelijk ook minder kosten”, licht Jacobs toe. Ook brengt het bedrijf de CO2-voetafdruk van haar eindproducten in kaart en promoot het de soorten met schil vanwege de verlaagde milieu-impact. Er is immers geen extra energie nodig om de schil te verwijderen en je behoudt iets meer voedingsvezel en vitamines. Daarnaast zet het bedrijf in op duurzaam verpakken. Elk jaar wil het tenminste één nieuwe duurzamere verpakking introduceren. Actie op klimaatverandering In het kader van uitstootvermindering wil het bedrijf 25 procent minder CO2 uitstoten per ton eindproduct in 2030 vergeleken met 2020, nadat het de directe emissies sinds 2008 met 42 procent heeft verlaagd. Nu al wordt alle elektriciteit voor de zes Europese fabrieken duurzaam ingekocht. En in 2030 wil het 40 procent hernieuwbare energie gebruiken, dat is nu 23 procent. Waterverbruik moet worden gehalveerd voor nieuwe lijnen en hergebruik van gezuiverd afvalwater verdubbeld. Dat afvalwater kan worden gebruikt in het proces of bij het telen van lokale gewassen. Daarnaast moeten in 2030 alle telers actief meedoen aan het ‘Duurzame Teeltplan’, want 60 procent van de CO2-voetafdruk van het eindproduct komt immers van de grondstoffen: 50 procent van de aardappel en 10 procent van de zonnebloemolie. Telers helpen om te verduurzamen kan dus veel impact maken. Jacobs: “Daarom werken we samen met onze telers aan duurzame landbouw, waarbij de bodemgezondheid centraal staat.  Daarnaast worden vanaf nu ook de ‘key-impact suppliers’, zoals leveranciers van zonnebloemolie, kruidenmix en verpakkingen en onze logistieke partners, gestimuleerd door het Sustainable Supply chain-programma. Zo verkleinen we samen onze voetafdruk - van ‘veld tot vork’ – in onze totale waardeketen.”  Lees ook: Kweekvlees groeit dankzij steigers gemaakt van spinazie Intrinsieke motivatie van de medewerkers De duurzaamheidsagenda moet natuurlijk ook door de medewerkers worden uitgedragen. “We willen dat duurzaam denken echt in hun DNA zit. We zijn in onze business ontzettend afhankelijk van moeder natuur voor de aardappelteelt, onze toekomst hangt er mee samen. Daarom is het belangrijk dat we zuinig omgaan met de aarde en deze goed achterlaten voor de volgende generaties, terwijl we gelijktijdig de groeiende wereldbevolking blijven voeden.” Jacobs merkt al wel dat duurzaamheid bij veel medewerkers leeft. “We zijn dit jaar gestart met de ‘Changemakers’, waar werknemers zich voor kunnen aanmelden als ze actiever willen bijdragen aan onze duurzame bedrijfsvoering. Binnen elk team zit nu zo’n changemaker. Die ondersteunen bij het in kaart brengen van duurzame stappen en het intern uitdragen. Zo creëert de verkoopafdeling nieuwe kansen waarbij duurzaamheid ook kan helpen bij de verkoop van een product.” Aan de andere kant wil Jacobs nog meer met partners in de keten samenwerken. “We waren al met de telers in gesprek, maar gaan dat nu ook meer doen met onze leveranciers en klanten. En zoeken de samenwerking in de keten met groothandels en (fastfood)restaurants. Dat past bij onze visie. Zo kijken we niet alleen naar Lamb Weston / Meijer, maar naar de impact in de gehele voedselketen.” Het duurzaamheidsverslag van Lamb Weston / Meijer is hier te lezen met daarin meer over de duurzaamheidsagenda tot 2030, de resultaten van de afgelopen periode en doelstellingen voor de komende twee jaar.

22 april 2021 12:55

Leestijd 5 minuten


Changemakers

Changemakers tonen duurzaam leiderschap, zoeken naar innovatieve verbindingen en maken echt impact. Onze onafhankelijke redactie geeft deze leiders, verbinders en katalysators een inhoudelijk podium. Met iedere week een podcast-interview door Paul van Liempt. Als je van verandering houdt, is dit je tijd.

Bekijk alle Changemakers

Week
18

Joyce
van Os de Man

Joyce van Os de Man

Manager Benelux bij OrangeGas

De ambitie van Joyce van Os de Man als manager Benelux van OrangeGas is het autorijden op schone brandstoffen zo makkelijk mogelijk te maken. Als het OrangeGas lukt de grootste schone brandstoffen retailer van Europa te worden, in combinatie met eigen productie van biogas gemaakt uit rioolwaterzuivering, slaagt het bedrijf erin een enorme bijdrage te leveren aan de energietransitie. Een bijdrage die zo groot is dat het tot een echte systeemverandering kan leiden.

OrangeGas wil verder denken dan de korte termijn, waar het alleen om de vraag gaat wat het goedkoopste en het gemakkelijkste is. Om de schone mobiliteitstransitie op grote schaal te voltrekken is lange termijn denken geboden. Daarom wil OrangeGas inzetten op een landelijk dekkend netwerk van schone vulpunten, uiteindelijk in heel Europa. Bij steeds meer tankstations moet er een schoon alternatief verkrijgbaar zijn, zodat ook Bio-CNG en waterstof verkrijgbaar zijn.

De nieuwe vulstations die hiervoor aangelegd moeten worden zijn kostbaar, maar OrangeGas kan door promotie helpen bij de verkoop van de alternatieve brandstoffen. De GreenDeal zal een zet in de goede richting geven. Europa kan zich onderscheiden door slimme en gedurfde samenwerkingen aan te gaan. Precies op dit punt kan Europa, als excellente netwerker, het winnen van Amerika. OrangeGas kan vanuit de Benelux als oranje aanjager van Europa een groene leider maken.

Bekijk volledig juryrapport

Week
19

De wereld heeft meer Changemakers nodig

Changemakers

zijn allemaal door onze onafhankelijke redactie geselecteerde koplopers. Die kleur bekennen, richting geven en tempo maken. Krachtige leiders uit familiebedrijven, multinationals, MKB, start-ups en scale-ups. Iedere week presenteert een objectieve en onafhankelijke vakjury de Changemaker van de Week. Laat de jury weten wie jouw favoriet is.

Cornelis Boersma
Hoogleraar, Open Universiteit

Mijn Favoriet

Cathy van Beek
Kwartiermaker duurzame zorg, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Mijn Favoriet

Bart van Straten
Bestuurder, Van Straten Medical

Mijn Favoriet

Duurzame bedrijven van morgen

Geen enkel bedrijf is 100% klaar voor de toekomst, nog niemand is 100% duurzaam. Maar steeds meer bedrijven ontwerpen hun producten, processen en diensten voor een betere toekomst. We brengen je een up-to-date en onafhankelijk overzicht van deze bedrijven van morgen. Hier vindt de verandering plaats.

Bekijk alle bedrijven

Corbion

Corbion is de wereldwijde marktleider op het gebied van melkzuur en melkzuurderivaten en een vooraanstaand leverancier van emulgatoren, functionele enzymenmixen, mineralen, vitamines en uit algen gewonnen ingrediënten. Corbion's ingrediënten vind je terug in een breed scala van toepassingen, van voeding en schoonmaakmiddelen tot medische implantaten en bioplastics. Corbion ontwikkelt duurzame ingrediëntoplossingen om de kwaliteit van leven te verbeteren voor mensen nu én voor toekomstige generaties. Duurzaamheid neemt een centrale plaats in bij het bedrijf.

Visie ‘Preserve what matters’. Met dat credo wil Corbion de toekomst veilig stellen, voor alle volgende generaties. Dit betekent onder andere het efficiënt gebruik van grondstoffen om verspilling tot een minimum te beperken. Verder zet het bedrijf in op verantwoorde inkoop en bedrijfsvoering, maar bovenal op duurzame ingrediëntenoplossingen. Deze stellen de klanten van Corbion (en uiteindelijk ook consumenten) in staat hun ecologische voetafdruk te verkleinen en de overgang naar een meer circulaire economie te ondersteunen. Strategie Corbion heeft zijn strategie in lijn gebracht met de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties. Het bedrijf heeft SDG2 (einde aan honger), SDG3 (goede gezondheid en welzijn) en SDG12 (duurzame consumptie en productie) gekozen als diegene waar ze de grootste positieve impact kunnen maken. Zo produceert het biotechconcern ingrediënten die de houdbaarheid van voedsel verlengen en zet het in op biobased chemicaliën en materialen als vervanging voor fossiele grondstoffen. Uitvoering Eind 2020 maakte Corbion bekend samen met olie- en gasbedrijf Total een tweede bioplasticfabriek te gaan bouwen in Frankrijk. Voor de fabriek wordt melkzuur als grondstof gebruikt. Van dat melkzuur wordt vervolgens bioplastic (PLA) gemaakt dat biologisch afbreekbaar is. Daarnaast is het bedrijf ook actief in de algenindustrie. Het biotechconcern ontwikkelt algen als plantaardig alternatief voor dierlijke visvoeding. Corbion is constant opzoek naar nieuwe ideeën en ingrediëntoplossingen. Het opereert in een ecosysteem van open innovatie waarin haar medewerkers contact leggen met universiteiten en jonge ondernemers. Want alleen met gebundelde kennis en kracht worden de uitdagingen van morgen opgelost.

Leestijd 2 minuten


Map of the Netherlands with participating companies

Vind bedrijven en start-ups die samen aan oplossingen werken voor een betere toekomst.

Onze onafhankelijke redactie ziet dat bedrijven van morgen opvallen door hun innovatiekracht.

Vind een bedrijf

Sluit je aan bij Change Inc.

Change Inc. maakt van iedere professional een toekomstmaker. We laten iedere dag zien hoe inspirerende personen en bedrijven de toekomsteconomie vandaag al vormgeven met aandacht voor zakelijk succes, actie en context.

Mobiel en tablet tonen Change.Inc website

Waarom moet ik community member worden?

Als community member inspireren en informeren we je met het laatste nieuws en de belangrijkste achtergronden over een betere en duurzame toekomsteconomie. Ook kom je in contact met gelijkgestemden. Wij stomen je klaar om zelf sneller stappen te zetten in het verduurzamen van je organisatie. Verander mee.

Hoe sluit ik me aan?

Aansluiten doe je hier. Het is heel eenvoudig en kost niets. Zodra je een profiel hebt aangemaakt, gaan we voor je aan de slag om je rol in een betere toekomst te vergroten.  

Zijn er kosten aan verbonden? 

Onderdeel worden van de beweging van toekomstmakers is kosteloos. Wij zetten geen content achter paywalls. Want we willen dat jij zo snel mogelijk zelf aan een betere en duurzame toekomsteconomie bouwt. Dus meld je hier aan en wordt een toekomstmaker.

Sluit je aan

Nieuws & Verhalen

Changemakers

Bedrijven


Lidmaatschap

Inloggen

Sluit je aan


Over Change Inc.

Over ons

Waarom Change Inc.

Team

Partnerships & Adverteren

Werken bij Change Inc.

Pers & media

Onze partners

Contact

Start

Artikelen

Changemakers

Bedrijven

Menu