Mark Beumer 13 januari 2013, 12:00

Uitstoot schadelijke gassen biedt kans van 117 miljoen

Binnenvaartschepen stoten elk jaar vier miljoen liter aan schadelijke, soms kankerverwekkende gassen als benzeen uit. Het Rotterdamse TEICom ziet een economische kans.

20130111 Tankers MB01 e1357908494950

Met medewerking van Krispijn Beek.

De Aaltje, een binnenvaartschip van 110 meter lengte, maakt een rondje door de Rijnmond. Ze is nergens naar op weg. De luiken staan open. Haar enige doel is om een resthoeveelheid benzeen in haar tanks te ontgassen.

Nederlandse binnenvaartschepen vervoeren jaarlijkse miljoenen liters vluchtige organische stoffen, zoals benzeen, MBTE en styreen. Het zijn industriële chemicaliën die worden gebruikt als oplosmiddel of bij de productie van plastics. Deze stoffen zijn in principe vloeibaar, maar vluchtig: ze verdampen snel. In vakjargon heten ze NMVOS.

Door die vluchtigheid blijft er na het lossen van de vloeibare lading altijd een hoeveelheid aan gassen achter in de tanks. In 60 procent van de gevallen moet dit ontgast worden. De Nederlandse wetgeving kent geen beperkingen voor de Aaltje om dit te doen tijdens een rondje over de Rijnmond. Het ontgassen leidt tot stankoverlast en, aangezien sommige NMVOS kankerverwekkend zijn, ook tot schade aan het milieu en de volksgezondheid.

Kans van 117 miljoen euro

Het ontgassen is ook een gemiste economische kans. Volgens een recent onderzoek van Raymond Kastermans, specialist in gevaarlijke stoffen bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu, blijkt dat elk jaar vier miljoen liter aan NMVOS wordt ontgast. Deze gassen kunnen ook worden opgevangen en verhandeld. Volgens het onderzoek van Kastermans vertegenwoordigen de gassen een economische waarde van ruim €117 mln.

Volgens het onderzoek van Kastermans vertegenwoordigen de gassen een economische waarde van ruim €117 mln.

Alleen al het afvangen van benzeen zou €42 mln op kunnen leveren. Blootstelling aan hoge doses benzeen is daarnaast schadelijk voor de gezondheid. Het havengebied in Rotterdam is volgens het Planbureau voor de Leefomgeving een van de weinige gebieden in Nederland waar nog een probleem met het halen van de norm voor benzeenconcentratie bestaat.

VentoClean

Het Nederlandse TEICom – The European Innovation Company – heeft met zijn gepatenteerde koelinstallatie VentoClean een uitvinding in handen die vluchtige gassen kan opvangen en om kan zetten naar een waardevol product. Met behulp van stikstof wordt de ladingdamp direct afgegeven aan de ontvanger, zonder dat het product qua fysische eigenschappen veranderd is.

Tegenover een markt van €117 mln staan investeringskosten van ongeveer €1 mln voor aanschaf en installatie. VentoClean verbruikt 200 kilowattuur aan elektriciteit per uur, maar zelfs tegen kleinverbruikerstarief is dat een schijntje van €46 per uur aan exploitatiekosten.

Op een binnenvaarttanker zoals de Aaltje kan per reis rond 1100 liter benzeen worden teruggewonnen

Met het systeem kan op een 110 meter binnenvaarttanker zoals de Aaltje per reis rond 1100 liter benzeen of 700 liter benzine worden teruggewonnen.

Wereldwijd patent

Vluchtige organische stoffen zijn een wereldwijd probleem. TEIGro is net naar de Verenigde Staten geweest, waar het probleem zich ook voordoet. Het bedrijf uit Honselersdijk profiteert van hun wereldwijde patent.

In Nederland is strengere wetgeving in de maak over het ontgassen van NMVOS, maar deze laat op zich wachten. In de tussentijd wordt onvoldoende gebruik gemaakt van innovatieve oplossingen van Nederlandse bedrijven voor het verbeteren van luchtkwaliteit. Alleen in Amsterdam zijn twee VentoClean-installaties besteld.

Foto: via Flickr. De schepen op de foto komen niet voor in het verhaal.

Nieuw materiaal wekt energie op uit zweet

eet. Ingenieurs van de Massachusetts Institute of Technology (MIT) hebben een materiaal ontwikkeld dat beweegt als het wordt blootgesteld aan lage hoeveelheden waterdamp. Het is verassend krachtig. Robotarmen, sensoren en micro- en nanotechnologie kunnen er op aangedreven worden. Het materiaal kan ook worden verwerkt in kleding, zodat het energie opwekt uit zweet. “Je zou kunnen rennen of trainen en energie opwekken,” zei Liang Guo, een van de ingenieurs. Ideaal voor kleine apparaten Veel kleine apparaten, zoals sensors, vertrouwen op batterijen die vervangen moeten worden. Zonnepanelen kunnen soelaas bieden, maar die zijn afhankelijk van het weer. “Als je [onze uitvinding] gebruikt, kan je energie opwekken uit de omgeving, zodat je geen batterijen hoeft te vervangen,” zei Mingming Ma, hoofd van het onderzoeksteam. De wetenschappers hebben echter veel kleinere apparaten op het oog dan de standaard lichtsensor in de tuin. Zo zou de uitvinding kleine robotmotortjes, minuscule klimaatsensors of instrumenten die het lichaam in de gaten houden tijdens het sporten van energie kunnen voorzien. De 5,6 nanowatt die vooralsnog kunnen worden opgewekt beperken de mogelijkheden. Grootschalige toepassingen in het verschiet Het bijzondere van de uitvinding is dat het niet veel water nodig heeft om energie op te wekken. Volgens de onderzoekers is het materiaal daardoor in potentie ook bruikbaar voor grotere toepassingen, zoals door waterdamp aangedreven generatoren. “Als we erin slagen om de mechanische energie efficiënter om te zetten in elektrische energie zal dit materiaal bredere toepassingen vinden,” zei één van de onderzoekers. Het materiaal kan 380 keer zijn eigen gewicht in beweging zetten. De ingenieurs hebben dit resultaat bereikt door twee stoffen te combineren. Eén stof geeft structuur aan het materiaal, terwijl het andere vocht absorbeert en weer snel loslaat. Hierdoor ontstaat een constante, kronkelende beweging.Foto: Jetportal Bron: MIT