Eline Teunissen 18 december 2020, 13:22

Wat kunnen we leren van jonge ondernemers?

Een hoop jongeren dromen erover: een eigen bedrijf na je studie. Maar een eigen (duurzame) onderneming starten is niet makkelijk. Het vraagt om doorzettingsvermogen, een sterke wil en een beetje geluk. Wat drijft de jonge ondernemers om voor hun zelf aan de slag te gaan? En wat voor tips hebben ze voor andere jongeren?

Adobe stockondernemer jong

Jong beginnen is het grootste voordeel dat deze groep ondernemers heeft. Job van der Weg is student aan de Vrije Universiteit Amsterdam en wil met zijn bedrijf, Nationale Textielactie, de kledingindustrie volledig circulair maken. Volgens Van der Weg is zo jong mogelijk starten het beste moment. “Je hoort veel verhalen van mensen die ooit nog eens willen ondernemen. Je verantwoordelijkheden groeien en je hebt steeds meer kosten. Waag de sprong in het diepe, nu die sprong nog niet zo diep is als hij later zal zijn.”

Julian Klop, van Productiehuis Klop Media en oud-student aan de Fontys Hogeschool Journalistiek, sluit zich aan bij het punt van Van der Weg. Met zijn producties stimuleert Klop jongvolwassenen om te ondernemen. Dit is volgens Klop dé manier om je kosten eruit te werken met een eigen onderneming in plaats van een bijbaantje. Al helemaal nu veel bijbaantjes wegvallen in coronatijd. “We hebben nog geen gezin om voor te zorgen, geen duur koophuis en je reist gratis. Als student is de enige zorg die je hebt het collegegeld van 220 euro per maand en je kamer van 300 euro.”

Niet altijd even makkelijk

Maar jong beginnen heeft ook een keerzijde. Je hebt bijna geen ervaring in het werkveld en ook op het gebied van ondernemen is het moeilijk. Waar haal je die kennis vandaan als je óók nog eens studeert? Volgens Edu van Seumeren en Willemijn Schilten ligt de oplossing bij gewoon doen, risico nemen en soms wat bluf in de strijd gooien.

Van Seumeren (rechts) is student bedrijfskunde aan de Hogeschool van Amsterdam (HvA) en mede-eigenaar van de sociale onderneming Peukenzee. Met bedrijfsplannen en campagnes gaat hij de strijd aan met de vervuilende peuken op straat. Volgens Van Seumeren, is de beste manier om een onderneming te beginnen, gewoon doen. “Probeer van alles uit, maak fouten en kom tot iets nieuws. Mensen verklaarden ons in het begin voor gek dat we peuken gingen rapen. Een risicootje nemen hoort erbij, maar doe dat alleen als je er zelf achter staat. Neem geen risico om het risico nemen.”

Schilten (links), student aan de Fontys Hogeschool Journalistiek, sluit zich aan bij het punt van Van Seumeren: “een beetje bluf is niet erg.” Zij runt samen met haar compagnon TrustLabs, waarmee ze het journalistieke nieuws betrouwbaarder willen maken. “Stap buiten je comfortzone en groei van de moeilijke dingen. Wat wij ook vaak hebben, is een duidelijk onderbuikgevoel voor maatschappelijke verandering. Als je zo’n momentum denkt te hebben, onderzoek het en kijk wat eruit komt.”

Drie stappen voor onderscheidend vermogen

Met je bedrijf pak je altijd een probleem aan of verbeter je iets; geef je jouw klant een medicijn of een vitaminepil? En hoe bouw je jouw oplossing en visie uit, zodat jij een duidelijk onderscheidend vermogen hebt?

Klop, van Productiehuis Klop Media, heeft daar drie stappen voor: “stap één is nadenken over je marktpositie. Wat wordt je kop op LinkedIn? Met welk beroep bestempel je jezelf? In mijn vakgebied zegt het beroep ‘freelance journalist’ niet zo veel. Als je jezelf ‘audiovisueel journalist’ of ‘medisch journalist’ noemt, ben je al een stuk verder.

Op twee komt je onderscheidend vermogen. Voor de journalistiek geldt bijvoorbeeld: medium, genre en onderwerp. Een voorbeeld is politiek verslaggever voor de televisie. Zelfs dat kan je nog verder uitdenken, want een politiek verslaggever voor het jeugdjournaal is er niet één voor het NOS Journaal. Of: Jan Versteegh en Tim Hofman zijn allebei BNNVARA-presentatoren. Met Jan kan je langs je grootouders, maar met Tim weet ik dat nog zo net niet."

En tot slot: "Je kan uniek zijn, maar als je jezelf niet zichtbaar maakt wordt het niet opgemerkt. Je wil dat mensen aan je denken als ze iets horen. Als je die drie dingen in balans weet te brengen en alles voor jezelf uitdoktert, dan kom je heel ver.”

Niet kijken naar de grote jongens

Mathew Welson, samen met Van Seumeren mede-eigenaar van Peukenzee en student bedrijfskunde aan de HvA, weet dat je niet moet focussen op de grote bedrijven. “Werk jezelf niet toe naar bedrijven met succes. Focus vooral op waar jíj het verschil wil en kan maken. Dat is minstens net zo waardevol als iemand met wereldwijd succes.”

Al met al hoeft het ondernemen niet in je bloed te zitten; je kan het jezelf aanleren, als je dat wil. Jong beginnen is het halve werk, maar is niet altijd even makkelijk. Key is het uitdenken van het probleem dat je aanpakt en wat daarin jouw onderscheidend vermogen is. Over één ding zijn deze jonge ondernemers het eens: volg je visie en pak momentum, kijk vervolgens waar dat je brengt.

Bron: SDG's on stage | Beeld: Adobe Stock

Zo komt de prijs van afvalverwerking tot stand

Botman is nu ruim een jaar in dienst bij Renewi en heeft de afvalverwerkingswereld inmiddels goed in de smiezen. Maar dat kostte wel wat tijd, zegt hij: “Het is een dynamische business en een bijzonder volatiele markt. De overheid die een CO2-taks aankondigt, Donald Trump die wat tweet waardoor de staalprijzen onder druk staan, de coronapandemie die alles op zijn kop zet… En ondertussen werken we hard aan een duurzamere, veiligere en uiteindelijk circulaire bedrijfsvoering. Dat heeft allemaal invloed op onze prijsindexatie.”Brandveiligheid verhogenDe factoren die de prijs van afvalverwerking bepalen, zijn dit jaar grofweg in te delen in drie groepen: ontwikkelingen binnen Renewi, (geo)politieke ontwikkelingen en (uniek aan dit jaar) de coronapandemie. Binnen de eigen bedrijfsvoering hebben verschillende zaken invloed op de prijsindexatie. Botman: “De CAO bijvoorbeeld; we zijn een vitale beroepsgroep, dus we blijven natuurlijk investeren in onze mensen. Maar denk ook aan veiligheid; dat is voor ons prioriteit nummer één en daar zijn ook forse investeringen voor nodig.”Zo is brandveiligheid een belangrijk onderwerp voor Renewi. Vooral matrassen en batterijen maken dat soms tot een lastig verhaal. Bij matrassen is de kans namelijk groot dat ze gaan broeien en batterijen kunnen vonken veroorzaken. “Dat zijn echte stoorstromen”, aldus Botman. “Als je de veiligheid op orde wilt hebben, moet je daar dus wat mee.” Dat doet Renewi op verschillende manieren. Bijvoorbeeld door te investeren in betere detectie- en blussystemen en de opleiding van medewerkers.“Maar in plaats van het probleem te verhelpen als het zich voordoet, kunnen we natuurlijk ook proberen om het te voorkomen”, zegt Botman. “Bijvoorbeeld door de burger informeren over wat wel en niet in de afvalcontainer kan. Of door in te zetten op andere verwerkingsmogelijkheden.” Zo nam Renewi een aandeel van 32 procent in RetourMatras; een bedrijf dat een matras binnen 57 seconden kan ontleden tot zijn componenten (hout, ijzer, stof en schuim), om die vervolgens klaar te maken voor hergebruik. Door de investering van Renewi kan RetourMatras zijn recyclingcapaciteit uitbreiden, belanden er daardoor minder matrassen bij het afval en neemt het brandgevaar dus af.Emissievrije afvalinzameling en recyclingRenewi zette dit jaar daarnaast fors in op emissievrije afvalinzameling. “Duurzaamheid staat hoog op onze agenda en dat gaat verder dan het verhogen van onze recyclingpercentages. De klant verwacht ook dat het inzamelgedeelte duurzaam uitgevoerd wordt. Daarom bouwen we momenteel een emissievrij wagenpark op.”Eerder dit jaar werd bijvoorbeeld de eerste elektrische Volvo FE door Renewi in gebruik genomen én werd de eerste DAF FAN CF Electric besteld. Beide vrachtwagens stellen Renewi in staat om een deel van de afvalinzameling voortaan elektrisch uit te voeren. Dat is belangrijk, want de regulering omtrent emissies in binnensteden wordt steeds strenger. Botman: “Met het oog op zowel duurzaamheid als toekomstbestendigheid moeten we nú met emissievrij vervoer aan de slag. Daar hangt vooralsnog een hoger prijskaartje aan.”Ondertussen investeert Renewi fors in recycling en circulariteit. De rijksoverheid wil immers dat Nederland in 2050 volledig circulair is en de afvalsector speelt een sleutelrol in het behalen van die doelstelling. De kwaliteit van sorteerlijnen moet bijvoorbeeld omhoog, zodat recyclingpercentages omhoog schieten en de secundaire grondstoffen die Renewi levert een hogere kwaliteit krijgen. “Daarnaast zetten we in op ketensamenwerkingen met partijen als Peelpioneers en Purified Metal Company, om de hoogwaardige recycling van specifieke afvalstromen te garanderen”, aldus Botman.Lees ook: Renewi: "De businesscase voor duurzaamheid is er bijna altijd"Maar Renewi kan dat niet alleen, benadrukt hij. Er ligt een belangrijke rol voor de overheid, om het gebruik van secundaire grondstoffen te stimuleren. “Neem plastic: het is momenteel bijna onmogelijk om te concurreren met virgin materiaal, vanwege de lage olieprijzen. Dat staat de transitie naar een circulaire economie in de weg. De overheid zou bedrijven kunnen verplichten tot het gebruik van een bepaald percentage secundaire grondstoffen in hun producten. Producenten moeten daarnaast gestimuleerd worden om producten te ontwikkelen die goed te recyclen zijn.”Politieke besluiten en marktverschuivingenOok factoren waar Renewi geen invloed op heeft, spelen een belangrijke rol in de prijsindexatie. “Politieke besluiten, zowel in Nederland als daarbuiten, bepalen vaak wat wij moeten doen”, legt Botman uit. “Hetzelfde geldt voor marktontwikkelingen, waar we op moeten reageren.” Een voorbeeld daarvan is de afvalstoffenbelasting. Die werd in 2019 al fors verhoogd (van 13,21 euro per ton naar 32,12 euro per ton) en zal in 2021 wederom hoger zijn. Dat heeft direct invloed op Renewi’s bedrijfsvoering.Maar denk ook aan de strenge eisen omtrent zogeheten Zeer Zorgwekkende Stoffen, zoals lood en benzeen. Het is aan de afvalsector om die veilig te verwerken en uiteindelijk uit de kringloop te halen. Een derde voorbeeld is de invoering van de CO2-taks, die vanaf volgend jaar ingaat en tot en met 2030 steeds hoger zal worden. “Die verplicht ons in feite om de aankomende jaren nog intensiever met CO2-reductie aan de slag gaan”, aldus Botman. “Dat gaat om een miljoeneninvestering.”Ook geopolitieke ontwikkelingen en verschuivingen op de markt hebben direct invloed op Renewi’s bedrijfsmodel. China besloot een aantal jaren geleden bijvoorbeeld om de import van papier en karton, kunststoffen en samengestelde producten fors terug te dringen. Dit jaar importeerde de Aziatische grootmacht zelfs helemaal geen afval meer.Dat heeft logischerwijs invloed op prijssetting in de afvalsector. De zogeheten security of outlet komt daardoor namelijk in gevaar. “Onze klanten moeten hun afval kwijt kunnen; daar zijn wij verantwoordelijk voor”, aldus Botman. “Maar als China zijn grenzen dichtgooit voor papier en karton moeten onze verwerkers op zoek naar nieuwe afzetmarkten, die papier ook (en liefst zo hoogwaardig mogelijk) kunnen recyclen. Ook dat vergt tijd en geld.”De impact van coronaUniek aan dit jaar en van grote invloed op de prijsindexatie was natuurlijk de coronapandemie. Die liet namelijk ook zijn sporen na in de afvalsector. Rijdt Renewi normaliter met vijftien vrachtwagens rond in Amsterdam om al het horeca-afval op te halen, tijdens de eerste lockdown had het bedrijf aan één vrachtwagen genoeg.Daarnaast gingen de prijzen voor papier en metaal onderuit. Zowel qua volume als marge had Renewi dus een klap te verwerken, waardoor de omzet daalde met zo’n 18 procent. Toch besloot het waste-to-product bedrijf zijn klanten te ontlasten, vertelt Botman: “Horecaondernemers hadden het al zwaar genoeg. We hebben hen actief benaderd met de mededeling dat ze hun afvalinzamelingsfrequentie kosteloos mochten aanpassen als ze dat wilden.”De coronapandemie zorgde (en zorgt) daarnaast voor een verschuiving van afvalstromen. Afvalstromen vanuit de horeca daalden drastisch, maar het volume van bouw- en sloopafval en gft nam juist toe. Mensen werkten immers massaal thuis en besloten om een verbouwing op te pakken of in de tuin aan de slag te gaan.De grootste verandering vond echter plaats op het gebied van medisch afval. Renewi kreeg immers te maken met corona-gerelateerd afval en dat vergde een compleet nieuwe methodiek van afvalinzameling. Niet alleen nam de hoeveelheid medisch afval toe, het moest bijvoorbeeld ook in afvalzakken met dikker folie en in aparte containers ingezameld worden. Ziekenhuizen moesten daarnaast zorgvuldig geïnstrueerd worden over de aanlevering ervan.Ook de verwerking van het afval leverde problemen op, vertelt Botman: “België sloot zijn grenzen voor corona-geïnfecteerd afval en de enige afvalverwerker in Nederland die dit type afval kan verwerken, raakte al snel vol. Hierdoor moesten wij halsoverkop toestemming krijgen van de overheid om dit afval tijdelijk zelf op te slaan.”Dynamisch en complexTel alle bovenstaande factoren bij elkaar op en je snapt hoe complex de prijsindexatie van afvalverweking kan zijn. Het is dan ook niet verwonderlijk dat die elk jaar verschilt. “Aan de voor- en achterkant hebben we nu eenmaal verlies- en verdienmodellen. En die worden beïnvloed door de politiek, de wereldmarkt en onze eigen processen”, aldus Botman. “Die balans is erg dynamisch en complex. We willen immers een eerlijke prijs voor afvalverwerking neerzetten, voor alle betrokken partijen. Tegelijkertijd blijven we ons afvragen: hoe kunnen we het nog veiliger, duurzamer en uiteindelijk volledig circulair doen?”Bekijk ook de bedrijvenpagina van Renewi op Change.incBron & Beeld: Renewi